25 Jaar schaven aan WAO loste weinig op

In 1975 was de traditionele WAO'er een oudere man met een lang arbeidsverleden in de industrie, een kwart eeuw later is het een jonge vrouw met een korte carrière in de dienstensector....

De gekte heeft toegeslagen in Nederland. Het aantal psychiaters per duizend inwoners verdubbelde tussen 1975 en 1995. In dezelfde twintig jaar is het aantal psychiatrische opnames per duizend inwoners met 70 procent gestegen. Het beroep op de ambulante geestelijke gezondheidszorg steeg met 260 procent per duizend inwoners. En de toeloop van mensen met psycho-sociale problemen op het maatschappelijk werk verviervoudigde bijna.

Natuurlijk liet deze gekte ook de WAO niet onberoerd. In 1983 kreeg 20 procent van de arbeidsongeschikten een uitkering voor psychische aandoeningen. In 1997 was dat 33 procent.

Deze cijfers dragen Leo Aarts, Philip de Jong en Romke van der Veen aan in hun woensdag verschenen overzichtswerk Met de beste bedoelingen, WAO 1975-1999. In de 25 jaar die zij onderzochten, is voortdurend geschaafd aan de WAO om de toeloop op de regeling te stuiten. De maatregelen hebben tijdelijk zeker effect gehad, maar structureel weinig opgelost. Achter de schijnbaar onstuitbare toeloop gaat dynamiek schuil. De WAO van nu is onvergelijkbaar met die van 1975.

De WAO is geëvolueerd van een genereuze pre-pensioenregeling naar een veel kariger voorziening. In 1975 was de typische WAO'er een man met lang arbeidsverleden in de bouw of de industrie, die vanwege fysieke klachten niet meer kon werken. Nu is de typische toetredende WAO'er een vrouw met psychische klachten en een kort arbeidsverleden in een dienstverlenende sector.

De transformatie ging gepaard met bezuinigingen op de WAO. In 1975 kostte de WAO 2,4 procent van het nationaal product tegen 4,2 procent in 1984. Het schaven heeft effect gehad. In 1999 kostte de WAO weer 2,6 procent van het nationaal product, globaal het niveau van 1975. De WAO is dus geen financieel probleem.

De WAO'er is daardoor nu wel een stuk slechter af. De koopkracht van de gemiddelde WAO-uitkering is 21 procent lager dan in 1975. Tegelijk steeg het gemiddeld brutoloon in die periode met 17 procent, terwijl het gemiddeld aantal gewerkte uren met 15 procent daalde.

Dat heeft invloed gehad op de belangstelling. Het aanbod van mannen met een langjarig arbeidsverleden uit bouw en industrie droogde op. De WAO werd eerst nog gebruikt om de pijn bij reorganisaties te verzachten. In de jaren tachtig nam de vut de rol van pre-pensioenregeling over.

Er waren niet alleen bezuinigingen; ook de keuringen werden strenger. Steeds vaker werd een gedeeltelijke uitkering toegekend, 14 procent van het totaal in 1976 tegen 30 procent in 1999. Ook het aantal afwijzingen steeg, van 8 procent in 1975 tot 35 procent in 1999.

De kans om arbeidsongeschikt te worden - althans een WAO-uitkering te krijgen - daalde tot 1986, voor mannen en vrouwen. Dan scheiden de trends zich. In 1999 hadden mannen 1,2 procent kans in de WAO terecht te komen. Het risico was daarmee gehalveerd ten opzichte van 1977. Voor vrouwen steeg het weer naar het niveau van 1977: 2 procent.

Vooral jonge vrouwen zijn een risicogroep. Hun kans op een WAO-uitkering verdubbelde ten opzichte van 1977, terwijl dat van jonge mannen gelijk bleef. Daardoor hebben nu vijf van elke honderd werkende vrouwen tot 35 jaar een uitkering, tegen 3,5 van de mannen tot 35 jaar.

De stijging van het arbeidsongeschiktheidsrisico voor jonge vrouwen valt samen met de stijging van het aantal afkeuringen door psychische klachten. Die stijging wordt overigens gecompenseerd door de daling van het aantal afkeuringen met onvoldoende omschreven klachten.

Het toenemend beroep op de geestelijke gezondheidszorg kan verklaard worden door maatschappelijke ontwikkelingen. Informele steunverlening door partner of vrienden wordt vervangen door professionele hulpverlening. Daar komt bij dat het aandeel eenpersoonshuishoudens bijna verdubbelde tot 31 procent in 1995.

Alle trends bieden volgens de onderzoekers een onvoldoende verklaring voor de explosieve stijging van psychische klachten bij jonge vrouwen. Die stijging is weliswaar internationaal, maar in Nederland exorbitant.

Wel leggen de onderzoekers een relatie met het toenemend aantal tweeverdieners, voor wie het aantrekkelijker zou zijn om via de WAO met werken te stoppen, ook al is de uitkering lager dan het oorspronkelijke extra inkomen. Tweeverdieners zouden eerder geneigd zijn een beroep te doen op de arbeidsongeschiktheidswet. En daardoor ook minder geneigd zijn om weer te gaan werken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden