17.964 Anne Franks

Naamloos zijn ze de dood ingejaagd. In zijn boek In Memoriam heeft schrijver Guus Luijters de kinderen die door de nazi's werden gedeporteerd hun naam teruggegeven. En bij 2.900 vond hij er een gezicht bij. Alledaagse kiekjes van doodgewone kinderen. Hun onschuld staart de lezer aan, pagina na pagina.

'Het gaat om kindertjes, zoals je eigen kinderen. Of zoals je zelf bent geweest. Niks bijzonders aan. Ze hadden allemaal nog kunnen leven. Ze hadden hier moeten zitten, aan een taartje met hun kleinkinderen.' 'Hier' is café Wildschut in Amsterdam, waar schrijver Guus Luijters geëmotioneerd vertelt over In Memoriam, het monument dat hij heeft opgericht voor de 17.964 Nederlandse kinderen (tot 18 jaar) die in de Tweede Wereldoorlog zijn vermoord door de nazi's. Morgen (9 februari) komt het boek uit.


Hij wilde ze uit de anonimiteit van het grote getal halen en ze hun naam teruggeven. Van Anny Aa (vermoord in Sobibor, nog geen twee jaar oud) tot en met Abraham van der Zyl (net geen 15 jaar toen hij werd vergast in Auschwitz).


'Wat ben je zonder naam? Ze verdwenen niet eens als nummer in de gaskamer. Ze werden naamloos de dood in gejaagd. De laatste keer dat hun naam had geklonken, was als die werd opgelezen als ze op transport gingen. Eenmaal in de trein, waren ze verdwenen.'


Voor het eerst staan alle door de nazi's in vernietigingskampen vermoorde kinderen bij elkaar. 17.841 Joden en 123 Sinti en Roma. Per transport heeft Luijters uitgezocht welke kinderen erbij zaten. De transportdatum was een doodvonnis. Er was geen redding meer mogelijk als een kind eenmaal in de trein zat - een lange schurftige slang van oude, smerige wagens, aldus een getuigenis in In Memoriam.


Vier jaar is Luijters ermee bezig geweest. Chaotische transportlijsten vol doorhalingen navlooien, archieven uitpluizen. 102 transporten, 103 duizend mensen afgevoerd, van wie 17.964 kinderen. 'Die aantallen zijn abstract. De omvang van de ramp heb je nu met dit dikke boek in handen.'


Bij 2.900 kinderen is het gelukt ze een gezicht te geven. Met foto's gekregen van nabestaanden en vrienden die reageerden op oproepen in de pers. Nog steeds komen er foto's binnen.


Luijters durft niet in zijn boek te kijken. 'Alle foto's heb ik een voor een in mijn handen gehad, maar allemaal bij elkaar - ik kan er niet tegen, het is verschrikkelijk heftig.'


De kinderen zijn zijn leven gaan beheersen, Luijters moet dagelijks aan ze denken. Hij kan niet door de Spiegelstraat in Amsterdam fietsen zonder te denken aan Silvia Basch. En aan haar vader die er een antiquariaat dreef. 'De weerloosheid die hij en alle ouders gevoeld moeten hebben tegen het verschrikkelijke kwaad, moet ondraaglijk zijn geweest', zegt Luijters, vader van een dochter en opa van een kleindochter.


Luijters is een kind van de oorlog. Als kleuter reed hij enkele jaren na de oorlog door de oude Jodenbuurt van Amsterdam, achter op de fiets bij zijn vader. De huizen waren bouwvallen, ze keken er dwars doorheen. Het was akelig stil. 'Waar is iedereen?', vroeg hij opeens. 'Weg', zei zijn vader. Dat antwoord en dat beeld van een spookbuurt heeft hij al die jaren met zich meegesleept.


In Frankrijk haalde de bekende nazi-jager Serge Klarsfeld in de jaren negentig alle gedeporteerde kinderen uit de vergetelheid - ook de kinderen die wisten te ontsnappen. Luijters dacht: 'Dat gaat in Nederland ook gebeuren, hier werpt een historicus zich op. In 2008 was het er nog niet en ben ik het zelf gaan doen.'


Hij heeft een kaal boek gemaakt, zegt Luijters. Namen, adressen, plaatsnamen en data - een koele registratie van de waanzin. Plus de foto's van de 2.900 kinderen die hij heeft kunnen achterhalen. Alledaagse kiekjes van doodgewone kinderen - heel af en toe zie je een davidster, verder wijst niets op naderend onheil.


Dat is meteen de kracht van het boek; de onschuld staart de lezer aan, of lacht hem toe, pagina na pagina. De bladzijden met de ellenlange lijsten hebben de nuchtere zakelijkheid van een telefoonboek. 'Maar je kunt niemand bellen', zegt Luijters.


'De Duitsers wilden als ze alle Joden hadden uitgeroeid, ook hun hele documentatie vernietigen. Het grote verdwijnen dat de nazi's voor ogen stond, is niet gelukt. Daar is dit boek een bewijs van.'


Guus Luijters en Aline Pennewaard: In Memoriam, de gedeporteerde en vermoorde Joodse, Roma en Sinti kinderen, 1942-1945, Nieuw Amsterdam, 1024 pagina's, 99,95 euro.


MOORDMACHINE


De makers van de tentoonstelling In Memoriam in het Stadsarchief in Amsterdam hebben even getwijfeld of Anne Frank een aparte vitrine zou krijgen. Ze krijgt er een, want het zou gek zijn als ze er geen zou krijgen. Elke bezoeker zal naar Anne Frank vragen.


De reden dat de vraag werd gesteld, is dat de tentoonstelling vooral wil wijzen op de onvoorstelbare omvang van de moordmachine van de nazi's. Er zijn 17.964 Anne Franks, en die boodschap draagt de expositie op een indringende wijze uit.


Vijftien Amsterdamse kinderen hebben een vitrine met persoonlijke spullen. De originele foto uit het gelijknamige boek, soms jarenlang door een nabestaande bij zich gedragen in een portefeuille, een afscheidsbrief, een poëziealbum, een tekening, een dagboek, een schoolrapport, een aangifte van een gestolen fiets.


De vitrines staan in een zaal waarvan de glazen wanden zijn beplakt met alle 17.964 namen. De bezoeker gaat ervan duizelen - en dat is ook de bedoeling.


De foto's liggen op tafels met een totale lengte van 70 meter, gerangschikt per transport, net als in het boek. 'Alleen de lengte al maakt een verpletterende indruk. Daardoor komen de foto's nog sterker binnen', zegt Ludger Smit, hoofd presentatie van het Stadsarchief.


Het is de eerste keer dat een expositie hem zo heeft aangegrepen. 'Al die gezichten van al die kinderen, het is haast niet te verdragen.'


In een aparte vitrine liggen de foto's die na de voltooiing van het boek en de tentoonstelling zijn ingezonden. Ook foto's die nu nog binnenkomen, krijgen een plaatsje.


De ook op Luijters boek gebaseerde documentaire Herinnering aan een vermoord kind van Willy Lindwer is in het Stadsarchief te zien. De Joodse Omroep zendt de documentaire zondag 12 februari uit om 14.15 uur op Nederland 2.


In Memoriam, Stadsarchief, Vijzelstraat 32, Amsterdam, 10 februari tot en met 20 mei, maandag gesloten. www.stadsarchief.amsterdam.nl


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden