125 jaar Carré

De bewogen geschiedenis van het Amsterdamse theater Carré kreeg met Mariëtte Wolf de ideale auteur.

Mariëtte Wolf: Dit is een plek om lief te hebben

Boom; 472 pagina's; € 29,90.


'Nu staat heel Amsterdam op stelten en met name de cultuurwereld is al bij voorbaat in rouw gedompeld, omdat er een kans is dat een oud, weinig comfortabel circusgebouw, dat nauwelijks te bereiken is aan de smalle wal, wordt afgebroken. Het is een romantisch volkje die Amsterdammers.'


In een hoofdredactioneel commentaar van de Haagse krant Het Vaderland wordt in april 1968 geen enkel mededogen getoond nadat vastgoedmagnaat Zwolsman heeft aangegeven dat hij er geen traan om zal laten als een koper het gebouw sloopt om plaats te maken voor een hotel.


In 1963 haalde Carré-directeur Karel Wunnink met Zwolsman en zijn Exploitatie Maatschapij Scheveningen (EMS) het Paard van Troje binnen. Wunnink zag in de overnamekampioen de ideale man om Carré, na het magere jaar 1962, meer financiële armslag te geven. Het is na zijn vooraanstaande rol in de NSB de tweede keer dat Wunnink zijn lot heeft verbonden aan de verkeerde man.


Als de slopershamer dreigt, zijn alle ogen gericht op de gemeente Amsterdam. Burgemeester Samkalden en wethouder Polak willen wel, maar Amsterdam zit vanwege de dure metro-aanleg niet al te ruim bij kas. De massale paniek in Amsterdam en een oproep in het veelbekeken televisieprogramma Mies en scène om Carré niet te laten vallen, drijft de prijs van de gewiekste Zwolsman alleen maar op. Na veel gesteggel wordt de gemeente in 1972 de nieuwe eigenaar.


Het hoofdstuk 'Zwolsman en Trawanten' (een mooie verwijzing naar Stroman en Trawanten van Freek de Jonge en het Willem Breuker Kollektief) uit Een plek om lief te hebben, dat is verschenen ter gelegenheid van het 125-jarig bestaan van het Koninklijke Theater aan de Amstel, leest als een literaire thriller. Schrijfster Mariëtte Wolf, die zich in haar proefschrift over De Telegraaf een bevlogen historica met een fijne pen toonde, heeft in haar boek over Carré een mooie balans gevonden tussen liefde voor haar onderwerp en afstand. Daardoor is het geen obligaat jubileumboek met veel plaatjes geworden.


We lezen uitvoerig over de Europese circusdynastieën in de negentiende eeuw en hun nauwe contacten met de vorstenhuizen, die allemaal een grote liefde hadden voor de schone paardrijkunst. Over Oscar Carré, de grondlegger van het unieke theater met zowel lijsttoneel als piste, waardoor het geschikt is voor de meest uiteenlopende theatervormen. Alle grootheden komen aan bod, zoals Snip & Snap, Toon Hermans, Herman van Veen, Youp van 't Hek, het succesverhaal van de musical Cats, de experimentele opera-, poëzie- en dansvoorstellingen in de jaren zestig en de producties van het Holland Festival dat lange tijd met een grote boog om het volkstheater is heen gelopen.


Maar ook wordt de huidige penibele situatie in het boek niet verbloemd. De weggevallen gemeentelijke subsidie, de crisis die de bezoekers weghoudt, de Heineken Music Hall die klanten als Hans Teeuwen en James Taylor wegkaapt, het DeLaMar van Van den Ende met zijn enorme publiciteitsbudget en de loopgravenoorlog in de bestuurskamers van de afgelopen jaren. De nieuwe directeur, Madeleine van der Zwaan, wil de grandeur van het theater oppoetsen en een brug slaan tussen artisticiteit en zakelijkheid. Zij zal er een zware dobber aan hebben.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden