10 SEPTEMBER 2001

Hij begon fris - de temperatuur zou de hele dag niet boven de 16 graden komen. Een gewone maandag was het, een septembermaandag zoals er al zoveel zijn geweest; de laatste dag vóór de dinsdag waarvan wordt gezegd dat hij alles veranderde....

Als de ommekeer niet is aangekondigd, als het einde niet eens in zicht was, hoe moet je dan weten dat een dag die zich voordoet als alle andere, een symbolische dag zal worden?

Hoe zou je moeten weten dat een gewone doordeweekse maandag - want dat was het - later de laatste dag blijkt te zijn geweest vóór de dinsdag waarvan wordt gezegd dat hij alles veranderde?

Het was een septembermaandag zoals er al zoveel zijn geweest. Zo’n maandag tussen zomer en herfst. Het weekeinde zat er weer op en het was nog een beetje fris, die ochtend. De temperatuur zou trouwens de hele dag niet boven de zestien graden komen. Zo nu en dan scheen er een gierig zonnetje.

De Volkskrant opende met ‘Witte Huis vreest neergang economie’. In Alkmaar had zich zondag een aardschok voorgedaan. De sportcolumnist van de krant schreef ‘Bloedsaai land’ boven zijn column: ‘Bloedsaai land, bulkend van zelfvoldane redelijkheid’. In Israël waren acht doden gevallen bij een golf van aanslagen. In De Telegraaf las wakker Nederland: ‘Christenunie wil waarden goede oude tijd terug’.

Een ontspannen begin

Op maandagochtend 10 september 2001 stond televisiemaker Wilfried de Jong (43) naast zijn bed in Rotterdam en wist wat hem te doen stond. Maandag was de dag van zijn late night show Pakhuis de Jong. Het werd een mooie dag van lang en hard werken.

Diezelfde ochtend ontwaakte in Noordwijk Ad Scheepbouwer (57), de baas van KPN, en ook hij kende zijn agenda. Het beloofde een enerverende dag te worden, waarop hij tot verbijstering van velen als een konijn uit de hoed zou worden getoverd.

In Amsterdam was vertaalster Ted Musaph-Andriesse (74) vroeg uit de veren. Op maandag stond ze altijd om acht uur op de tennisbaan. Haar wachtte een spannende, zeg maar gerust koninklijke dag, reden te meer voor een ontspannen begin.

Elders in de hoofdstad begon de dag voor Zesdaagse-organisator Frank Boelé (30). Voor hem was het de laatste dag van de voorbereidingen op de eerste Zesdaagse die sinds lange tijd weer in Amsterdam zou worden verreden, op de overdekte wielerbaan van Sloten. Hij was door veel mensen voor gek verklaard.

Nu naderde het moment van de waarheid – die van hem, of die van hun.

Het was de laatste maandag, maar niemand had het in de gaten.

Wij slaan graag piketpaaltjes langs de rivier de Tijd. We willen veranderingen kunnen dateren, liefst zo exact mogelijk. We vinden ‘1600: Slag bij Nieuwpoort’ allang niet meer exact genoeg. We willen de dag weten, het uur, de minuut waarop zich de catastrofe voltrok die de boel op z’n kop zette en die de gang der dingen – en ons leven – ingrijpend wijzigde.

Zo kijken we ook naar 11 september 2001. Om precies te zijn: naar 11 september, 14.50 uur (eerste vliegtuig) en 11 september, 15.08 uur (tweede vliegtuig).

In die achttien minuten, zeggen we, veranderde onze wereld. Werd de Oude Wereldorde de Nieuwe Wereldorde. In die minuten, zeggen beschouwers die van symboliek houden, eindigde de twintigste eeuw en begon de 21ste.

In die minuten werd de angst geboren, en ook het wantrouwen, de tegenstellingen en het geweld. In die minuten op het puntje van Manhattan, zeggen ze, werd het zaad voor oorlogen gezaaid en het lot van tienduizenden bezegeld.

Sommigen beweren zelfs dat die wrede dinsdagmiddag het scenario voor de dood van Pim Fortuyn en die van Theo van Gogh werd geschreven. Met de ineenstorting van de Twin Towers, zeggen zij, werd ook de val van die twee titaantjes onvermijdelijk.

Het klinkt in elk geval overzichtelijk en intellectueel verantwoord. Wie overal verbanden zegt te zien, suggereert een diep inzicht in de loop der dingen. Wij willen cesuren en breuken. Wij willen kaarsrechte lijnen van oorzaak naar gevolg. We willen de loop van de geschiedenis graag zien als een logische wiskundige formule.

‘Dat is omdat we behoefte hebben aan zingeving en orde’, zegt Herman von der Dunk, Nederlands beroemdste historicus. ‘We willen breuklijnen in de geschiedenis.’ Maar er zijn, zegt Von der Dunk, helemaal geen breuklijnen. Breuklijnen zijn niets anders dan onze eigen projecties op schokkende voorvallen.

De kranten tussen 3 en 10 september 2001: je zoekt naar vingerwijzingen. Je weet: de elfde komt eraan, en op de elfde gebeurde het, dus er móet toch in de dagen daaraan voorafgaand iets zijn te vinden dat de ramp aankondigde. Een hint, een kort berichtje uit Afghanistan, een lucide beschouwing met de zin ‘Het gaat zich voltrekken, vandaag of morgen’.

Als de wereld van het ene op het andere moment veranderde, moeten de verschillen tussen de oude en de nieuwe ook in de krant tot uiting komen. Als gebeurtenissen geen toeval zijn, maar noodzakelijk voortkomen uit de omstandigheden, dan moet er toch íets van het klaroengeschal dat hun komst aankondigt in de kolommen zijn terug te vinden.

Niks. In New York wordt getennist op de US Open. In Noord-Brabant zijn Willem-Alexander en Máxima begonnen met hun blijde inkomst. In Frankrijk is ophef ontstaan vanwege een interview waarin de schrijver Houellebec de islam beschimpt. Het falende inburgeringsbeleid voor allochtonen is al een discussiepunt. Op de sportpagina van de Volkskrant worden parallellen getrokken tussen Pim Fortuyn van Leefbaar Nederland en Louis van Gaal van Oranje, die zich juist heeft laten uitschakelen voor het WK 2002. Ahold koopt nog onbekommerd twee bedrijven in de VS en het Sloterparkbad gaat gedeeltelijk dicht vanwege overlast door jongeren van Marokkaanse komaf.

Prins Claus wordt 75 en de president van De Nederlandsche Bank, Nout Wellink, voorspelt dat de dip in de economie nog dat najaar alweer voorbij zal zijn. De Vagina Monologen gaan in première.

Op 8 september kondigen Ibrahim Farouk en Mustafa Aboustib de oprichting van de Arabische Partij aan. Volgens hen is de tijd rijp voor de arabisering van de Nederlandse politiek. ‘Laat de oorlog maar beginnen’, zeggen ze op 8 september in de Volkskrant.

Dat is tenminste íets, al hadden Farouk en Aboustib vermoedelijk dít nou ook weer niet in gedachten.

Symbolische lading

We kunnen ons niet voorstellen dat schokkende gebeurtenissen niet méér zijn dan ze zijn: een ongeluk, een misdaad, een toeval, een vergissing, de daad van een krankzinnige. Daarom hangen we er verhalen aan, verbinden we ze met het verleden en de toekomst, geven we ze symbolische lading of verklaren we ze tot startpunt van een nieuwe tijd.

‘We hebben behoefte aan oriëntatie’, zegt Von der Dunk. ‘We kunnen ons er niet bij neerleggen dat iets zich zomaar toevallig zou voordoen.’ We interpreteren en verbreden de werkelijkheid en gaan ermee aan de haal.

Op dat moment, zegt Herman von der Dunk, gaan beeldvorming en realiteit door elkaar lopen. Onze perceptie van een gebeurtenis wordt de werkelijkheid en op die werkelijkheid baseren we ons verdere handelen en de verklaring voor wat we zich hebben zien voltrekken.

We zeggen: 10 september was de laatste dag van de oude wereld. En omdat we dat zeggen en ernaar handelen, wordt het langzaam maar zeker waar.

Een busje vol explosieven

De tweede aflevering van dat seizoen van Pakhuis de Jong, met interviews en ontregelend vermaak, begon die dag om twaalf over elf ’s avonds, vanuit Las Palmas, op de Kop van Zuid in Rotterdam. Wilfried de Jong had iets speciaals bedacht. Op de Maashavenkade op Katendrecht zou een busje staan, met knipperende lichten. Vanaf het dak van Las Palmas zouden camera’s het busje in de gaten houden en Radio Rijnmond-verslaggever Jack Kerklaan zou gedurende de uitzending een paar keer verslag doen van de gebeurtenissen rond het busje.

Er moest iets dreigends uitgaan van dat vreemde busje. Misschien was het wel een busje vol explosieven. De Jong wilde een spel spelen met terreur en de angst voor terreur, en kijken wat er zou gebeuren. Ze regelden een groen busje.

Een van de gasten van De Jong was die avond Edwin Smulders, de fotograaf die die dag Willem-Alexander en Máxima had gevolgd tijdens hun kennismakingstocht door Amsterdam.

Ted Musaph-Andriesse, erevoorzitter van het bestuur van het Joods Historisch Museum, ging na haar potje tennis vroeg naar het gebouw van het museum, de voormalige Hollandsche Schouwburg aan de Amsterdamse Plantage Middenlaan. Want om half drie zouden de kroonprins en zijn aanstaande echtgenote daar arriveren voor een kort bezoek. Het was Ted Musaph-Andriesses taak het paar te ontvangen en rond te leiden.

Ze kende Willem-Alexander al van voorgaande ontmoetingen, maar ze keek uit naar de kennismaking met Máxima Zorreguieta. De kroonprins en zijn omvangrijke gevolg arriveerden wat later dan gepland. Ted Musaph vond Máxima onmiddellijk erg sympathiek. Toen ze vertelde dat ze zelf in 1943 vanuit de Hollandsche Schouwburg op transport was gesteld, zag ze de ontroering in de ogen van de aanstaande prinses.

Aan het slot van hun bezoek moest het paar nog iets op een kaartje schrijven dat, bevestigd aan een tulp, in het museum zou achterblijven. ‘Laat mij dat maar even schrijven’, zei Willem-Alexander tegen Máxima, ‘dat kan ik beter dan jij.’ ‘Laat de 21ste eeuw er een worden van vergeven’, schreef de kroonprins. Later vroeg Musaph zich wel eens af of hij die woorden ook zou hebben opgeschreven wanneer het bezoek een maand later had plaatsgevonden.

Ad Scheepbouwer was die middag ook in Amsterdam. Daar was hij het middelpunt van een persconferentie waar wereldkundig werd gemaakt dat hij de nieuwe topman zou worden van KPN, het noodlijdende telecombedrijf dat dreigde te bezwijken onder een immense schuldenlast. Scheepbouwer had de voorgaande dagen 2,5 miljard euro losgepraat bij de banken, waarmee een faillissement voorlopig was voorkomen.

Er was enorme belangstelling van de media. ‘Mijn aantreden veroorzaakte nogal wat commotie.’ Scheepbouwer wist dat hij voor een zware taak stond. Het voelde alsof het de eerste dag van een nieuwe tijd was. Voor KPN, maar ook voor hemzelf. Hij had het postbedrijf TPG uitgebouwd tot een florerende onderneming, nu wachtte zijn magnum opus, de moeilijkste klus van zijn leven. ‘Maar ik was optimistisch. Ik was er natuurlijk niet helemaal achterlijk aan begonnen.’

Frank Boelé rondde die dag de laatste voorbereidingen op de Zesdaagse af. Hij was ook optimistisch. Burgemeester Cohen zou de volgende dag het eerste startschot lossen en hij hoopte dat Studio Sport opnamen zou komen maken van de wedergeboorte van het spektakel van de fietsende mannen van de nacht. Dat zou de publieke belangstelling ten goede komen, de eerste avond was nog niet uitverkocht.

Tegen middernacht, toen het al bijna 11 september was geworden, stond rond het groene busje op Katendrecht een groepje buurtgenoten te kijken wat er nou precies aan de hand was. Wilfried de Jong was tevreden. Zijn spel met de werkelijkheid was geslaagd. Het groene busje was even een katalysator van argwaan en wantrouwen geworden.

Ted Musaph-Andriesse belde op de ochtend van dinsdag de elfde met Daniel, die de pr van het Joods Historisch Museum verzorgde. Of hij ook wist of de televisie nog iets aan het bezoek had gedaan. Ze had wegens andere verplichtingen niet naar televisie kunnen kijken. ‘Ja’, zei Daniel. ‘Als je vanmiddag even de televisie aanzet, kun je de herhaling zien.’

Ad Scheepbouwers elfde september was gevuld met interviews. Voor de middag, rond half drie, stond een gesprek gepland met een journaliste van het Duitse Handelsblatt. Hij kende haar. ‘Zo’n heel klein meisje, met heel indringende vragen.’

Frank Boelé kreeg ’s ochtends een telefoontje uit Hilversum. Studio Sport kwam. Boelé was opgetogen. Eerste avond van zijn eerste Zesdaagse, direct tv erbij. Beter kon niet.

Om twintig voor twee zette Wilfried de Jong die middag de televisie aan om te kijken naar de herhaling van Pakhuis de Jong met de terreur-gimmick. Die was om 14.40 uur afgelopen. Tien minuten later werd het spel ingehaald door de werkelijkheid.

Even na drie uur zette Ted Musaph-Andriesse haar televisie aan, om te kijken naar de herhaling van het verslag van het koninklijk bezoek aan de hoofdstad. Wat ze zag, had daarmee niets te maken. ‘Ik dacht dat ik naar zo’n film zat te kijken. Ik zag een vliegtuig tegen een toren vliegen. Tot ik op het commentaar ging letten. Toen dacht ik: godallemachtig, wat gebeurt hier?’

De beelden van het bezoek heeft ze nooit meer gezien. ‘Het was opeens niet belangrijk meer.’

Ad Scheepbouwer werd rond kwart over drie uit het interview met het Handelsblatt geroepen, met de mededeling dat er iets belangrijks was gebeurd, iets vreselijks. Toen hij vernam wat zich in New York afspeelde, maakte zich een onheilspellend gevoel van hem meester. Hij was zo geschokt, dat hij zich nog niet eens realiseerde dat KPN door het oog van de naald was gekropen – dat drong later pas tot hem door. Een paar dagen eerder, en hij had van de banken nooit 2,5 miljard gekregen: einde KPN. Terwijl op de tiende de wereld nog nieuw had geleken, had hij nu het gevoel dat het voorbij was met de oude. Er stond de volgende dag geen interview in het Handelsblatt.

Frank Boelé werd om half vier gebeld vanuit Hilversum. Hij wist nog van niks. Iemand van Studio Sport zei dat ze toch niet naar de Zesdaagse zouden komen, vanwege een ramp in New York. Tegen een medewerker zei Boelé dat hij vermoedelijk in de maling was genomen door een vriend. Eerst zeggen dat je zult komen en dan afzeggen vanwege een vaag verhaal over vliegtuigen en een wolkenkrabber. Die avond zaten er honderd man op de tribune. Burgemeester Cohen liet zich excuseren.

Scheve proporties

‘We kunnen de consequenties van een ingrijpende gebeurtenis pas later doorzien’, zegt Herman von der Dunk. Maar onder invloed van de media, en de politici die weer op de media reageren, wordt er steeds sneller om interpretatie gevraagd en worden de reacties op schokkende voorvallen steeds sterker en ook onevenwichtiger. ‘Men stookt elkaar op.’ Het leidt tot overtrokken reacties, tot het in ‘scheve proporties waarnemen van de werkelijkheid’.

Dat, zegt Herman von der Dunk, is gevaarlijk. Hoe gevaarlijk, hebben we goed kunnen zien na 11 september.

Ad Scheepbouwer had het gevoel dat de wereld na 11 september onvoorspelbaarder was geworden. Desondanks maakte hij KPN weer gezond. Hij onderhoudt prima contacten met telecombedrijven in de Arabische wereld. ‘Die zijn niet van de jihad.’

Frank Boelé organiseert inmiddels ook de Zesdaagse van Rotterdam en straks die van Maastricht. ‘Toen we vorig jaar na lange tijd weer in Rotterdam begonnen, had je een paar dagen ervoor de tsunami. De Zesdaagse van Maastricht begint op 28 september, ik zeg het maar vast.’ Ted Musaph-Andriesse zag hoe 9/11 ‘de krankzinnige Bush vrij baan gaf’. Ze gaat nog vaak naar vrienden in New York. Bang is ze nooit. ‘Waar moet ik op mijn leeftijd bang voor zijn? Ik heb Bergen-Belsen overleefd.’ Ze vindt dat ‘haar’ museum een nóg belangrijker taak heeft gekregen, nu de tegenstellingen tussen bevolkingsgroepen zijn verscherpt.

Wilfried de Jong kan op tv geen spelletjes met verdachte busjes meer spelen – dat is in elk geval veranderd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden