1.000 x Soldaat

Afgelopen vrijdag had Soldaat van Oranje de miljoenste bezoeker over de vloer. V volgde de militaire operatie achter de schermen.

Vanuit een zijdeur van de hangar, waar tot 2006 nog Lockheed P-3 Orions van de Marine Luchtvaartdienst stonden opgesteld, snelt een rijtje acteurs het platform van het vliegveld Valkenburg (bij Leiden) op. Ze scharen zich aan weerszijden van een vliegtuigtrap. Daar komt in het schijnsel van felle lampen de Dakota al aangerold, met Marisa van Eyle aan boord, in haar rol van koningin Wilhelmina. Geruisloze hydraulische motoren drijven de wielen en de propellers aan. Het publiek op de tribune in de hangar ziet nog niets, maar hoort wel een geraas van jewelste uit de geluidsinstallatie. Dan openen zich schuifdeuren en legt de DC3 de laatste meters af in het zicht van 1.103 toeschouwers. Wilhelmina zet voet op eigen bodem.


Intussen, achter de ruggen van het publiek, vraagt wapenmeester Roland Godijn op gedempte toon hoe acteur Robbert van den Bergh het maakt. Die knikt wat moeizaam, hij houdt het hoofd in geknakte houding. Als collaborateur Anton is hij zojuist omhoog gehesen, aan een tuigje onder het nazi-uniform. Hij bungelt aan een kroonluchter, een koord om de nek. Straks, als de schijnwerpers op de acteur zijn gericht, zal Godijn door een miniem kijkgaatje in het decor naar hem kijken. 'Mocht hij in de problemen raken, moet ik natuurlijk gelijk in actie komen.'


Voorstelling 902 van de musical Soldaat van Oranje nadert de apotheose. De stoelen zijn weer teruggedraaid, moffenhoer Ada wordt belaagd. Van den Bergh, weer veilig terug op de vloer, sprint de donkerte in, op weg naar een snelle omkleedsessie. Nog even en de volledige cast zal het slotlied aanheffen.


't Gaat over jou en mij/ Onze enige hoop zijn wij / We zien toch dat dit niet kan / Als wij niets doen, wie dan?


Aan de reeks uitvoeringen van het epos over Engelandvaarder Erik Hazelhoff Roelfzema (1917-2007) lijkt vooralsnog geen einde te komen. Enkele dagen na '902' is eind vorige week de kaap van de miljoenste bezoeker gepasseerd, en op 31 december staat de 1098-ste voorstelling op het programma, vier meer dan het huidige musical- record van The Phantom of the Opera. Zeven voorstellingen per week, steevast voor een vol theater, opgetrokken in een hangar van zestig bij zeventig meter, met aangebouwde foyer annex restaurant. Dit duurt één jaar, hoopten producenten Fred Boot en Robin de Levita nog tijdens de première op 30 oktober 2010, dan is er tenminste quitte gespeeld. Het optuigen van het theater in de hangar kostte 9,5 miljoen euro. Nu is 2014 al in zicht. Inmiddels hebben er 75 acteurs in wisselende samenstelling op het podium gestaan.


Achter de coulissen zijn de patronen en afspraken na die honderden keren in de betonnen vloer van de hangar gefreesd. Als hoofdrolspeler Matteo van der Grijn als Hazelhoff Roelfzema in de golven van de door het Kiwa gecertificeerde bak met 300 duizend liter water is getuimeld - ph-waarde en chloorgehalte worden nauwlettend gecontroleerd, leidingen moeten legionellavrij zijn - staan kapster, kleedster en grimeuse gereed om hem razendsnel op te kalefateren voor de volgende scène; hij hoeft slechts de armen omhoog te houden. Barokke lampjes verdwijnen achter luikjes in pilaren als het paleis in Den Haag verandert in het vertrek van de koningin in Londen. Ruim twintig plakkertjes met namen op de vloer geven aan waar de vrijwel volledige cast onzichtbaar in hemdsmouwen koorzang aanheft.


Leef het avontuur / Elk moment en ieder uur / Zoek je plek in het licht / Wat de dag van morgen brengt / Is allang niet meer de vraag / Morgen is vandaag.


Buitenstaanders krijgen een beperkte blik. Wie het draaiboek niet kent, zal gauw in de weg lopen. Acteurs en medewerkers leggen in het schemerduister rondom de draaiende tribune behoorlijke afstanden af over trapjes en plankier. Bovendien: magie en illusie tellen in theater.


Het is zes uur 's avonds, twee uur voor het begin van de voorstelling, als de reusachtige draaischijf met daarop de 1.103 stoelen en een reeks mengtafels voor licht en geluid, voor het eerst die dag in beweging komt. Zacht kraken de zeshonderd nylon wielen, aangedreven voor twintig elektromotoren, op het beton. Maximumsnelheid: 7,5 km per uur. Als straks de toeschouwers plaatsnemen, staat er 200 ton aan gewicht op. Vijf keer maakt de constructie de ronde - het zijn bij elkaar opgeteld ook de rotaties die het publiek gedurende de show aflegt. Voor technisch producent Robert Nieuwenhuis is het nog altijd een bijzonder moment als het publiek elkaar verbaasd aankijkt als de tribune gaat rijden. 'Weet je wat het nog mooier maakt: ze hebben dan al tien meter afgelegd zonder dat ze het hebben gemerkt.'


Het zwenken van de zaal in combinatie met schuivende schermen en enkele wisselende decors, leidt snel tot desoriëntatie. Gaan we nu echt in de rondte? Nieuwenhuis: 'De eerste keer dat we een doorloop deden, zaten alle medewerkers die de boel hadden aangelegd op de tribune. Na afloop zeiden ze: en nu dan nu koffie. Iedereen liep prompt de verkeerde kant op.'


Matteo van der Grijn zit aan de kaptafel. Met behulp van een latex kapje, make-up en poeder krijgt hij een kaal hoofd aangemeten - 15 minuten werk voor een scène van zo'n vijf minuten: de vernedering van de feuten in studentensociëteit Minerva. Na een onderbreking van bijna een jaar, waarin hij in twee producties van het Nationale Toneel speelde, is Van der Grijn vanaf 1 juli 2012 weer terug op vliegbasis Valkenburg. Had hij verwacht dat hij hier nog zou zitten? 'Nee. Niemand kon dit voorzien.' Hij is de 400 voorstellingen voorbij ('ik tel ze niet'), maar heeft niet het gevoel dat hij op de automatische piloot speelt. 'Bij zo'n heftig verhaal kun je er niet met de pet naar gooien. Je moet er honderd procent voor gaan. Als je dat niet doet, zou het ook snel gaan vervelen. We proberen elkaar fris te houden door elkaar te verrassen. Hoe je elkaar aankijkt, hoe je een zin uitspreekt, hoe je elkaar vastpakt. Spelen op het moment.' Na de voorstelling ontmoeten acteurs elkaar nog geregeld in een café in Amsterdam. Daar volgen nieuwe discussies. Wat ging er mis, wat kan nog beter?


Producent Fred Boot is vanavond ook in de Theaterhangaar, twee tot drie keer per week komt hij langs, voor vergaderingen, maar ook een blik in de zaal. 'We moeten gespitst zijn op het handhaven van de kwaliteit.' Er was even wat kritiek op het niveau, toen de helft van de 'oercast' werd vervangen. 'Daar moet ik het boetekleed aantrekken. Het was in de zomer, we hadden tien dagen voor repetities. Dat is te weinig gebleken. Dat is ons nadien niet meer overkomen.'


Wat is zijn verklaring voor het aanhoudende succes? 'De kracht is de mond-tot-mond reclame. Het is de spectaculaire techniek, zeker, maar het is ook gevoelsmatig. In crisis zoeken mensen naar zekerheden, een waarachtig verhaal, een verhaal dat hoop biedt. Hier komen grootouders met kinderen en kleinkinderen. Het gaat over hun roots, het is een gelegenheid om ook hun persoonlijke verhalen kwijt te kunnen.'


Twintig procent van de bezoekers is op herhaling. Er is ook veel publiek dat niet zo snel naar een musical zal gaan. 'Onze ervaring is dat de grootste musicalhater om is. Het truttige of nuffige ontbreekt. Er zit romantiek in, maar het is ook rock 'n' roll. Het is zelfs de vraag of je het wel musical moet noemen. De voorstelling bevat elementen van film, toneel, we hebben het in het begin muziektheater genoemd. Iemand gebruikte de omschrijving documentairetheater. Die vond ik wel mooi. Totaaltheater, dat is het ook.'


In badjassen, ter bescherming van de toneelkleding, zitten de acteurs in een zaaltje boven het productiekantoor. Dit staat te boek als het 'half-achtje'. Stemoefeningen op pianobegeleiding, ledematen rekken en strekken op een matje. Nico de Vries, op het podium de rechterhand van de koningin, maar ook resident director als waarnemer van regisseur Theu Boermans, vraagt om aandacht. Hij is kritisch over de vorige avond. 'Het begin was niet geconcentreerd. Het moet vanaf de eerste maat, páts, erin knallen. Dit is geen voorstelling waarin je de tijd krijgt om te groeien. Het is meteen: báf! Oké?' De cast staat op, pept elkaar op met applaus. Een half uur later, onzichtbaar voor de andere medewerkers en het publiek, staan ze in het decor van Minerva even als volleyballers in een kring, de armen over elkaars schouders geslagen, zwijgend. 'Hier komt niemand tussen', fluistert company manager Rudy Hellewegen.


In het artiestenrestaurant lepelt troubleshooter Patrick Uphoff een salade naar binnen. Hij is er al bij vanaf het begin, maar nog nooit zag hij de voorstelling vanuit de zaal. 'Het is er nog niet van gekomen. Dat maakt niet uit. Ik ken elke millimeter, elke seconde.' In de verte klinkt een doffe dreun. Hij steekt de vinger op. 'Bominslag in Londen. De koningin zegt dat ze nog een kopje thee neemt. De anderen zeggen dat ze liever een neut hebben.'


Slechts een enkele keer is de voorstelling onderbroken. Toeschouwers die onwel werden. Een rolstoelgebruiker die voortijdig de zaal uit wilde en al met één wiel op het podium stond, toen de zaal begon te draaien. De stroomvoorziening van een scherm viel uit. Soms gaat het net goed. Een klep waarlangs lucht wordt geblazen om golfvorming op het water te krijgen, haperde. Technisch producent Nieuwenhuis snelde buitenom om met rake klappen van zijn zaklamp een losgeschoten spie weer op zijn plek te krijgen. Uphoff: 'Even afkloppen, maar er is nu al een jaar niks gebeurd. Alles wat je niet kon voorzien is nu onder controle. Maar je moet scherp blijven. Zodra ik iets hoor dat afwijkt, ben ik weg.' Hij vraagt om aandacht. 'Let op, zo meteen gaan ze schieten.' Er klinken salvo's van mitrailleurs. 'Kicken, hè.'


In de pauze praat resident director De Vries met hoofdrolspeler Van der Grijn. Er is lichte onvrede. De balans in de muziek is deze avond veranderd, de blazers zijn meer naar voren gehaald. Daardoor zit de pulse wat verstopt. Het is wennen. 'Acteurs zoeken altijd naar zekerheden.'


Als de staande slotovatie wegsterft, staat de bus voor het transport van de cast terug naar Amsterdam al gereed voor de artiestenuitgang. Company manager Rudy Hellewegen maakt nog snel notities in het zogeheten showrapport. Veel bijzonderheden zijn er niet. 'Behalve dat ik merk dat iemand van de cast in de buurt komt van zijn allerlaatste voorstelling. Dan wordt er intens samengeleefd.'


Matteo van der Grijn stapt de bus in. Hij had voor Soldaat van Oranje nog nooit een musical gezien - 'ik heb er niks tegen, hoor. Het lag tot dan gewoon niet in mijn straatje.' Maar hij weet nu al dat een afscheid over ruim een half jaar hem zwaar zal vallen. 'Zoiets ga ik niet meer meemaken. Dit is een familie geworden. Hier is theatergeschiedenis geschreven.' Een lange rij auto's schuift in de nacht het tarmac (een soort asfalt, red.) van het vliegveld af. In het kantoor gaan de schermen van de computers op zwart. Het A4-tje met de dienstmededelingen voor '903' ligt alvast bovenop een stapeltje documenten. Want morgen is vandaag.





Extra: Internationaal aanzien

De productie van Soldaat van Oranje - met een golvende zee, op het podium rondrazende BSA-motoren, zicht op een echte Dakota en splitscreenscènes - trekt internationaal de aandacht. Producent Robin de Levita haalt wekelijks producenten uit onder meer de Verenigde Staten, Europa en Japan naar de hangar op het vliegveld Valkenburg. Niet alleen voor de voorstelling zelf, maar ook om ze de mogelijkheden te laten zien van een draaischijf met zitplaatsen die langs de decors zwenkt. Het concept is inmiddels voorzien van een titel: SceneAround.


De Britse krant The Times kwam ook langs. Kunstredacteur Ben Hoyle noemt de voorstelling een 'spectaculaire nieuwe vorm van entertainment'. 'Dit is een voorproefje van wat theaters wereldwijd te wachten staat.' Hij citeert Arthur Karpati, producent van Sleep No More, een theatervoorstelling in oude pakhuizen in New York, waarbij het publiek zich door de gebouwen beweegt. 'SceneAround neemt je mee naar plekken waar theater je nog nooit heeft gebracht.' Als mogelijke locaties voor grote producties worden in het artikel de voormalige kolencentrale Battersea Power Station in Londen genoemd en het oude vliegveld Tempelhof in Berlijn.


Sightline, een Brits blad voor theatertechnologie, wijdde zes pagina's aan Soldaat van Oranje. De auteur schrijft dat hij na een eerste bezoek 'compleet omver werd gekegeld'. 'Er gebeurde zoveel, bijna te veel om het in één keer te kunnen zien.'


Extra: Verbluffend

Bij de première op 30 oktober 2010 kreeg Soldaat van Oranje bijna uitsluitend positieve recensies.'Door de combinatie van deze nooit eerder vertoonde grootse decoropzet en het aangrijpende intieme spel, schrijft de 'Soldaat van Oranje' theatergeschiedenis', aldus dagblad Trouw. De Volkskrant stelde na afloop: 'Het is informatief, educatief, spannend en ook nog eens grensverleggend muziektheater. NRC Handelsdblad noemde de voorstelling 'technisch verbluffend.' De Telegraaf tot slot: 'Alsof je zo een spannende avonturenfilm bent binnengestapt'.


Extra: Opvolger

Producent Fred Boot werkt met scriptschrijver Edwin de Vries en regisseur Theu Boermans aan een tweede productie gebaseerd op Nederlandse geschiedenis. Dit keer gaat het over de stichting van New York. Het boek Nieuw Amsterdam van Russell Shorto, historicus en directeur van het John Adams Institute in Amsterdam, dient als basis voor het script. Een eerste synopsis is gereed en aan de dialogen wordt gewerkt.


Boot: 'Ik geloof erg in dit verhaal. De 17de eeuw was onze eeuw. Een ontzettend klein land heerste over de wereldzeeën. Dat is een fascinerende geschiedenis.' De kans is klein dat de hangar op het vliegveld Valkenburg wederom als plaats van handeling zal dienen. 'Die past heel erg bij het verhaal van Erik Hazelhoff Roelfzema. Hij is in deze buurt opgegroeid, hier zijn in de Tweede Wereldoorlog de eerste gevechten geweest.'


Boot schat dat de productie over New York binnen drie jaar in productie kan worden genomen. 'Maar we hebben elkaar beloofd dat we net als voor Soldaat van Oranje alle tijd nemen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden