REPORTAGE

'Zwarte doos' wordt mekka voor filmexperts

Reportage Collectiecentrum EYE

Vandaag opent het Collectiecentrum van EYE: 40 duizend Nederlandse films in een gebouw. Enkele verloren gewaande films zijn teruggevonden.

Foto Paul van Riel / HH

Frank Roumen staat aan een deur te rukken die niet open wil. 'Sommige dingen werken nog niet helemaal goed', zegt hij. Ook met twee handen lukt het hem niet toegang te krijgen. Dan blijkt dat hij zijn toegangspas tegen het elektrische slot van de deur ernaast heeft gehouden.

Het is nog wennen in het gloednieuwe Collectiecentrum van EYE Filmmuseum, dat vandaag door minister Bussemaker van Cultuur wordt geopend in Amsterdam-Noord. Op een steenworp van het museum zijn sinds kort 210 duizend filmblikken opgeslagen. Daarin zitten 40 duizend titels; vooral Nederlandse filmgeschiedenis, maar ook buitenlands werk dat in het land van herkomst niet meer is te vinden. De films zijn bewaard gebleven omdat ze ooit in Nederlandse bioscopen zijn vertoond.

In 1946, toen de voorloper van EYE werd opgericht, volstond één opslagkamer. Met de groei van de collectie nam het aantal bergplaatsen flink toe, wat tot klimaat- en transportproblemen leidde. Nu is alles weer op één plek bijeengebracht. Dat wil zeggen: de 'gewone films', zoals Frank Roumen, hoofd collectie, ze noemt. De 35 duizend filmblikken met werk uit de vroegste periode van de cinema liggen in drie depots in de duinen. Vanwege hun brandbaarheid (de stroken bevatten veel nitraat) mogen ze niet in de bebouwde kom worden bewaard. Een deel daarvan is wereldvermaard: de verzameling van cinemapionier Jean Desmet uit het begin van de 20ste eeuw.

Een paar dagen voor de opening staan op de gangen van het Collectiecentrum nog pallets vol gestapelde filmblikken geparkeerd. 'Het staartje van een verhuizing die al tweeënhalve maand duurt', aldus Roumen. De voorbereiding nam nog veel meer tijd in beslag: elk filmblik is met een nieuwe barcode gekoppeld aan de al langer bestaande digitale catalogus, waardoor het sneller is te vinden. Dat monnikenwerk heeft volgens het hoofd collectie ook onverwachte gevolgen gehad. Zo werden een paar films teruggevonden die als verloren waren beschouwd.

In de acht depots van het Collectiecentrum (elk 300 m2 groot, in eentje is de temperatuur min 5 graden Celsius) wordt niet alleen celluloid bewaard, maar ook ander aan cinema gerelateerd materiaal: 700 duizend foto's, 78 duizend affiches, 27 duizend boeken, bladmuziek, scenario's en zelfs filmapparatuur. Er is een bibliotheek met werkplekken en zelfs een bioscoopje waarin zowel digitale als analoge films kunnen worden gedraaid. Gewenst publiek: studenten, wetenschappers en filmmakers. Het Collectiecentrum is niet alleen bedoeld als een opslagplaats, maar moet ook een mekka voor experts worden - vandaar de naam.

Een van de waardevolste objecten in het archief is misschien wel de filmposter van Metropolis. Er zijn maar zes exemplaren van bekend, niet lang geleden werd er een voor bijna 700 duizend dollar (622 duizend euro) verkocht. Foto EYE Filmmuseum

Ook nieuw: de 'restauratiestraat', een gang met kamers waarin apparatuur is verzameld - oud en nieuw - waarmee alle soorten films kunnen worden afgespeeld en opgeknapt. EYE heeft een naam hoog te houden op het gebied van filmconservering- en restauratie. Voor het eerst zijn curatoren, restauratoren en depotmedewerkers in één pand verenigd, zeventig man in totaal, de vrijwilligers meegerekend.

In de laatste kamer aan de restauratiestraat ligt een stapel harde schijven te wachten op archivering. Van elke film die door het Nederlandse Filmfonds financieel wordt ondersteund, moet een digitale kopie aan het filmmuseum worden afgedragen. Met het oog op de groei van de collectie is nu al vastgelegd dat het Collectiecentrum er over vijf jaar een nieuw depot van 300 m2 bij krijgt - een van de drie depots in het gebouw die nu beschikbaar zijn voor externe verhuur.

Het nieuwe Collectiecentrum van EYE Filmmuseum in Amsterdam-Noord. Foto EYE Filmmuseum

In 2012 verhuisde het Filmmuseum van het Vondelpark naar de futuristische nieuwbouw aan het IJ, het begin van een nieuwe bloeiperiode onder de naam EYE. Het Collectiecentrum had kort daarna klaar moeten zijn, maar dat ging door de economische crisis niet door.

Dat het er nu toch is gekomen, is mede te danken aan WAD depots, een bedrijf dat zich op de bouw van nieuwe opslaggebouwen voor culturele instellingen heeft gestort. EYE is de hoofdhuurder van het gebouw, dat eigendom is van WAD. 'We hadden zelf niet het geld om het te kunnen bouwen', stelt Roumen. 'Voor WAD is het een visitekaartje. Daarin hebben we elkaar gevonden.'

Het Collectiecentrum mist de markante trekken die het museum zo bijzonder maken. 'Het is een zwarte doos', beaamt Roumen. 'Maar je wilt geen gebouw met gouden kranen; het geld moet naar conservering en restauratie toe.'

Een still uit Love, Life and Laughter, een meesterwerk uit de zwijgende Britse cinema. Foto Eye Filmmuseum
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.