Opinie

'Zonder enig bewijs wordt Syrische regime beschuldigd van bloedbad Houla'

Het is hoogst onzeker of ooit duidelijk zal worden wie er verantwoordelijk waren voor het bloedbad in Houla, maar niemand lijkt zich bij dit gruwelijke misdrijf af te vragen wie er uiteindelijk het meeste baat bij hebben. 'Zeker is slechts dat het Syrische regime de grote verliezer is omdat het door de internationale gemeenschap reeds als schuldige is aangewezen zonder dat hiervoor enig bewijs aanwezig is', schrijft arabist Martin Janssen, die in Damascus woont.

De lichamen van Syrische inwoners van de stad Houla, na het bloedbad afgelopen vrijdag. Beeld EPA

Vrijdag 25 mei werd de wereld opgeschrikt door een afschuwelijk bloedbad in het Syrische plaatsje Houla. Huiveringwekkende foto's toonden aan dat er zich bijzonder veel kinderen onder de slachtoffers bevonden. De aanblik van al deze ontzielde kinderlijkjes deed een kreet van afschuw opgaan in de wereld. Terecht werd de daaropvolgende zondag de slachtpartij in Houla krachtig veroordeeld door de Veiligheidsraad in New York.

De belangrijkste vraag is echter wie voor dit bloedbad verantwoordelijk was. Uit de reacties van een groot aantal westerse landen bleek dat deze vraag reeds bij voorbaat beantwoord was. Ook Nederland liet weten dat de Syrische ambassadeur niet langer welkom was en onze minister Rosenthal verklaarde 'dat met een land met zo'n president aan het hoofd niet langer valt samen te werken'. De situatie rondom Syrië is uiterst explosief en daarom lijkt het nuttig met een koel hoofd enkele zaken op een rijtje te zetten.

Vrijdagnacht 25 mei ( d.w.z. de nacht van donderdag op vrijdag) kwam er bij al-Jazeera een telefoontje binnen van een man die zich Abu Bilal al-Homsi noemde. De man verklaarde dat er in Houla een grote anti-regime demonstratie plaatsvond en dat het Syrische leger met grof geweld probeerde deze demonstratie te beëindigen. Abu Bilal beweerde 'dat het Syrische leger reeds twaalf uur lang Houla beschoot met tanks en dat er al zeker 100 doden waren gevallen'. Op al-Arabiyya blijkt een soortgelijk telefoontje te zijn binnengekomen en vanaf dit moment werd Houla wereldnieuws.

Verbazing
Er zijn echter drie punten die hier enige verbazing wekken:
1) Allereerst hebben bronnen in de plaatselijke omgeving mij bevestigd dat de inwoners van Houla bekend stonden om hun pro-regime houding.
2) Verder dient men de vraag te beantwoorden hoe men het hoge aantal gedode kinderen kan verklaren. Waren dan vooral kinderen 's nachts aan het demonstreren?
3) Op YouTube filmpjes bleek de volgende dagen dat de huizen van Houla er bepaald niet uitzagen alsof ze twaalf uur lang onophoudelijk met tanks waren beschoten.

Op basis van dit verhaal werd in eerste instantie verklaard dat de slachtoffers in Houla waren gevallen als gevolg van deze hevige tankbeschietingen. Al gauw werd echter duidelijk dat verreweg de meeste slachtoffers hun gruwelijke dood hadden gevonden door oftewel een kogel die hen van dichtbij door het hoofd was geschoten of door messteken.

Verhaal
Vandaar dat in de loop van vrijdag 25 mei het verhaal plotseling begon te veranderen. Leden van het Free Syrian Army verklaarden thans op Arabische satellieten dat 'door al-Assad betaalde gewapende milities ( shabiha) vanuit omringende dorpen Houla waren binnengevallen en een slachtpartij waren begonnen'. Dit is echter een fundamenteel ander verhaal dan de eerste versie.

Leden van het Free Syrian Army hebben vervolgens de lichamen van de slachtoffers verzameld en hen opgebaard in de moskee van Houla waarbij ze een groot aantal foto's namen. Het lijkt erop dat ze dit alles in alle rust hebben kunnen doen wat weer niet overeen stemt met hun verklaring dat het Syrische leger in grote getale aanwezig was in en rond Houla.

Vervolgens hebben ze de VN-commissie verwittigd die onder leiding van Robert Mood toevallig (?) die vrijdag de regio bezocht. Tijdens een persconferentie later in Damascus stelde Robert Mood 'dat beide zijden verantwoordelijk waren en het geweld moesten stoppen'. In nogal wat media kon men de volgende dagen lezen dat de VN-commissie in Syrië bevestigd zou hebben dat het Syrische regime verantwoordelijk zou zijn voor het bloedbad in Houla wat echter onjuist is.

Gewapende rebellen
Men zou het Syrische regime verantwoordelijk kunnen stellen in de zin dat iedere staat verantwoordelijk is voor de veiligheid van haar burgers. In Syrië echter is in bepaalde regio's en soms delen van steden ieder staatsgezag afwezig en maken gewapende rebellen de dienst uit. Een mij welbekende priester uit Homs schreef mij recentelijk dat er van de 80.000 christenen in Homs er nog maar enkele duizenden aanwezig waren. De christelijke wijken zijn ingenomen door het Free Syrian Army dat de huizen en bezittingen van de gevluchte christenen heeft 'geconfisqueerd'. Deze rebellen blijken steeds talrijker én zwaarder bewapend te zijn omdat er een influx plaatsvindt van zowel wapens als buitenlandse strijders. In deze chaos tourt een ongewapende, uit 300 personen bestaande VN-commissie rond en het lijkt slechts een kwestie van tijd voordat deze commissie de eerste doden in haar gelederen zal hebben te betreuren.

Misdrijf
Bij een moordonderzoek vraagt de recherche zich altijd af wie er van dit misdrijf zal profiteren. Het is hoogst onzeker of ooit duidelijk zal worden wie er verantwoordelijk waren voor het bloedbad in Houla maar niemand lijkt zich bij dit gruwelijke misdrijf af te vragen wie er uiteindelijk het meeste baat bij hebben. Zeker is slechts dat het Syrische regime de grote verliezer is omdat het door de internationale gemeenschap reeds als schuldige is aangewezen zonder dat hiervoor enig bewijs aanwezig is.

Syrië maakt de indruk zich steeds meer te ontwikkelen in de richting van een tweede Afghanistan. De politieke en civiele oppositie zijn in de marge van het bloedige conflict terechtgekomen omdat gewapende bendes thans het strijdtoneel bepalen. Wat iedere dromerij over een vreedzame democratische transitie in Syrië volkomen irreëel maakt. Niet het wel of niet overleven van het Syrische regime maar het voortbestaan van Syrië als eenheidsstaat staat op het spel. Waarbij de rol van de internationale gemeenschap zich lijkt te beperken tot het gooien van ( nog meer) olie op het reeds hoog opgelaaide vuur.

Martin Janssen is arabist en woont in de Syrische hoofdstad Damascus.




 
Syrië maakt de indruk zich steeds meer te ontwikkelen in de richting van een tweede Afghanistan.
 
Niet het wel of niet overleven van het Syrische regime maar het voortbestaan van Syrië als eenheidsstaat staat op het spel.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.