'Wij zijn allemaal Noord-Koreanen'

Idfa: documentaire over de eerste Westerse band in Noord-Korea

In Liberation Day is te zien hoe de Sloveense band Laibach zich opgewekt opmaakt voor een historisch concert in Noord-Korea. En ach, persoonsverheerlijking en censuur, hoe erg kan het helemaal zijn? Nou, best erg dus.

De Sloveense kunstrockband Laibach.

Die opmerking aan het eind van de muziekdocumentaire Liberation Day, die zegt eigenlijk alles. De Sloveense kunstrockband Laibach wandelt van het podium in Pyongyang na 'het eerste westerse rockconcert ooit in Noord-Korea' (en een uiterst bescheiden applausje van een verbijsterd Noord-Koreaans publiek). Een Laibach-bandlid geeft een high five aan iemand uit de entourage: 'Was leuk. Volgende keer in Teheran?'

Wat bezielt die popmusici toch? Waarom zijn ze altijd zo wanhopig op zoek naar die laatste uitdaging, willen ze altijd weer onbetreden paden bewandelen en spelen op maagdelijke podia in de meest onmogelijke landen? Het is nooit genoeg, ook niet na twintig wereldtournees. Rocken in Raqqa? Waarom niet, als je daar popgeschiedenis kunt schrijven?

Een mooi recent voorbeeld van dit muzikantendefect: The Rolling Stones in Cuba. De grootste rockband van de wereld was overal al geweest, had China al bespeeld, Rusland en Roemenië natuurlijk, Chili en noem maar op. Nog één wens koesterden The Stones: spelen in Cuba. Zogenaamd om idealistische redenen, 'voor het Cubaanse volk', maar stiekem natuurlijk om het land te kunnen afvinken in het persoonlijke tourboek. En op 25 maart dit jaar speelden The Stones dus in Cuba, gratis, voor een man of een half miljoen.

Tekst gaat verder onder de video.

Dit zijn de topdocumentaires tijdens IDFA (+)

Al aan het agendaworstelen voor het komende documentaire festival IDFA? Onze filmredactie selecteerde met het oog op de voorverkoop alvast 23 hoogtepunten uit de 303 films die er te zien zullen zijn.

Laibach-bandlid Ivan Novak zegt het in Liberation Day van regisseur Morten Traavik heel eerlijk: 'Je wilt altijd ergens als eerste zijn, spelen op die witte plekken op de landkaart. En dat is misschien heel narcistisch.' Dus toen Laibach het voorstel werd gedaan eens te komen spelen in Noord-Korea, ter gelegenheid van de Noord-Koreaanse Bevrijdingsdag, dacht de band: gaan we doen.

Laibach moet onmiddellijk visioenen hebben gehad van vlaggen, marsmuziek en totalitaire parades. Precies de esthetiek waarmee de band vanaf begin jaren tachtig ook de eigen kunst optuigt. Want Laibach is een van de meest onbegrepen bands ter wereld. In de clips speelt de voorheen Joegoslavische band met fascistoïde beelden, met enge armgebaren, opgeschoren koppen, vlaggen, parades en boze dictators. Volgens critici omdat de Slovenen extreem-rechtse engerds zijn. Maar volgens Laibach zelf om de werkelijke dictators, zoals die in het voormalige Oostblok, een spiegel voor te houden. Maar toch ook, zo zei de Laibach-zanger Milan Fras eens, omdat de bandleden nu eenmaal een natuurlijke aandrang voelen om te marcheren.

Ze kunnen hun lusten volop botvieren in Pyongyang, is het idee. En de Noord-Koreanen zullen op hun beurt niet zo schrikken van de militante en persoonsverheerlijkende symboliek van Laibach - ze zijn daar wel wat gewend. Een klassieke win-winsituatie. Laibach gaat dus opgewekt op pad, gevolgd door een camerateam dat ze ook in Pyongyang zal volgen. 'Waarom hebben wij eigenlijk problemen met persoonsverheerlijking?', laat een Laibach-lid zich ontvallen in de tourbus. Laten wij ons in het Westen ook niet meevoeren in voetbalarena's en bij megalomane rockshows? De drang tot aanbidding zit in ieder mens, denkt Laibach. En met censuur is welbeschouwd ook niet zoveel mis. 'Iedereen censureert zich toch voortdurend in het dagelijks leven?', zegt Ivan Novak. 'Wij zijn allemaal Noord-Koreanen.'

Extreem-rechts of kunst?

Laibach maakt vanaf begin jaren tachtig zware, industriële 'artrock', op machinale marsritmes en naargeestig declamerende vocalen. De band, die in de beginjaren was verboden in Joegoslavië, speelt met fascistoïde en totalitaire beeldtaal en wordt daarom vaak versleten voor extreem-rechts. Volgens de liefhebbers, en dat zijn er veel, bedrijft de band multimediale kunst. Volgens musea wereldwijd ook: de band exposeert volop, en bandlid Ivan Novak gaf dit jaar nog een lezing in het Eindhovense Van Abbemuseum.

Maar dan, bij de eerste repetities in een concerthal die gebouwd had kunnen zijn door Albert Speer, komt de Noord-Koreaanse censuurcommissie binnen. Een man of dertig. En wordt al het werk van Laibach door de filter gehaald, van songteksten tot beelden in de videoprojecties en zelfs het hoofddeksel van de zanger ('te nazi-achtig'). En dan betrekken toch de gezichten. Wat volgt is een prachtige cultuurclash, die grappig is maar ook onthutsend en pijnlijk. De grootspraak van Laibach verdwijnt, om plaats te maken voor de welbekende westerse dwarsigheid. Als blijkt dat Laibach een ingestudeerd Noord-Koreaans popliedje over de geliefde vulkaan Paektu niet mag zingen omdat het publiek er volgens de censuurcommissie 'bang en angstig van zal worden', zegt de Laibach-zangeresMina Špiler: 'Nou, dan trek ik die Noord-Koreaanse jurk ook niet meer aan.' Een weerwoord, daar hadden de Noord-Koreaanse autoriteiten nog nooit van gehoord.

Een voor een worden de liedjes van Laibach van de setlist gekrast. De videobeelden bij de bekende Laibach-cover Life Is Life? Weg, te veel naakte sculpturen. En de bloemenprojecties bij het nummer Edelweiss moeten er ook uit. Volgens regisseur Traavik, die tevens optreedt als leider van het Laibach-in-Noord-Korea-project, omdat de beelden te veel lijken op een beroemde Noord-Koreaanse speelfilm genaamd Het Bloemenmeisje. 'Daar willen ze hier niet mee rotzooien.'

De hele onderneming schuurt, knarst en kraakt - jammer voor de band, maar fijn voor de documentaire. Uiteindelijk speelt Laibach toch nog een stuk of zes liedjes in Pyongyang. 'Een beetje een kort concertje', zegt de inmiddels flink verbitterde zangeres Mina Špiler.

Wie schiet hier nu eigenlijk wat mee op, vraag je je af na ruim anderhalf uur 'Laibach in Pyongyang'. Een ondervraagde Noord-Koreaan, na afloop van het concert, probeert zich wijselijk op de vlakte te houden: 'Er zijn allerlei soorten muziek. Wij weten nu dat ook deze muziek bestaat.' Waarmee hij het hele Laibach-concert, waarschijnlijk onbedoeld, in één zwaai neersabelt.

Maar voor Laibach doet het er niet toe. Zij hebben in Noord-Korea gespeeld, als 'eerste westerse rockband ooit'. Laibach schreef pophistorie.

Liberation Day
(Ugis Olte, Morten Traavik, NO/LV, 100 min.) Na de première, za 19/11, speelt Laibach na de vertoning van de film.

Tekst gaat verder onder de video.

Andere historische optredens

Metallica, Moskou 1991

De rook hing nog in de straten van Moskou, na de mislukte staatsgreep van communistische hardliners in augustus 1991. Maar de metal rammelde aan de poort. Op een vliegveld nabij Moskou stond in september het grootste rockcircus ter wereld Monsters of Rock gepland, en dat móést worden gevierd, met onder andere AC/DC en Metallica. De autoriteiten wilden het feestje voor de Russische jeugd niet verpesten na alle staatsgreepellende. Bij het concert van Metallica stond een geschatte 1,6 miljoen Russen voor het podium - een van de drukst bezochte concerten in de pophistorie.

Metallica schreef geschiedenis, maar het was niet genoeg. In 2013 speelde de band als eerste grote rockband ooit op Antarctica, voor wetenschappers en een handvol fans.

Tekst gaat verder onder de video.

The Wall, Berlijn 1990

De muur was net gevallen en Roger Waters wilde The Wall van zijn Pink Floyd graag opbouwen en óók weer afbreken op de meest beladen muurplek ter wereld. In 1990 trok het circus van The Wall naar het desolate terrein tussen de Potsdamer Platz en de Brandenburger Tor, met grote piepschuimen muurblokken en heel veel figuranten en gastzangers.

Het moest een historisch concert worden en dat werd het ook. Al was het maar omdat de 350 duizend toeschouwers als vee in een omheining werden gedreven en vervolgens uren moesten wachten zonder drinken of een toilet binnen handbereik. Het herenigde Berlijn moest nog even wennen.

Tekst gaat verder onder de video.

Bob Marley-herdenking, Ethiopië, 2005

Bob Marley (1945-1981) speelde zelf nogal wat historische concerten, bijvoorbeeld in Zimbabwe in 1980. Maar zijn weduwe Rita had ook nog wat plannen. In februari 2005 zou Marley 60 zijn geworden, en dat wilde Rita vieren in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba. Omdat Bob Marley en alle Rastafari's Ethiopië nu eenmaal zagen als heilige grond - iets waar de Ethiopische autoriteiten helemaal niets van begrepen. Desondanks kwamen op 6 februari 2005 naar schatting 200 duizend mensen bijeen op het Meskel-plein van Addis Abeba, voor een uiterst gespannen concert van een aantal Marley-zonen en een handvol Afrikaanse artiesten. Het was het eerste grote popconcert in Addis Abeba, en dat was te merken. De bezoekers werden geslagen met de lange lat en op de daken van de kantoorgebouwen rond het plein lagen scherpschutters met het geweer in de aanslag. Historisch en doodeng.

Tekst gaat verder onder de video.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.