'Wij vertegenwoordigen de Israëliërs die verandering willen'

Interview Ohad Naharin

Choreograaf Ohad Naharin houdt niet van uitleg, vindt dat de dans voor zich moet spreken. De lading van de stukken, kritisch over zijn land Israël, haalt het publiek er toch wel uit.

Last Work van Batsheva Dance Company uit Israël. Beeld Gadi Dagon

Hij komt uit een land in conflict, Israël, dus zal zijn werk daarvan wel sporen vertonen. Geen wonder dat de choreografieën van Ohad Naharin (63) vaak politiek worden uitgelegd. Het geldt zeker ook voor zijn Last Work, vanaf zondag te zien in Amsterdam, opgevoerd door Naharins wereldberoemde dansgezelschap Batsheva Dance Company.

Naharin zelf heeft er allemaal weinig boodschap aan. Hij geeft überhaupt niet graag tekst en uitleg. 'Daarom staat ook nooit uitleg in mijn programmaboekjes', zegt hij na de wereldpremière begin december in Tel Aviv. 'Interpretaties gaan al snel ten koste van de fantasie en het eigen universum van een stuk. Natuurlijk kun je een link zien met mijn ideeën over Israël, over de Israëlische politiek. Prima. Maar zo'n concrete referentie stoort het ervaren, het intens beleven van de voorstelling.'

Dat mag zo zijn, maar Last Work geeft - sorry, Naharin - ook meer dan ooit aanleiding de dans te 'lezen' als verhaal over Israël. Permanent horen we een onheilspellende, sonore brom en rent een vrouw in een blauwe jurk op een hardloopband. Naharin wil 'haar kracht, haar schoonheid' benadrukken en het beeld op zich: 'Kijk naar haar zoals je kijkt naar een zonsondergang of ruikt aan een bloem. Dat is bijzonder genoeg en heeft geen verdere betekenis nodig.'

Symbolische items

Maar je ziet natuurlijk ook iets minder moois: iemand die ondanks haar inspanningen geen stap vooruit komt. Zoals er ook nog steeds geen oplossing in zicht is in het Israëlisch-Palestijnse conflict, denk je dan toch snel.

Ondubbelzinniger is het gebruik van sterk symbolische items als een geweer, een afzettingslint en een witte vlag. Of wat te denken van de tape waarmee de dansers aan het eind van de voorstelling aan elkaar zijn 'geklonken'? Zonder bewegingsvrijheid, tot elkaar veroordeeld. Hoe diep gezonken kan een staat zijn als dit het lot is van zijn burgers? Naharin koos de titel Last Work 'omdat die niets prijsgeeft over de inhoud, bijna als een naam, maar tegelijkertijd wel dramatisch klinkt'. Die belofte van drama wordt ruimschoots ingelost.

Het blijft een dilemma. Hoe hard Naharin de autonome waarde van zijn kunst ook probeert veilig te stellen, van politiek lijkt hij nooit los te komen. Niet alleen 'gijzelen' politieke interpretaties zijn werk, politiek houdt hemzelf ook bezig. Hij is kritisch over de situatie in Israël. 'De Palestijnen wordt onrecht aangedaan. Zelf woon ik in Tel Aviv, een fantastische, beschermde plek, waar mijn passie en verbeelding alle vrijheid hebben. Maar de meeste Israëliërs weten niet dat 30 kilometer verderop, uit het zicht, de onschuldige slachtoffers van Israëls machtsmisbruik wonen.'

Emigreren is geen optie

De Israëlische choreograaf Ohad Naharin (1952) is kritisch over de politiek in zijn land, maar weggaan is geen optie. Hij werkte weliswaar ruim tien jaar in New York voor hij in 1990 artistiek leider werd van Batsheva Dance Company, de groep waar hij zijn danscarrière begon en door de Amerikaanse moderne danspionier Martha Graham werd gescout. Maar aan zijn vrije kinderjaren in Kibbutz Mizra heeft hij zijn sterkste herinneringen. 'Ik ben erg verbonden met het kind in mij - mijn absolute leeftijd is 5 - en dus met Israël.' Hoewel zijn moeder danste en choreografeerde, koos Naharin pas op zijn 22ste voor dans. In militaire dienst was hij ingedeeld bij een entertainmentgroep waarin hij zong, gitaar speelde en danste.

In de documentaire die in 2015 over hem is gemaakt - Mr. Gaga, verwijzend naar zijn instinctieve dansstijl - zegt Naharin dat Last Work zijn laatste werk zou kunnen zijn, 'omdat hij leeft in een land vol racisten, bullebakken, fanatiekelingen, onwetenden'. Nu zegt hij: 'Ik ben niet van plan te stoppen met choreograferen, maar deze regering is slecht voor onze samenleving, dus wie weet waar het nog heengaat.'

En dan is er nog de politiek zelf: ook die annexeert het werk van Naharin. Voor de Israëlische overheid is zijn dynamische, internationaal geliefde Batsheva Dance Company, nu 25 jaar onder zijn leiding, een visitekaartje in het buitenland. 'Goed om Israël in een positief daglicht te stellen.' Voor de internationale pro-Palestijnse beweging BDS, die protesteert bij veel theaters waar Naharin komt, is Batsheva, het grootste dansgezelschap uit Israël, de belichaming van het kwaad. Zij willen een boycot van Israël en dus ook van Naharin, die overigens voor zeventig procent op eigen inkomsten draait. 'Als het de Palestijnen hielp, zou ik mijn eigen voorstellingen boycotten. Dat heb ik ze ook gezegd. Maar wij vertegenwoordigen de groep mensen in Israël die verandering wil. Dus wij moeten juist blijven dansen.'

Kleine rustpunten

Oorspronkelijk zou Last Work anders heten: The baby, the ballerina, the executioner. Die thema's zijn als startpunt voor het scheppingsproces gebruikt, als kaders voor de improvisaties waarmee Naharin werkt. Uit zijn mond zal het niet komen, maar opvallend is natuurlijk dat de baby staat voor onschuld, de ballerina voor schoonheid en de beul voor vernietiging - van die onschuld en schoonheid, zo je wilt.

Naharin geeft een andere motivatie: 'Baby's, ballerina's, beulen: alle drie behoren ze tot eenzelfde universum. Overal ter wereld vind je ze, ze zijn niet gebonden aan grenzen, culturen of religies. Dat spreekt mij aan.'

Het is als met de vier wiegeliedjes die tijdens de voorstelling live worden gezongen, kleine rustpunten in een onrustbarende show. Het idee om ze te gebruiken - Naharin is vader van een dochter van 6 - was er vanaf het begin, net als het beeld van de rennende vrouw.

Ohad Naharin. Beeld Gadi Dagon

'Wiegeliedjes zijn heel persoonlijk, maar elk land en elke cultuur heeft ze en ze klinken overal een beetje hetzelfde. Vreselijke ouders zingen ze, aardige ouders zingen ze. Ze overstijgen karakters én het nationaal-geografische. Om dat te versterken heb ik gekozen voor liedjes in het Roemeens: een relatief onbekende taal, die voor de meeste mensen niet goed thuis te brengen is. Maar daardoor klinkt het universeel. Het is precies hoe ik mijn werk het liefst benader.'

Last Work, 15/5, 16/5, en op 16/5 een ingelaste voorstelling om 17 u in de Stadsschouwburg van Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.