'We zijn nog even afhankelijk van 'onbetrouwbare' landen als in 1973'

Poetin is boos en het Midden-Oosten staat in brand. Het is weer tijd om te zwelgen in een oud trauma: onze afhankelijkheid van onbetrouwbare energieleveranciers. De laatste keer was in 1973. Het jaar van de olieboycot van Saoedi-Arabië, Irak en Koeweit tegen Nederland en andere vrienden van Israël. Van autoloze zondagen, benzinerantsoenering en premier Den Uyl die zei: 'De wereld van voor de oliecrisis keert niet terug.' Dat klopt niet. Op een vleugje duurzame energie en een snufje Noordzee-olie na, zijn we nog even afhankelijk van 'onbetrouwbare' landen voor onze energie als toen.

Kinderen rolschaatsen en fietsen op de snelweg tijdens een autoloze zondag. Beeld anp

VVD-Kamerlid Mark Verheijen noemt 'de huidige ontwikkelingen een wake-upcall voor Europa om minder afhankelijk te zijn van de Poetins en ayatollah's van deze wereld'. D66-Kamerleden Stientje van Veldhoven en Sjoerd Sjoerdsma hielden een pleidooi om Nederland in tien jaar onafhankelijk te maken van Russisch gas. Te bereiken door vloeibaar gemaakt (schalie)gas te kopen van Amerika en het Midden-Oosten en door windmolens en andere duurzame energiebronnen gas te laten produceren uit water en groene stroom. Vooralsnog is dat onhaalbaar. Waterstofgas uit windmolens staat nog in de kinderschoenen, en van een overschot van groene stroom is voorlopig geen sprake.

Aan Amerikaans gas hangt een fors prijskaartje. Het moet worden omgezet in LNG dat in schepen kan worden vervoerd. In Europa moet dure infrastructuur worden aangelegd. Dat maakt LNG ongeveer twee keer zo duur als Russisch gas. Bovendien kunnen de goedkope Amerikaanse schaliereserves binnen tien jaar zijn opgedroogd.

Energieonafhankelijkheid is niet te koop bij de olie- en gashandelaar. Investeringen in infrastructuur voor olie en gas gaan ten koste van investeringen in duurzame energiebronnen die Europa en Nederland écht onafhankelijk kunnen maken. Dat is niet de bewering van een maffe milieuclub, maar van het Internationaal Energie Agentschap IEA, de best ingevoerde energieadviseur ter wereld.

In december 1973 kondigde premier Den Uyl een rantsoenering van benzine aan. Benzinebonnen konden worden afgehaald bij het postkantoor. Beeld anp

Volgende afslag
Net als veertig jaar geleden is de Nederlandse economie nog steeds extreem afhankelijk van fossiele brandstoffen; méér dan vrijwel alle andere landen die bij de IEA zijn aangesloten. Een kwart van ons energiegebruik komt voor rekening van de energie-intensieve industrie: chemie, wegvervoer, glastuinbouw en voedingsmiddelenindustrie.

Dat kan anders. Nederland zou in 2050 een energievoorziening kunnen hebben die 80 procent minder broeikasgas uitstoot, blijkt uit diverse onderzoeken. De weg erheen verschilt per initiatief, maar kiest bij de volgende afslag in elk geval niet voor fossiele energie. Het ene plan (van Greenpeace) zet in op zon, wind, energiebesparing en neemt afscheid van de energie-intensieve industrie. Het andere (van het Planbureau voor de Leefomgeving en Energieonderzoek Centrum Nederland) kiest naast zon, wind en besparing ook voor biomassa, opslag van CO2 in de bodem en een nieuwe generatie kerncentrales.

Dat Poetin en de ayatollah's dat niet leuk vinden, is bijzaak.

Een kolencentrale op de Maasvlakte. Net als veertig jaar geleden is de Nederlandse economie nog steeds extreem afhankelijk van fossiele brandstoffen. Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.