Reportage

'We zijn altijd onderweg naar de dood, maar we zijn één'

Wie zijn de White Helmets?

Ondanks de aangekondigde gevechtspauze blijven de bommen op Aleppo vallen. Voor slachtoffers is er vaak maar een redding: de White Helmets. Wie zijn zij?

Reddingswerkers van White Helmets halen begin vorige maand in Aleppo de lichamen van kinderen uit de resten van een gebombardeerd gebouw. Beeld AFP

Twaalf stoere kerels zitten om een tafel in een appartement in een buitenwijk van het Oost-Turkse Gaziantep. Vraag: hoe gaan ze die gedoneerde auto's en bulldozers straks de Turks-Syrische grens over krijgen? De één is eigenlijk leraar Engels, een ander werkte eerder als elektromonteur. Nu is het opgraven van gewonden hun specialiteit.

Welkom bij de White Helmets, de vrijwilligersorganisatie die gewone Syriërs opleidt om na elk bombardement zo veel mogelijk gewonde landgenoten onder het puin vandaan te graven en naar ziekenhuizen te vervoeren. Volgens hun eigen tellingen hebben zij in drie jaar tijd 56 duizend zielen voor de dood behoed.

'Elke reddingsoperatie is emotioneel'

Ismail Alabdullah (29) sloot zich ruim drie jaar geleden aan bij de White Helmets. Via Skype vertelt hij over zijn ervaringen in het belegerde Aleppo.

In de zware slag om Aleppo die op dit moment wordt gestreden, zijn de vrijwilligers van de White Helmets vaak de enige hoop van de slachtoffers die na bombardementen brandwonden oplopen of onder brokstukken terechtkomen. De Syrian Civil Defense, zoals de officiële naam van de White Helmets luidt, telt zo'n drieduizend reddingswerkers - gewone burgers, die door de organisatie zelf zijn getraind in onder meer EHBO.

In december doneerde Nederland 4 miljoen euro voor onder meer het opleiden van vrijwilligers. Volgens minister Koenders van Buitenlandse Zaken zijn deze 'helden die een lichtpuntje vormen in de verder zo complexe en duistere situatie' een voorbeeld van 'het goede in de mens'.

In het Turkse Gaziantep, net over de Syrische grens, komen regioleiders maandelijks bij elkaar voor een strategische vergadering. De White Helmets houden hier kantoor in een voormalige woning in een non-descript flatgebouw in een buitenwijk. De locatie is geheim - je weet maar nooit wie het op hen heeft gemunt. 'Onze uitvalsbases zijn nu ook al doelwit voor gerichte aanslagen van het regime', zegt directeur Raed al Saleh (39). In het voorjaar kwamen door een raket op een White Helmets-locatie in Aleppo vijf van zijn mensen om het leven. De White Helmets raakten in totaal al 131 reddingswerkers kwijt door instortend puin en aanslagen.

Verkoold

Na de vergadering wil Al Saleh wel vertellen hoe hij er in 2013 toe kwam de White Helmets op te richten. Zijn kalende hoofd staat vermoeid en zijn stem klinkt monotoon, alsof hij elk moment in slaap kan vallen. 'Mijn leven is een warboel momenteel', verklaart hij. Hij vliegt van hot naar her om zijn mensen aan te sturen, nieuwe donaties binnen te halen, strategisch overleg te voeren.

Al Saleh komt uit Jisr ash-Shugur, een stadje in het noordwesten van Syrië, waar hij werkte als verkoper van elektronica. Toen de revolutie in 2011 op stoom kwam, ging ook hij de straat op om te demonstreren tegen het totalitaire regime. Die protesten werden beantwoord met heftige aanvallen en later een bezetting door het regeringsleger. Net als veel landgenoten vluchtte Al Saleh naar Turkije. 'Ik begon te werken in het vluchtelingenkamp', zegt hij. 'Ik deelde voedsel en kleding uit.' Later, toen de rebellen zijn provincie weer in handen kregen, keerde hij terug om hulp te verlenen in Syrië, op het platteland van Idlib, waar nauwelijks medische zorg beschikbaar was. 'We vervoerden de zwaarst gewonden naar Turkse ziekenhuizen. De eerste locatie van de Syrian Civil Defense begonnen we in Yakoubiya, een christelijk dorpje. Later kwamen er meerdere centra bij.'

Raed Al Saleh, oprichter White Helmets. Beeld Cigdem Yuksel

Hij vertelt het alsof het volkomen vanzelfsprekend is dat hij er als eenvoudige verkoper zijn dagtaak van heeft gemaakt om met gevaar voor eigen leven lijken uit te graven en gewonden bij elkaar te rapen. Dit is zijn manier om iets te doen voor zijn land, legt Al Saleh uit. 'Ik kan me niet voorstellen dat ik ooit een wapen zou oppakken om iemand te doden. Dit is wat ik wel kan doen voor mijn geboortegrond, dit is wat bij mij past.'

Een van de meest dramatische momenten die Al Saleh zich uit die beginperiode herinnert, was op de dag van het offerfeest in 2013, toen 's ochtends op een drukke markt in Darkoush een auto tot ontploffing werd gebracht. 'Ik stond voor een ingestorte supermarkt te schreeuwen: is hier nog iemand? Alle stellingen waren ingestort. Er reageerde niemand. Maar ik voelde dat er nog iemand moest zijn. We zijn gaan zoeken. Op een gegeven moment vonden we een kind van een jaar of zes, zijn lichaam helemaal verkoold. Dat beeld, dat is het ergste wat ik ooit heb gezien.'

'We stonden die dag alleen maar lichaamsdelen te verzamelen, leek het wel. Er waren amper auto's of ambulances om gewonden te vervoeren, daardoor zijn veel mensen onnodig overleden. Ik was na dat incident een beetje overspannen. Mijn taak moet meer zijn dan alleen maar lichaamsdelen bij elkaar rapen, dacht ik.'

Training

Later ontstaat er contact met soortgelijke groepen vrijwillige reddingswerkers in de regio van Aleppo. 'We waren allemaal met hetzelfde bezig, maar niemand kende elkaar', zegt Al Saleh. 'In 2014 hebben we besloten er één organisatie van te maken, met als streven in elke provincie een afdeling. Omdat ik al ervaring had met hulpverleningswerk in Turkije, werd ik gekozen tot hoofd van de organisatie.'

Intussen zijn de White Helmets beter toegerust voor hun werk en krijgen ze donaties uit heel de wereld. Het jaarbudget ligt rond de 50 miljoen euro. Naast Nederland steunen de Amerikaanse en Britse overheid de reddingswerkers, in de vorm van trainingen of door donaties van ambulances, brancards, of graafmachines.

'We hebben een goede naam opgebouwd, veel Syriërs willen bij ons horen', zegt Al Saleh. 'Maar we kunnen niet meer mensen aannemen dan dat we opleidingsplekken hebben.'

Nieuwe leden krijgen training in EHBO-beginselen. Ook leren ze gewonden veilig onder puin vandaan halen en vervoeren. Daarna zijn er nog gespecialiseerde trainingen in Jordanië en Turkije, in bijvoorbeeld branden blussen of lijken vervoeren.

Niet iedereen kan zich bij de White Helmets aansluiten. Je moet gezond zijn en tussen de 18 en 30 jaar. 'En we eisen dat je niet aangesloten bent bij een van de gewapende partijen in het conflict', zegt Al Saleh. 'De White Helmets zijn neutraal. Wij helpen iedereen. We hebben ook weleens een Afghaanse huurling van het regime onder het puin vandaan gehaald. Die brengen we ook naar het ziekenhuis.'

Toch is niet iedereen van die neutraliteit overtuigd. Aanhangers van het Syrische regime beschuldigen de White Helmets van banden met terroristische groeperingen als Jabhat Fatah al-Sham (voorheen Al Nusra, onderdeel van Al Qaida). Op sociale media worden foto's gedeeld van White Helmets die wapens zouden dragen. De speculaties werden nog eens stevig aangewakkerd toen oprichter Al Saleh in april om onduidelijke redenen de toegang tot de VS werd geweigerd. Hij was nota bene uitgenodigd om in Washington een humanitaire prijs in ontvangst te komen nemen, maar werd teruggestuurd naar Turkije.

'Het regime heeft vanaf het begin geprobeerd de naam van de Syrische revolutie te schaden', zegt Al Saleh. 'Deze beschuldigingen zijn een voorbeeld daarvan. Ik denk dat mensen die deze beweringen doen niet kunnen uitstaan dat we succesvol zijn in wat we doen. Dat ze ons daarom zwart willen maken.'

Hij wijst op de vitrinekast in het kantoor, waarin allerlei humanitaire onderscheidingen staan die de White Helmets ontvingen. 'Assad heeft gezegd dat wij terroristen zijn. Die prijzen laten zien dat hij internationaal niet serieus wordt genomen.' De organisatie is voorgedragen voor de Nobelprijs voor de Vrede van 2016.

Ammar Salmo, regioleider White Helmets. Beeld Cigdem Yuksel

Hoop

In het appartementencomplex in Gaziantep pakken de regioleiders hun tassen in, klaar om weer de grens over te steken naar Syrië, terug de oorlog in. Ammar Salmo (31), een vriendelijke reus in witte linnen blouse die een locatie in Aleppo coördineert, heeft daarover weer een moeilijke discussie moeten voeren met zijn vrouw. Zij verblijft met hun twee kinderen (2 en 1 jaar) in Turkije. 'Ze vraagt steeds: je zit hier veilig, waarom ga je terug?'

Toch, hij kan zijn landgenoten niet achterlaten. Hij frommelt met zijn zakdoek als hij vertelt over het jongetje dat hij aantrof na een bominslag, levend verbrand. 'Later kwam ik zijn moeder tegen die haar zoon zocht. Ik kon haar het nieuws gewoon niet vertellen. Ik wist dat haar zoon in een van de lijkzakken zat, maar ik heb haar verteld dat ze naar het ziekenhuis moest gaan, dat hij daar misschien was.'

Salmo vertelt dat hij soms amper kan eten. 'Geestelijk doet alles pijn. Het enige dat helpt is de onderlinge vriendschap. We zijn altijd onderweg naar de dood, maar we zijn één.'

Hij zou zijn reddingswerkers graag psychologische begeleiding willen geven, zegt directeur Al Saleh, maar daarvoor is er nu geen geld en geen tijd. 'Het is zwaar, telkens weer die lichaamsdelen zien. Toch vind je in het werk ook weer de kracht om door te gaan. Vorige week hebben jongens in Aleppo na een dag van graven en nog meer graven, een jongetje van één levend onder het puin vandaan gehaald. Dat geeft hoop. Ondanks alle moeilijkheden is er altijd die kans dat je leven vindt tussen de dood. Dat is onze motivatie om door te gaan.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.