'Vroeger durfde ik niks, was ik een tweederangs havoklant'

Interview

Interviewer Twan Huys (51) kan alles, lijkt het wel. Onlangs verscheen zijn nieuwste boek, over de familie Clinton.

Foto Anne Claire de Breij

'Vergeet je niet een bonbon voor me mee te nemen?, grap ik in de mailwisseling voorafgaand aan dit interview, refererend aan Telegraaf-journaliste Wilma Nanninga die geïnterviewden adviseert altijd een smakelijke anekdote of spannend nieuwtje mee te brengen.

Als we eenmaal tegenover elkaar zitten, trekt Twan Huys met een blij hoofd een chocoladehartje op een lollystokje uit zijn tas. 'Ik moest toch een bonbon voor je meenemen?', zegt hij nietsvermoedend. Eenmaal ingelicht blijft hij zich gedurende het hele interview vermaken over het misverstand.

Ook tovert hij zijn onlangs verschenen boek De Clintons tevoorschijn. 'Voor de beste interviewer van het land', heeft hij voorin geschreven. Geen sarcastische grap, bezweert de man die zelf juist door velen wordt gezien als 's lands beste gespreksleider. Eigenlijk is de enig mogelijke smet op zijn blazoen de aflevering van College Tour met Willem Holleeder. Maar daarom heeft de tot in de puntjes voorbereide presentator nog iets in zijn tas: een recensie uit Het Parool. De zin 'de uitzending was informatief en spannend, zonder dat de omstreden gast op een voetstuk werd gezet', is met een fluorescerende stift gemarkeerd. 'Het verhaal is heel simpel', zegt Huys. 'Holleeder was op dat moment een vrij man en als journalist ben je niet verantwoordelijk voor de daden van je geïnterviewde. Ik sta er nog steeds voor de volle honderd procent achter.'

Foto Anne Claire de Breij

CV Twan Huys

24 maart 1964 Geboren in Sevenum.
1983 School voor Journalistiek in Tilburg.
1986 STAD RADIO Amsterdam.
1989 VARA-radio.
1991 Achter het Nieuws (VARA).
1992 NOVA.
1999 Correspondentschap VS.
2007 College Tour.
2010 Nieuwsuur.

Als presentator weet je wat een goed interview is. Maakt dat jou een makkelijker te interviewen persoon?

'Nee, niet per se. Het mooiste vind ik het als er in een interview iets gebeurt dat je nog nooit hebt gehoord, waardoor je wordt verrast. Maar dat laat zich lastig sturen. Ik had het een keer met actrice Susan Sarandon. Ik had haar eerder geïnterviewd tijdens een demonstratie tegen de Irak-oorlog van George W. Bush. Dat fragmentje had ik meegenomen om te laten zien dat we elkaar al kenden. Toen ze het zag, zei ze dat dat een verschrikkelijk moment was. 'Ik was heel goed met de brandweermannen van New York, maar toen ik me uitliet tegen die oorlog, keerden die mensen zich tegen me. Ze scholden me uit voor cunt en whore. Zelfs op momenten dat ik gewoon mijn kindje de borst aan het geven was, werd ik stijf gescholden omdat ik een landverrader was.' En toen begon ze te huilen. Dat was helemaal niet de inzet van dat fragment geweest, maar dat gebeurde.'

Denk jij dan: joepie?

'Dan denk ik wel: dit is heel mooi, ja. Tuurlijk. Maar soms gebeurt ook het tegenovergestelde hoor. Bij het interview met Anouk in College Tour hadden we stiekem twee mensen in de zaal gezet die haar kenden uit de tijd dat zij nog als een zwerfkat in een opvanghuis zat, die ineens een liedje voor haar gingen spelen. Anouk rende naar ze toe en omarmde ze. Toen ze kwam teruglopen, zei ze: 'Je had me bijna te pakken! Ik ging bijna huilen, maar het is je niet gelukt!' En toen draaide ze het om, dat was briljant, en zei ze: 'Je bent zelf geëmotioneerd, jij zit met tranen in je ogen!' En daar had ze gelijk in, haha! Anouk heeft ons lang laten wachten. Vier jaar zijn we bezig geweest om haar te krijgen. Ik heb briefjes en een boek in haar brievenbus gestopt. En het was het meer dan waard. Het was geweldig. Ze was als een fles wijn die lang op het rek heeft gelegen.'

Je zat er verliefd bij.

'Ik was op dat moment ook verliefd op haar. Het is lastig te beschrijven, maar toen zij na afloop twee liedjes van haar nieuwe cd zong, kreeg ik het echt heel warm. Mijn hart stond bijna stil. Zij is zo'n onwaarschijnlijke kunstenares. Dat ene liedje, Looking for love, heeft ze later nog een keer bij Humberto Tan gedaan. Maar toen had het niet meer dezelfde magie. Dat kwam door het figuurlijke voorspel.'

Wat is jouw grootste prutinterview?

'Dat met de Dalai Lama, dat is echt het slechtste dat ik ooit heb gedaan. Wat zijn entourage heel goed doet, is jou het gevoel geven dat jij the chosen one bent die Gods plaatsvervanger op aarde mag interviewen. Wat ze je niet vertellen, is dat Rick Nieman hem twee dagen voor jou interviewt en dat Paul Rosemöller net bij hem op bezoek is geweest in India. Ik zat er bij met het idee verlicht te worden, maar hij kwam niet verder dan de Succesagenda. En hij predikt dan wel de dialoog, maar hij hield een monoloog. Toen een student met een goede vraag kwam, antwoordde hij: 'Silly question, next question.' En ik reageerde daar niet op. Pas toen die jongen zijn vraag nog een keer stelde en de Dalai Lama weer reageerde met: 'Silly question, next question', zei ik dat het helemaal geen domme vraag was, en dat de student een antwoord verdiende. Pas toen draaide hij zich naar me om en keek me verbaasd aan, van: hè? Wat doe jij nou? Je bent het niet met mij eens? Het duurde veel te lang voordat ik door mijn respect voor hem heenbrak en ik hem gewoon streng begon te interviewen. Dat verwijt ik mezelf. Als je iemand bewondert en ontzag hebt voor zijn positie, ben je verloren als interviewer.'

Is het vaker gebeurd dat je door iemands imago werd geïmponeerd?

'Ja, zeker. Als stagiair van een omroep in Limburg mocht ik ooit zangeres Chrissie Hynde interviewen. Ik raakte volkomen van mijn à propos, viel gewoon om van bewondering. Ik durfde geen vraag meer te stellen omdat zij supercool was. Ik was 18, zij een superster. Na afloop zei ze: 'Would you like to try this again?' Want zij wist ook dat het een shitinterview was. Er stonden twee KRO-diskjockeys van radio 3 buiten te wachten, en zij zei tegen hen: 'Piss off', waarna ik weer een kwartier kreeg. Uiteindelijk liep ik helemaal in de wolken naar buiten, waar die twee dj's me kwaad begroetten met: 'Godverdomme lul, je hebt onze interviewtijd afgepakt.' Ik dacht: kan mij het schelen. Ik heb de ervaring van mijn leven.'

Dat leven begint voor Twan Huys 51 jaar geleden in het Limburgse Sevenum, en later Horst. Met een vader die Engelse les geeft aan de lts, een moeder die het gezin bestiert en een drie jaar oudere zus. Het is een gezellige, harmonieuze jeugd met lange vakanties. Alleen op school gaat het niet zo goed. Na de brugklas wordt hij van de havo teruggezet naar de mavo, iets wat hij volgens zijn zus Peet verschrikkelijk vond.

Waarom?

'Die mavo lag in het dorp waar mijn vader leraar was, alle docenten kenden mij. Plotseling stond ik onder curatele, want hij had tegen die mensen gezegd: 'Hou hem in de gaten. Als zijn werk onder de maat is, sein me dan even in.' Hoewel ik mijn vader in die tijd weleens heb vervloekt, ben ik achteraf blij dat hij op cruciale momenten heeft ingegrepen. Daardoor moest ik wel werken en werd ik gedisciplineerd, want dat was ik niet.'

Je belt je vader na elke Nieuwsuur-uitzending die je hebt gepresenteerd. Hij vergezelt je dan tijdens de nachtelijke autorit van Hilversum naar Amsterdam, en geeft eventueel kritiek.

'Ja, dat is ontstaan toen ik in Amerika woonde en ik hem steeds belde om te checken of mijn item wel was uitgezonden. Dan ontstond er een gesprek en dat is een traditie geworden. Mijn ouders zijn totale nieuwsjunkies, veel meer nog dan ik. Ik heb mijn vader weleens gevraagd waarom hij niet ambitieuzer is geweest, waarom hij altijd leraar is gebleven. Toen zei hij dat hij had gezien dat mensen die de verantwoordelijkheid wilden hebben, die de macht naar zich toetrokken, daar over het algemeen heel ongelukkig van werden. Hij koos liever voor andere dingen, voor vrije tijd, voor zijn tuin, voor vakanties met ons. Toen ik jong was, vond ik dat raar. Nu vind ik dat juist heel verstandig. En nou ga jij mij zeker vragen waarom ik dat zelf dan niet doe?'

Geruit colbert met grijze polo en Colbert: Boss, Polo: Karl Lagerveld Foto Anne Claire de Breij

Inderdaad. Jij bent juist bloedfanatiek in je werk geworden.

'Ik zou die woorden zelf niet kiezen. Ik vind mijn werk geweldig en ik ga er met diepe passie in. Alleen in de ogen van anderen is het af en toe misschien een obsessie, haha.'

Je eindredactrice Marij Janssens, met wie je al 23 jaar samenwerkt, vertelt dat je altijd 'aan' staat. 'Twan gaat maar door, door en door.' Toen jullie na een interview met Desi Bouterse aan de bar hingen, en Bram Moszkowicz ineens met Bouterse ging dansen, was jij degene die direct een cameraatje pakte, op een gewiekste, terloopse manier toestemming vroeg en begon te filmen.

'Ja, natuurlijk, tijdens een dienstreis sta ik elke seconde aan. En de cameraman had iets te veel gedronken en was al naar bed gegaan. Hij had alleen een kleine camera achtergelaten. Ik had voor de zekerheid nog gevraagd waar de aan-knop zat - ik ben heel slecht met apparatuur. Maar het was wel een moment, geef ik toe: een advocaat die met zijn cliënt My way zingt.'

Toen Marij een helse bevalling van drie dagen had beleefd, en jij op kraamvisite kwam, wierp je een halve blik op de baby om vervolgens onafgebroken over de verdwenen fotorolletjes in Srebrenica te praten.

'Haha! Dat is een goeie. Ja... dat gaat wel ver. Godsamme. Maar het is zeker waar. Ik heb dat wel, ja. Iemand heeft weleens tegen mij gezegd: 'Als jij een boek schrijft, begint dat als een hobby, dan wordt het een passie en het eindigt in een obsessie'. Als ik me ergens in stort en ik ruik dat er nog meer te halen is, dan kan ik het niet loslaten. Ook niet als ik met een bos bloemen bij dat kind sta van een geweldige collega en vriendin.'

'En dan loopt hij er ook nog marathons bij', zei ze.

'Bij die marathons vind ik het gewoon spannend om te kijken wanneer ik mijn grens heb bereikt. Dan denk ik: ik ga het nog een keer doen, in New York, om te kijken of ik nog sneller kan worden.'

Toen ik je zus vroeg waar ik bij jou op moest doorvragen, noemde ze je balans.

'Wanneer is het goed genoeg? Hoe ver wil hij in zijn werk gaan? Wanneer krijgt hij meer rust en aandacht voor andere dingen? Twan ziet en leest alles, is altijd bezigbezigbezig. Hij is zó gedreven, en doet er alles aan om de positie die hij heeft bereikt vast te kunnen houden.' Voel jij die spanning in jouw balans dan helemaal niet?

'Nee. Totaal niet. Ik vind het gewoon allemaal zo ontzettend leuk om te doen! Can't help myself. Ik wil dat boek over de Clintons schrijven, dus dat ga ik dan ook doen. En natuurlijk gaat het een ten koste van het ander. Als je de helft van je vakantie opoffert aan het schrijven van een boek, dan lig je de helft minder met elkaar in het zwembad met een bal. Maar het is wel zo dat toen het boek af was, ik het heb opgedragen aan mijn kinderen.'

Boeken

Ik ben een New Yorker,
Dertien meesters en één crimineel,
Over Geluk en De Clintons.
De Clintons is onlangs verschenen bij uitgeverij Prometheus, € 19,95.

Huys heeft een dochter en een zoon met de van oorsprong Britse Cheryl, met wie hij sinds 2009 is getrouwd.

Die zijn 7 en 9, wat beleven die daar nou aan?

'Dat vind ik zelf leuk, ik ben ook samen met mijn zoon naar de uitgever gegaan om het boek op te halen. Hij zei toen wel: 'Fijn, dan kunnen we voortaan in de vakantie gaan zwemmen'. Dat was wel een moment waarop ik dacht dat ik maar niet heel snel weer een boek moest gaan schrijven. Maar af en toe gaan dingen met me aan de haal.'

Grijs kostuum met zwarte coltrui: Pauw mannen. Schoenen: van Twan zelf Foto Anne Claire de Breij

Klaagt je vrouw weleens?

'Heel soms trekt ze een wenkbrauw omhoog. Maar over het algemeen snapt zij het juist. Zij heeft vroeger zelf een professionele carrière als balletdanser gehad en daar geldt op een nog extremere manier dat je het alleen haalt als je all the way gaat. En het is ook niet zo dat ik er nooit ben. Ik ben vooral 's avonds weg, dan liggen de kinderen in bed. Ik heb een horecabaan. Maar ik ben er altijd om ze naar school te brengen.'

Is Cheryl jouw Hillary?

'Haha Nee. Nee! Hoe kan je dat vragen?'

In de zin dat zij je tot grotere hoogtes laat vliegen.

'Dat laatste is wel waar, maar het is niet mijn Hillary. Ik heb haar ook nooit bedrogen. Maar ze heeft me zeker behoed voor valkuilen.'

Welke dan?

'Hm... velen.'

Lekker specifiek...
'Jij hebt je bonbon al aan het begin van het interview gekregen.'

In je boek gaat het veel over het feit dat Bill Clinton maar moeilijk zijn broek aan kan houden. Zoals wel meer mannen in soortgelijke posities die neiging hebben. Merk jij dat dat moeilijker wordt als je bekendheid stijgt?

'Nee, totaal niet. Aan Bill Clinton is steeds de vraag gesteld waarom hij nou juist viel voor Monica Lewinsky, volgens Witte Huis-insiders niet bepaald de meest aantrekkelijke stagiaire die er rondliep. En toen zei hij, en dat vond ik het meest briljante antwoord ooit, 'because I could'. Maar daar is niet iedereen ontvankelijk voor. Want waarom valt Barack Obama daar niet voor? Volgens mij omdat die een heel leuke vrouw heeft. En ik heb het ook leuk thuis, dan doe je het niet.'

Maakt Hillary ondanks alle schade die haar man heeft aangericht nog kans op het presidentschap?

'Ze heeft in elk geval de kwaliteiten, de juiste vooropleiding. Acht jaar first lady, acht jaar Senaat, vier jaar minister van Buitenlandse Zaken, er is niemand die dat heeft. Ze weet hoe macht werkt. Onder Democraten is ze nog steeds niet geliefd, maar alles beter dan Donald Trump. Het blijft spannend. Zeker nu een buitenstaander als Bernie Sanders ineens een serieuze concurrent blijkt. Wat ik vooral fascinerend vind is dat vrouwen in Amerika, net als hier, al sinds 1920 kiesrecht hebben, maar dat Hillary pas de eerste vrouw is die klaarstaat voor deze functie. En toch is het geen gelopen race. Zwarten steunden automatisch Obama, bij Hillary is de steun van vrouwen nog steeds niet vanzelfsprekend. Ligt dat aan haarzelf of ligt het ook aan vrouwen? En waarom is dat dan? Is dat zelfhaat? Primatoloog Frans de Waal zei in College Tour dat zolang een vrouw vruchtbaar is, ze voor andere vrouwen een bedreiging vormt. Nu Hillary een kleindochter heeft, zouden vrouwen minder agressief op haar kunnen reageren. Het is een krankzinnige redenering, maar het zou zo kunnen zijn.'

In je boek probeer je de psychologie van het stel te ontrafelen. En je bespeurt een overeenkomst met veel andere politieke leiders, namelijk dat ze vaak op jonge leeftijd hun vader verloren.

'Ja, dat zie je veel. Bij Barack Obama ging zijn vader er kort na zijn geboorte vandoor om vervolgens aan de drank te raken, gewelddadig te worden, eindeloos veel auto-ongelukken te veroorzaken en zichzelf uiteindelijk, als Obama 21 is, te pletter te rijden. Hillary's vader was een heel norse man, zijn kinderen leden onder zijn sarcasme, pessimisme en enorme gierigheid. Hij schold Hillary's moeder constant uit, ze werd tot op het bot vernederd. En drie maanden voor Bill Clinton geboren werd, kreeg zijn vader een klapband, verloor de macht over het stuur, werd zijn auto uitgeslingerd en belandde in een sloot. Toen hij werd gevonden, was zijn hand geklemd om een tak die boven het water uitstak. Hij had tevergeefs geprobeerd zichzelf eruit te trekken. 'De vroege dood van mijn vader heeft mij het gevoel gegeven dat ik voor twee moest leven', zei Bill daarover.'

Camel colbert en coltrui: Boss, Pantalon: Boss Foto Anne Claire de Breij

Gedrevenheid of geldingsdrang vindt vaak zijn oorsprong in iemands jeugd, schrijf je, men probeert een bepaald tekort te compenseren. Wat is de achtergrond van jouw enorme drive?

'Een groot drama of frustratie is er niet. Als ik mijn ouders zou moeten waarderen, zou het een 10-plus zijn. Gedrevenheid hoeft volgens mij ook niet per se voort te komen uit frustraties en ellende. Volgens mij kan het van twee kanten werken: je kan Bill Clinton hebben met een rare jeugd die je naar het presidentschap leidt, en je kan uit een heel veilig gezin komen, dat je het vertrouwen geeft om avonturen aan te gaan.'

Hij schuift een gele post-it naar voren die hij heeft meegenomen. Hij heeft erop geschreven: Happiness is looked down upon. Agony is in style. Being miserable is a sign of intelligence. Ofwel: Op geluk wordt neergekeken, terwijl doodsangst als stijlvol wordt gezien en je beroerd voelen als een teken van intelligentie. Het sluit volgens Twan naadloos aan bij zijn eigen levensverhaal. 'Ik heb een paar jaar geleden in New York een fotograaf geïnterviewd, Saul Leiter, en het drama bij hem was dat zijn roem veel te laat kwam. Hij gaf toen deze quote ter verklaring, en die ben ik nooit vergeten. Hij trof mij enorm. Want waar het eigenlijk om gaat is: waarom zouden mensen die om de haverklap in een ravijn flikkeren interessanter zijn dan mensen die gewoon een gelukkig en voorspoedig leven leiden?'

Wat is het vervelendste moment uit je leven tot nu toe?

'Dat was het vertrek uit New York, dat was op dat moment heel heftig. Mijn vaste cameraman bracht Cheryl en mij naar het vliegveld en toen zijn we alle drie in tranen uitgebarsten. Dat was wel een low moment, daar op Newark Airport, in januari. Ik dacht: ik maak nooit meer zoiets mee als die zeven jaar correspondentschap. Maar toen ben ik gaan nadenken over hoe ik hier iets anders kon doen wat net zo spannend was. En dat heeft heel goed uitgepakt met College Tour in combinatie met Nieuwsuur. Daarmee haalde ik New York naar Nederland. Wat een drama leek, bleek het niet te zijn. Dus als dat het ergste is dat je is overkomen, valt het wel mee met het drama in je leven.'

Twan Huys interviewt Matthijs van Nieuwkerk bij College Tour Foto Lex van Lieshout

Het is in ieder geval een interessante combinatie. Bloedfanatiek en niets wat die tomeloze drive verklaart.

'Ik ben nooit bij een psychiater of wat dan ook geweest, maar de enige verklaring die ik voor mezelf heb gevonden, is dat ik mijn leven betrekkelijk saai vond. Ik ben in een ontzettend harmonieus gezin geboren, dus de enige manier om het spannend te maken, is om mensen te ontmoeten en naar plekken te gaan waar wel wat gebeurt. Ik wilde niet eindigen tussen de aspergevelden in Limburg. Vanaf het moment dat ik voor het eerst naar Amsterdam ging, begon ik te denken: hoe kom ik daar ooit terecht? En hoe doe ik dat als Limburger? Limburgers lijden een beetje aan een Calimero-complex. Ik ook. Ik dacht niet dat ik ooit weg zou komen uit die provincie. Vroeger werden mensen die uit het zuidelijke deel van het land kwamen volkomen belachelijk gemaakt. We waren slome, achterlijke vlaaieneters, dat werd toen wel tegen mij gezegd. Daardoor kreeg ik extra het gevoel van: ik zal weleens laten zien wat ik kan. Na 11 september had je de tien regels van burgemeester Rudy Giuliani over hoe op te treden in een crisis. En eentje die mij altijd is bijgebleven is: underpromise and overdeliver. Dat heeft voor mij een verband met Limburg. Als je uit die provincie komt, heb je niet een heel grote mond. Want je weet dat Limburg een wormvormig aanhangsel is waar sommige mensen op neerkijken. Volkomen onterecht, maar oké, als het dan toch zo is, dan kun je daar gebruik van maken door vanuit de achterhoede, de denkbeeldige achterhoede, naar voren te rennen. Die underdogpositie vind ik heel fijn.'

Inmiddels lijkt dat Calimero-complex soms een beetje de andere kant op te slaan. Je bent best goed in het benoemen van je eigen successen. Ook in je boek meld je geregeld hoe moeilijk het was om iemand te spreken te krijgen, nog nooit is het iemand was gelukt, maar tadááá, jou lukt het wel!

'Ja, dat moet je ook doen.'

Is dat iets Amerikaans?

'Ja. Als ik bij College Tour de studenten in de zaal opwarm zeg ik ook altijd: 'in Nederland zeggen ze 'doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg'. Dat moet je niet doen, überhaupt niet in het leven. Stel je vraag, wees niet verlegen en laat zien dat je er bent.' Dat komt ook door mijn eigen ervaringen. Op de School voor de Journalistiek in Tilburg hadden we af en toe ontmoetingen met mensen uit de praktijk, zoals Jan Blokker of Martin van Amerongen. Ik wilde altijd een vraag stellen, maar durfde nooit. Ik heb nooit een vraag gesteld bij zo'n ontmoeting. Nee, vroeger was het niet veel. Ik was een beetje een tweederangs havoklant. Pas op het moment dat ik echt journalist werd, is dat definitief veranderd.'

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.