Column

'Vermarkting' vernietigt ons ontzag voor de natuur

Column Caspar Janssen

De kans op bijzondere ontmoetingen in de Nederlandse natuur is in 2015 aanzienlijk toegenomen. Zo kun je tijdens een boswandeling zomaar stuiten op een begrafenisstoet of deelgenoot worden van een huwelijksfeest. Vereniging Natuurmonumenten heeft een aantal van de door haar beheerde terreinen verpacht aan een bedrijf dat zich heeft gespecialiseerd in natuurbegraven.

Konikpaarden bij de Oostvaardersplassen. Beeld anp

Tegen betaling mogen mensen hun lichaam, inclusief kunstheupen, metaal- en medicijnresten, heel organisch laten opgaan in de natuur. Uiteraard niet nadat het terrein middels 'boswerkzaamheden' toegankelijk en geschikt is gemaakt voor begrafenisstoeten en laatste rustplaatsen.

'Trouwen in het bos', kan ook, op locaties die Staatsbosbeheer, tegen betaling, ter beschikking stelt aan bedrijfjes die graag een knalfeest organiseren tussen de eekhoorntjes, de boomklevertjes en de spechten in het loof. Een erg populaire, nieuwe vorm van natuurbeleving.

2015 was zonder meer het jaar van het verdienmodel. En van de 'mensinclusieve natuur'. Aan jargon is er nooit gebrek in de natuurwereld, net zo min als aan de behoefte aan geld. Voor die behoefte aan geld zijn altijd wel nieuwe redenen. De laatste jaren zijn dat de overheidsbezuinigingen en de opdracht voor natuurorganisaties om zelf meer inkomsten te genereren. In combinatie met de nieuwe filosofie dat je aan natuur ook waarde (in termen van geld) kunt toekennen, leidt dat tot het 'vermarkten' van de natuur. Dus kwamen er ook dit jaar weer mooie, nieuwe, uitgebreidere fiets- en mtb-routes, steeg het aantal te huren 'boswachtershuisjes', parkeerplaatsen, speelplaatsen en horecagelegenheden. Uiteraard, zo luidt de bezwering dan, profiteert de natuur hier uiteindelijk van.

Een oud verdienmodel dat dit jaar weer een hoge vlucht nam is de 'houtverkoop'. Achter iedere bosbeschermer staat bij Staatsbosbeheer een andere medewerker die hout moet verkopen, aldus de beheerder van Staatsbosbeheer die ik eerder dit jaar sprak. Niet alleen hout uit 'productiebossen' moet eraan geloven, maar ook de strijd tegen exotische bomen, zoals de Amerikaanse eik en de Douglasspar, is opgevoerd. En daarnaast zijn er nog de doelstellingen van Natura 2000, die doorgaans leiden tot het streven naar meer heide, stuifzand en open plekken in het bos, tegen de natuurlijke loop der dingen in. Leve de zandhagedis, nou ja, zolang hij zich niet begeeft op een mtb-route.

Het probleem is dat het verdienmodel wel heel vaak sturend lijkt. Eerder dit jaar zette vogelonderzoeker Rob Bijlsma in De Takkeling, het blad van de werkgroep Roofvogels Nederland, een aantal voorvallen op een rij waarbij roofvogels en hun nesten eraan hadden moeten geloven vanwege de grootschalige houtkap. Zijn conclusie: terreinbeheerders zijn verantwoordelijk voor meer nestverstoringen dan alle andere roofvogelvervolgers bij elkaar.

Twee weken geleden werden in het radioprogramma Vroege Vogels de jaarlijkse ledencijfers van natuur-, milieu- en dierenbeschermingsorganisaties gepresenteerd. De grote natuurorganisaties hadden opnieuw leden verloren, desalniettemin was de stemming positief. Het verlies was klein en bovendien was de zichtbaarheid op sociale media toegenomen. Nog meer communiceren was het devies. Geheel in stijl met de aanpak van marketeer en Natuurmonumentendirecteur Marc van den Tweel, die dit jaar overigens vooral in het nieuws kwam vanwege een gratificatie die hij bovenop zijn salaris van 139 duizend euro mocht ontvangen (ook een verdienmodel).

Natuurmonumenten doet plaatselijk fantastische dingen, met hulp van vrijwilligers die tegen de klippen op maaien en plaggen om de invloeden van vermesting en verzuring door de landbouw teniet te doen. Verder lijkt mij het devies: juist minder communiceren. En vooral: een ander verhaal communiceren. Zo mag de strijd tegen die vermesting, verzuring en verdroging best wat harder worden gevoerd.

Het grote misverstand is dat je draagvlak creëert voor natuur door iets anders te verkopen: recreatie. Sterker: je vernietigt er zelfs het laatste restje ontzag mee voor die natuur. Marc van den Tweel vergelijkt zichzelf wel met Jac. P. Thijsse, de befaamdste onder de oprichters van Natuurmonumenten. Ook een marketeer, aldus Van den Tweel. Er is een subtiel verschil: Jac. P. Thijsse wist mensen enthousiast te maken en liefde bij te brengen voor het leven van dieren en planten. En hij wist ze te overtuigen van de noodzaak om die te beschermen, juist tegen de invloed van mensen. Een inhoudelijk en enthousiast verhaal, dat gepaard ging met onverzettelijkheid en strijdbaarheid. Dat is toch iets anders dan het verkopen van een groen decor voor een fijne wandeling of een mooie bruiloft.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.