'Schoolvoorbeeld doofpot': Drees wilde executies Indië niet vervolgen

Het Nederlandse kabinet heeft in 1954 in het geheim besloten niemand te vervolgen voor de oorlogsmisdaden van Nederlandse militairen op het Indische Zuid-Celebes. Het rapport van een speciale onderzoekscommissie werd diep in een lade opgeborgen.

Indonesische troepentransport in 1962 © ANP

Op Zuid-Celebes sneuvelden in drie maanden tijd 3.000 Indonesiërs, van wie velen door standrechtelijke executies. Blijkens het geheime rapport was de militaire, politieke en justitiele top van Nederland al in 1947 op de hoogte van de oorlogsmisdaden op Zuid-Celebes. Het NCRV-programma Altijd Wat heeft het rapport in bezit. De uitzending van dinsdagavond werd eraan gewijd. Eerder konden alleen wetenschappers bij hoge uitzondering het rapport inzien.

Expliciet
Waarom de ministerraad onder leiding van premier Drees destijds besloot geen strafrechtelijke vervolging in te stellen, staat nergens expliciet verwoord. Er is wel een krabbel van de chef kabinetszaken, waarin wordt erkend dat enkele officieren 'bepaaldelijk over de schreef zijn gegaan', maar dat het 'weinig gewenst schijnt' de oude geschiedenissen op te rakelen. Want dan zal immers eveneens blijken dat 'niet alleen militairen, doch ook hoge burgerlijke autoriteiten in Indonesië zijn tekort geschoten'.

In december 1946 kondigde Nederland in Zuid-Celebes de noodtoestand af om het revolutionaire geweld de kop in te drukken. Sluipschutters hadden het gemunt op Nederlandse militairen. Kapitein Raymond Westerling (in 1987 overleden, red.), aanvoerder van de Nederlandse elitetroepen, kreeg de opdracht het gebied rondom de hoofdstad Makassar te zuiveren van 'rampokkers' en er rust en orde terug te brengen. Hij kreeg van zijn directe bevelhebber tevens de bevoegdheid tegenstanders te executeren.

Standrecht
Drie maanden was Westerling op het meest oostelijke van de grote Indonesische eilanden, toen hij werd teruggeroepen. De rust en orde waren hersteld, maar er waren ook 3.000 Indonesiërs gedood. Velen van hen via het standrecht. Pas toen ondergeschikten van Westerling er toe over gingen zelfs reeds veroordeelde gevangenen te executeren, grepen de autoriteiten in. Op een dag werden in een dorp meer dan 300 mensen gedood, meer dan tijdens het bloedbad van Rawagede.

'Het is een schoolvoorbeeld van een doofpot', zegt historicus Willem IJzereef. Hij heeft begin jaren tachtig het geheime rapport ingezien, nadat vier ministers daarvoor toestemming hadden moeten geven, onder wie de toenmalige premier Lubbers. Niet alleen in 1954 werd er gezwegen. Dat gebeurde opnieuw in 1969 toen het parlement debatteerde over de net verschenen Excessennota over de oorlogsmisdaden in Nederlandsch-Indië.

Recente getuigenverklaringen hebben het Openbaar Ministerie er ook nu niet toe kunnen bewegen actie te ondernemen. Eerst moet officieel aangifte worden gedaan, vindt het OM.

Illegaal
Volgens IJzereef hanteerde Nederland de doofpot, omdat de operaties illegaal waren en Nederland zich daar terdege van bewust was. Er was geen enkel oorlogsrecht waarop Nederland zich kon beroepen voor het gehanteerde 'noodrecht'. 'Pas toen de zaak uit de hand liep, heeft de legercommandant bevel gegeven de zaak stop te zetten, op aandringen van het burgerlijk gezag in Batavia.'

Liesbeth Zegveld, advocate van onder anderen de nabestaanden van het bloedbad in Rawagade, zei in de NCRV-uitzending dat het OM niet lijdzaam kan afwachten, maar alle zaken opnieuw moet beoordelen en getuigenverklaringen serieus moet nemen. 'Met zoveel moorden kun je niet gewoon aan de keukentafel blijven zitten.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.