'Rebel in mij is beter onder controle'

Michel Koning..

AMSTERDAM In de zomer van 2007 raakten de huisvrouwen bij de tennisclub Marken hun favoriete leraar kwijt, toen Michel Koning zich tot zijn eigen verbazing kwalificeerde voor het ATP-toernooi in Rosmalen. Het leek een eenmalige opleving, want vorig jaar overwoog het 24-jarige servicekanon opnieuw de handdoek te werpen. Toch moeten ze op Marken echt een nieuwe tennisleraar zoeken.

Deze week staat de winnaar van de nationale Masters bij de Australian Open voor het eerst in het voorportaal van een Grand Slamtoernooi. Drie rondjes overleven in de kwalificaties en een droom gaat in vervulling. ‘Een mooier podium is er niet’, aldus Koning.

‘In Melbourne kan ik een nieuwe stap zetten in mijn carrière. Ik zie het gebeuren, voor het eerst is dit niveau haalbaar voor mij. In mei word ik 25. Maar Martin Verkerk heeft al laten zien hoe ver laatbloeiers kunnen komen.’

Anderhalf jaar geleden leek het zoveelste talent verloren te zijn gegaan. Zijn toenmalige club Groenekan stelde hem niet meer op na teleurstellende resultaten in de competitie. Uit loyaliteit met de directie bleef Koning verbonden aan het team.

‘Ik ben een rustige jongen die voor iedereen het beste wil. Ik heb Groenekan wel gevraagd of ik de kwalificaties voor de Ordina Open mocht spelen. Het viel samen met de play-offs van de eredivisie. Groenekan verloor in de halve finales en ik bereikte in Rosmalen het hoofdtoernooi, dat was wel bizar.’

Zonder enige illusie was Koning als de nummer 793 van de wereld naar Brabant gereden. ‘Ik was al gestopt. Ik won de eerste ronde en speelde daarna tegen de Duitser Petzschner, die nu rond de 60ste plaats staat. Het maakte me niet uit of ik een fout maakte. Ik gaf die bal een ros, niets hoefde immers.

‘In de tiebreak van de derde set miste Petzschner op 4-4 een backhandvolley, de bal bleef precies op de netrand hangen. Ik serveerde die partij uit en trof vervolgens in Dlouhy de nummer 120 van de wereld. Ik won met 7-5, 6-4, een onbeschrijflijk gevoel.’

Sander Koning moest bij Marken in allerijl de lessen van zijn broer overnemen. Michel speelde in Rosmalen in de eerste ronde een keurige partij tegen de Spanjaard Robredo, die destijds in de toptien stond. ‘Mijn vriendin wist eigenlijk niet wat het tennis voor mij betekende. Ik wist het zelf ook niet. Tot ik in Rosmalen op het centre court speelde tegen een wereldtopper als Robredo. Het zijn de momenten die je altijd bijblijven.’

In 2006 had Koning er op een bijbaan in sportpaleis Ahoy ook al eens aan geroken, toen hij in de eerste ronde van het kwalificatietoernooi in Rotterdam tegenover de nog onbekende Djokovic stond. ‘Djokovic bereikte dat jaar meteen de kwartfinales. In de tweede set had ik een setpoint en ik besefte dat het een doorbraak had kunnen zijn. Maar ik liet me nog te veel afleiden en viel daarna ver terug.’

Ook de doorstart van zijn loopbaan in 2007 werd geen succes. Opnieuw liep Koning tegen een barrière op. ‘Ik had een te hoog verwachtingspatroon van mezelf. Ik dacht bij een futuretoernooi: die kwartfinale haal ik wel even. Ik verviel in een oude fout. Zo denken is funest voor een topsporter. Ik was met het resultaat bezig, niet met het spel. Ik haalde in een half jaar twee punten voor de ATP-ranking.’

In april 2008 voerde Koning crisisberaad met zijn vader. ‘We hebben zo vaak ruzie gehad, over het tennis, over mijn manier van leven. Drink niet als je uitgaat, zei hij. Ga eens op tijd naar bed. Ik was jong en rebels. Fuck it, ik doe mijn eigen ding. Ik weet het beter. Iedereen kent de reputatie die ik bij Jong Oranje had.

‘Toen ik met Bas van der Valk het dubbelspel won bij het juniorentoernooi van de US Open had een krant als kop: de stapper en de slaper winnen de US Open. Ik ben een vrij uitgesproken persoon. Ik ging stappen op de verkeerde momenten. Ik moet af en toe even los met vrienden. Zo heb ik zeker twee jaar van mijn carrière weggegooid.’

Glimlachend: ‘Tot ik er achter kwam dat die ouwe natuurlijk gelijk had. De rebel in mij gaat er niet uit. Maar ik heb hem nu beter onder controle.’

De website van de broers Sander en Michel Koning is al jaren niet meer bijgewerkt. In 2003 kondigden de Noord-Hollanders aan dat ze gezamenlijk naar de top zouden gaan. Michel: ‘Wisten wij veel hoe we die top moesten bereiken? Sander ging naar Amerika, hij heeft er collegetennis gespeeld. Maar hij tennist nu alleen nog voor de lol, in de hoofdklasse bij Zandvoort.’

Als zo vele talenten kon Koning de stap van het juniorencircuit naar het proftennis niet maken. ‘Bij de bond wilden ze me service en volley laten spelen, omdat mijn voetenwerk ontoereikend was voor de langere rally’s. Maar met dat speltype voelde ik me opgejaagd, het maakte me onrustig als ik telkens naar het net moest.’

Na een periode van bezinning voert Koning nu zelf de regie over zijn tenniscarrière. ‘Het grootste probleem in mijn periode bij de KNLTB was dat alles me opgelegd werd. Ik voerde opdrachten uit. Het kwam niet uit mezelf. Nu bepaal ik wat ik op de baan doe. Ik heb het heft in handen genomen. Ik laat niets meer op me afkomen. Ik heb mezelf eindelijk ontdekt als tennisser. Ik weet hoe ik wil spelen, waardoor ik veel gerichter aan mijn zwakke punten kan werken.

‘Ik heb mezelf bewust een spiegel voorgehouden. Dit is Michel Koning, wat klopt er niet om hem heen? Mijn ouders, mijn vriendin, de sponsoring, mijn fysieke en mentale gesteldheid, mijn voeding, mijn huis; alles wat me onrust kon geven op de baan heb ik geanalyseerd. Ik heb veel gesprekken gevoerd met de mensen in mijn directe omgeving. Alles kreeg een plek, zodat ik me louter op tennis kon richten.’

Hij moest er zijn vriendin diep voor in de ogen kijken. Koning: ‘Na het toernooi in Rosmalen wist ze zeker dat ze een deel van mijn team wilde vormen. Ze zei: nu accepteer ik waarom je vaak lang van huis bent. Ik geef je rust, ik houd je in balans.’

Maar om de sprong te maken naar de top-200 – Koning steeg vorig jaar ruim 250 plaatsen van 525 naar 268 – moest hij zijn sport anders leren benaderen. ‘Het voelde als een laatste kans. We besloten dat ik veel fitter moest worden. Ik belde mijn oude conditietrainer Rob Buntsma, met wie ik in de jeugd had gewerkt. Hij ging meteen met me aan de slag en de resultaten waren snel zichtbaar.’

Bij Popeye Gold Star fungeert oud-prof Dennis van Scheppingen als zijn klankbord. Ook zijn jeugdtrainer Vincent van Gelderen en boezemvriend Freddie Hemmes behoren tot het Team Koning, zoals hij het zelf omschrijft. ‘Zo heb ik mijn sport nog nooit beleefd. We evalueren om de twee maanden. Tennis is mijn werk geworden. Maar ik ben wel de directeur van mijn eigen BV.’

De Stichting Support Michel Koning financierde zijn reis naar Australië en voor de jaarwisseling trainde hij mee met de Davis Cupselectie van captain Jan Siemerink. ‘Ik weet niet of ik er al bij hoor’, zegt Koning. ‘Haase, Wessels, Huta Galung en De Bakker hebben meer ervaring. Ik klop wel op de deur.

‘Natuurlijk denk ik er weleens aan. Maar ik trek mijn eigen plan. Mijn eigen carrière is nu even belangrijker. Als ik goed presteer in Australië komt de Davis Cup vanzelf in beeld. Ik hoop het captain Siemerink zo moeilijk mogelijk te maken met zijn selectie voor de wedstrijd tegen Argentinië.’

Hoe vaak had hij al niet gehoord dat er meer in zat? Koning: ‘Rohan Goetzke zei jaren geleden al dat ik het niveau had van een top-200 speler. Maar als je het niet zelf doet, gebeurt er niks. Ik wil de bond niets verwijten. Ze bieden je van alles aan: van technische tot mentale training. Als het niet tot je doordringt, heeft het geen nut.

‘Mijn vader zei ooit: jij geeft altijd anderen de schuld. Kijk nou eerst naar jezelf. Het is een keerpunt geweest. Ik heb mijn zelfbewustzijn moeten ontwikkelen. Nu heb ik veel in te halen. Blijkbaar was dit mijn levensweg. Ook als ik niet verder kom in het tennis, ben ik als mens enorm gegroeid.’

Nu is Michel Koning een voorbeeld voor talenten die zichzelf geen pijn durven doen. Hij kent er zelfs een in zijn directe omgeving. ‘Mijn neef Bob Koning voetbalt in de spits bij Telstar. Ik ga soms naar hem kijken en denk dan: jongen, het kan echt beter. Bob is al 23, hij heeft ook niet zoveel tijd meer.

‘Ik heb hem uitgenodigd om vaker met me te trainen. Hij speelt al beter dan vorig seizoen. Toch vreet ik mezelf op bij de gedachte dat Bob, net als ik vroeger, te weinig uit zijn talent haalt.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.