'Power-feminisme' rekent af met klagen en zeuren

De feministes-oude-stijl maken van elke vrouwelijke eigenschap een handicap en van elke overwinning een nederlaag. Ofwel: ze klagen, zeuren en tobben....

WERKENDE vrouwen zijn niet overbelast. Deze mythe hebben 'doorgewinterde feministes' in het leven geroepen, en Joost mag weten waarom. 'Het zal wel weer met die eeuwige zieligheid te maken hebben', schrijft Malou van Hintum in haar als boekje uitgegeven pamflet Macha!Macha!, dat vandaag, op Internationale Vrouwendag, verschijnt. Het zal duidelijk zijn dat ze er niet van houdt, van het als neologisme in brede kring doorgedrongen begrip 'klaagfeminisme'.

'In een tijdperk van foodprocessors, microwaves en meeneemmaaltijden zouden vrouwen overbelast zijn. Dat signaleren zou geen onzin zijn, als die vrouwen net zoals hun mannen vijf dagen in de week buiten de deur werken. Maar van alle paren met kleine kinderen vormen ouders met beiden een volledige werkweek slechts 2 procent. De gemiddelde werkende vrouw in Nederland is in twee dagen met haar betaalde baan klaar, en aan carrière heeft ze geen behoefte. Waar moet die overbelast van raken?'

Van Hintum, 33 jaar, politicoloog van opleiding en journaliste van beroep, ploft in een Leids etablissement op haar stoel. Rode wangen, design-brilletje. Een vrouw die, net als de jonge Amerikaanse schrijfster Naomi Wolf, genoeg heeft van feministisch getob over achterstelling, machteloosheid en ongelijke keuzes in het leven. De vrouwen staan voor het power-feminisme: ik kan wat ik wil.

'Ja', zegt Van Hintum, 'het lijkt me strategisch veel verstandiger om te constateren dat we het tij mee hebben, dan te zeggen dat het 'allemaal best wel moeilijk is'. Er is genoeg reden om optimistisch te zijn.'

Want, signaleert ze tevreden, mensen zijn op grote schaal veranderd en nog altijd aan het veranderen. Mannen rijden met fietszitjes door de stad, pendelend tussen baan en crèche. Steeds meer vrouwen zijn de arbeidsmarkt op gegaan, terwijl steeds meer mannen korter zijn gaan werken. De groei van deeltijdbanen geeft aan dat steeds meer mensen en met name mannen anders zijn gaan denken over werken, zorgen en genieten van het leven dan pakweg 25 jaar geleden.

'Jonge vrouwen vinden een heleboel dingen vanzelfsprekend. Om te gaan studeren, om te werken en om zijn sokken nìet te wassen. Zoals in de hoofden van mannen er, minimaal, de vanzelfsprekendheid af is dat een vrouw thuis blijft na de komst van een kind.'

Naïef, simplistisch, blind voor de werkelijkheid in het niet-universitaire milieu - Van Hintum kent de kritiek op haar positivo-geluid uit de beweging waarvan ze zelf een exponent is, het feminisme. 'Ik zeg niet dat alles klaar is, er niets meer hoeft te gebeuren en dat er geen gevaar op de loer ligt. Maar dat is niet de hoofdzaak. Het voornaamste is dat ik een trend zie. Ik zeg: kijk wat er allemaal voor goeds gebeurt en geniet daar nou eens van'

Volgens de schrijfster zijn het vooral de oudere, veertigplus-vrouwen die moeite hebben om zich de vruchten van de strijd te laten smaken. Dat zijn de vrouwen die getraind zijn in het slachtoffer-feminisme, die van elke vrouwelijke eigenschap een handicap maken en van elke overwinning een nederlaag. Zoals van het vermogen om kinderen te baren en van de pil, die niet wordt gezien als winst, maar als een 'mannenpasje' voor sex op elk gewenst moment.

'Klagen en zeuren kregen in de beslotenheid van de feministische vriendinnengroep een politiek karakter, en klagen en zeuren volgden de ijzeren wetten van de politieke logica: hoe erger hoe beter, des te hoger je scoort. Hoe zieliger het geval, hoe groter het begrip, hoe eclatanter je succes', walgt Van Hintum in haar geschrift. 'In plaats van aan een carrière, werd aan het lijf gewerkt.'

Volgens de schrijfster heeft vooral dit van de maatschappij en de politiek afgewende praatgroep-feminisme ertoe geleid dat in de rijke jaren zeventig vrouwen talloze kansen hebben laten liggen om zich maatschappelijk een positie te verwerven. Dom ook dat de traditionalistische feministen in het voetspoor van Simone de Beauvoir - 'Je wordt niet als vrouw geboren, maar gemaakt' - de verhouding tussen de seksen als sociaal-cultureel bepaald bleven zien.

'In die zin ben ik, overigens al zeker tien jaar, een 'Vroniaans' feminist. Net als Piet Vroon, en vele anderen, vind ik dat mannen en vrouwen gelijkwaardige, maar andere, niet-gelijke wezens zijn. Biologisch of fysiologisch, hoe je het noemt, zijn er gewoon verschillen.'

Ze vindt het kwalijk dat feministes daarnaar zelf geen onderzoek hebben gedaan of moedwillig de oogkleppen hebben opgezet. 'Toen de feministische hoer in zicht kwam, had men toch ook wel even naar de hersenen kunnen kijken! Want me dunkt dat daarmee een taboe was doorbroken.'

Want, zoals iedereen uit de links-maakbare hoek die met z'n tijd is meegegaan nu wel toegeeft, bij mannen en vrouwen functioneren de hersenen heel anders. Dat had de discussies vruchtbaarder kunnen maken, de argumenten rationeler, de cultuurkritiek creatiever. Van Hintum besluit haar tirade met de opwekking tot een nieuw feministisch project: 'Hoe wij onze hersenen nu eindelijk eens echt goed gaan gebruiken.'

In de huidige discussie over het al dan niet schrappen van de pil uit het ziekenfondspakket, betoont ze zich voorstander van behoud. 'Omdat ik denk dat er een verband is tussen het hoge pilgebruik en het lage aantal abortussen in Nederland. Het is een goede, goedkope maatregel en dan zeg ik pragmatisch: wat levert het op als je hem eruit haalt?

'Maar ik kan het dus niet uitstaan als dat standppunt wordt verdedigd met verhalen over zielige vrouwen zonder geld die hun man niet om een paar gulden voor de pil durven vragen. Wat een getrut. Zo'n man moet er uit. Gisteren nog'

Ze is tegen positieve actie, als zijnde een maatregel die niet meer overeenkomt met het langzamerhand gelijke aantal gekwalificeerde mannen en vrouwen op de arbeidsmarkt. 'Zo'n maatregel wordt van boven af opgelegd en heeft geen draagvlak als mannen zich achtergesteld voelen en vrouwen niet durven solliciteren, omdat ze bang zijn op hun sekse te worden aangenomen.'

Niettemin: 'Er moet wel worden opgelet hoe het personeelsbestand eruit ziet, dat het voldoende gemêleerd is en je niet die male chauvinist pig-toestanden houdt.'

Van Hintum, die als jeugdzonde bekent ooit voorop te hebben gelopen in een Nijmeegse heksennacht, ergert zich aan het persoonlijk-politieke geklaag van 'feministische iconen', als Anja Meulenbelt. 'Ik was het altijd wel met de feministische analyses eens, maar nooit zo met de vrouwen die erbij hoorden.'

De levenservaringen van de twintig jaar jongere Van Hintum, verschillen dan ook niet weinig. 'Ik heb altijd beter met mannen kunnen omgaan. Ik heb een leuke vader, een geliefde die pal achter me staat. Zowel persoonlijk als zakelijk waren en zijn de mannen die ik ken altijd heel stimulerend.'

De tirade lijkt, paradoxaal, toch een beetje op een jammerklacht van de jonge vrouw die in de verstikkende houdgreep is geraakt van de verbitterde en aan de drank geraakte oudere pionierster. 'Vind je dat? Het is toch een vrolijk boek?'

Klopt, maar er wordt ook flink in de bron gespuugd. De een zal dat een verademing vinden, de ander het grootste verraad. 'Hoho', zegt Van Hintum, en begint driftig in haar geschrift te bladeren, 'kijk, op deze plaats erken ik toch hun verdiensten'

Blijft dat het wel erg politiek-correct klinkt om als geslaagde jonge vrouw anno 1995 deze toon aan te slaan. 'Ja, dat het als anti-feministisch overkomt, dat vervult me ook met een halfslachtig gevoel. Maar ik geloof dat jonge vrouwen geen ideologie meer nodig hebben om voor elkaar te krijgen wat ze willen.

'Natuurlijk bestaat het risico dat ze hun ervaringen gaan over-individualiseren. Maar dat is nog geen reden om ze op voorhand de moed te benemen. Ik ben een positivo. Ik vind en vond dat ik m'n nek moest uitsteken en op die positieve trend moest wijzen.'

Malou van Hintum, Macha!Macha!, Een afrekening met het klaagfeminisme.

ISBN 90 3883 096 3; Nijgh & van Ditmar; Prijs ¿ 19,90.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.