Opinie

'Overheidswebsites moeten aan toegankelijkseisen voldoen'

Wanneer de overheid zelf uitmaakt of haar websites toegankelijk zijn, heeft de burger geen enkele garantie dat dit ook zo is. Daarom blijft een onafhankelijke keuring nodig, vind Matt Poelmans van de stichting Waarmerk Drempelvrij.

De gemeenteraad van Vlagtwedde vergadert in het vestingstadje Bourtange in historische kledij. Ter gelegenheid van het 200-jarig bestaan van de gemeente stak de raad zich eenmalig in een outfit van vroeger tijden. Foto ANP

Stel je wilt als burger weten wat jouw gemeenteraad heeft besproken. Op de website staat een audio- of videoverslag met slecht geluid, mompelende raadsleden die hun zinnen niet afmaken of soms dialect spreken. Uit kostenoverwegingen ontbreken de schriftelijke notulen en de noodzakelijke ondertiteling. Mag dat? Als het aan de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) ligt wel als gemeenten er geen geld voor (over) hebben. Zelfs al is het in strijd met de webrichtlijnen van diezelfde overheid. Pech voor de burger, zeker als die een handicap heeft zoals doven en blinden.

Objectieve keuring
Sinds het eind van de vorige eeuw verloopt de publieke dienstverlening meer en meer digitaal. Voor vergunningen, inschrijvingen en uitkeringen is een burger steeds meer aangewezen op internet. Daarom moeten overheidswebsites aan toegankelijkseisen voldoen.

Vanaf 2003 bestaat de stichting Waarmerk Drempelvrij, een onafhankelijke instantie die een waarmerk uitreikt als aan de normen is voldaan. Die normen zijn gebaseerd op internationale richtlijnen en de keuring geschiedt door geaccrediteerde inspecties, zodat deskundigheid en zorgvuldigheid zijn gegarandeerd. De overheden blijven zelf verantwoordelijk voor de maatregelen om aan de zogeheten Webrichtlijnen te voldoen. Die gelden per 2006 voor nieuwe websites en zijn vanaf 2010 verplicht voor bestaande websites. De 125 eisen zij ingedeeld in 3 niveaus, waarvan de eerste 16 slaan op basistoegankelijkheid.

Webrichtlijnen
Die lange overgangsperiode gaf overheden de tijd om hun websites aan te passen. Helaas is daar weinig van terecht gekomen. Eind 2010 had maar 10% van de gemeenten het waarmerk behaald. Bij het rijk en de provincies was het beeld wel beter, maar toch ook onder de maat. Terwijl Drempelvrij haar werk had gedaan, moest zij met lede ogen aanzien dat de overheid in gebreke bleef. Ondanks herhaald aandringen op betere communicatie en echte actie maakte de overheid haar eigen verantwoordelijkheid niet waar.

Voor de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en de Tweede Kamer was dat in 2011 aanleiding om te dreigen met een wettelijke verplichting. Het goede nieuws is dat overheden toegankelijkheid eindelijk serieus zijn gaan nemen en nieuwe plannen hebben gemaakt. Het slechte nieuws is dat men onder een onafhankelijke keuring uit wil komen.

De ministeries zijn het project Standaardisering en sanering rijksgebiedjes gestart. Dat is een belangrijke stap vooruit, maar doordat men de "APK voor de digitale snelweg" laat vallen, verdwijnt de consumentenbescherming van een objectief keuring. Het Websiteregister dat inzicht moet geven hoever men is gevorderd bestaat uit een onoverzichtelijk spreadsheet van honderden rijen en tientallen kolommen (dat zelf ook nog eens ontoegankelijk is!).

De gemeenten hebben een iVersnellingsplan gemaakt om aan de basistoegankelijkheid te voldoen. Uit hun eigen onderzoek is gebleken dat het niet aan de eisen zelf ligt, maar aan een gebrek aan bestuurlijke aandacht. Toch gaan ook zij morrelen aan de eisen (zie het voorbeeld van video zonder ondertiteling) en willen toe naar een "eigen verklaring van toegankelijkheid".

Burgerrecht
Met deze versnippering schiet de burger niets op. Het is niet uit te leggen dat de ene overheid wel en de andere niet aan de eisen voldoet. Alle burgers hebben recht op gelijke kwaliteit van dienstverlening ongeacht waar ze wonen. Omdat veel gemeentelijke taken gebaseerd zijn op nationale wetgeving kan zo'n verschil ook niet. Men mag zich ook afvragen of een gemeente die niet in staat is gemakkelijke, veilige en toegankelijke dienstverlening te bieden wel recht van bestaan heeft.

Wat dat betreft kunnen gemeenten een voorbeeld nemen aan het rijk, dat met een verregaande uniformering dit kwaliteitstekort en deze geldverspilling te lijf is gegaan. Niemand bezoekt een overheidswebsite voor zijn lol, niemand zit niet te wachten op onnodige variaties. Bovendien gaat een deel van de Webrichtlijnen over efficiency, waarbij de burger ook baat heeft als belastingbetaler.

Sancties
Waarmerk Drempelvrij staat open voor kritiek op het bestaande systeem. Voor het rijk komt er een proces- in plaats van een productkeuring. Gemeenten wil men tegemoet komen met een quick scan waaruit blijkt aan hoeveel van de 125 eisen een overheidsorganisatie voldoet en wat er moet gebeuren. Dat voegt echter weinig toe aan het huidige systeem met een waarmerk op 3 niveaus. Het echte probleem is immers dat nog zo weinig organisaties het basisniveau halen. Dat los je niet op met het afschaffen van de keuring.


Doel is en blijft een toegankelijke website. Het beste middel om dit aan te tonen is een onafhankelijke keuring. In september moet de minister aan de Tweede Kamer melden of een wettelijke verplichting met sancties nodig is. Dat is helaas het geval. De bestuurder op de digitale snelweg moet niet zelf bepalen of zijn voertuig door de keuring komt, net zomin als de slager zijn eigen vlees mag keuren (laat staan de eisen verlagen).

Matt Poelmans is verbonden aan Overheid 2.0.



Meer over