'Nieuw handboek psychiatrie is onverantwoord'

Het hoofdstuk over persoonlijkheidsstoornissen in het nieuwe handboek voor psychiatrie is onverantwoord. Dat zegt psycholoog Roel Verheul, die zich na vier jaar terugtrekt uit de werkgroep die het hoofdstuk voorbereidde. Na eerdere ophef over belangenverstrengeling van de samenstellers staat de nieuwe DSM-5 daarmee nu ook inhoudelijk ter discussie.

Illustratie Beeld ANP

De voorgestelde veranderingen om persoonlijkheidsstoornissen vast te stellen, waar nu bijvoorbeeld borderline en narcisme onder vallen, zijn te radicaal, te ingewikkeld en onvoldoende wetenschappelijk onderbouwd, vindt Verheul. Met hem stapte om die reden ook een Canadese deelnemer uit de werkgroep.

De voorzitter van de werkgroep, psychiater Andrew Skodol, betreurt het vertrek van de twee, maar is het niet eens met de kritiek. Hoewel de nieuwe criteria nog niet tot op de bodem zijn getest, zijn ze volgens hem een grote verbetering ten opzichte van de huidige criteria.

Grote invloed
Het nieuwe handboek, dat wordt samengesteld en uitgegeven door de American Psychiatric Association en in 2013 zal verschijnen, heeft grote invloed op de Nederlandse geestelijke gezondheidszorg. Verzekeraars vergoeden alleen een behandelingen die gebaseerd zijn op een diagnose uit de DSM.

De nieuwe versie lag eerder onder vuur omdat tweederde van de samenstellers banden bleek te hebben met de farmaceutische industrie. Ook vreesden critici door de toename van het aantal stoornissen voor medicalisering van normaal gedrag.

Het nieuwe systeem is zo complex dat de kans toeneemt dat bij iemand onterecht een stoornis wordt vastgesteld of een stoornis juist over het hoofd wordt gezien, zegt Verheul, bestuursvoorzitter van het Landelijk Centrum voor Persoonlijkheidsstoornissen en bijzonder hoogleraar Persoonlijkheidsstoornissen aan de Universiteit van Amsterdam. 'Het moest juist eenvoudiger worden.'

Betrouwbaarheid
Ook heeft Verheul kritiek op de betrouwbaarheid van het nieuwe systeem. 'Alle persoonlijkheidsstoornissen krijgen nieuwe criteria, maar die zijn uit de lucht gegrepen', zegt hij. 'Uit een veldproef blijkt de betrouwbaarheid onvoldoende en toch blijven ze gehandhaafd.' Door de zucht naar vernieuwing heeft de werkgroep volgens hem de 'tamelijk massieve' kritiek van wetenschappers naast zich neergelegd.

Onverstandig, vindt hij, omdat elke verandering grote verschuivingen kan veroorzaken in het aantal mensen bij wie een diagnose wordt gesteld. 'Bij een revisie moet je daarom altijd terughoudend zijn. Nu al heeft 10 tot 15 procent van de mensen een persoonlijkheidsstoornis. Tegelijkertijd moeten we bezuinigen in de zorg omdat de kosten te veel stijgen.'

De werkgroep zou behoudender moeten zijn, vindt Verheul. 'De DSM-4 heeft veel goeds gebracht: persoonlijkheidsstoornissen hebben nu de aandacht van wetenschappers en de samenleving. We hebben dus ook veel te verliezen.'

Maar volgens Andrew Skodol is alles bij het huidige laten hetzelfde als verliezen. 'Het veld is veranderd, de kritiek op de huidige DSM is groot. We moeten wel veranderen en de nieuwe voorstellen bieden veel potentieel voor verder wetenschappelijk onderzoek.'

 
Werkgroep heeft massieve kritiek naast zich neergelegd
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.