'Mond dicht' en 'zeg alles' voor de commissie-De Wit

De getuigen van de enquêtecommissie-De Wit, die de kredietcrisis onderzoekt en onder ede verhoort, zitten klem tussen twee wetten.

DEN HAAG - TEGENSTELLING


Wet op de parlementaire enquête, artikel 15, lid 1.


De verplichting tot medewerking geldt eveneens voor degene voor wie een verplichting tot geheimhouding geldt, ook indien deze verplichting bij wet is opgelegd, behoudens de mogelijkheid van verschoning (...).


Wet op het financieel toezicht, artikel 1:89, lid 1.


Het is een ieder die uit hoofde van de toepassing van deze wet of van ingevolge deze wet genomen besluiten enige taak vervult of heeft vervuld, verboden van vertrouwelijke gegevens of inlichtingen (...) verder of anders gebruik te maken of daaraan verder of anders bekendheid te geven dan voor de uitvoering van zijn taak of door deze wet wordt geëist.


TEGENSTELLING


Plots stopt de spraakwaterval van de oud-ING-bestuurder. 'Als ik uw vraag beantwoord, kan ik strafrechtelijk vervolgd worden', zegt Dick Harryvan, ooit baas van internetbank ING Direct. Toch vraagt commissielid en GroenLinks-Kamerlid Rik Grashoff door. 'Ik heb u dit al achter gesloten deuren verteld', brengt Harryvan uit. Aan het eind van diens verhoor afgelopen maandag zegt commissievoorzitter Jan de Wit: 'Hartelijk dank voor uw openhartige antwoorden.'


DEN HAAG Er zit spanning op de vijftig verhoren van de parlementaire enquêtecommissie financieel stelsel De Wit, die dinsdag overigens niemand ondervroeg. De commissie onderzoekt de kredietcrisismaatregelen die de overheid nam tussen september 2008 en februari 2009. Daarbij speelde geheimhouding een cruciale rol. 'De Wit' kreeg niettemin toegang tot bijna alle relevante documenten en heeft nu kastenvol vertrouwelijke e-mails, rapporten en cijfers.


Daar bovenop hebben alle ruim veertig getuigen die de commissie hoort een voorgesprek gehad achter gesloten deuren. Daarmee nam de berg vertrouwelijk materiaal verder toe. Feitelijk kan de commissie niets met die berg. Ze komt in maart volgend jaar met een openbaar rapport. Daarin mogen geen vertrouwelijke zaken staan. Tenzij die in een van de openbare verhoren ter sprake zijn gekomen. Dan worden geheimen als het ware witgewassen.


De Nederlandse financiële sector, vooral de banken, zijn er als de dood voor dat 'De Wit' door gaat vragen over zaken die geheim moeten blijven. Vertrouwen en dus vertrouwelijkheid beschouwen ze als hun raison d'être. Er is echter een probleem: de getuigen die beschikken over vertrouwelijke informatie hebben te maken met twee wetten die volmaakt tegengesteld zijn.


De Wet op het financieel toezicht verplicht de betrokkenen hun mond te houden. Wie werkt voor, met of namens De Nederlandsche Bank (DNB), de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en het kabinet, mag vertrouwelijke informatie nooit naar buiten brengen, zo staat in de wet.


Maar, vroeg minister van Financiën Jan Kees de Jager aan de Raad van State, hoe verhoudt zich dat nu met de Wet op de parlementaire enquête? Die zegt dat iedereen die een geheimhoudingsplicht heeft, toch moet meewerken aan 'De Wit'. Dat vindt De Jager gezien het onderwerp zeer op zijn plaats, zo schrijft hij aan de raad. 'Bij de totstandkoming van de maatregelen waartoe de overheid zich genoopt zag, was de parlementaire betrokkenheid vooraf beperkt.'


Dit schept verplichtingen, stelt de minister, vooral van kabinet en toezichthouders. Als parlementaire controle vooraf en tijdens zo afwezig is geweest, dan moet die toetsing achteraf boven elke twijfel verheven zijn. Geef me dus raad hoe om te gaan met de spanning tussen de twee wetten, was wat De Jager aan het hoogste adviescollege vroeg.


Had De Jager advies gevraagd aan financiële bedrijven, dan kreeg hij dezelfde dag nog te horen dat de Wet op het financieel toezicht leidend moet zijn. Dus: mond dicht. De financiële wereld zegt niet te kunnen functioneren als vertrouwelijke informatie langs parlementaire weg op straat kan komen te liggen - desnoods na vele jaren.


Vertegenwoordigers van de financiële sector vrezen dat de commissie door scoringsdrift wordt bevangen. 'De Wit' blikt per slot terug naar een vorige financiële crisis, terwijl thans de volgende alweer huishoudt. Met argusogen kijken ze naar het flitsende YouTube-filmpje waarmee de commissie haar relevantie claimt. Scoren, zo is hun angst, doet 'De Wit' door iets naar buiten te brengen dat geheim is - desnoods na lang peuteren en verwijzend naar het feit dat de getuige onder ede staat.


Op welke wet zo'n getuige zich dan kan beroepen, daar kwam de Raad van State niet helemaal uit. Wel dat ze het in het buitenland beter geregeld hebben. Landen zoals Spanje, Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië en Italië hebben gekozen voor vrije informatieverstrekking aan het parlement. In Nederland zou dat betekenen dat de Wet op de parlementaire enquête boven de Wet op het financieel toezicht gaat.


Al met al blijft de vraag om advies van De Jager onbeantwoord. Misschien moet hij eens bij de Europese Commissie zijn licht opsteken, oppert waarnemend vicepresident van de Raad van State, Rein Jan Hoekstra. Het beste advies dat Hoekstra aan De Jager kan geven is 'tot een benadering te komen die zoveel als mogelijk aan beide belangen recht doet'.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.