Column

'Maarten van Roozendaal wist als geen ander: het leven draait je een loer'

Nooit zag ik een heel soloprogramma van Maarten van Roozendaal, en ook de afgelopen dagen, de dagen na zijn overlijden, bleef het angstwekkend stil bij de publieke omroep, schrijft columnist Martijn Simons. 'Je kunt dat een schande noemen, je kunt er ook om lachen.'

ARCHIEFFOTO 16-11-2008 - Zanger en kleinkunstenaar Maarten van Roozendaal is maandag in zijn woonplaats Amsterdam op 51-jarige leeftijd overleden. Beeld anp

Een wild briesende kerel die alles wat hij zong persoonlijk leek te hebben meegemaakt, met zijn lange benen en grote handen achter de piano als de poppen in die clip van Supergrass, die gedachte had ik de eerste keer toen ik Maarten van Roozendaal zag, zo rond de eeuwwisseling. Hij brulde en hij bulderde dat het een lust was, en dan weer was hij ingetogen en lief. De woorden leken door zijn lippen naar buiten te willen barsten.

Ik zou hem nog een aantal keer zien, bijna altijd in gezelschap van bassist Egon Kracht, die achter op het podium nu en dan zijn lach niet kon inhouden. Telkens in een klein theater. Zijn publiek vond hij niet in de grote zalen, zijn liedjes waren blijkbaar voor niet voor iedereen. Het deed hem niks. Hij wilde niet behagen, gelukkig maar. Anders zou hij nooit zinnen geschreven hebben als: 'Het is fijn om onverschrokken, ondanks alles steeds jezelf te zijn. Het is fijn om dat te zijn wat je nou net niet bent.'

Hij was geen kermisartiest, hij was een kunstenaar.

Maandag overleed hij. Diezelfde avond zong Maaike van Ouboter in het programma 'De beste singer-songwriter van Nederland' een ode aan Van Roozendaal. Zij treft hem in café Het Kalfje, waarover Van Roozendaal al eerder zong: 'Dus besloot ik tot een laatste één na laatste, op naar Het Kalfje'. Het nummer van Van Ouboter werd eerder opgenomen, en per toeval uitgezonden vlak nadat Van Roozendaal overleed.

Zijn werk werd sporadisch uitgezonden op televisie. Af en toe zag je hem langskomen en altijd wilde je meer, meer dan de paar minuten zendtijd die hem gegund werden. Nooit zag ik een heel soloprogramma van hem, en ook de afgelopen dagen, de dagen na zijn overlijden, bleef het angstwekkend stil bij de publieke omroep. Je kunt dat een schande noemen, je kunt er ook om lachen.

Van Roozendaals liedjes zijn van een wrange schoonheid, de dood is nooit ver weg. Zelf zei hij daarover: 'Je weet dat je aan de grilligheid bent overgeleverd. Er is niemand om je te helpen.'

Het noodlot was niet aan hem besteed. Hij lachte het recht in zijn gezicht uit. Maarten van Roozendaal wist als geen ander: het leven draait je een loer.

Voor het programma De gemene deler, dat zijn laatste zou worden, waren de kaartjes al binnen. We kregen het aankoopbedrag retour.

Martijn Simons is schrijver en columnist voor Volkskrant.nl.
Twitter: @MartijnSimons

 
Hij wilde niet behagen, gelukkig maar. Anders zou hij nooit zinnen geschreven hebben als: 'Het is fijn om onverschrokken, ondanks alles steeds jezelf te zijn. Het is fijn om dat te zijn wat je nou net niet bent.'
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.