'Jan Hoet werkte beter dan een pil'

GENT - Witte eettentjes, een mobiele espressobar en tafels vol wijn en bier. Het lijkt wel een picknick, op het grasveld voor het Stedelijk Museum voor Actuele Kunst in Gent. In werkelijkheid is het de afscheidsplechtigheid van Jan Hoet, de befaamde Belgische curator en kunstkenner, die afgelopen donderdag op 77-jarige leeftijd overleed.


'Een groot volksfeest' wilde Hoet als afscheidsplechtigheid. Geen begrafenis in de monumentale Sint-Baafskathedraal, zoals verwacht voor iemand van zijn statuur, maar in de veel kleinere Sint-Pauluskerk op een paar passen van zijn huis. Daarna een koffietafel met gratis uiensoep en broodjes met 'uufflakke' - het Gentse woord voor kopvlees en Hoets lievelingskostje - voor iedereen.


Zo geschiedt het ook. In de kerk en daarna aan de koffietafel zijn tientallen nationale en internationale kunstenaars aanwezig, zoals Jan Fabre, Marlene Dumas, Michaël Borremans en David Hammons. Maar ook honderden 'gewone mensen', die niet noodzakelijkerwijs veel van kunst weten, maar in de loop van hun leven op de een of andere manier door Hoet zijn geraakt.


'Ik hou niet zo van moderne kunst', zegt de gepensioneerde Leon uit Brugge. 'Ik zie liever Van Eijck, Rubens, of een mooi landschap. Maar Jan Hoet kon het zo goed uitleggen dat ik daar toch begon over na te denken. Die hesp aan die zuilen (een controversieel werk van Jan Fabre, red.), dat vond ik goed gevonden. Ik zou het niet in mijn huis zetten, maar het was origineel.'


'Ik had vooral bewondering voor zijn karakter', zegt Gudrun Van Hauwaert, ook uit West-Vlaanderen. 'Hij kon gelukkig zijn als een kind. Ik heb hem een paar keer meegemaakt op tentoonstellingen en ik zag dat de mensen altijd opgewekt waren als ze met hem gepraat hadden. Een formidabele man. Ik ben verpleegster en ik zei altijd: Jan Hoet, die werkt beter dan een pil.'


De 'kunstpaus', zo werd Jan Hoet in België genoemd. De man die hedendaagse kunstenaars maakte of kraakte. Maar hij was ook de man die zijn volk naar hedendaagse kunst leerde kijken, met zijn gepassioneerde mediaoptredens, zijn ontoombare enthousiasme, en uiteindelijk zijn Stedelijk Museum voor Actuele Kunst (SMAK), dat hij in 1999 opende met een boksmatch.


Dat volk komt massaal afscheid nemen van Hoet. Tijdens de begrafenis staan ze rijen dik, tot ver buiten de kerk. De offergang, waarbij iedereen bij de kist een laatste groet brengt, is begroot op 17 minuten, maar duurt meer dan drie kwartier. En het doodsprentje, een reproductie van een schilderij van Marlene Dumas, is tweeduizend keer afgedrukt. Maar dat blijkt toch veel te weinig.


Het is een klassieke dienst, met een strijkkwartet, orgelmuziek, gebeden en gezangen. 'Jan was verre van een heilige, maar toch straalde hij iets evangelisch uit', aldus priester Michel De Beer. 'Jan, organiseer nu maar je ultieme tentoonstelling voor Gods engelen. Onze Heer zal zich met plezier laten rondleiden.'


Daarna trekt de rouwstoet naar het SMAK, voor de koffietafel. Befaamde kunstenaars en curatoren staan samen met kunstleken en zelfs een paar zwervers in de rij voor uiensoep. 'Ik heb hier net een kunstenaar ontmoet die een kakmachine heeft gemaakt (Cloaca van Wim Delvoye, red.)', zegt een wat sjofele man, die doodsprentjes verzamelt. Hoets vrienden kijken tevreden toe: zo had Jan het gewild.


De Chinese kunstenaar Cai Guo-Qiang, bekend van zijn explosieperfomances, luidt Hoet uit met een ontploffing en een zwarte wolk. Die drijft langzaam weg langs een bronzen standbeeld van Jan Fabre, door Hoet op het dak van het museum geplaatst.


'Je ziet: Jan Hoet, die gaat niet dood', zegt Willem Van Couwenberghe, die in 1999 bij de opening van het SMAK was en sindsdien onvoorwaardelijk fan is gebleven. 'Alles wat je hier ziet, dat is van hem. Zijn lichaam is weg, maar hij blijft gewoon leven.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.