'Ik wil tegelijk met m'n koeien dood'

GODÉWie Godé binnenrijdt ziet aan de rand van de stad honderden karkassen liggen. Het vlees van de dode koeien is van het geraamte gescheurd door hyena's....

Het vee is naar het zuiden gedreven door nomadische herders, op zoek naar de enige onuitputtelijke bron van water die dit gebied rijk is: de Wabi Shabele, de rivier waaraan Godé is gebouwd.

Gewoonlijk telt de stad veertigduizend inwoners, nu zijn het er in drie maanden tijd zestigduizend geworden.

Zestigduizend mensen met honger.

Godé ligt midden in een gebied, zo groot als België, waar al drie jaar vrijwel geen druppel regen is gevallen. Voorlopig wordt er ook geen regen verwacht, al is het natte seizoen officieel zojuist begonnen.

De moslim-bevolking bidt dagelijks om regen. Maar de droogte houdt hardnekkig stand en de honger begint zijn tol te eisen. In maart zijn er in Godé en omgeving meer dan vierhonderd doden gevallen, zei een regionale gezondheidsfunctionaris woensdag. De stad zelf telt 203 doden - waarvan 60 procent kinderen van onder de vijf.

'Ik had drie kinderen, maar twee zijn er nu dood', zegt de 29-jarige Ardo Mahamoud. Vijf dagen geleden is ze in een opvangcentrum in Godé gearriveerd, na een voettocht van veertig kilometer. Haar zoontje van vier is onderweg gestorven, haar dochter van zes is vier dagen geleden in het kamp overleden.

'Toen we hier aankwamen kon Line, mijn dochtertje van twee, niet eens meer rechtop zitten. En kijk eens, nu houdt ze alweer zelf haar flesje vast', zegt ze met een zwak glimlachje.

Zoals zoveel vrouwen die op zoek zijn gegaan naar voedsel en water voor hun kinderen, heeft Ardo afscheid moeten nemen van haar man. Hij voert een wanhopige strijd om te redden wat er nog te redden valt van de veestapel, hun enige bezit.

'We hebben zestig koeien verloren en we hadden ook een stuk of honderd schapen - die zijn allemaal dood', zegt ze gelaten. 'Ik weet niet hoe het met mijn man gaat, en met de tien koeien die we nog hadden.' Ze heeft geen idee hoe het verder moet.

In dit haastig opgetrokken kamp worden met hulp van het Amerikaanse Save the Children momenteel 180 peuters met bolle buikjes en holle ogen opgevangen. Hinda van veertien houdt haar uitgeputte zusje in beide armen. 'Twee kinderen zijn hier doodgegaan, mijn vader en moeder zijn in het dorp overleden', vertelt ze.

Na de dood van haar ouders is ze samen met andere dorpelingen naar Godé getrokken - zeventig kilometer lopen. 'We hadden een stokmagere ezel om de kleintjes te dragen, maar die is halverwege bezweken', vertelt ze.

Midden tussen al die vrouwen zit Ali, een man van 62 die wel tachtig lijkt, met zijn zoontje van zes. Zijn vrouw ligt in het enige ziekenhuis van de stad, een ander kind is van honger gestorven. 'Ik had zestig koeien, nu heb ik er nog twee', zegt Ali. 'Ik denk dat maar liever tegelijk met de koeien wil doodgaan.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.