'Ik schijt altijd heel compact. Eén keer vegen is genoeg'

Een discussie bij de sigarenboer over de (on)zin van vochtig toiletpapier

.

Foto Kambayashi via Flickr

Bij het buurtpostkantoortje annex de sigarenboer stond ik in de rij te wachten met een pakje dat verzonden moest worden. Er wonen daar twee oude streepjeskatten, van wie er altijd wel een op de toonbank ligt te slapen, het lichaampje bevallig om de kassa gedrapeerd. Als je aan de beurt bent mag je hem aaien, dus ik hoop altijd - tot nu toe vergeefs - dat er tijdens het wegen en frankeren van mijn post iets mis gaat, een stroomstoring of aardbeving of zo, zodat ik kan aaien tot ik een ons weeg.

Terwijl ik verlangend naar die slapende kat keek, luisterde ik naar twee mannen achter me. Ze waren rond de 50 en leken op elkaar; vlezig, blozend, met rudimenten van blond stekelhaar. De een had zijn linkerhand in het gips en constateerde dat het druk was. De ander droeg een rode boodschappentas van de Dirk en meende dat het aan de feestdagen lag. De gipshand keek op zijn telefoon, die een piepje had gegeven, en sprak: ''t Is Astrid. Of ik vochtig toiletpapier mee wil nemen.' Hij leek verbaasd. De Dirktas knikte begrijpend. 'Je zal maar zónder zitten', zei hij. Het klonk niet ironisch. 'Voch-tig toi-let-papier?', sprak de gipshand langzaam. Hij trok een vies gezicht, alsof hij het op zijn tong proefde.

'Ken je dat niet?', riep de Dirktas. Nu klonk híj verbaasd, ja, zelfs een beetje gepikeerd. 'Van die natte lappies om je hol mee af te vegen. Ná het gewone toiletpapier, als het ware. Da's lekker fris.'

De gipshand dacht even na. 'Lijkt me een rotgevoel', besloot hij.

'Nou, dan ben ik blij dat ík jouw onderbroeken niet hoef te wassen', riposteerde de Dirktas. 'Lekker, die remsporen...' De gipshand keek of hem een groot onrecht werd aangedaan. 'Ik héb nooit geen remsporen', sprak hij op hoge toon. De kat opende even geërgerd zijn ogen, maar sliep weer door. 'Ik schijt altijd heel, hoe heet het? Heel compact. Eén keer vegen is genoeg. Eigenlijk hoeft het geeneens. Dat papiertje komt brandschoon tevoorschijn. Het is ook wat je eet, hè? Als jij je hol na het schijten met een nat lappie moet poetsen, dan eet je te weinig vezels.'

De Dirktas zette grote, verontwaardige ogen op. 'Wat nou, te weinig vezels?', riep hij. 'Ik vreet elke dag de halve fruitschaal leeg! Vraag maar aan Sandra! Hele zakken appels gaan erdoorheen! Nee, jíj dan! Als ik jou één keer in de week een banaan zie eten is het veel! Logisch dat jij je hol met een nat lappie moet poetsen!'

De kat was nu écht wakker en sprong van de toonbank, de winkel uit.

Nét toen ik aan de beurt was.

Reageren? s.witteman@volkskrant.nl

Meer over