'Ik leef een degoutant luxe leven'

Interview met schrijfster Griet Op de Beeck

Ze stopte met haar werk, huwelijk en anorexia. Griet Op de Beeck werd schrijfster.

Beeld Stephan Vanfleteren

Woensdag werd bekend dat Griet op de Beeck het Boekenweekgeschenk voor 2018 gaat schrijven. Lees hier het interview terug dat in Februari 2016 in Volkskrant Magazine stond.

'Ik ben geworden wie ik altijd al was' zegt Griet Op de Beeck na 25 minuten in een café in haar woonplaats Gent. Het is dat deel van haar leven dat ze graag prijsgeeft in interviews: 'Ik ben altijd al een schrijver geweest. Ik durfde het alleen niet in praktijk te brengen.'

Al eerder vertelt ze hoe ze mensen raakt met haar boeken. 'Ik had een optreden met de Belgische muzikant Wannes Cappelle in een uitverkochte Gentse schouwburg. Er zaten zeshonderd mensen in de zaal en nadien kwamen mensen om hun boek te laten signeren. In die lange rij stond een mevrouw die begon te huilen toen ze onze tafel was genaderd. Ze zei: 'Ik ben u mijn leven verschuldigd.' Ze vertelde dat ze concrete plannen had gehad om een einde aan haar leven te maken - ze had de brieven al geschreven. Tot iemand in haar omgeving - en dat is de sleutelfiguur hè, niet ik - haar mijn boeken gaf en vroeg of ze die alsjeblieft nog wilde lezen. Dat had ze twee dagen achtereen gedaan. Daarna had ze besloten om echt hulp te zoeken. Toen ze in die rij stond, was het twee maanden later.

'Er zijn voortdurend mensen die ingrijpen in hun leven nadat ze mijn boeken hebben gelezen. Die eindelijk die foute relatie beëindigen waar ze al te lang in zitten. Die eindelijk dat gesprek met hun vader durven aan te gaan. De voorbeelden zijn eindeloos, dat is toch bijzonder. Maar voor alle duidelijkheid: ik schrijf geen zelfhulp-boeken, hè. Ik probeer gewoon een goed boek te schrijven. Maar tot mijn verwondering, mijn verbazing en ook mijn verrukking - laten we eerlijk zijn, iedere artiest droomt ervan impact te hebben - krijg ik zulke reacties vaak.'

Als je besluit schrijver te worden, denk je dan na over de impact die je zult hebben?

Lacht: 'Nee. Ik hoopte dat ik meer dan driehonderd boeken zou verkopen. Ik hoopte dat ik een uitgever zou vinden.'

De boeken van de Vlaamse Griet Op de Beeck (42) zijn een ongekend succes. Haar debuutroman, Vele hemels boven de zevende, verscheen toen ze 39 was; eerder was ze dramaturg en journalist. Het boek is toe aan zijn 40ste druk. Haar tweede boek, Kom hier dat ik u kus, doet het nog beter. Op de Beeck verkocht in totaal al 400 duizend boeken. Vorige week verscheen haar derde, Gij nu, een boek over vijftien personages die allemaal, zegt ze, 'op een kantelpunt in hun leven staan'.

'Op dat kantelpunt valt het vaak stil, omdat de machteloosheid heeft gewonnen, of het schuldgevoel of de angst. Het verleden kortweg - want dat is vaak wat mensen in de weg zit. Voor mij is de kwestie: kies je voor evolutie of kies je ervoor de dingen te laten stagneren? Dat komt door zinnetjes in je achterhoofd als: we moeten ook niet te veel verwachten van het leven, het is overal wel wat. Of: laten we nou maar tevreden zijn met wat we hebben. En hoeveel begrip ik ook heb, zeker als schrijver, voor de machteloosheid van mensen, ik vind het geweldig als mensen de stap wél durven zetten om dingen te veranderen in hun leven.'

CV Griet Op de Beeck

22 augustus 1973 Geboren in Turnhout (België).

1990 Studie Germanistiek, Antwerpen.

1994 - 2004 Werkt als dramaturg voor o.m. Monty, Compagnie De Koe en het Toneelhuis in Antwerpen.

2004 - 2013 Werkt als journalist voor o.m. Humo en De Morgen, schrijft columns, reportages en interviews.

2013 Debuutroman Vele hemels boven de zevende (genomineerd voor de AKO Literatuurprijs).

2014 Kom hier dat ik u kus (genomineerd voor de NS Publieksprijs, verfilming in de maak).

2016 Gij nu, net verschenen bij Prometheus.

Griet Op de Beeck is gescheiden en woont in Gent.

Dus die Gij uit de titel, dat is de lezer? Een aansporing; kies nu voor jezelf?

'Ik zou het nooit zo formuleren, want zulke slagzinnen kunnen enorm misbruikt worden om jezelf te rechtvaardigen. Maar ik geloof wel: we hebben allemaal een tapijt. En we zijn geneigd daar alles onder te vegen wat ons verontrust, alles waar we kwaad van worden of emotioneel. Daar staan we met twee voeten stevig bovenop en we kijken recht vooruit. Zo hopen we dat het niet bestaat. We zijn allemaal bang om te kijken wat er onder dat tapijt ligt, want dan krijgen we misschien een burn-out of een depressie, dus laten we maar blijven glimlachen en doen alsof het er niet is. Terwijl ik er heilig in geloof dat je depressies en dat soort ziekten krijgt door níet te kijken wat er onder dat tapijt ligt.'

Beeld Stephan Vanfleteren

Dat heeft met jouw persoonlijke geschiedenis te maken.

Afwerende glimlach: 'Dat niet alleen. Het heeft absoluut ook te maken met wat ik om mij heen zie, wat ik aan verhalen hoor van lezers die ik volstrekt niet ken.'

Griet Op de Beeck groeide op in Turnhout in een gezin waar de liefde 'niet per strekkende meter werd uitgedeeld', zoals ze het eens formuleerde. Haar vader, die overleden is, was wijnhandelaar, haar moeder huisvrouw. Ze heeft drie zussen en een broer. Haar ouders waren 'beschadigde mensen, ja', antwoordt ze en haar jeugd vormde haar tot een plooibaar, perfectionistisch meisje met een laag zelfbeeld dat anorexia kreeg en op haar 26ste nog geen 40 kilo woog.

'Ik was een stoer kind hoor, toen ik klein was. Niks aan de hand, alles komt goed. Maar de kinderen die het meeste lachen, daar moet je je het meeste zorgen om maken.'

Je schrijft vaak over kwetsbare, mishandelde kinderen. Mona, de hoofdpersoon in Kom hier dat ik u kus, wordt als kind opgesloten in de kelder. In je columns toon je je betrokken bij kinderen die worden verwaarloosd of misbruikt.

'Ja, zulke kinderen worden volgens mij vaak niet gezien. Het zijn de kinderen die nooit om iets vragen, die zorgen dat altijd alles geregeld is. Ze proberen het iedereen naar de zin te maken. In een groep haal ik die kinderen er altijd uit. Ik heb er een zwak voor, maar ik denk dat we daar beter met z'n allen een zwak voor zouden moeten hebben. Er kwam onlangs een kinderpsychiater naar me toe die mijn boek voor al zijn medewerkers had gekocht. Hij had gezegd: als je wilt weten wat kinderen ervaren, moet je dit boek lezen. Daar ben ik zo blij mee.'

Is Mona's verhaal ook het jouwe? Wat gebeurde er bij jullie thuis?

'Als ik dat zou willen vertellen, had ik dat al lang gedaan. Het doet er niet toe. Mijn boeken zijn persoonlijk, maar niet autobiografisch. De anekdotiek van het verhaal is ondergeschikt.'

Als je als kind wordt mishandeld, dan doet dat er toch toe?

'Jij gebruikt het woord mishandeld, dat heb ik niet gezegd. Toen mijn boeken uitkwamen, heb ik erover nagedacht: wat wil ik wel zeggen en wat niet? Ik ben geen bekende Nederlander die in de roddelbladen staat en die in elk tv-programma zit, dus ik wil daar niet over praten. Ik schrijf boeken. Een schrijver is iemand die kiest voor een medium waarover hij alle controle heeft. Ik vind niet dat een schrijver de verplichting heeft om zijn hele hebben en houwen uit de doeken te doen.'

Over hoe je bent gevormd door je jeugd heb je wel gesproken. Je ontwikkelde anorexia.

'Een slimme interviewer is daar achtergekomen en heeft mij er live op de radio mee geconfronteerd. Toen vond ik het lullig daarover te liegen. Ik wil er ook over praten omdat er bij veel mensen misverstanden over bestaan. Het wordt nog altijd gezien als een ziekte van meisjes die gefotoshopte modellen in tijdschriften zien staan en denken: zo wil ik ook zijn. Daar heeft het niks mee te maken, echt niks. Anorexia gaat over jezelf straffen. Over controle krijgen over je emotionele leven - daarom is het zo'n moeilijk gevecht om te winnen. Toch is het mij wel gelukt.'

Beeld Stephan Vanfleteren

Waarom moest je jezelf straffen?

'Heel simpel: omdat ik niet goed genoeg was. Ik vond mezelf zelfs radicaal fout.'

Beeld Stephan Vanfleteren

Je had in de periode een baan als dramaturg, je had je studie afgemaakt, het leek alsof je je leven op de rails had.

'O ja, aan de buitenkant zag het er allemaal goed uit: ik had leuke vrienden, een job in een spannende theateromgeving, ik woonde in een tof appartement in een hippe buurt in Antwerpen. Ik wekte de indruk dat alles oké was, maar ik had nooit het gevoel dat ik er mocht zijn. Ik voelde me alleen sterk door niet te eten. Want niet veel mensen kunnen dat. Ik at minder en minder, op het laatst alleen nog een potje magere yoghurt in de ochtend, tot ik 39 kilo woog.'

Hoe reageerde je omgeving daarop? Iedereen moet dat hebben gezien.

'Ja, en de mensen die me goed kenden, waren ook zeer bezorgd. Maar hoe meer mensen zeiden: eet nu toch, hoe harder de stemmen in mijn hoofd klonken dat ik dat juist níet moest doen. Vrienden en collega's drongen erop aan dat ik hulp zou zoeken, maar verder konden ze niet veel doen. Op mijn werkzaamheden was niks aan te merken. Ik sportte - uren per dag -, ik presteerde naar behoren, ik functioneerde gewoon. Vergeet niet, ik ben niet groot, 1,62 meter; mensen die me niet kenden, zagen het vaak niet eens, die dachten dat ik gewoon heel dun was. Ik zie het wel, hoor. Ik pik vrouwen met anorexia er zo uit op straat.'

Wat helpt wel bij een anorexiapatiënt?

'In elk geval niet: dwingen om te eten. Het meest ben ik geholpen door de mensen die gewoon bleven, die een avond bij me waren zonder dat het erover ging. Ik ben een paar keer naar een kliniek geweest, maar ik was te koppig om mij daar echt te laten helpen. Uiteindelijk heb ik het in mijn fucking eentje gedaan. Ik was een dag zeilen met een vriend en lag op het voordek in de zon, toen we ergens aanmeerden om een stadje in te gaan. En ik kon niet opstaan. Ik had niet de kracht om overeind te komen. Toen dacht ik: het kan nu nog maar twee kanten op. Of ik ga eten of ik word zometeen kunstmatig gevoed.'

Dat moet een enorme opgave zijn geweest, om weer een gewone maaltijd te eten.

'Dat was moeilijk, ja. Ik had al anderhalf jaar niet meer op iets gekauwd. Ja, yoghurt, maar dat is meer lepelen. Een tomaat ging stukje voor stukje en dan voelde het alsof ik een zevengangenkerstdiner op had.'

Iets later: 'Weer eten is één ding, maar je moet ook kijken naar de diepere oorzaken. Pas als je daarmee aan de slag gaat, kun je echt verder. Anorexia is net zoiets als een drankprobleem. Het is altijd een zwakke plek waar je rekening mee moet houden.'

Later kwam er nog zo'n 'kantelpunt' in het leven van Op de Beeck: de dag dat ze besloot een einde te maken aan haar huwelijk, dat vijf jaar had geduurd. Ze is er kort over: 'We waren niet de mensen die voor elkaar hadden moeten kiezen.'

Je hebt wel eens gezegd: ik had een neus voor foute mannen.

'Alle mensen zijn geneigd patronen te herhalen van vroeger, omdat ze die kennen. Mijn keuze voor die echtgenoot was daar een voorbeeld van. Het gold ook voor vriendschappen: ik heb een verleden waarin allerlei mensen rondliepen die niet zo goed voor mij waren. Maar ik heb inmiddels geleerd beter te kiezen. Mannen die erg met zichzelf in de weer zijn en weinig ruimte overlaten voor een ander, zoek ik niet meer op.'

Wat zorgde ervoor dat je de scheiding aanvroeg?

'Het besef dat ik méér wilde in het leven. Dat ik meer ruimte verdiende. Dat was een evolutie: ik begon de dingen langzaam maar zeker helderder te zien. Bepaalde beslissingen kun je lang uitstellen, maar als het dan helder is, durf ik ook te handelen.'

Had je dat inzicht verkregen in therapie?

'Nee, het was pas later dat ik bij een briljante psychotherapeut terechtkwam, het slimste wijf van de wereld. Ik ben een groot voorstander van een goede therapeut. Ik ben ervan overtuigd dat wij als mensen allemaal blinde vlekken hebben. Pas als je daar de spot op durft te zetten, gaat het beter. Mindfulness en meditatie, dat kan ook allemaal helpen, maar een goede therapeut durft te confronteren. Die breekt dwars door je weerstand heen.'

Waarmee werd je geconfronteerd?

Gereserveerd weer: 'O, met duizend dingen, dat is niet zo concreet. In elk geval kreeg ik toen pas echt vaste grond onder mijn voeten. Ik wilde al mijn hele leven schrijver worden en niet lang daarna ging ik het ook doen.'

Opvallend aan je curriculum is inderdaad dat je steeds minder dienstbare, bescheiden beroepen kiest. Je begint als dramaturg...

'Inderdaad, dienstbaarheid is de essentie van het beroep dramaturg.' Lachje: 'Daarom had ik dat vak ook gekozen, hè.'

Wat doe je als dramaturg, wat is dat voor een vak?

'Ha, niemand die het weet, inclusief de dramaturgen zelf. Je houdt je in essentie bezig met de tekst van het te spelen toneelstuk, maar soms had ik het gevoel dat ik betaald werd om erbij te zitten en te leren van een regisseur. En ik was een soort bemiddelaar: iemand die de regisseur aanhoort als-ie stoom afblaast over die ene actrice die het maar niet wil begrijpen, terwijl zij op haar beurt bij me uithuilde in het café. Ik heb het graag gedaan en soms heb ik wel verschil kunnen maken. Maar ik wist ook dat ik het niet wilde blijven doen tot ik oud was.'

Beeld Stephan Vanfleteren

Je maakte de overstap naar de journalistiek.

'Ja, ik kende niets of niemand in de geschreven pers, maar ik belde Guy Mortier van het blad Humo, me er totaal niet van bewust dat zoiets not done is. Dat werd eigenlijk een heel lollig gesprek. Hij zei: probeer het maar eens en snel daarna was ik al aan de slag. Voor De Morgen heb ik jarenlang geschreven, gemiddeld één groot interview per week. Tot ik debuteerde. Ik heb nadat mijn boek was verschenen nog twee interviews gedaan en dat was het. Toen ben ik gestopt.'

Het klinkt alsof je dat een bevrijding vond.

'Een beetje wel. Ik interviewde voornamelijk artiesten en mediafiguren en die heb je in België op een gegeven moment allemaal wel gehad. Daarbij was het voor mij toch wel een vluchtweg om te proberen beter op te schrijven wat iemand anders had gezegd.'

Dus je mist het niet?

'Nee. Deze week is mij gevraagd Matthias Schoenaerts te interviewen, de hotste acteur van België die nu in onderhand alle grote Amerikaanse films speelt. Echt een heel goede en aantrekkelijke acteur. Ik heb gezegd: sorry. Het idee dat ik weer zo'n bandje uit moet tikken... Bah, nee.' Lacht: 'Ik kreeg een mailtje terug van de chef redactie: je bent de enige vrouw in België die Matthias Schoenaerts kan weerstaan.'

Je hebt 400 duizend boeken verkocht, je mag wel zeggen dat je erg succesvol bent. Ben je daardoor ook gelukkiger?

'Ik wil me geenszins vergelijken met Amy Winehouse, maar zij heeft wel eens gezegd: roem bestaat niet. Ik kan dat helemaal beamen. Als je wordt gewaardeerd om iets wat je kunt, zegt dat nog niets over wie jij bent als mens. Dat zijn twee totaal verschillende dingen.'

Ik heb het niet over roem, maar over geluk. Heeft het schrijverschap je gelukkiger gemaakt?

'Ja, natuurlijk. Het is een cadeau als je je eindelijk helemaal kunt wijden aan wat je het liefste doet. Ik heb geen deadlines meer, ik kan mijn eigen tijd indelen, ik leef een leven waarin ik helemaal zelf kan beslissen wat ik wel en wat ik niet doe. Een boek speelt altijd door je hoofd, maar ik schrijf feitelijk maar vier uur per dag.' Lachend: 'Ik leef een degoutant luxe leven. Ja, het succes van het schrijverschap heeft mijn leven in alle opzichten beter gemaakt.'

Je woont alleen, hebt geen kinderen, je hebt alle tijd aan jezelf - is dat de luxe die je bedoelt?

'Mijn leven is van mij. Ik doe eigenlijk zelden of nooit iets tegen mijn zin. Ik schrijf wat en wanneer ik wil, ik neem alleen randopdrachten aan als ze me boeiend lijken. Dat is een enorme luxe voor het vrijheidsdier dat ik ben.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.