'Ik ben een fantast'

De 'Fassbinder-affaire' uit 1987 achtervolgt Jules Croiset nog steeds. Maar er is iets veranderd: hij wil nu eindelijk publiekelijk praten over zijn zelfverzonnen ontvoering....

'Jules, hou het licht, licht, licht', zei broer Hans al op de eerste leesrepetitie van Dood van een handelsreiziger - en hij had z'n mond nog niet eens opengedaan. 'Ga niet mee in de ellende. Die man is een loser, maar ga geen loser spélen, want dan staat er een dubbele loser op toneel. Geef het publiek de hoop dat het misschien nog goed kan komen, ook al weet iedereen dat het nooit meer goed komt.'

Jules Croiset (65) wordt in Arthur Millers Dood van een handelsreiziger, een van de grote Amerikaanse toneelstukken van de vorige eeuw, geregisseerd door zijn twee jaar oudere broer Hans. En die weet dat Jules een neiging naar groot acteren heeft, een neiging naar een intense aanwezigheid op het podium waar niets of niemand omheen kan. En Hans wil dat niet. Willy Loman, de handelsreiziger die een miezerig bestaan leidt te midden van zijn onaanzienlijke vrouw en mislukte zoons, moet klein en nietig wordt gespeeld.

Jules speelt de kleine miezerige handelreiziger die op geen enkele manier kan delen in de Amerikaanse Droom die toen, in 1949, bijna alle Amerikanen gevangen hield. Afgedankt en bespot door zijn zoons kan Willy Loman met geen mogelijkheid raken aan de welvaart om hem heen. Nog voordat de ijskast is afbetaald, is het ding alweer aan vervanging toe. Of zoals Willy het zegt: 'Eén keer in mijn leven zou ik wel eens iets willen bezitten dat niet kapot gaat. Het leven is altijd één groot gevecht tegen de schroothoop.'

De zoektocht naar de lichtheid in de rol is de moeite waard gebleken. Jules Croiset: 'Ik ben al jaren op zoek naar een andere manier van acteren dan die barokke speelstijl waardoor ik bekend ben. Ik was altijd die bourgondische, extraverte acteur, en ook al deed ik niets, toch bleef ik dat stempel houden. Ik heb met Linda van Dyck De onverwachte man van Yasmina Reza gespeeld, nou, stiller kan bijna niet, en toch ziet iedereen mij als die acteur met veel bravoure. Als Willy Loman wil ik laten zien hoe klein ik kan acteren, hoe ik dat stille inmiddels van mijzelf heb gemaakt.'

Met dank aan Hans, die zijn trucjes en schijnzekerheden stelselmatig heeft ondermijnd. Als een coach heeft hij hem geleid als hij tijdens de repetities weer eens buiten zijn oevers dreigde te treden.

It's a family affair: zo zou in dit geval de ondertitel van Dood van een handelsreiziger - afgelopen week in première gegaan in Den Haag - kunnen luiden. Want de twee zonen in het stuk worden gespeeld door Vincent (30) en Niels (28) Croiset, de zonen van Jules. Beiden al een paar jaar afgestudeerd aan de toneelschool, hun weg zoekend in het vak.

Croiset: 'Ik liep al vier, vijf jaar met dit plan rond, maar het stuk was voor vrije producenten te duur omdat er twaalf acteurs in zitten. Ik zag mijn idee ooit Willy Loman te spelen eigenlijk al in rook opgaan, toen het Nationale Toneel met het voorstel kwam het bij hen te spelen. En ik wilde dat zo verdomd graag met mijn twee zoons doen. De jongens voelden daar in het begin niet veel voor, om begrijpelijke redenen. Vincent wilde eerst liever zelf tonen wat hij waard was, en niet meteen voortborduren op een naam. Niels dacht daar hetzelfde over. Aan de andere kant vonden ze het ook wel leuk met hun vader te spelen in een stuk waarin de rollen zo ongeveer gelijkwaardig zijn. Kennelijk is nu de tijd rijp om dit samen te doen.'

Nagenoeg de voltallige familie Croiset is inmiddels aan het toneel, inclusief de vriendinnen van de zoons (Vincents geliefde Tjitske Reindinga speelt op dit moment de titelrol in Hedda Gabler bij de Theatercompagnie). Maar het is niet zo dat ze voordurend bij elkaar op de koffie over het vak zitten te praten. Bij het verlaten van de schouwburg gaat ieder zijn eigen weg.

Jules Croiset: 'Als we samen op toneel staan, zijn we gewoon collega's. Ik sta die jongens echt niet de hele avond vanuit mijn ooghoek in de gaten te houden, daarvoor ben ik ook te veel met mijn eigen rol bezig. Wat ik nog wel steeds verschrikkelijk vind, is dat moment waarop ik Vincent een klap moet geven. In het begin kreeg ik van hem wel aanwijzingen, die stuk voor stuk nuttig waren.

'Af en toe ga ik nog wel eens de fout in, dan wil ik groter spelen, dan duik ik er helemaal in. Dat moet soms ook, want Willy kan flink uitvallen tegen zijn zoons. Dat hoort bij die man, dingen roepen zonder er eerst over na te denken, dan spijt krijgen en het vervolgens met lieve woordjes proberen goed te maken.

'Ik kan mijzelf door mijn emoties behoorlijk laten meeslepen', zegt Croiset, 'een richting op gaan die ik zelf niet in de hand heb.' Natuurlijk, zijn faux pas in 1987, die is hem blijven achtervolgen. Hij ensceneerde zijn eigen ontvoering in Charleroi, België, nadat hij een van de hoofdrolspelers was in de zogeheten Fassbinder-affaire. Croiset was destijds vanwege vermeend antisemitisme fel tegenstander van opvoering van Het Vuil, de Stad en de Dood en raakte daarna, zoals hij het zelf noemt, geheel los van de realiteit. Hij verzon een ontvoering door rechts-extremisten.

Het toeval wil dat Fassbinders stuk inmiddels is opgevoerd, bij het gezelschap waar Croiset nu zelf speelt, nota bene in regie van artistiek leider Johan Doesburg, die nu dus zijn werkgever is. Croiset: 'Nee, ik heb daar niet zoveel moeite mee. Het is al meer dan vijftien jaar geleden, er is zoveel gebeurd, zoveel veranderd, ook het joodse conflict is geheel anders geworden. Als je dat stuk zo nodig moet spelen, speel het dan - zo denk ik er nu over. Laat het de mensen zien, laat iedereen zijn eigen conclusie trekken.

'Ik had mij toen nooit zo moeten laten meeslepen, nooit moeten zeggen dat het stuk moest worden verboden. Ik zat toen op een kruispunt in mijn leven - allerlei twijfels over mijn carrière, persoonlijke toestanden, spoken uit mijn jeugd die opspeelden, de oorlog en zo. Er was van alles aan de hand.'

Jules Croiset en Johan Doesburg komen elkaar nu regelmatig tegen in het Haagse. Ze groeten elkaar beleefd. Er is inmiddels wel een gesprek tussen beiden geweest. Er moest immers worden samengewerkt.

Hij is nog niet Het Vuil. . . gaan kijken, en eigenlijk kan hij dat ook niet opbrengen. Zijn zoons gaan wel kijken en Hans is misschien ook al geweest. 'Nee, daar praten wij samen niet over, dat onderwerp laten we netjes buiten de deur. Van Hans mag ik niet over deze zaak praten, dat gaat hem al veel te ver. Maar zo langzamerhand heb ik een beetje genoeg van al die bevoogding - ik sta als een soort idioot mijn mond te houden. Ik heb altijd gezwegen, Ik heb mijn bek gehouden, uit respect voor mijn familie die veel rottigheid over zich heeft heen gekregen. Maar misschien is dat zwijgen ook wel het beste. Ik ben niet alert genoeg, ik ga meteen de verdediging in.'

Jules Croiset heeft zich sinds de affaire publiekelijk weinig uitgelaten over zijn zielenroerselen. Zijn familie - vrouw, zoons, broer - is als een beschermend cordon om hem heen gaan staan. Nu Het Vuil, de Stad en de Dood is gespeeld, is er weliswaar sprake van enige opluchting, maar het heeft toch ook weer spanning blootgelegd. Ten tijde van de première zat Jules op Bonaire. Bij zijn thuiskomst las hij de stukken in de krant, en kon hij constateren dat er van opwinding geen sprake was geweest.

Na de affaire durfde Croiset enkele jaren het podium niet op. Hij is in therapie gegaan. 'Toneelspelen is een gevaarlijk vak voor mensen met een rijke fantasie zoals ik', heeft hij eens gezegd. Dat gevaar is nu geweken. De toneelspeler kan nu juist pútten uit dat belaste verleden. Juist ook bij Dood van een handelsreiziger. 'Inside his head', zo wilde Arthur Miller zijn stuk eerst noemen. Nu is het de ondertitel. Croiset: 'Ik ben natuurlijk een groot fantast, maar de fantasie van Willy is bijna een vorm van schizofrenie. Die man zou in deze tijd zijn opgenomen in een inrichting. De zelfmoorddrang die in hem zit, staat ver van mij af, maar er zijn ook aanknopingspunten. Ik begrijp dingen van Willy Loman, ik begrijp zijn gedachtenkronkels, het zijn de kronkels die ik zelf ook heb gehad. Na alle ellende die mij dat heeft bezorgd, kan ik er in deze rol eindelijk op een positieve manier gebruik van maken. Godzijdank heb ik nu alles onder controle, Willy Loman had het uiteindelijk niet onder controle.

'Tijdens die actie in België was ik helemaal doorgeslagen. Toen was ik echt Willy Loman, die zich in zijn fantasiewereld opsloot. Er is zoveel in mijn hoofd gebeurd, zoveel gedachten, paniek, angst - Hans wil in deze voorstelling vooral die angst weer terug zien. En ik hoef maar een knop om te draaien en ik weet weer hoe groot die angst was.'

Gelouterd - dat is het enige woord dat Jules van toepassing acht op zijn veranderende levenshouding. Niet wijzer, of cynischer, of verbitterd. Gelouterd. Ook hij heeft, net als Willy, in zijn leven moeten vechten tegen de schroot hopen. Knokken om een solocarrière op te bouwen, knokken tegen de drank ('ik drink helemaal niet meer, ik heb in mijn leven genoeg gedronken'), tegen zijn eigen hang naar overdaad, tegen de angsten, tegen de fantasie. 'Maar ik heb geknokt en veel gewonnen. Dat ik dit gezin heb gehandhaafd, zie ik als een grote weldaad.'

Jules Croiset heeft jarenlang toneelgespeeld bij grote gezelschappen als Puck, de Haagse Comedie, de Nederlandse Comedie, Globe en het Publiekstheater. Voor de titelrol in Tsjechovs Platonov ontving hij de Louis d'Or. Grote bekendheid kreeg hij door zijn solovoorstellingen naar het werk van Kafka, Multatuli, Tsjechov en Dostojevski. Zijn programma Een Zekere Vincent over Vincent van Gogh speelde hij achthonderd keer, onder meer in Londen, Parijs en Los Angeles.

Na Dood van een handelsreiziger wacht nog geen nieuwe rol. 'Nee, straks is de handelsreiziger dood en kan ik naar huis. Voor komend seizoen heeft zich nog niemand gemeld. Als acteur word je gewoon afgedankt. Ja, in dit land wordt in dat opzicht absoluut respectloos met toneelspelers omgegaan. Weg. Vergeten.

'Het ligt misschien ook aan mijzelf: ik blijf niet meer hangen in artiestenfoyers, ik kom niet meer in de acteurscafés. Wensen heb ik niet meer, dit was een grote wens: samenspelen met mijn zoons. Ik hoef ook geen grote hoofdrol, met een mooie bijrol ben ik altijd tevreden geweest. Nee zeg, ik ga niet aan mijn broer vragen of hij werk voor me heeft. Als dat zo is, weet hij me wel te vinden. Bovendien speelt hij veel te graag zelf. En als er geen toneel meer komt, houdt het leven voor mij niet op. Ik zal niet zoals Willy Loman ten onder gaan. Niet meer. Nooit meer.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.