'Het tekenen van een zwijgcontract vreet aan je'

De moeder van de overleden 21-jarige tophockeyer Rogier Mooij vertelt voor het eerst hoe het zwijgcontract met het falende Tergooiziekenhuis tot stand kwam, en waarom ze tekende.

Jeanne van Kasbergen, moeder van de 21-jarige Rogier Mooij die overleed in het Tergooiziekenhuis in Hilversum. 'Het ziekenhuis kwam (over ons voorstel heen) met een contract waarin álles was dichtgespijkerd.' Beeld Guud Dubbelman/de Volkskrant

Om vier uur 's nachts rinkelt de telefoon. 'We hebben uw zoon buiten bewustzijn in bed gevonden', zegt een vrouwenstem tegen Jeanne van Kasbergen. 'We zijn hem nu aan het reanimeren.'

Dan wordt het zwart. Nog altijd weet Van Kasbergen niet wat ze op dat moment heeft gezegd. Hoe ze daarna een vriendin belt, haar kleren aanschiet en wegscheurt in haar auto, naar het ziekenhuis.'Ik weet niet hoe ik het heb gedaan, maar ik ben er gekomen', zegt ze.

Spreekverbod

Dit is het verhaal van Jeanne van Kasbergen. De moeder van Rogier Mooij, de 21-jarige tophockeyer, die in het Tergooiziekenhuis in Hilversum terechtkwam. Dit is het verhaal dat zij al meer dan een jaar wel uit wil schreeuwen. Maar ze heeft een spreekverbod. In een contract dat zij tekende met het ziekenhuis, beloofde zij niet met de media of met 'derden' te praten over wat er die dag met haar zoon Rogier is gebeurd.

Deze week heeft Van Kasbergen besloten het zwijgen te doorbreken. Ze wil uitleggen wat er achter de schermen is gebeurd. Waarom ze zo ver ging om te tekenen. Ze voelt zich gesterkt door het visitekaartje van minister Edith Schippers van Volksgezondheid in haar portemonnee.

Donderdag besloot de minister naar aanleiding van haar zaak 'zwijgcontracten' in de zorg wettelijk te verbieden. Na afloop van het Kamerdebat ontmoette Van Kasbergen de minister, en de directeur van de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Als er iets is, mag ze altijd bellen.

Overleden in een stuntelend ziekenhuis

De 21-jarige tophockeyer Rogier Mooij heeft pijn op zijn borst en is benauwd als hij op 3 november 2014 de spoedeisende hulp oploopt in het Tergooiziekenhuis in Blaricum. Nog geen twintig uur later is hij overleden. Lees hier wat er in de tussenliggende uren gebeurde.

'Hij zag grauw'

Het is op een maandagochtend in november 2014 dat moeder en zoon bij de Spoedeisende Hulp van het Tergooi Ziekenhuis in Blaricum belanden. Rogier heeft pijn op zijn borst. Hij is benauwd. 'Hij zag grauw', zegt Jeanne. 'Hij zat daar maar in zijn joggingpak met zijn mutsje over zijn hoofd op de bank.'

'In het ziekenhuis vertelde een arts me op een gegeven moment dat hij een klaplong had. Een uur later kwamen ze terug. 'Het is toch geen klap­long', zeiden ze. Wat het dan wel was wisten ze niet. Ik zag Rogier steeds slechter worden. Later zei een verpleegkundige dat hij naar de vestiging in Hilversum moest. Ik hoorde niet waarom, er was geen arts om het aan te vragen. In de ambulance pakte Rogier mijn hand. Hij zei: mama, waar heb ik dit aan verdiend?'

Wel of geen klaplong

'In Hilversum zei de verpleegkundige: hij heeft een klaplong. Ik begreep het niet. Net zeiden ze nog dat het géén klaplong was. Maar wat moest ik zeggen?'

's Avonds komt ze terug met Rogiers broer. 'Hij praatte tegen hem, zei dat het wel goed zou komen. Rogier lag maar een beetje te kijken.'

Ze rijdt naar huis, waar even na achten de telefoon gaat. 'Rogier zei: 'Mama, wil je me alsjeblieft komen halen? Want ik ben zo alleen.'

'Ik zei dat dat niet kon, dat hij op de artsen moest vertrouwen.' Ongerust belt ze haar vrienden. Een van hen snelt naar het ziekenhuis en treft Rogier brakend aan. 'Hij was aan het hyperventileren. Hij was heel bang. Die vriend suste hem: Rogier, ik blijf bij je tot je rustig bent.'

Reactie Tergooiziekenhuis

'Wij hebben de overeenkomst met Jeanne van Kasbergen met goede intenties afgesloten’, zegt woordvoerder Sebastian Dingemans. ‘De passage over niet praten met de media, is op verzoek van haarzelf in het contract opgenomen. Dat neemt niet weg dat wij bereid zijn het contract symbolisch te verscheuren, als dat de onrust kan wegnemen. We hebben mevrouw Van Kasbergen al uitgenodigd voor een gesprek. Verder past ons bescheidenheid in deze zaak. De tuchtrechter moet zich er nog over uitspreken.'

Het komt goed

Als Jeanne arriveert, slaapt Rogier half. 'Hij deed zijn ogen open, zei geen woord, keek me vragend aan. Ik heb hem gezegd dat ik van hem hield.'

Eindelijk is hij rustig, denkt ze als ze hem zo ziet. Het komt goed. 'Pas later las ik hoeveel kalmerende medicijnen hij had gehad. Maar dat wist ik toen niet. Dus ik ben weggegaan. Achteraf realiseerde ik me dat ik zijn ogen nog nooit zo lichtblauw had gezien.' Om twaalf uur belt ze het ziekenhuis. Rogier ligt volgens de verpleegkundige rustig te slapen.

Reanimeren

Als Van Kasbergen nog geen vijf uur later de ziekenhuisgang in rent, staan de bedden van andere patiënten op de gang. 'Ze waren Rogier aan het reanimeren. Er stond een heel team om hem heen. Er liep een beetje bloed uit zijn mond. Heel heftig. Toen kwam er een arts naar buiten. Hij hief zijn armen en zei: hij is overleden.'

Rogier wordt op zijn bed naar een apart kamertje gereden. 'Ik begreep het niet. Voor mij was het net alsof hij lag te slapen.' Maar een van haar zoons staat boos op. 'Kan iemand mij vertellen wat er hier aan de hand is?', roept hij. 'Hij is hier dertien uur geleden binnengebracht en nou is hij dood. Hoe kán dat?'

De in het Tergooiziekenhuis overleden Rogier Mooij. Beeld LMHC.

Geen antwoorden

Er komen die ochtend geen antwoorden. 'Er ook was niemand die me iets vroeg. Ze waren meer bezig met de impact die dit op henzelf had.' Van Kasbergen is overrompeld. Maar haar zoon is stellig. 'Mam', zegt hij, 'ik wil weten waaraan Rogier is overleden.' Ze besluiten tot een obductie in het Amsterdamse AMC.

Ontstoken hartzakje

Het Tergooiziekenhuis laat in de daaropvolgende weken niets horen, zegt Van Kasbergen.

Ze vraagt zelf de papieren op. 'Zijn hartfilmpje, de longfoto's, het medisch dossier. Ik kwam erachter dat hij een ontstoken hartzakje had gehad. Een cardioloog had dat kunnen zien, maar die is er nooit bij betrokken geweest. Ik kwam erachter dat Rogier nog had kunnen leven.'

Ze stapt met haar verhaal naar de klachtencommissie en de inspectie, en doet aangifte. 'Al die tijd heb ik van het ziekenhuis geen begeleiding gekregen. Geen nazorg, niks.'

Ruim een half jaar later neemt ze met haar advocaat zelf het initiatief voor een gesprek met het ziekenhuis. Ze heeft, mede door haar recente scheiding, weinig geld. 'Ik had rekeningen van de begrafenis die ik niet kon betalen.

Gek worden

'Tijdens het gesprek met de Raad van Bestuur heb ik de foto van Rogier midden op tafel gezet, zodat ze wisten dat het over een mens ging. De bestuursvoorzitter zei: 'Oh, ik heb ook een zoon die hockeyt, ja niet op zo'n hoog niveau hoor.' Hij bood zijn excuses aan, maar bleef luchtig. Ik had het gevoel dat ze er vooral vanaf wilden. De bestuursvoorzitter beloofde de gemaakte kosten te vergoeden. De volgende dag stond het al op mijn rekening.'

Ondertussen zit ze middenin haar verdriet. 'Soms dacht ik dat ik gek werd. De gedachte dat hij er nog had kunnen zijn, was niet te verdragen.'

'Rogier was altijd gezond. Op zijn zestiende speelde hij op het hoogste niveau. Hij was een technisch begaafde speler. Met zijn lange blonde haar danste hij over het veld. Sommigen noemden hem een hazewindhond.

Een zachte jongen

'Hij trainde en speelde zeven dagen in de week. Zijn leven was hockey. Als vrienden naar de kroeg gingen, bleef hij thuis. Uiteindelijk raakte hij overtraind. Hij viel kilo's af, trok zich sociaal terug. Maar de laatste tijd ging het net weer beter.'

'Het was ook een zachte jongen. Hij was niet altijd opgewassen tegen de hardheid van mensen, vooral niet in het hockeywereldje.'

Veel kosten

Ze wil iets doen ter nagedachtenis aan haar zoon. Een stichting die jonge topsporters bijstaat, bijvoorbeeld bij de combinatie van school en sport. 'Met die gedachte vroeg ik opnieuw een gesprek bij het ziekenhuis aan. Ook omdat ik andere kosten had die doorliepen. Ik zat in therapie, slikte medicijnen die ik deels zelf moest betalen. Elke dag reed ik 20 kilometer naar zijn graf.' Eind 2015 praat ze opnieuw met het Tergooi. 'De bestuursvoorzitter was een stuk zakelijker. Over die stichting zei hij dat ze wel iets zouden kunnen betekenen. Ik heb toen verteld dat ik inmiddels een interview had gehad met een journalist van Argos. Dat vonden ze niet prettig.'

'In dat gesprek werd een bedrag voor de stichting afgesproken. Ik zou daarvoor afzien van een tuchtprocedure tegen de artsen en ook zou ik geen actie ondernemen als de artsen niet zouden worden vervolgd. We kwamen mondeling overeen dat we ons alleen nog op een positieve manier in de media zouden uitlaten over de zaak. Ik had er moeite mee, maar het was vlak voor Kerst, ik was wat milder en dacht: ik hóef ook geen lelijke dingen te zeggen.'

Onrust in het ziekenhuis

Na de jaarwisseling stelt Argos in het ziekenhuis vragen aan individuele artsen. 'Maar daardoor ontstond onrust. Zo veel, dat het ziekenhuis liet doorschemeren dat onze conceptovereenkomst op losse schroeven stond. Mijn advocaat heeft toen voorgesteld om het interview met Argos terug te trekken.'

'Maar het ziekenhuis kwam daar vervolgens overheen met een contract waarin álles was dichtgespijkerd. Mijn zoons en ik mochten met niemand meer praten over Rogiers overlijden. Om zo'n zwijgcontract had ik nooit gevraagd.'

'Ik sliep de hele nacht niet, zat er verschrikkelijk mee in mijn maag. Ik dacht na over wat Rogier gewild zou hebben. Hij zou hebben gezegd: mam, neem dat geld nu maar, dan zie je later wel verder.'

'Mijn verhaal lag toch al bij het Openbaar Ministerie, de inspectie en Argos. Ik hoopte dat zij alsnog door zouden gaan met mijn zaak, ook als ik vanaf dat moment zou zwijgen.'

Geen enorm bedrag

'Ik had het geld gewoon keihard nodig, anders had ik het nooit gedaan. Dan had ik het contract voor de ogen van de bestuursvoorzitter verscheurd.'

De totale vergoeding die ze krijgt was geen enorm bedrag, zoals mensen misschien denken, zegt Van Kasbergen. 'Met een deel van het geld heb ik de begrafenis betaald, mijn therapie, wat uitgaven voor de auto en benzine. Daarna bleef er nog wat over om iets te doen ter nagedachtenis aan Rogier, maar niet heel veel.'

Nachtmerries

Het tekenen van een zwijgcontract vreet aan je, zegt Van Kasbergen. 'Ik nam dat niet praten heel letterlijk. Ik durfde het er met niemand meer over te hebben, ook niet met vriendinnen of familie. Ik kreeg nachtmerries, juist doordat ik er niet over sprak. Zag ineens weer terug wat ik die nacht tijdens de reanimatie had gezien. Zoals hij daar op die tafel lag.'

'Een vriendin vroeg me wat het ziekenhuis zou doen als ik me er niet aan hield. Daarover stond niets in het contract. Maar ik was zo bang. Voor dat ziekenhuis, voor hun macht. Ik had me laten intimideren.'

'Ik liep op mijn laatste benen. Maar mijn advocaat zei steeds: hou vol Jeanne, dit komt misschien nog een keer als een boemerang terug voor het ziekenhuis.' Die boemerang komt in maart van dit jaar, met een radio-uitzending van Argos en een inspectierapport, anderhalf jaar na Rogiers overlijden. De longarts is 'ernstig tekortgeschoten' in de zorg, staat er. Zijn handelen wordt voorgelegd aan de tuchtrechter. Ook het ziekenhuis heeft fouten gemaakt, aldus de inspectie. Er is Rogier medisch specialistische zorg onthouden. En er is onvoldoende nazorg verleend aan Jeanne van Kasbergen.

Jeanne van Kasbergen met een geschilderd portret van haar overleden zoon. Beeld Guus Dubbelman/de Volkskrant

Minister Schippers

Tweede Kamerleden weten niet dat Van Kasbergen op de publieke tribune zit, als ze afgelopen donderdag debatteren over haar zaak en over zwijgcontracten in de zorg. Minister Schippers zegt daar dat een schikking er nooit toe mag leiden dat een zaak niet mag worden besproken, of dat er een verbod is om een klacht in te dienen bij de inspectie of het medisch tuchtcollege. 'Dat is onacceptabel.'

Het ontroert haar dat de minister haar verhaal serieus neemt, zegt Van Kasbergen. Zwijgcontracten zullen nu bij wet worden verboden. Mensen die een dergelijk contract al hebben getekend, kunnen zich bij de inspectie melden om hun zaak te laten onderzoeken. De eerste families hebben daar al aangeklopt.

'De meeste mensen kennen de procedures niet, weten niet hoe ze hiermee om moeten gaan', zegt Van Kasbergen. 'Ik hoop dat ik iets voor hen kan betekenen, dat dat de betekenis is die Rogiers overlijden nu krijgt.'

'Rogier is zo aan zijn lot overgelaten. In het hockey zeiden ze wel eens over hem dat hij de bal niet genoeg opeiste. Hij was niet zo eisend. Het enige wat ik nu voor hem doe, is die eisen wel stellen. Ik eis dat hem recht wordt gedaan.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.