'Ecstasy-koning' maakt wondermedicijn

Jarenlang woonde Ang Kiem Soei in Nederland. Nu zit hij gevangen in Indonesië, waar hij ter dood veroordeeld is omdat de autoriteiten hem beschouwen als de man achter een fabriek van ecstasy-pillen....

Twee Nigerianen kijken toe hoe strobalen marihuana in de verbrandingsoven verdwijnen. Ook als de briketten shabu shabu (een lokale heroïnesoort) en heroïne in vlammen opgaan vertrekken zij geen spier. Met gebogen hoofd zitten ze naast elkaar, aaneengeklonken met handboeien en omringd door gniffelende politiemannen.

De Nigerianen zijn deel van de show die even buiten Jakarta wordt opgevoerd. Voor het oog van zoveel mogelijk camera's en in aanwezigheid van een lange lijst hoogwaardigheidbekleders wordt hier voor bijna twaalf miljard rupiah (anderhalf miljoen euro) aan verdovende middelen aan het vuur prijsgegeven.

De publieke verbranding moet de wereld tonen dat Indonesië het enorme drugsprobleem in het land serieus aanpakt. Dat drugsprobleem is zo omvangrijk, dat de politie het kennelijk niet alleen afkan. Tussen de politiefunctionarissen lopen de leiders van de Badan Narkotika van microfoon naar microfoon.

Ze zijn er allemaal, de zelfbenoemde drugsbestrijders van de Geram (Gerakan Anti Madat: actie tegen opium), de Grana (Gerakan Nasional Anti Narkotika: nationale actie tegen narcotica) en de Laskar Islam (leger van de islam). Bekendheid hebben ze vooral gekregen door bij processen tegen vermoedelijke drugshandelaars de rechtszaal te belegeren en luidkeels de doodstraf te eisen.

'Wij verhinderen dat drugshandelaren de kans krijgen zich vrij te kopen. Wij zetten de rechters onder druk zodat zij niet durven te knoeien en echt recht spreken', zegt Sofyan Ali. Ali is de leider van de Geram, het oudste en grootste van de geüniformeerde antidrugslegertjes. Hij stond ook vooraan toen op 13 januari de Nederlander Ang Kiem Soei de doodstraf kreeg.

In Tangerang - een satellietstad van Jakarta - ontmantelde de politie in april 2002 een fabriek waar vijftienduizend ecstasy-pillen per dag konden worden gemaakt. Ang Kiem Soei zou de man achter de productie zijn. Hij werd in Jakarta, in het luxueuze Hotel Borubudur, gearresteerd.

Ang Kiem Soei heeft steeds ontkend ook maar iets met de ecstasy-productie te maken te hebben, maar de media doopten hem 'ecstasy-koning' en zijn proces werd een showproces. De doodstraf werd, mede door de druk van de media en het geschreeuw van de Geram en de Granat, bijna onvermijdelijk.

Ang Kiem Soei ging tegen het doodvonnis in hoger beroep. Dat beroep diende afgelopen week, en het vonnis was nog zwaarder dan het eerste: 'Ik ben weer ter dood veroordeeld maar heb nu bovendien een boete van honderd miljoen rupiah (elfduizend euro) gekregen. Is het niet om te lachen?'

Ang Kiem Soei is opvallend kalm als hij het over zijn doodstraf heeft. Sinds 5 april 2002 zit hij gevangen, het grootste deel van die tijd in de gevangenis van Tangerang. Zijn cel is zo huiselijk als een cel maar kan zijn. Van plastic kratten is een kast gebouwd waarin behalve kleren ook een rijstkoker en etenswaren zijn opgeborgen ('Het eten is hier heel slecht, daar moet je zelf voor zorgen').

Er is radio, en zelfs een kleine televisie. Bovendien heeft Ang Kiem Soei de luxe dat hij zijn cel met maar één andere gevangene hoeft te delen - de meeste cellen herbergen drie gevangenen. Voor de extra ruimte heeft hij natuurlijk iets moeten betalen. 'Je moet als je binnenkomt wat geld geven om het hier iets beter te hebben', zegt hij. Maar liever praat hij niet over dit soort dingen. 'Ik wil geen problemen krijgen met de mensen hier.'

Soei is in 1952 geboren in het toenmalige Nieuw-Guinea. In 1975 vertrok hij naar Nederland, naar Utrecht, waar hij sindsdien heeft gewoond. Hij kwam naar Indonesië voor zaken. 'Ik ben tussenpersoon in de houthandel. Ik zoek hout in Papua, en zoek daar kopers bij', zegt hij. 'Ik gokte ook nog wat op voetbal. Daar kun je in Indonesië goed mee winnen. Als Nederlander weet je toch veel meer van voetbal dan die Indonesiërs, hè?'

Soei bezweert dat hij onschuldig is. Hij heeft, naar eigen zeggen, alleen de pech gehad dat een vriend ('een jongen met wie ik naar de karaoke ging en met wie ik ging gokken') bij de politie-inval in Tangerang werd doodgeschoten. Dat maakte hem verdachte nummer één. Omdat er geen andere verdachten werden gevonden, werd hij daarmee meteen ook degene nu voor de ecstasy-fabriek moet opdraaien. 'Het proces tegen mij is eigenlijk het proces tegen mijn doodgeschoten vriend.'

Van het doodvonnis ligt Ang Kiem Soei niet meer wakker. Hij gelooft in zijn eigen onschuld, en hij gelooft dat uiteindelijk - zijn advocaat heeft cassatie aangevraagd - het recht zal zegevieren.

Maar zelfs als dat niet zo mocht zijn, heeft hij Boeddha nog, die hem leert het leven te nemen zoals het komt: 'Als dit is hoe mijn leven moet lopen, dan loopt het maar zo', zegt hij. Dat heeft hij ook tegen zijn ex-vrouw en zijn vier kinderen in Nederland gezegd.

Behalve Boeddha heeft hij bovendien zijn kruiden: Ang Kiem Soei heeft in zijn cel een kruidengeneesmiddel ontwikkeld dat 'miljoenen mensen zal genezen'. Dat houdt hem, meer nog dan zijn geloof, op de been. 'Wat echt belangrijk is in het leven is: wat je voor anderen kunt doen.' Zijn kruiden zijn 'heel goede kruiden', die ongekende krachten bezitten. Zij kunnen volgens hem de meest vreselijke ziektes verhelpen: aids, diabetes, kanker. SARS geneest het in drie dagen, junkies zijn in een week van hun verslaving af.

Hij heeft het kruid van een oude medegevangene, die zijn dochter ermee behandelde toen die borstkanker had. Hij heeft het recept aangepast en dient de kruiden nu toe aan medegevangenen die wonderbaarlijk opknappen in het zelfde ziekenhuisje waar ze vroeger alleen maar konden wachten op hun dood.

De gevangenbewaarders erkennen dat het heel sterke jamu (traditioneel geneesmiddel) is, die Ang Kiem Soei bereidt. Zelfs mensen van buiten de gevangenis komen een kuurtje bij hem halen.

Ang Kiem Soei heeft patent aangevraagd en een vergunning voor het middel, dat als een 'supplement' (een soort vitaminepreparaat) op de markt zal komen. 'Misschien is dit mijn missie. Misschien is dit de reden waarom ik hier terechtgekomen ben', zegt hij.

'Als het zo moet zijn dat ik doodga, zullen er misschien over vijftig jaar nog mensen zijn die zeggen: dat is die man die dit geneesmiddel heeft ontdekt. Dit is echt een heel bijzonder medicijn.' Hij klampt zich vast aan zijn 'missie', geeft hij toe.

'Zonder zoiets is het leven hier wel zwaar. Ik kan zoveel mensen helpen. Dat is wat telt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.