'Dat restaurant is van een sjiiet, daar kom ik dus niet'

Reportage Spanning soennieten en sjiieten in Den Haag

De oorlog in Syrië en Irak strekt zich uit tot in Den Haag. Ook daar staan soennieten en sjiieten tegenover elkaar. 'Als ik ooit wraak wilde nemen, dan moest ik maar een seintje geven.'

'Moge God de tiran Bashar al-Assad vernietigen en hem treffen door de bliksem', bidt de imam. 'Amien!' roepen de gelovigen in rijen achter hem. 'Amien!' (Amen, red.)


Het is ramadan in Den Haag. In bijna alle soennitische moskeeën vinden er tijdens de vastenmaand 's nachts na het avondgebed extra gebeden plaats, de zogeheten tarawieh. Een salafistische imam leidt het gebed. Hij heeft veel aanhang, want ook deze nacht is de gebedsruimte goed gevuld.


'Moge God Noeri al-Maliki doen omkomen op de meest gruwelijke wijze.'


'Amien!', klinkt het enthousiast.


Het is alweer drie jaar geleden dat een deel van de Syrische bevolking in opstand kwam tegen het regime van president Assad. Wat begon als een vreedzame revolutie liep uit op een grensoverschrijdende burgeroorlog tussen soennieten en sjiieten. Deze islamitische broederstrijd beperkt zich niet tot het Midden-Oosten alleen. Ook bij de moslimgemeenschap in Nederland nemen de spanningen tussen beide stromingen toe.


Buiten voor de moskee na het gebed beweert een man afkomstig uit Irak, met fiets aan de hand, dat sjiieten helemaal geen moslims zijn. 'Het zijn eigenlijk niet eens sjiieten. Dat is een naam die ze zich zelf geven, maar in werkelijkheid zijn het ketters en ongelovigen. Ik ken hen nog vanuit Irak. Ze blazen onze moskeeën op.'


'Sjiieten zijn nog gevaarlijker dan joden en christenen', doet de man die naast hem staat een duit in het zakje. 'Ik zweer het je, als ik honderd raketten zou hebben, zou ik er 99 afvuren op Iran. En maar één op Israël.'


Iemand stelt voor nog wat te gaan eten bij een Pakistaans restaurant, maar dat voorstel valt niet in goede aarde. 'Dat restaurant wordt gerund door een sjiiet', weet de man met de fiets. 'Daar ga ik dus niet meer naartoe.'


De groeiende vijandigheid van een deel van de soennitische geloofsgemeenschap tegen sjiieten is direct het gevolg van het conflict in Syrië en Irak. Sinds het uitbreken van de oorlog duiken er op internetfora haatdragende teksten op gericht aan het adres van de sjiieten. Daarnaast laten sommige orthodoxe moskeeën in Nederland zich tijdens de vrijdagspreek steeds negatiever uit over sjiieten. Het zouden heidenen zijn, moordenaars en verkrachters. Het enige levensdoel van 'de sjiiet': het doden van soennieten. In de Nederlandse vertalingen van de preek zijn deze scherpe bewoordingen overigens vrijwel altijd geschrapt.


~ ~ ~


'Hoe heet het zwaard van Ali?', luidt de eerste vraag van de islamquiz na afsluiting van de jongerenlezing over de deugden van de sjiitische imams. De aanwezige jongens houden een groen vel papier omhoog ten teken dat het antwoord A moet zijn: Zulfiqaar.


De lezing en quiz vinden plaats in stichting Kawthar, een religieuze organisatie van sjiitische moslims uit Irak die na de Amerikaanse inval en het daaropvolgende sektarisch geweld naar Nederland vluchtten. Aan de muur hangen portretten van ayatollah Ali al-Sistani, een belangrijke religieuze autoriteit voor sjiieten in Irak.


De sjiitische gemeenschap in Nederland bestaat uit drie groepen. Vanaf begin jaren zestig kwamen vooral Turkse gastarbeiders naar Nederland. Een deel van hen bestond uit Turkse sjiieten, meestal afkomstig uit de provincie Igdir. De tweede groep sjiieten zijn Iraniërs die na de Islamitische Revolutie het land ontvluchtten. Ten slotte zijn er de sjiieten uit Irak die in Kawthar hun thuishonk hebben.


Een praktisch verschil tussen soennieten en sjiieten is de rol van de geestelijkheid. Van sjiieten wordt verwacht dat ze uit een kleine groep schriftgeleerden één autoriteit kiezen die zij in hun leven volgen. Soennieten kunnen daarentegen te rade gaan bij iedereen die kennis bezit over de islam. Zij besluiten uiteindelijk zelf of zij religieuze uitspraken (fatwa's) van hun sjeiks opvolgen of niet. Sjiieten hebben echter een veel gecentraliseerde machtsstructuur. Een fatwa van een sjiitische ayatollah moet worden opgevolgd. De foto's van Sistani aan de muur van stichting Kawthar maken duidelijk dat hij als religieuze autoriteit het populairst is.


De oorlog in Syrië en Irak is ook hier een van de belangrijkste onderwerpen van gesprek. Een maand geleden slaagden soennitische mujahidin erin een groot deel van Noord-Irak in te nemen. Op internet verschenen filmpjes waar strijders van de Islamitische Staat sjiitische krijgsgevangenen executeerden. Hierop besloot ayatollah Sistani op te roepen tot een eigen jihad tegen de oprukkende soennieten.


Een van de aanwezige jongeren geeft na de quiz aan pal achter de regimes van Assad en Maliki te staan. In zijn ogen zijn de opstandelingen allemaal terroristen. Hoewel de jongen een volgeling is van Sistani, is hij niet van plan om te gaan vechten in Irak. 'De oproep van Sistani was slechts bedoeld als advies, geen verplichting', weet hij. 'Maar wie wil helpen, mag dat natuurlijk wel doen.'


Als Sistani daadwerkelijk een bindend fatwa had uitgevaardigd, dan zou de jongen zeker zijn gegaan. 'Dat is toch je plicht als moslim', stelt hij. 'Kijk, het is niet gemakkelijk, maar als het moet, dan moet het. Bovendien kun je het martelaarsschap verkrijgen. Dat is een leuke bonus.'


De jongen toont een groene flyer met daar op in gele letters de tekst: Demonstratie tegen Terreur. 'Sistani heeft gezegd dat sjiieten in Nederland vooral moeten laten zien dat we het niet eens zijn met wat er gebeurt in Syrië en Irak', licht hij de aanleiding van de demonstratie toe. 'Dat is ook jihad.'


Na de lezing staat de religieuze leider van de stichting in zijn kantoor. De man draagt een traditioneel gewaad en zwarte tulband. De kleur zwart duidt erop dat hij afstamt van de profeet waardoor hij bij sjiieten een bepaald aanzien geniet. Hij spreekt Arabisch met een zwaar Iraaks accent.


'Pijnlijk', noemt de man de gespannen situatie tussen beide geloofsstromingen. 'Maar we zijn eraan gewend geraakt. Al 1.400 jaar worden we uitgemaakt voor ongelovigen. Ik heb het natuurlijk maar over een deel van de soennieten. Met het grote merendeel hebben we geen probleem. Het zijn onze broeders. Sistani heeft zelfs gezegd dat wij hen dienen te beschouwen als onze eigen ziel.'


Dat is natuurlijk een leuk statement, maar in theorie is het voor sjiieten bijvoorbeeld niet toegestaan om te bidden achter een imam die niet rechtvaardig is. En in de ogen van sjiieten zijn de mensen die de speciale positie van de imams niet erkennen dat. De leider zelf heeft in ieder geval nog nooit in een soennitische moskee gebeden. Om dezelfde reden huwen sjiieten hun dochters in principe niet met soennieten. Hieruit valt op te maken hoe de sjiieten werkelijk over soennieten denken.


Ondanks dat de geestelijke erkent dat spanningen tussen beide groepen zijn toegenomen, ontkent hij bang te zijn voor zijn eigen veiligheid of die van de stichting. 'We hebben genoeg maatregelen getroffen en er is vierentwintig uur bewaking. Bovendien leven we in Nederland in een rechtsstaat waar minderheden beschermd worden.'


De vraag is of veiligheidsmaatregelen en een rechtsstaat genoeg bescherming kunnen bieden. Vorige maand werden in Engeland twee sjiitische mannen afgetuigd door orthodoxe soennieten die een protestmars hadden georganiseerd tegen sjiieten. Twee jaar geleden gooiden jongeren bij een sjiitische moskee in België een molotovcocktail naar binnen. De moskee brandde af en de imam die op dat moment aanwezig was, kwam om het leven.


De jongen uit Kawthar heeft daar geen goed woord voor over. 'De daders beseffen niet dat ze een plek in brand steken waar God wordt aanbeden. Daarnaast zijn honderden Korans in vlammen op gegaan. Kun je je nog herinneren dat iemand in Amerika één Koran verbrandde? De hele islamitische wereld stond op zijn kop. Maar nu hoorde je helemaal niemand daarover. Dat is toch hypocriet!'


~ ~ ~


'Het vlees is hier niet halal', geeft Hakan eerlijk toe, terwijl hij wat friet in de frituur gooit. Hakan, een kleine sjiitische jongeman met gemillimeterd haar, staat achter de toonbank van een snackbar in de buurt.


Een paar maanden geleden had hij in zijn gelegenheid een aanvaring met soennitische bezoekers. Drie mannen in islamitische kleding hadden friet met mayo en pindasaus besteld en begonnen daarna te discussiëren over sjiieten. Dat het ongelovigen zijn en dat ze allemaal dood moeten. 'Een van hen zat in een rolstoel', merkt hij op. 'En ik had nog wel de deur voor hem opengedaan.'


Toen de mannen wilden betalen, gooide Hakan het geld terug op tafel. 'Jullie geld hoef ik niet', riep hij boos. 'Maar besef wel dat jullie hebben gegeten in een sjiitische tent. En dat die friet gebakken is door sjiitische handen.'


Een paar dagen later besloot Hakan alsnog verhaal te gaan halen in de moskee waar deze jongens vaak komen. Voor de gelegenheid had hij een T-shirt laten drukken met de opdruk: Don't panic. I am a shiite.


Het was vragen om problemen. Op weg naar huis werd hij in een hoek gedreven door drie jongens die een zwartwitte sjaal voor hun gezicht hadden geknoopt. Ze begonnen hem te bedreigen met een fietsketting en sloegen hem in het gezicht. Uiteindelijk wist Hakan zich los te rukken en weg te rennen.


De vrienden van Hakan vonden dat hij het niet op zich kon laten zitten. 'Op een avond waren er sjiitische Afghanen uit Brussel op bezoek bij mijn neef die bij mij in de straat woont', vertelt Hakan. 'Die hadden zo'n Vito, je weet wel zo'n Transporterbus. Ze zeiden dat als ik ooit wraak wilde nemen, dat ik dan maar een seintje moest geven. En toen gooiden ze de achterklep open.'


Hakan maakt een beweging alsof hij de achterklep van een bus open doet. 'Die lag vol automatische wapens. Je weet toch van die kalashs. Maar ik ben het helemaal zat nu. Ik wil er niks meer mee te maken hebben.'


Ondertussen loopt een Turkse man met een grote zwarte snor de snackbar binnen. Aan zijn hand houdt hij een dochtertje van een jaar of 7. Uit zijn uiterlijk valt op te maken dat hij een aleviet is. De man bestelt een zak friet om mee te nemen.


'Wij moeten één zijn', vindt Hakan. 'Wij geloven in Allah, Mohammad en de Koran. Net als de soenieten. Het is allemaal een complot van Israël en Europa om ons uit elkaar te drijven. Als alle moslims een front zouden vormen, dan hadden we het Westen en de Joden allang verslagen.'


'Ik ben gewoon met deze jongens opgegroeid', vervolgt Hakan. 'Het waren mijn buurjongens. We voetbalden samen op straat. Nu gaan ze naar Syrië en verschijnen ze in filmpjes waar ze sjiieten onthoofden. Dat is toch niet normaal. Ze moeten ons niet haten.' Hakan denkt even na. 'Je moet eigenlijk niemand haten.'


De alaviet met de snor rekent zijn bestelling af en loopt met de zak friet naar buiten. 'Het komt allemaal door hen', fluistert Hakan, terwijl hij in de richting van de man knikt. 'Die alevieten geven ons sjiieten een slechte naam. Ze eten varkensvlees en drinken gewoon alcohol. Zelfs tijdens de ramadan. Mijn vader haat hen tot in het diepste van zijn hart.'


Schisma in de islam


Het schisma in de islam tussen soennieten en sjiieten is in de kern een politiek conflict over wie de leider zou moeten zijn van de islamitische gemeenschap. Volgens soennieten dient deze leider, ook wel kalief genoemd, te worden gekozen uit de gemeenschap der gelovigen. Sjiieten geloven daarentegen dat God deze positie heeft voorbehouden aan Ali, de neef en schoonzoon van de Profeet, en diens nakomelingen. Aan deze door God aangestelde opvolgers (imams), kennen sjiieten een speciale status toe. De laatste imam leeft in verborgenheid en zal aan het eind der tijden verschijnen om de mensheid te redden.


10 tot 20 procent van alle moslims in de wereld is sjiitisch en vormt in de meeste islamitische landen een minderheid. In Nederland zijn van de naar schatting 800- tot 900 duizend moslims er 50- tot 90 duizend sjiiet. Alleen in Iran, Irak en Libanon vormen zij de grootste bevolkingsgroep. In Turkije vormen de alevieten een significante minderheid. Zij worden vaak gezien als een spirituele stroming binnen de sjiitische islam, hoewel hun geloofsbelijdenis in de praktijk sterk afwijkt van die van de mainstreamsjiieten.


Hakan staat achter de toonbank van een snackbar

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.