Reportage

'Als zij je kutstudenten noemen, roep je paprikaplukkers terug'

Voetbal verbindt

Ze komen met hun eigen groep aan en vertrekken weer naar hun eigen plek. Maar twee keer drie kwartier vechten ze, mét elkaar, om de bal.

Foto Klaas Jan van der Weij

Waarom de kortgeknipte jongens van BSC'68 uit Benthuizen het altijd zo lastig hebben tegen de Leidse studenten, het is aanvoerder Erik Meijer een raadsel. Zijn ploeg is immers beter, fitter en serieuzer. Waarom dan steeds weer dat puntverlies? Misschien door het eeuwige geklets van die studenten in het veld. Vooral de jonge jongens van 18, 19 in zijn team hebben daar moeite mee.

Vandaag zal en moet er gewonnen worden. Zeker na de vorige wedstrijd, die eindigde in 1-1. De trainer van BSC liet nadien op de radiozender van Alphen weten hoe onterecht het was geweest en dat was weer koren op de molen van de grappenmakers bij LSVV. Op het in de regio beroemde wedstrijdblog op hun website schreven ze dat de coach als straf voor deze 'volslagen onzin' volgens de KNVB bij de eerstvolgende wedstrijd in Calimeropak diende te verschijnen, 'om als mascotte de Kidsclub van LSVV'70 bezig te houden'. Er waren mensen bij BSC die geloofden dat de voetbalbond de sanctie werkelijk had opgelegd.

Foto Klaas Jan van der Weij

Terwijl de spelers van BSC, gemiddelde leeftijd 24, in speciale trainingsshirtjes hun vaste warming-up-programma afdraaien, schieten de leden van de Leidse Studenten Voetbal Vereniging (rond 28 jaar) elkaar losjes de bal toe. Dat bij een verlies vandaag degradatie bijna onvermijdelijk wordt, is de mannen niet af te zien. Zo staan ze ook bekend bij hun tegenstanders, als studenten voor wie het voetbal in de derde klasse allemaal maar een grap is. In werkelijkheid is LSVV, dat ooit nauwe banden had met studentenvereniging Minerva, alleen nog in naam een studentenclub. De spelers werken tegenwoordig als arts, consultant of journalist. Maar elke zondag rijden de lease-auto's uit Amsterdam, Utrecht en Rotterdam richting Leiden. Want ergens anders voetballen, dat nooit. Waar vind je zulke leuke gasten die ook nog eens kunnen voetballen?

Zo is het modderige voetbalveld op sportcomplex De Kikkerpolder vandaag de ontmoetingsplek voor de jongens uit het christelijke dorp Benthuizen en de academici uit de Randstad. Een ontmoeting die volgens de recente rapporten van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in vrijwel elke andere sociale context - studie, werk, buurt of schoolplein - steeds minder voorkomt. Hoger opgeleiden en lager opgeleiden leven in gescheiden werelden, zo schrijft het Planbureau. Ze lezen andere kranten, bezoeken andere muziekconcerten en hebben wel of juist geen vertrouwen in de Haagse politiek. Vooral hoogopgeleiden schermen zich af. 'Ze mijden laagopgeleiden en trekken zich terug in hun eigen homogene netwerken.'

Foto Klaas Jan van der Weij

Het sportveld is vaak de uitzondering op die praktijk. Voor voorzitter-speler Alen Stjepanovic, een van de twee oud-Minervanen in de ploeg van LSVV, is de mix deel van de lol van het voetbal: de confrontatie met de serieuze jongens van een jaar of 18, 19, de allochtonen bij Roodenburg en 'die gasten met een lekker tintje van twee weken Salou of Chersonissos' bij een volksclub uit Den Haag. Dat maken zijn hockeyvrienden nou nooit mee.

Niet dat de BSC'ers domme jongens zijn; de mannen volgen een mbo-4- of hbo-opleiding, of werken al als aannemer, politieagent of schoonmaker.

Natuurlijk wordt op het veld onderling geprovoceerd. Als zij je kutstudenten noemen, roep je paprikaplukkers terug. Soms zoeken ze het randje op. 'Rustig aan, vriend, maandagochtend 8.00 uur sta je weer achter de lopende band.' En natuurlijk loopt het ook wel eens uit de hand. 'Als ik jou op de operatietafel tegenkom, gaat je verkeerde been eraf', riep een van de drie artsen in het team eens naar een niet nader genoemde tegenstander.

Als de scheidsrechter heeft gefloten voor de aftrap, is er - behoudens het conditiepeil - geen verschil meer te merken tussen de twee teams. De spelers van LSVV mogen dan keer op keer zeggen dat ze een 'cultclub' zijn die het allemaal niet zo serieus neemt, winnen willen ze wel. Ze hebben bijna allemaal, 'zo'n 10 kilo geleden', op hoog niveau gespeeld, bij clubs als NAC en FC Groningen. Als LSVV'70 een minuut voor rust op voorsprong komt, springt de kleinste speler van het veld in de armen van de lange doelpuntenmaker.

In de tweede helft, als BSC de stand heeft omgebogen tot 2-3, wordt het grimmiger, met een paar forse overtredingen en wat duw- en trekwerk tussen de spelers. Het echte vuur komt van de trainers, die continu van zich laten horen. Wanneer de blessuretijd nadert, commandeert de coach van BSC de bal over het hek te rammen. Even later schiet de bal de naastgelegen autoweg op. 'Dit gaat allemaal van de biertijd af', verzucht een bankzitter van LSVV. Zijn trainer kan er niet om lachen. 'Wat is dat nou weer voor een opmerking', roept hij richting de andere bank. 'Wat een vervelende man is het toch.'

Na het eindsignaal worden handen geschud en verdwijnen de spelers in de kleedkamers. BSC-aanvoerder Erik Meijer is blij met de zege, en opgelucht. 'We waren de hele wedstrijd beter en toch was het weer lastig', erkent hij.

Na afloop blijft de kantine op De Kikkerpolder leeg, op wat grijzende mannen en twee kerstbomen na. De spelers van LSVV vertrekken richting snelweg of naar de stamkroeg in de stad. Het team van BSC is al onderweg terug naar Benthuizen, naar de eigen kantine. Daar is het toch gezelliger.

Foto Klaas Jan van der Weij
Meer over