'Alles gaat ook maar kapot'

Sylvia zag twee keurige dames in de etalage van een lege winkel turen

Bladmuziekwinkel Broekman&Van Poppel in december 2012 Foto Guus Dubbelman / de Volkskrant

De twee dames 'op leeftijd', zoals dat heet, waren - veel te langzaam en veel te schuin - de drukke Van Baerlestraat overgestoken, schichtig tussen de bellende tram, vloekende pizzabezorgers, toeterende taxi's en slingerende toeristen op huurfietsen. Nu stonden ze voor de etalage van bladmuziekwinkel Broekmans & Van Poppel, en keken met ontzag om naar de stroom verkeer die ze net zo hachelijk hadden getrotseerd.

Het waren keurige dames, het Beethovenstraattype, tegen de 80, in dure, maar degelijke mantels, met gezichten waar zo'n dertig jaar geleden een piepklein, uiterst beschaafd faceliftje aan te pas was gekomen. Een van hen hield een zakje van de oliebollenkraam aan de overkant stijf vast. 'Je bent je leven niet meer zeker tegenwoordig', klaagde de ander en wees vertwijfeld naar een voorbijsjezende riksja, op het fietspad. De dubbele trouwring aan haar vinger verried het weduwschap.

'Moet je nou eens kijken...', zei haar vriendin. Ze tuurde in de etalage van Broekmans & Van Poppel. Die was leeg. Al zowat een jaar, trouwens. Een treurig gezicht. In mijn jeugd was die winkel een begrip onder iedereen die ook maar iets met klassieke muziek te maken had. Mijn oude vader, die leeft voor muziek, kocht er de stapels partituren waarin hij urenlang zachtjes neuriënd kon lezen, en mijn pianojuf betrok er de etudes die mijn jeugd vergalden. Er liepen geregeld beroemdheden in en uit, als ze toevallig tóch moesten optreden in het Concertgebouw, op de hoek.

Als kind moest ik altijd lachen om die namen. Ik kende ze niet, maar ik zag ze voor me; Broekmans, een klein mannetje in een veel te grote, tot zijn oksels opgehesen broek, en Van Poppel, een vrolijke dikkerd met een drankneus.

'Alles gaat ook maar kapot', sprak de weduwe bitter. 'Sjonge, jonge, wat een armoe...' Met haar hand boven haar ogen staarde ze de donkere, lege winkel in. Ik keek langs de prachtige gevel omhoog. Het uithangbord verklaarde trots dat Broekmans en Van Poppel ook cd's verkochten. Ze hadden het wel geprobeerd, met hun tijd meegaan.

De weduwe foeterde door, terwijl ik me afvroeg hoe zo'n prachtig pand, op zó'n locatie een jaar leeg kan staan. 'Nou ja, je moet maar denken', zei de dame met het oliebollenzakje laconiek, 'heb jíj nou nog veel bladmuziek gekocht, de laatste jaren?'

'Daar gaat het toch helemaal niet om...', antwoordde de weduwe. Maar ja, daar ging het natuurlijk wél om.

'Hier, neem een lekkere oliebol', zei de dame met het zakje.

'Dat vind ik toch ook zoiets', mopperde de weduwe.' Oliebollen. In október...'

Maar ze nam er toch een.

s.witteman@volkskrant.nl

Meer over