Zo sterk, zo snel - net een man: testosteron is en blijft splijtzwam in de sport

'Nergens anders in het leven zulke scherpe grenzen worden getrokken'

Om de medaillekans te vergroten, moeten vrouwelijke atleten meer op een man gaan lijken en dat is precies wat testosteron en anabolen doen.

Mae Telkamp Foto Ernst Coppejans

Het is 1954 en John Bosley Ziegler is als ploegarts van het Amerikaanse gewichthefteam aanwezig bij het WK in Wenen. Hij ziet hoe gewichtheffers uit de Sovjet-Unie met groot gemak halters omhoog tillen waaronder zijn eigen jongens zouden bezwijken. Hij vermoedt duistere krachten en nodigt zijn Russische collega uit voor een borrel. Die geeft het na een paar rondjes toe: hij dient zijn atleten testosteron toe.

Terug in de VS gaat Ziegler aan het werk. Samen met wetenschappers van het farmaceutische bedrijf Ciba ontwikkelt hij een chemische variant van het mannelijk hormoon testosteron, een anabole steroïde, methandrostenolone. Dat komt in 1958 op de markt onder de naam Dianabol. Het tijdperk van de anabolen in de sport is begonnen. Eerst in de krachtsporten, maar ook in andere takken sporten ontdekken atleten de fenomenale werking ervan: een razendsnelle toename van spiermassa, twee tot vijf kilo in tien trainingsweken, in sommige gevallen oplopend tot tien kilo.

De synthetisering van testosteron dateert al van voor de Tweede Wereldoorlog. De Duitse wetenschappers Adolf Butenandt en zijn Kroatische collega Leopold Ruzicka kregen er in 1939 de Nobelprijs voor de Scheikunde voor. De dominantie van Sovjet-atleten in de jaren veertig en vijftig zou er voor een belangrijk deel uit zijn te verklaren. Of Hitler de strijdlust van zijn soldaten aanwakkerde door toediening van testosteron is vaak beweerd, maar nooit bewezen. Net zomin als het gebruik van het mannelijk geslachtshormoon door Hitler zelf.

Oral-Turinabol

Mannen zijn doorgaans sterker dan vrouwen en dat komt in de meeste sporten duidelijk naar voren. De krachtigste genetische invloed op sportprestaties komt voort uit het mannelijk chromosoom. Wie vrouwen dus beter wil laten presteren, moet kijken naar het mannelijke hormoon testosteron, dat overigens ook wordt aangemaakt in het vrouwelijke lichaam, zij het in veel mindere mate. De vrouwelijke atleet moet voor de medailles meer op een man gaan lijken en dat is precies wat testosteron en anabolen bewerkstelligen.

In 1964 besloten de autoriteiten in de communistische DDR, Oost-Duitsland, dat in het gevecht met de kapitalistische sporters alle middelen waren geoorloofd. Onderzoekers van het farmaceutische bedrijf Jenapharm ontwikkelden hun eigen anabole steroïde, Oral-Turinabol. In de jacht op olympische medailles bleek al snel dat de winst vooral was te boeken in de vrouwensport - bij vrouwen hebben de anabolen relatief een veel groter effect dan bij mannen. Binnen een paar jaar sorteerde de 'staatsdoping' effect en werden Oost-Duitse atletes dominant in de internationale sport, vooral in het zwemmen, de atletiek en het schaatsen.

Tekst gaat verder onder de foto.

De Nederlandse hardloopster Foekje Dillema in 1949. Foto Hollandse Hoogte

Bij persconferenties viel journalisten op dat de Oost-Duitsen nogal zware stemmen hadden en dat sprake was van snorvorming. Hun lichamen waren wat spiervorming betreft bovendien bepaald mannelijk te noemen.

Anabolen hebben nare bijwerkingen - behalve veranderingen in de seksekenmerken ook depressiviteit, impotentie en vroege kaalheid bij mannen en acnevorming. Voor atleten is het gebruik niettemin bijzonder verleidelijk. In sporten waarin kracht een belangrijke rol speelt, niet alleen bij het gewichtheffen maar ook in de kortere loop- en werpnummers in de atletiek, het zwemmen, wielrennen en schaatsen - is extra spierkracht cruciaal.

Anabolen hebben ook een stimulerende werking op de aanmaak van rode bloedcellen, zorgen voor sneller herstel en maken dus hogere trainingsintensiteit mogelijk. Bovendien zouden ze de strijdlust en de bereidheid risico's te nemen aanwakkeren, een moeilijk te bewijzen aanname.

De hogere seksdrive bij mannen én vrouwen tijdens een kuur werd op de koop toegenomen of in dankbaarheid aanvaard. Dat die na beëindiging ervan sterk afnam, was de prijs die moest worden betaald. Evenals de depressies die zich voordeden bij gebruikers en de verslavingsverschijnselen. Het weerhoudt sportartsen er tot op de dag van vandaag niet van atleten van anabolen te voorzien - die kunnen op het internet overigens ook moeiteloos worden aangeschaft voor zelfmedicatie. Het Russische dopingschandaal dat na de Winterspelen van Sotsji naar buiten kwam, draait om toediening van een mix van drie soorten anabolen (om de kans op positieve controles te verminderen), waaronder het oude Oral-Turinabol.

'Vermannelijkend hormoon'

Tijdens het Europees Kampioenschap atletiek van 1986 won de 20-jarige Oost-Duitse Heidi Krieger bij het kogelstoten. De anabolen hadden hun werk gedaan. Meer dan dat zelfs: elf jaar later onderging Krieger een operatie die van haar een man maakte. Tegenwoordig is Andreas Krieger gelukkig getrouwd. Hij schrijft zijn sekseverandering toe aan de onomkeerbare gevolgen van anabolengebruik - die overigens bij duizenden Oost-Duitse atletes werden toegediend onder het mom van vitaminepreparaten.

'Testosteron is het vermannelijkende hormoon', zegt bewegingswetenschapper en dopingdeskundige Olivier de Hon van de Nederlandse Dopingautoriteit. Bij mannen ligt de natuurlijke hoeveelheid nanomol testosteron tussen 10 en 40, bij vrouwen tussen 0,5 en 2 nanomol. De Hon: 'Vrouwen hebben ook het mannelijke hormoon testosteron, mannen het vrouwelijke oestrogeen. Toediening van anabolen heeft verschillende effecten. Bij mannen wordt een deel van het natuurlijke testosteron erdoor omgezet in oestrogeen. Daardoor zie je soms borstvorming bij mannen, die zo sterk kan zijn dat amputatie noodzakelijk is. Maar bij vrouwen zijn de bijwerkingen doorgaans veel sterker, omdat er een evenwicht ontstaat tussen oestrogeen en testosteron. Mannen worden een beetje vrouw, maar vrouwen worden veel sterker man, zou je kunnen zeggen. Ik ken handelaren die daarom weigeren anabolen te verkopen aan vrouwen.'

De sportstatistische gevolgen van de opmars van het gebruik van anabolen waren opmerkelijk. De kloof tussen door mannen en vrouwen geklokte tijden en overbrugde werpafstanden werd snel kleiner. In 1964 bedroeg bijvoorbeeld het verschil tussen de wereldrecords bij mannen en vrouwen op de 100 meter sprint ruim 1,1 seconde. Een kwart eeuw later benaderde Florence Griffith-Joyner haar mannelijke collega's tot op een halve seconde. Haar wereldrecords op de 100 en 200 meter uit 1988 staan nog altijd. Griffith-Joyner stond onder sterke verdenking van anabolengebruik, maar dat werd nooit bewezen. Ze overleed in 1998 op 38-jarige leeftijd aan de gevolgen van een epileptische aanval.

Op de marathon was het verschil tussen de beste tijden bij mannen en vrouwen in 1964 nog een uur en dertien minuten. Twintig jaar later was dat afgenomen tot veertien minuten. In de Volkskrant schreef atletiekjournalist Hans van Wissen rond die tijd dat het historische moment waarop mannen door vrouwen voorbij zouden worden gehold met rasse schreden naderde. De Hon: 'Maar sinds de controles op anabolen zijn verbeterd en het gebruik is afgenomen, zien we dat de tendens is omgekeerd en worden de verschillen tussen mannen en vrouwen in diverse sportdisciplines weer groter.'

Tekst gaat verder onder de foto.

De Zuid-Afrikaanse atlete Caster Semaya bij de Spelen in 2016. Foto epa

In 2016 won Caster Semenya olympisch goud in Rio op de 800 meter voor vrouwen. Er was op dat moment al jarenlang een controverse gaande rond haar persoon. De Zuid-Afrikaanse Semenya, geboren in 1991, werd in 2009 uit het niets wereldkampioene op de 800 meter. Haar verschijning wekte onmiddellijk wantrouwen: een brede borstkas, gespierde schouders, smalle heupen, een mannelijk gezicht. In 2017 kreeg ze met terugwerkende kracht ook de gouden medaille van Londen 2012, nadat de Russische Savinova haar eerste plek had moeten inleveren vanwege het Russische dopingprogramma. Dat was pikant: wat Savinova van buitenaf kreeg toegediend, namelijk een flinke portie mannelijkheid, had Semenya van nature.

Om te voorkomen dat mannen er in de vrouwensport met de prijzen vandoor gingen, werden vanaf 1936 geslachtstests ingevoerd. Dat gebeurde door de visuele controle op geslachtskenmerken: broek uit. Toen de Nederlandse atlete Foekje Dillema, op de korte loopnummers een concurrente van de legendarische Fanny Blankers-Koen, in 1950 het verzoek kreeg ter controle haar kleren uit te trekken, weigerde ze dat. Ze werd geschorst. Pas veel later bleek uit dna-testen dat Dillema het mannelijk Y-chromosoom bezat dat zorgde voor hoge testosteronwaarden en dat van haar een zogenoemde hyperandrogene vrouw maakte, een vrouw met mannelijke eigenschappen. En dus met een fysiek voordeel op andere vrouwen.

Beoordeling op testosteronwaarden

Precies hetzelfde was er aan de hand met Semenya. In 2011 besloot de internationale atletiekfederatie de beoordeling van het geslacht van atleten helemaal toe te spitsen op testosteronwaarden. Atletes met waarden die in de buurt kwamen van die van mannen, zouden van deelname worden uitgesloten, tot ze door hormoontherapie (of een operatie) hun testosterongehalte weer op het 'normale' niveau hadden gebracht. Onderzoek onder topatletes had uitgewezen dat die gemiddeld 3 nanomol testosteron per liter in hun bloed hadden. Vrouwen bij wie meer dan 10 nanomol werd aangetroffen mochten niet meer meedoen.

In 2015 ging een Indiase hyperandrogene sprintster, Dutee Chand, bij het internationale arbitragetribunaal CAS in beroep tegen die regel. Ze kreeg gelijk. Het hof achtte onvoldoende bewezen dat hoge testosteronwaarden een significant voordeel betekenden. Daarop gaf de IAAF opdracht voor nieuw onderzoek, waarvan de uitkomsten dit jaar werden gepubliceerd in The British Journal of Sports Medicine. Uit vergelijking van hoge en lage testosteronwaarden bij 2.127 atleten (mannen en vrouwen) tijdens de WK's atletiek van 2011 en 2013 bleek dat er bij vrouwen sprake was van voordeel, al was dat minder groot dan verwacht: op Semenya's 800 meter bedroeg het 1,8 procent. Zelfs bij een krachtnummer als het discuswerpen was het verschil maar 4,5 procent - minder dan de 10 tot 12 procent die volgens het CAS nodig was om te spreken van oneerlijke competitie. Merkwaardig genoeg werd bij mannen geen verschil in prestaties gevonden tussen atleten met 'high-T' en 'low-T', wat de vraag opwierp waar al die mannelijke anabolengebruikers zich dan al die jaren zo druk over hadden gemaakt. En de vraag of het onderzoek wel deugde.

De Indiase hyperandrogene sprintster Dutee Chand. Foto afp

'Genetic freaks'

De discussie rond Semenya leidde tot andere, meer wezenlijke vragen. Kan het verschil tussen man en vrouw in de topsport louter worden opgehangen aan testosteronwaarden? En: als sprake is van een natuurlijk - dus niet door doping veroorzaakte - verhoogde testosteronspiegel, is dan sprake van oneerlijkheid of van een fysiek voordeel zoals zoveel andere in de sport? Het ene kamp in die discussie vindt het toegestaan dat een 'kleine minderheid', namelijk de hyperandrogene vrouwen, wordt gediscrimineerd om de veel grotere meerderheid 'normale vrouwen' in bescherming te nemen en niet bij voorbaat kansloos te maken. Het andere kamp verklaart, bijvoorbeeld bij monde van de Britse hoogleraar bio-ethica Silvia Camporesi, dat 'alle topatleten genetische uitzonderingen zijn' - of genetic freaks, om het wat scherper uit te drukken. De zwemmer Michael Phelps met zijn immense zwemvinnen van voeten net zo goed als Semenya en haar hoge testosterongehalte. Dat de twintig snelste marathontijden ooit bij de mannen allemaal zijn gelopen door atleten uit Kenia en Ethiopië wijst op een natuurlijk voordeel van de Oost-Afrikanen, maar niemand die daarom pleit voor wetenschappelijk onderzoek om te kijken of sprake is van een oneerlijk voordeel.

Waarom werden fysieke verschillen tussen vrouwen wel onder het vergrootglas gelegd, in dit geval het verschil in testosterongehalte, en bij mannen niet? Hoe viel dat anders te verklaren dan uit seksisme en - in het geval van Semenya en Chand - racisme? Was de internationale topsport niet nog altijd een door witte mannen gedomineerde en bestuurde wereld?

In een stuk in The New Yorker beweerde schrijver en journalist Malcolm Gladwell (Het beslissende moment, Uitblinkers) over het onderscheid tussen mannen en vrouwen dat 'nergens anders in het leven zulke scherpe grenzen worden getrokken'. Maar, voegde hij daaraan toe, 'de Olympische Spelen zijn het leven niet!' Topsport is nu eenmaal inherent seksistisch, bedoelde hij, en dat hebben we maar te accepteren. En als vrouwen volgens afgesproken wetenschappelijke maatstaven niet echt vrouwen zijn, maakt dat het gevecht oneerlijk en moeten we misschien besluiten tot de invoering van een derde categorie en het WK voor hyperandrogenen.

De IAAF gaat door met haar pogingen hyperandrogene vrouwen van competitie uit te sluiten. Testosteron, natuurlijk of kunstmatig, is een splijtzwam in de sport en zal dat blijven. Tot wordt besloten dat bij topsport nu eenmaal altijd sprake is van verschillen en dat sport, in de woorden van de Nederlandse schrijver Tim Krabbé, 'het meten van oneerlijkheid is'.

Verbetering: Mae Telkamp is niet gefotografeerd door Cornelie Tollens zoals vermeld stond, maar door Ernst Coppejans.


Lees ook deze stukken over m/v-verschillen

Hoe zit het nou echt met die m/v-verschillen?

Wat #MeToo ook deed, net in het tijdsgewricht van genderneutraliteit: de mensheid weer ouderwets in twee groepen verdelen, met aan de ene kant de bronstige man, en aan de andere kant het timide vrouwtje. Hoe zit het nou echt met die m/v-verschillen? Wat zeggen de cijfers? En welke rol speelt testosteron? (+)

Waarom is er zo weinig oog voor sekseverschillen in de medische wetenschap?

In de medische wetenschap is nog weinig oog voor sekseverschillen. Terwijl er nogal wat aan de hand is. (+)

Meer over