Land van afkomst Marina Diboma

‘Zelfs Nederlandse Afrikanen beginnen hun toekomst in Afrika te zien’

Zakenvrouw Marina Diboma (35) strijdt voor betere handelsrelaties tussen Afrika en Nederland. 

Marina Diboma Beeld Casper Kofi

Alle Afrikaanse zakenmensen die naar Nederland komen, vertellen hetzelfde verhaal aan Marina Diboma. ‘Ze denken: ik kom daar, ik doe wat ik moet doen en daarna ga ik weer weg. In Nederland willen ze helemaal niet blijven. De toekomst is niet hier, die ligt in Afrika. Maar als je de ellende ziet die ze moeten doorstaan om Nederland in te komen. Die begint al bij de aanvraag van een visum. Nederlanders worden in Afrika niet zo behandeld.

‘In Nederland moet een knop om worden gezet. Niet iedereen wil in dit land wonen. Zelfs Nederlandse Afrikanen beginnen hun toekomst in Afrika te zien. Je zou een keer moeten kijken op de vliegvelden van Addis Abeba, Nairobi of Accra. De hubs waar zakenmensen overstappen op een andere vlucht. Daar zie je zo veel Afrikaanse zakenmensen.’

Voordat Marina Diboma deputy managing director werd van de Netherlands-African Business Council in Den Haag groeide ze op in Kameroen. Haar moeder werkte in de haven van Douala. ‘En ze kocht stof waarmee ze jurken liet maken in Senegal, Togo en Ivoorkust. Die verkocht ze in Kameroen. Mijn moeder zei altijd: de grootste rijkdom is je onderwijs. We waren niet rijk, maar ze stuurde ons naar privéscholen. Daar investeerde ze haar geld in. Op de publieke scholen leerde je geen discipline.’

Marina Diboma (Kameroen, 1982) is deputy managing director van de Netherlands-African Business Council (NABC) in Den Haag. ‘Ik bouw bruggen. Tussen mensen, tussen Nederland en Afrika. Ik hou niet van praten over Afrika alsof het een land is. Het zijn allemaal individuele landen. Met delegaties van Nederlandse ondernemers reis ik naar die landen.’

Waren je klasgenoten rijker dan jij?

‘Zij woonden in mooie villa’s, wij hadden een appartement in een armere buurt. Ik was de beste leerling, dus ze wilden vrienden zijn met mij.’

Waarom wilde je naar Nederland?

‘Mijn moeder had beloofd dat ik na de middelbare school naar het buitenland mocht. Ik wilde andere culturen zien. Mijn broer studeerde hier al. Aan de Universiteit van Amsterdam was ik de enige student zonder een Nederlandse achtergrond die in het Nederlands een studie volgde.’

Wat vond je van Nederland?

‘Ik was nooit buiten Kameroen geweest. Het was koud en ze aten hier geen warme lunch. Het is vast wel eens gebeurd, maar ik kan me niet herinneren dat iemand ooit onaardig tegen me heeft gedaan. Vanaf het begin probeerde ik Nederlands te spreken. Iedereen antwoordde in het Engels. Ik zei dan: ik weet dat mijn Nederlands niet goed is, maar als jij Engels tegen me blijft spreken leer ik het nooit.

‘Ik denk dat mensen niet altijd konden plaatsen waar ik vandaan kom. Zelfs in Kameroen niet. Een paar jaar geleden was ik daar met een handelsdelegatie, ze dachten dat ik uit Burundi kwam. Ze waren blij verrast dat ik, als enige vrouw in het gezelschap, de missieleider was van een groep Nederlandse ondernemers.’

Hoe zien ze Nederland in die landen?

‘Nederlanders staan bekend om de agrarische sector. Melkproductie, watermanagement en infrastructuur. En ze zijn bereid hun kennis te delen. Ik werkte met een Nederlands bedrijf dat zaden verkocht in landen als Mali, Niger en Burkina Faso. De mensen daar wilden niet alleen zaden kopen, ze wilden die ook zelf kunnen produceren. Dat is waar samenwerking over gaat. Niet alle landen doen dat.’

Nederlands

‘Een haring eten.’

Kameroens

‘Als ik Bassa spreek.’

Eten

‘Ndolé en gebakken banaan.’

Partner

‘Ik kijk vanuit de mens, niet naar afkomst.’

WK voetbal

‘Ik was voor Nigeria.’

Wat is de rol van China in Afrika?

‘China deelt geen kennis. In Niger kwamen ze een nieuwe brug bouwen. Overdag werkten lokale arbeiders aan die brug. En ’s nachts, als de technologie werd gebruikt, kwamen de Chinezen. China brengt geld, soepeler en meer vanuit gelijkwaardigheid dan Europese landen. Dat vinden ze in Afrika prettig. China zegt niet: zorg eerst dat de mensenrechten in orde zijn, dan kunnen we pas praten. De Afrikaanse landen voelen zich niet beoordeeld door China. Vanuit Europa willen ze altijd eerst de zekerheid dat niets mis kan gaan. China komt gewoon. Ze bouwen wegen en scholen, maar de kennis houden ze voor zichzelf. En ze halen de grondstoffen leeg.’

Wat is het grootste vooroordeel over Afrika?

‘Dat het hele continent één grote ellende is. Het beeld van armoede en onveiligheid.’

Hoe is dat beeld ontstaan?

‘Door de ontwikkeling in de relatie tussen Afrika en Europa. Vanaf vijftig jaar geleden werden de Afrikaanse landen onafhankelijk. De vraag was: hoe ga je leren jezelf te ontwikkelen? In veel landen ontstond onrust, ze waren nog niet democratisch. Vanuit Europa werden ze aan een infuus gehouden, die hulp heeft niet echt geholpen. Het geld kwam terecht bij de leiders en waar bleef het daarna? Ieder land moest een eigen ontwikkeling doormaken.

‘Afrika was afgesloten van de wereld. In Kameroen bestond één televisiezender van de staat, pas in de jaren 90 kregen we kabel-tv. De technologie en internet hebben gezorgd voor een nieuwe situatie, onvergelijkbaar met vroeger. Jonge mensen wachten niet meer op een overheid die het voor ze moet doen. Ze willen verandering. Banen. Nu. Als lokale ondernemers een weg naar een plantage nodig hebben, gaan ze niet klagen dat er niets gebeurt. Ze zorgen zelf dat die weg wordt aangelegd.’

In gesprek

Schrijver Robert Vuijsje (Alleen maar nette mensen, Beste vriend) interviewt voor de Volkskrant Nederlanders over de rol die afkomst speelt in hun leven. Hij spreekt onder anderen nog met youtuber Défano Holwijn (Surinaams) en wetenschapper Nadia Bouras (Marokkaans).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden