Fotoserie Transgenders

Ze zitten tussen twee hokjes in, of willen eigenlijk in geen enkel hokje passen: dit zijn transgenders in transitie

Fotograaf Milan Gies focust op transgenders midden in hun veranderingstraject. Hoe voelen ze zich? Man, vrouw, geen van beide of iets ­ertussenin?

Rover vóór de medische transitie van vrouw naar man. Beeld Milan Gies

Als je je borsten liever kwijt dan rijk bent maar ook niet zeker weet of je een piemel wil, als de tijd van schoolgym en verplicht douchen eindelijk achter je ligt, als je elke drie weken hormonen spuit, je lichaam ziet veranderen en dat nog wat onwennige nieuwe leven met een zelfgekozen naam hebt bekroond, als je zeker weet dat je niet wil blijven wie je was maar nog lang niet weet hoe je wél wil worden – waarom zou je dan in hemelsnaam halfnaakt voor fotograaf Milan Gies poseren?

Flip Zonne Zuijderland (21)

‘Waarom poseren? Omdat hij dieper gaat dan de huid. Je ziet meer dan het omhulsel, dat vind ik mooi. Ik was ­benieuwd: zou ik daar bij mezelf ook doorheen kunnen kijken? En ik vind het belangrijk om te vertellen: zo rampzalig is het niet, in transitie gaan.’

Na anderhalf jaar wachten, een intakegesprek, weer driekwart jaar wachten en zes maanden praten met de psycholoog mag Flip sinds zes maanden geleden onder begeleiding van het Amsterdam UMC testosteron bij zichzelf injecteren. De eerste veranderingen beginnen te komen. ‘Mijn stem zakt, ik krijg meer lichaams­beharing, mijn schouders worden wat breder. En wat ik niet van tevoren wist, maar wel een leuke bijkomstigheid is, is dat mijn borsten kleiner worden door de hormonen.

De meesten weten het al van jongs af aan, maar ik was een meisje van een jaar of 16 toen ik begon te twijfelen. Omdat ik in Zuid-Limburg altijd al het pispaaltje was, deed ik er niks mee. Pas toen ik in Amsterdam kwam wonen, zei ik: noem me maar Flip. Mijn mailadres met mijn oude naam erin heb ik wel zo gelaten. I’m a man of habits. En het omzetten vond ik vervelender dan dat mensen af en toe verbaasd staan. Ik heb lang geworsteld: als ik er nu pas achter kom, ben ik dan wel transgender genoeg? Nog steeds weet ik niet zeker of ik ooit voor honderd procent fysiek een man word, maar ik heb wel meer rust in mijn hoofd. Toch moet je in transitie gaan niet zien als de oplossing voor al je problemen. Mensen om me heen zie ik die fout wel maken: pas als ik af ben, ben ik gelukkig, zeggen ze dan, maar als je weet hoe lang dat nog duurt, zeker van man naar vrouw, denk ik: doe het jezelf niet aan.

Zelfs de meest open-minded mensen hebben moeite om zich in me te verplaatsen. Heb je al een lul, vragen ze vaak. Nee. Mijn borsten wil ik er zo snel mogelijk af, maar bij de grote operatie is de kans dat die slaagt maar vijftig procent, dat vind ik te weinig. Liever een kutje dat nog werkt dan een Hemarookworst zonder gevoel, zeg ik meestal, en dan snappen ze het ineens. Dat betekent niet dat ik het nooit zal doen, ik hou mijn opties open, maar voor nu hoeft het niet. Mijn vriendinnetje kent mijn lichaam en vindt het mooi. Ze is biseksueel, mijn gender is niet belangrijk voor hoe ze zich tot mij aangetrokken voelt. Wel was zij degene die me na een lang gesprek aanspoorde om het medische deel van de transitie door te zetten. Ze vindt mijn borsten mooi, maar als ik gelukkiger ben ­zonder, dan moeten ze eraf, vindt zij.

Door het testosteron is het alsof ik ­opnieuw in de puberteit terecht ben gekomen, maar dan een mannelijke variant. Ik voel ineens puur fysieke woede, moet voor het eerst in mijn leven moeite doen om niet vreemd te gaan. Van tevoren maakte ik me daar wel zorgen over: wat als ik straks niet meer mij ben? Maar veel van wat me definieerde, bijvoorbeeld dat ik vroeger nooit boos werd, bleek ook een handicap: ik heb mensen over me heen laten lopen, terwijl ik nu een grote bek heb. Misschien verander ik niet alleen fysiek, maar ook mentaal in de persoon die beter bij me past.’

Rover (29)

‘Ik was 25 toen ik erachter kwam dat er iets niet lekker zat. Inmiddels heb ik vrienden van 19 die verder in het proces zijn. Waarom wil ik dit? Was het vroeger ook al zo? Omdat ik al best oud was, vroeg ik me een tijd lang af of dat gevoel legitiem was, ik twijfelde aan alles. Dat soort gedachten is normaal, zei mijn psycholoog; het is juist raar als je alles zeker weet. Ik herinner me wel dat ik op mijn 20ste al mijn borsten afbond met verband. Ik ben geen vrouw, weet ik nu zeker, en als mensen mij wel zo zien, is dat pijnlijk. Daarom heb ik zodra ik de medische verklaring kreeg mijn naam en geslacht voor de wet laten veranderen. Ja, ik zal altijd androgyn blijven: mijn gedrag is lief en zorgzaam, het lijkt me mooi om straks weer lang haar te hebben en nagellak te dragen. Maar dan wel zo dat mensen denken: daar zit een man met lang haar en nagellak, en geen vrouw.’

Audrey Beelen (19)

‘Ik denk dat maar heel ­weinig mensen me echt begrijpen. Het is natuurlijk ook een buitenaards idee om geen man en geen vrouw te zijn, daarom vond ik het belangrijk om aan deze serie mee te werken. Natuurlijk was het ook eng, nog steeds, door de jaren heen heb ik zo veel negatieve kritiek gekregen dat ik me heb afgesloten voor de buitenwereld. Mensen zijn vaak sceptisch. ‘Hoe weet je nou zeker dat je écht geen man of vrouw bent?’ ‘Hoe weet jij zeker dat er alleen mannen of vrouwen bestaan?, antwoord ik dan. ‘Ik bewijs toch dat het niet zo is?’ Zelfs bij het Amsterdam UMC denken ze vrij zwart-wit: er is maar één hormonale startdosering mogelijk. Een lagere, waarbij mannelijke of vrouwelijke kenmerken zich niet zo sterk zouden ontwikkelen, is niet toegestaan. Terwijl ik denk dat het veel mensen zou helpen om te weten: ik hoef niet per se te kiezen.

Als kind hoefde ik dat ook niet: ik was niet heel duidelijk een jongen of een meisje. Pas toen ik de kleding van mijn zussen aan wilde, zeiden mijn ouders: dat kan niet. Toen ik me op mijn 15de echt ­anders begon te voelen, was het ­logisch om te denken: dit hokje past niet, dus stap ik in het andere. Ik doorliep het traject, werd voor de wet vrouw, maar toen ik begon met oestrogeen en borsten kreeg, schrok ik: dit was óók niet wat ik wilde. Door de schrik heb ik nog even geprobeerd om terug mijn oude hokje in te gaan en door de buitenwereld als man gezien te ­worden, maar dat was het toch ook niet. Nu ben ik wie ik ben. Het proces is afgerond, denk ik, mijn identiteit is redelijk stabiel, alleen de ­uitingsvorm verandert; soms kleed ik me manne­lijker, dan weer vrouwelijker. Maar ik ben geen man en geen vrouw en daar zal ik mee moeten leren leven. Mijn naam heb ik gehouden. ‘Audrey’ is een eer­betoon aan mijn opa Adrie, die me leerde dat niets te gek is en je je hart moet volgen.’

Mick Luna Schippers (19)

‘Als iemand me vraagt hoe ik mezelf zie, zeg ik: als non-binaire transgender. Dat betekent dat je eigenlijk afstapt van het hele man-vrouwspectrum. Ik ben geen van beide. Ja, ik praat liever over mijn emoties dan dat ik vecht of wegloop, en ook de manier waarop ik denk, zou je als vrouwelijk kunnen zien, maar die heupen en borsten vanaf mijn 12de, die wilde ik niet. Testosteron was de oplossing, maar dat is een mannelijk hormoon, en ik wilde toch ook geen man zijn? Het was een dilemma waar ik jaren mee geworsteld heb. Nu denk ik: waarom zou een lichaam zonder borsten typisch mannelijk zijn? Het is gewoon het lichaam dat ík wil. Dat mijn stem nu zakt is leuk, maar die acceptatie, geen man en geen vrouw hoeven zijn, dat is de beste verandering die ik heb doorgemaakt. Ik voel me vrij, en dat zit in de simpelste dingen: in winkels bij de mannen- en vrouwenafdeling kijken, bijvoorbeeld. Het is een enorme opluchting. Twee jaar geleden dacht ik niet na over de toekomst, ik had een zware depressie en voelde dat ik er binnenkort toch niet meer zou zijn. Nu kan ik weer uitkijken naar kleine dingen: dat ik een snorretje krijg en dan zelf besluit of ik hem afscheer, of niet.’

De foto’s zijn onderdeel van de expositie ‘State of Identity’ van fotograaf Milan Gies, vanaf 17 maart te zien in Melkweg Expo in Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden