'Wij aspergers kunnen ons tot op zekere hoogte goed aanpassen met schijngedrag'

Vriendschappen, liefdes - voor Anthonie (70) zijn ze allemaal volstrekt inwisselbaar.

Beeld .

Mijn leven lang al word ik snel verliefd, maar kort daarna dooft het gevoel. Het is alsof ik geen band met anderen heb. Alsof de lijm op het plakband waarmee een verhouding bijeen wordt gehouden, bij mij sneller opdroogt en verbrokkelt waardoor het loslaat. Als het nieuwe ervanaf is, verdwijnt mijn belangstelling. En als onthechting een verworvenheid is waar anderen jarenlang voor moeten mediteren, dan heb ik dat zomaar bij mijn geboorte cadeau gekregen. Toch ben ik 38 jaar getrouwd geweest. Toen ik mijn vrouw in 1972 leerde kennen had ik veel losse vriendinnen. Ik herinner me nog dat ze bij een van onze eerste ontmoetingen een lijstje met namen zag liggen: Dicky, Annetje, José, Heike, en dat ze zei: ik wil niet op een lijstje. En ook al snapte ik toen al niet waarom mensen met elkaar trouwen, want geef toe, wie weet woont er honderd kilometer verderop een veel grotere liefde, maakte ik voor deze vrouw een uitzondering. Het lijstje heb ik verscheurd, want ze zei: we trouwen of het is uit. Die duidelijkheid beviel me. Bovendien: ze was intelligent, had een goed hart en was betrouwbaar.

In die tijd beschouwde ik mijn gebrek aan commitment als bindingsangst, wij dachten allebei: als we maar genoeg ons best doen, dan smeden we die band vanzelf. Mijn vrouw verzekerde me: jij weet niet wat houden van is, maar let op, ik ga het je leren. Maar het lukte niet, ik voelde niet wat zij voelde. Als ik per ongeluk op haar teen stond, zei ik werktuigelijk sorry, maar die pijn, net als alle andere pijn, voelde ik niet mee. Als ze huilde of verdrietig was, nam ik het waar, maar wezenlijk begrijpen deed ik het niet. Natuurlijk kom je een eind met toneelspelen, maar liefde is nu juist de afwezigheid van doen alsof.

Op begrafenissen bijvoorbeeld, keek ik naar haar, zag haar tranen en dacht: nu moet ik kennelijk huilen. Alsof het huilen uit een sociale conventie gebeurt, niet vanuit het hart. En ik heb heel lang gedacht dat iedereen dat zo ervoer. Dat mensen huilden vanuit een soort afspraak. Toen mijn broer overleed vond ik dat naar, maar ik dacht ook: had hij maar niet zo veel moeten roken. Op anderen komt dat hard over, maar dat is het niet: het is zoals het is. De aanslagen in New York, de MH17-ramp: ik tel alleen de slachtoffers en merk op dat dit aantal niet in verhouding staat met de honderdduizenden slachtoffers die elders in de wereld sterven. En in romantische films zie ik iets tussen mensen gebeuren wat hen gelukkig maakt en mij vreemd is.

Het begrip autisme kwam pas laat ons gezin binnen. Een paar jaar geleden werd mijn zoon gediagnostiseerd met asperger. Voor hem was dat een enorme opluchting. Nu hoefde hij niet meer te doen alsof. Mijn zoon gedroeg zich altijd als een soort Jezus, hij overcompenseeerde zijn gebrek en deed zich voor als een uiterst sociaal mens. Want wij aspergers kunnen ons tot op zekere hoogte goed aanpassen met schijngedrag. Toen hij hoorde wat er aan de hand was, brak hij met zijn vriendin. Hij is nu een stuk minder aardig, maar wel oprecht.

Gealarmeerd door zijn diagnose, liet ook ik me testen en ineens viel alles op zijn plaats. Ik was inmiddels gescheiden van mijn vrouw. Toen we trouwden, verwachtte zij dat alles mooi zou zijn, maar het werd voor haar niet mooi. Ons leven niet, de seks niet, want ik had geen wezenlijke interesse in wat zij fijn vond. Voor mij was ze de ideale vrouw, want ze nam me mee op reis, naar verjaardagen, we gingen naar klassieke concerten. Voor haar was ik een teleurstelling. Iemand die weinig respons gaf. We kregen vier kinderen en probeerden ervan te maken wat ervan te maken viel. Ik bleef denken: ik verander wel. Maar vriendschappen en liefdes zijn voor mij inwisselbaar. Iemand missen doe ik zelden. Als ik toen had geweten wat er met me aan de hand was, had ik haar nooit mij aangedaan, en was ik waarschijnlijk veel eerder gescheiden. Dan had ik me gerealiseerd dat er niets te veranderen valt aan mij. Wij beiden begrepen maar niet hoe het kwam dat informatie bij mij anders werd opgeslagen.

Ik aarzel mijn zoon aan te raden op zoek te gaan naar een nieuwe vrouw. En tegen allen die in een liefdesverhouding zitten met een autist zou ik willen zeggen: wegwezen of accepteren. Het wordt nooit beter. Een autist is niet in staat tot echte liefde. Ik kan het weten, want ik ben er een en met mij valt niet te leven.

Vanuit mijn flat kijk ik naar buiten en zie een stel op de fiets met allebei hetzelfde rode windjack. Ik walg daarvan, en tegelijkertijd denk ik: zij hebben iets waar ik alleen maar naar kan raden. Mannen die voor hun vrouwen door het vuur gaan, ik begrijp het eenvoudigweg niet. Mijn vrouw en ik waren nooit 'wij'. Natuurlijk, iedere liefde heeft een andere gedaante en dat maakt de ene niet per se beter dan de andere, maar om het liefde te kunnen noemen, moet wel aan ten minste een aantal voorwaarden voldoen. Mijn moeder overleed toen ze 93 was. Zij was de enige die begreep wat mij mankeerde, omdat ze zelf net zo was. Een dwarse vrouw. Niet uit vrije wil, maar uit onmacht. Net als ik. Ja, ik had graag geweten wat ik mankeerde, dan had ik mijn leven kunnen aanpassen. Mijn hele leven. Ik ben bijvoorbeeld nooit manager geworden, ik bleef adviseur: goed in het geven van kritiek, niet in empathie. Waar ik kom, neemt de liefde de benen.'

Op verzoek van de geïnterviewde is de naam Anthonie gefingeerd. Ook geïnterviewd worden over liefde en lust? Mail een korte toelichting naar lust@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden