Weg met de praatjesmakers

Het begon 15 jaar geleden met Yakult: reclame met quasi-wetenschappelijke claims. De Europese wetgever grijpt nu eindelijk in...

Op het hoofdkantoor van de Europese voedingautoriteit EFSA in het Italiaanse Parma zijn ze heiliger dan de paus. In het kader van nieuwe wetgeving hebben voedingsbedrijven er honderden aanvragen ingediend om gezondheidsclaims te mogen gebruiken voor bacterieyoghurtjes, melkdrankjes en margarines. Voor betere hersenen, ontstopte bloedvaten, een soepele stoelgang en wat al niet meer.

De EFSA is echter zo strak in de voedingsleer dat nog maar enkele aanvragen zijn gehonoreerd. Het overgrote deel van de beoordeelde claimdossiers is de afgelopen maanden in de prullenbak verdwenen omdat wetenschappelijke onderbouwing ontbreekt. Een kleine tweehonderd aanvragen wacht nog op een juryoordeel. Voedingsbedrijven met een miljardenomzet in ‘gezondheidsproducten’ zoals Danone, Nestlé, het Finse Valio, Yakult en Unilever, hebben aanvragen op die grote stapel liggen. Ze houden hun hart vast of ze er wel doorheen komen.

Reclameblokken zijn volgepropt met vage en flinterdunne beloften. Aan bijna elk nieuw product kleeft een wetenschappelijk getinte claim. ‘Met immunofortis, wetenschappelijk bewezen’, riep een vriendelijke vrouwenstem van Nutrilon vorige week een paar avonden achtereen op de tv over het zoveelste stofje met een fantasienaam dat in geen scheikundeboek is terug te vinden, een moedermelkvervanger die ‘het immuunsysteem bevordert’.

De grote voedingsbedrijven hopen dat het kaf – de praatjesmakers met te enthousiaste gezondheidsclaims – door de verplichte EFSA-goedkeuring van het koren wordt gescheiden. Zelf doen zij veel dure wetenschappelijke studies om beweringen onderbouwd te krijgen, terwijl de concurrentie wegkomt met nietszeggende onderzoekjes, vinden ze.

De afgelopen jaren is er Europese wetgeving opgetuigd om de hausse aan gezondheidsclaims in te dammen. De wetgeving zal de komende jaren – geleidelijk – in werking treden. Slagen in de lucht zijn dan niet meer toegestaan.

Japan
Het op hol geslagen claimcircus in Europa vindt zijn oorsprong in de gezondheidsgekte van Japan. Daar wordt de markt al langer overspoeld door producten met gezondheidsclaims. Sinds 1991 zijn die producten gebonden aan wetgeving. Soepele wetgeving: in Japan dragen bijna achthonderd producten een Foshu-keurlabel. Winkelschappen puilen uit van officieel gelabelde producten, die goed zijn voor een omzet van 5 miljard euro per jaar. De wetgeving filtert extreme dingen eruit, maar heeft niet echt een remmende werking: in Japan groeit de omzet van claimproducten nog steeds met 8 procent per jaar.

In 1994 waaide de gezondheidsclaim over naar Europa. Het claimproduct bij uitstek, het bacteriedrankje Yakult, werd op de Europese markt geïntroduceerd. In Almere werd een fabriek in bedrijf genomen om de hele Europese markt te voorzien van het melkdrankje dat al sinds 1935 in Japan te koop is. Het begrip darmflora – nu een bijkans onontkoombaar fenomeen – had toen nog geen enkele betekenis. Bacteriën werden in verband gebracht met ziekten, meer niet. ‘Gezond makende bacteriën’ waren niet in beeld.

De introductie in Nederland veroorzaakte een rel. Het Japanse bedrijf repte in advertenties over de ‘zegetocht van een goede bacterie’ en over een drankje ‘dat leidt tot een lang en gezond leven’.

Reclameautoriteiten waren daar niet van gediend: in reclame mocht niet naar gezondheid worden verwezen, oordeelde het reglement.

De met veel kabaal omgeven introductie van Yakult inspireerde de Volkskrant tot een nieuwe rubriek in het zaterdagse wetenschapskatern – Toets, later De Claim – om onderbouwde en doldrieste claims tegen het wetenschappelijke licht te houden. Het mierzoete bacteriedrankje van Yakult – er is nu een minder zoete variant voor de Europese markt – werd als eerste de maat genomen. Conclusie toen: ‘Die miljarden melkzuurbacteriën in zo’n miniflesje beïnvloeden de bacteriepopulatie in de darmen, blijkt uit TNO-onderzoek. Maar of dat iets betekent voor de gezondheid is niet hard te maken.’

Vifit-drankje
Desondanks werkte het Japanse product inspirerend: bijna twee maanden later kwam het Nederlandse Campina met zijn Vifit-drankje. Het werd in drie verschillende smaken gebracht, eveneens met speciaal geselecteerde – andere – melkzuurbacteriën die probleemloos het zure maagmilieu passeren om de darmflora ‘in gunstige zin te veranderen’.

Drie jaar geleden honoreerde het Voedingscentrum – het officiële voorlichtingsbureau van de overheid – Yakult met een gedragscode. De code was jaren eerder in het leven geroepen om een wildgroei aan producten in te dammen.

De algemene, weinig concrete gezondheidsclaims van Yakult kregen een officiële status. Een panel van experts oordeelde dat de claims de wetenschappelijke toets der kritiek konden doorstaan. Zoals: ‘Verbetert de stoelgang van personen die gevoelig zijn voor verstopping’. En: ‘Kan bijdragen aan een evenwichtige darmflora door een toename van het aantal melkzuurbacteriën’. Het was een gedragscode van likmevestje, met calvinistische trekken: bedrijven die een gedragscode in de wacht sleepten – en daarvoor moesten betalen – konden de oorkonde in hun prijzenkast zetten. Ze mochten er geen reclame mee maken.

Voor de gedragscode heeft Yakult indertijd een tiental studies overgelegd. Het zijn nagenoeg dezelfde onderzoeken – de meeste uitgevoerd in Japan, enkele in Europa – die Yakult nu bij de EFSA heeft ingediend om toestemming te krijgen voor (weinig concrete) aanspraken als ‘draagt bij aan een gezonde darmflora’ en ‘ondersteunt de natuurlijke weerstand’. Yakult verwacht uitsluitsel in november. De EFSA-zichttermijn van negen maanden zit er dan op.

Het Voedingscentrum heeft zijn vrijwillige gedragscode voor functionele voedingsproducten inmiddels in de ijskast gezet nu er Europese claimwetgeving zit aan te komen. Een positief advies volgens die oude gedragscode garandeert straks geen Europees succes. Een veelzeggend voorbeeld is Danone. In 2004 kreeg dat bedrijf een Nederlandse gedragscode van een wetenschappelijk panel, omdat dit de claim voor de bacterieyoghurt Activia – ‘bewezen effectief bij een trage stoelgang’ – voldoende overtuigend achtte.

Twee maanden geleden zag Danone de bui al hangen en trok drie ingediende dossiers terug: voor Activia-yogurt (‘verbetert een trage stoelgang’ en ‘verbetert spijsvertering’) en voor het melkzuurbacteriedrankje Actimel (‘helpt het immuunsysteem van het lichaam te versterken’).

In totaal zijn de afgelopen maanden vijftien claimaanvragen teruggetrokken. Een afwijzing van een claimdossier op grond van Europese wetgeving genereert negatieve publiciteit waar bedrijven niet op zitten te wachten. Een geweigerde claim mag niet worden gebruikt in reclame en op de verpakking.

Cholesterolverlagend
Bij de EFSA in Parma zijn meer dan 250 dossiers ingeleverd voor nieuwe claims, die officieel voor het einde van het jaar beoordeeld zouden moeten zijn. Dat streven is een grote illusie. Het wetenschapspanel van de EFSA heeft tot nu toe geoordeeld over een zestigtal dossiers, waaronder elf uit Nederland. Tien nieuwe claims konden de toets der kritiek doorstaan, waaronder de anticariëskauwgom Xilifresh van Leaf. Twee daarvan zijn van Unilever. Het gaat om de bewering dat bepaalde melk­ en yoghurtdrinks cholesterolverlagend werken, en om margarines van Becel Pro.activ die zijn gevuld met cholesterolverlagende plantensterolen – producten die in 1999 al een gedragscode van het Voedingscentrum kregen.

Royaal zijn ze niet bij de EFSA: de formulering dat Pro.activ ook de kans op hart- en vaatziekten reduceert, moet worden afgezwakt omdat langetermijnstudies ontbreken. Alleen daarmee is aan te tonen dat mensen dankzij cholesterolverlaging langer blijven leven als ze Pro.activ drinken of smeren. Het EFSA-panel, strenger dan menig registratiepanel voor medicijnen, hield daarom met een slag om de arm: het werd ‘kan reduceren’.

De EFSA ging ook akkoord met een Unilever-claim voor Blue Band Idee! In dit broodsmeersel zitten de extra meervoudig onverzadigde vetzuren ALA en DHA. Volgens het bedrijf zijn die ‘nodig voor groei en ontwikkeling van kinderen’ – een claim die aanzienlijk vager en nietszeggender is dan wat er eerder op de Nederlandse verpakking en in reclame werd beweerd. De aangepaste formulering heeft te maken met kritische geluiden uit de Nederlandse wetenschap. Het EFSA-panel vermeldt nu fijntjes in zijn oordeel dat er geen bewijzen voor zijn dat kinderen via het voedsel te weinig essentiële vetzuren binnen zouden krijgen, zoals Unilever suggereert.

Met deze aanpassing komt Unilever mooi weg. Veel afgewezen claims van andere bedrijven hebben betrekking op de werking van diezelfde onverzadigde vetzuren bij de ontwikkeling van bijvoorbeeld de hersenen en de ogen. Hun onderbouwing bleek onvoldoende. In de meeste claims zijn nu afgezwakte en nietszeggende aanprijzingen opgenomen, zoals ‘gunstig voor de ontwikkeling’.

Het kleine Nederlandse supplementenbedrijf Pharma Consulting in het Zeeuwse Eede bij Sluis zag zeven ingediende claims afgewezen omdat de formuleringen te sterk waren. Het bedrijf had willen stellen dat kinderen beter gingen leren en rustiger werden met omega-3-vetzuren. ‘Er zijn geen langetermijnonderzoeken uitgevoerd met kinderen als proefpersonen’, concludeerde het EFSA-panel. ‘Daar zijn we te klein voor’, legt Pharma Consulting uit.

Het EFSA-panel slaat door met zijn afwijzing van de claim van het Amerikaanse bedrijf OceanSpray, wereldmarktleider in geperste veenbessen. Het bedrijf claimt dat het drinken van cranberrysap blaasontsteking bij vrouwen voorkomt door ontstekingsremmende antioxidanten in het supersap. Die voorkomen dat bacteriën zich aan de blaaswand hechten. Die bewering is een stap te ver, oordeelt het veeleisende EFSA-panel. Een blik in de medische literatuur levert evenwel tientallen studies op met duidelijke aanwijzingen dat de veenbesclaim best eens zou kunnen kloppen.

Elf van de zestig tot nu toe beoordeelde nieuwe claimdossiers zijn ingediend door Nederlandse bedrijven. Negen daarvan zijn onbewezen, waaronder de aanvraag van Unilever (Lipton) voor een gezondheidsclaim op zwarte thee (‘verbetert concentratievermogen’).

Weinig verrassend is de recente afwijzing van een borstvergrotingsclaim van het bedrijfje Natural PushUp in het Limburgse Echt, producent van meerdere merken, zoals BreastGro. Het bedrijf maakt een mengsel van zes granen en drie hopsoorten en stopt dat in pilletjes. ‘Tot twee cupmaten groter, binnen een maand’, jubelt het bedrijf. Dat is wel heel erg magertjes onderbouwd, oordeelde de EFSA begin juni over het claimdossier, dat vergezeld ging van enkele onduidelijke studies en een verwijzing naar plantenhormonen in het product. In een ultieme poging tot bewijsvoering verwijst het bedrijf op zijn website naar driehonderdduizend gebruiksters: ‘Die kunnen het niet verkeerd hebben.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden