'We bouwen huizen als tenten'

Ismail Sheikh Hassan..

Van onze verslaggeefster Sacha Kester

Amsterdam Er is niets gepland aan een Palestijns vluchtelingenkamp; aan de smalle steegjes waar het daglicht zijn weg niet kan vinden, de aan elkaar geknoopte elektriciteitsdraden die een klein deel van de bewoners van stroom voorzien, en de zoveelste verdieping die op de vorige wordt gebouwd om de volgende generatie te huisvesten.

‘Planologie bestaat hier niet, en architectuur is een luxe die we niet kennen’, zegt Ismail Sheikh Hassan, een Palestijnse stedenbouwkundige die in Nederland op bezoek was voor een presentatie van de Stichting voor Internationale Culturele Activiteiten (SICA). ‘Zelfs al wonen we al zestig jaar in kampen, en zijn deze uitgegroeid tot een soort steden, blijven ze het karakter houden van iets tijdelijks – iets dat niet af is en nooit af hoeft te komen. Omdat we ervan dromen op een dag terug te kunnen keren naar Palestina.’

Hassan (29) is in het Libanese Saida geboren, maar groeide op in de Verenigde Arabische Emiraten. Daarna studeerde hij in de Verenigde Staten en in Leuven, waar hij momenteel ook les geeft. Direct na zijn studie keerde hij echter tijdelijk terug naar Libanon, om als vrijwilliger te werken in Nahr el-Bahred, een kamp vlak bij de stad Tripoli.

In 2007 werd dit echter met de grond gelijk gemaakt: de terreurorganisatie Fatah-al-Islam had onderdak in het kamp gezocht, en het Libanese leger besloot hen uit te roken. De vluchtelingen moesten weer vluchten. Dit keer voor bombardementen op hun ‘tijdelijke’ behuizing.

‘Na het conflict kregen we de mogelijkheid om voor de wederopbouw wél te gaan plannen’, zegt Hassan, ‘maar niet zonder inspraak van de bewoners. Want hoe wilden zij dat het nieuwe Nahr el-Bahred er uit zou zien?’

De grote verrassing was dat zij eigenlijk het oude kamp weer terug wilden. Toen de Palestijnen in 1948 vluchtten, gingen ze op zoek naar mensen uit hun eigen dorp of hun oude buurt, en zetten hun tenten bij elkaar op. Die tenten werden huizen waar meer generaties leefden, en zo bleef de cohesie van Palestijnse dorpen en wijken in de kampen bestaan.

‘Misschien was het niet logisch voor de ‘stad’ Nahr el-Bahred als geheel, maar de inwoners hechten enorm aan deze structuur’, zegt Hassan. ‘Het geeft hun de kracht van een grote groep mensen die hetzelfde lot deelt. Hun belangrijkste wens was dan ook dat die rommelige structuur bij de wederopbouw moest terugkeren.

‘Bovendien wekte elke vorm van verbetering achterdocht op. Wilden ze dat de Palestijnen zich comfortabel zouden gaan voelen in Libanon? Dat was absoluut niet de bedoeling, want de mensen willen niet dat hun droom om terug te keren in slaap wordt gesust.’

Comfortabel gaat Libanon echter niet worden, zegt Hassan, het hoofd moedeloos schuddend. ‘Het is Palestijnen verboden om grond te bezitten en om betaald werk te verrichten. En ook al liggen de plannen voor de wederopbouw klaar, er is nog geen toestemming om de eerste steen te leggen. De 30 duizend Palestijnen uit Nahr el-Bahred kunnen voorlopig zelfs niet terugkeren naar hun tijdelijke woonplaats.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden