Waarom zijn kinderfilms vaak zo heftig?

Ziekte, dood, echtscheiding: waarom gaat het er zo heftig aan toe in kinderfilms en -series, vragen ouders zich vaak af. Moeten films een kind niet gewoon naïef kind laten zijn?

null Beeld null

'Ik ben psychisch beschadigd en ik heb rust nodig.' Dat zegt Nino als de buurvrouw informeert waarom hij niet op school is, een jaar nadat zijn moeder onderweg naar de snackbar is aangereden. Aan de wijze kant natuurlijk, voor een 8-jarige. Maar in de kinderfilm Het leven volgens Nino is het komisch verpakte ernst: Nino krijgt op de avond van het ongeluk geen warme friet op zijn bordje, maar koude dood.

In oktober kreeg Het leven volgens Nino op het Cinekid Festival de juryprijs uitgereikt voor beste kinderfilm van het jaar. De film gaat over een jongen die het plotselinge verlies van zijn moeder verwerkt met zijn pratende konijn Bobby. Zijn vader wordt zwaar depressief en zijn broer hangt nachten achter elkaar op straat. Nino eet chips als ontbijt, plast van het balkon en slaapt in een tent in de tuin. Leuk is toch echt anders. Of in Nino's woorden: 'Mijn versie van het leven zou zoveel mooier zijn.'

Zijn wiebelige thuissituatie vormt geen uitzondering op wat haast een regel lijkt: warme niks-aan-de-handnesten komen in Nederlandse jeugdfilms en -series nauwelijks voor. Er is altijd wel íets dat het gezinsgeluk in de weg staat. Vaak is dat 'iets' een heftige gebeurtenis, zoals een overleden, zieke, verslaafde of afwezige ouder, en anders wel een scheiding.

Tekst loopt verder na trailer.

In series als SpangaS komen tal van gezinsissues voor. De films Wiplala, Mees Kees, Dummie de Mummie en Kauwboy hebben met Het leven volgens Nino gemeen dat het hoofdpersonage een vader of moeder moet missen. De populaire verfilmingen van de boeken van Carry Slee zijn bij uitstek probleem-plus-probleemfilms. Pijnstillers, de meest recente, gaat bijvoorbeeld over een jongen die alleen met zijn moeder woont. Zijn vader verliet het gezin toen Casper nog een baby was. Nu zijn moeder ernstig ziek is, probeert hij hem op te sporen.

Als een huishouden al het stockfotoideaal van one happy family benadert, zoals in de VPRO-serie Vrolijke Kerst die de afgelopen weken te zien was op NPO3, doet zich vanzelf een andere kwestie voor die de onderlinge verhoudingen op scherp zet. Op Pakjesavond komt per ongeluk aan het licht dat vader Maarten het materialistische rijkeluisgezin Vrolijk financieel naar de grond heeft gewerkt. Vlak voor de feestdagen verkast de familie met cavia Rihanna naar het antikraakpand van hun Colombiaanse werkster, met alle relatieproblemen van dien.

Waarom krijgt een Nederlands film- of tv-kind zo zelden een stabiel thuis? Dat hoort Sannette Naeyé, directeur van Cinekid, ook weleens van ouders. 'Moet het nou altijd zo zielig zijn?', zeggen die. 'Er zijn er zelfs die kwaad weglopen, omdat hun kind moet huilen. Dat geldt al bij klassiekers zoals Sneeuwwitje of Bambi, die laatste film is zo bezien al helemáál goed voor een jeugdtrauma, een echte kindertranentrekker. Maar dramafilms kunnen niet zonder conflict. Je zou kinderen hun identificatie met hoofdpersonen ontnemen als je klassieke dramawetten niet serieus neemt in jeugdcinema.'

En de dramawetten die Naeyé bedoelt, schrijven nu eenmaal voor dat hoe dichter je bij de belevingswereld van de beoogde kijkers komt, hoe aangrijpender de gebeurtenis voor hen zal zijn. In een volwassen leven ligt tragiek op de loer bij worstelingen met liefdesrelaties, als verlies van identiteit of status dreigt of wanneer hoofdpersonen het gevoel hebben een levensdoel mis te lopen.

Scenarioschrijvers van jeugddrama kunnen natuurlijk hun fantasie de vrije loop laten en hun personages allerlei avonturen laten beleven in de wijde wereld. Dat gebeurt ook wel, maar als ze kinderen serieus nemen in de dingen die hen bezighouden, komen ze vanzelf uit bij het kleine sociale kringetje dat de directe omgeving van kinderen vormt: vrienden, leraren en familieleden.

'De belevingswereld van kinderen tot en met een jaar of 12 is redelijk beperkt', zegt producent en scenarist Burny Bos (onder meer Het Zakmes, Abeltje, Minoes, Pluk van de Petteflet, Het Paard van Sinterklaas en Wiplala). 'Ze hebben geen werk, geen huwelijk. Wel hebben ze school, ouders, misschien broertjes en zusjes, grootouders. Ze gaan van huis naar school, naar de sportclub of muziekles en misschien eens naar de film. Daar moet je het als filmmaker mee doen.'

Met andere woorden: wil je het dagelijks leven van kinderen dramatisch ontregelen, dan moet er iets misgaan met de familie waarvan ze afhankelijk zijn. Een dode ouder is zo ongeveer het ergste dat een kind zich kan voorstellen.

null Beeld null

Grijstinten

Bij het schrijven van het verhaal doen scenaristen niet flauw; kinderen worden als het ware als volwassen karakters behandeld, niet ongevoelig voor de grijstinten van goed en kwaad. Geregeld nemen ze de regie over het leven over, daar waar de volwassenen die verliezen. Zo ziet hoofdpersonage Lucas uit Vrolijke Kerst al op 10-jarige leeftijd in dat meegaan in de moedeloosheid van zijn ouders tot niets leidt en probeert hij hun situatie zelf beter te maken.

Die zekere mate van zelfredzaamheid spatte niet altijd zo van het scherm. 'We zijn het Karst van der Meulen-tijdperk voorbij', zegt Bos, doelend op de regisseur die volgens hem verantwoordelijk is voor fantasiefilms waarin sociale problemen wel erg zwart-wit worden weergegeven.

Zelf vindt hij het belangrijk om de nuance zichtbaar te maken, ook voor jonge kinderen: 'Goed kan een beetje kwaad zijn, en kwaad een beetje goed. Het leven is nu eenmaal niet zo zwart-wit als wij allemaal hopen. Dat mogen ze best weten.'

Naeyé van Cinekid ziet Annie M.G. Schmidt als pionier die kinderen een eigen identiteit, een eigen wil en eigen normen en waarden toekende. Zij heeft de knuppel in het hoenderhok gegooid door in haar boeken zelfstandige, autonome kinderen op te voeren, zegt ook Bos, die haar werk verfilmde. 'Pluk van de Petteflet hád niet eens ouders.'

Misschien schuilt daarin de reden dat het werk van Annie M.G. Schmidt vandaag de dag nog zo populair is; de lijn die door haar is ingezet hebben filmmakers doorgetrokken. Tegenwoordig lijken ze het bijna unaniem prettig te vinden om kinderen te confronteren met serieus drama en ze zo voor te bereiden op 'het echte leven', in plaats van de opvoedende schoolmeester uit te hangen die kinderen vooral zo kind mogelijk wil laten zijn.

Dat is niet zomaar. 'Films en series reflecteren op wat er gebeurt in de maatschappij en vergroten dingen soms tot in het extreme uit', zegt Patti Valkenburg, hoogleraar jeugd en media aan de Universiteit van Amsterdam. Valkenburg doet onderzoek naar het effect van media op het gedrag en de ontwikkeling van de jeugd en publiceerde onlangs het overzichtswerk Schermgaande jeugd.

Kinderen worden nu eerder als volwassen beschouwd dan kinderen in de jaren vijftig, legt ze daarin uit. Ze zijn mondiger en wereldwijzer over zaken die nu volop bespreekbaar zijn, maar waar vroegere generaties niets van mochten weten, zoals de dood en echtscheidingen.

Ook in de relatie met hun ouders is van alles veranderd. Het wordt veel meer aangemoedigd als kinderen hun leven naar eigen inzicht inrichten. Toch zit er ook iets paradoxaals in de huidige kindertijd: 'De jeugd is nog nooit zo lang afhankelijk gebleven van hun ouders als nu.'

Of wat kinderen zien in films direct invloed heeft op de ontwikkeling van hun moraal is moeilijk vast te stellen, zegt Valkenburg. 'Ieder kind reageert anders op wat het ziet. Over het algemeen kun je stellen dat gebeurtenissen meer indruk maken wanneer kinderen ze uit hun directe omgeving kennen. Als hun ouders in scheiding liggen, maakt een film over een scheiding meer indruk.'

Wél zeker is dat kinderen tot 7 jaar het verschil tussen fantasie en realiteit niet kennen. Ze kunnen hun emoties tijdens het kijken nog niet dempen door te bedenken dat iets 'maar nep' is, omdat alles voor hen realistisch is, schrijft Valkenburg in haar boek. Ook 9- of 10-jarigen kunnen nog weleens denken dat The Cosby Show over een bestaand gezin gaat.

De vraag die zich opdringt: is het allemaal niet een beetje te veel van het heftige? Moeten filmmakers een kind niet wat vaker gewoon naïef kind laten zijn?

Spanning

Ouders kunnen vaak minder hebben dan hun kinderen, merkt Simone van Dusseldorp, regisseur van Het leven volgens Nino, Otje, Kikkerdril en Briefgeheim. 'Kinderen houden van heftige films die hen serieus nemen. Ze willen graag echte spanning voelen en kijken anders naar zware onderwerpen dan volwassenen: bij de dood kennen ze nog niet alle consequenties.'

Valkenburg vindt dat ouders het mediagebruik van hun kinderen kunnen inperken als ze merken dat die moeite hebben met kommer en kwel in films. Ook erover praten kan helpen. Maar uiteindelijk moeten kinderen vooral zelf ontdekken wat ze wel en niet aankunnen. 'Opvoeding is lang gericht geweest op het kweken van zelfvertrouwen bij kinderen. Inmiddels weten we dat het aanleren van zelfcontrole veel belangrijker is voor een succesvol leven.'

Kinderen ontlenen allerlei sociale lessen aan dingen die ze zien in films, benadrukt Valkenburg. Hoe je nee kunt zeggen als een jongen je mee uit vraagt, hoe flirten werkt, maar ook hoe je grappige opmerkingen kunt maken.

null Beeld null

Personages als Nino laten zien dat kinderen zó veerkrachtig en inventief kunnen zijn dat ze hun verdriet uiteindelijk te boven komen. Is het niet dankzij steun van volwassenen of vrienden, dan wel met behulp van hun stoutste fantasie - een terugpratend konijn.

Over het algemeen komen Nederlandse filmkinderen heel vastberaden en wijs over. 'Dat is precies wat ik jammer vind aan veel kinderfilms en -series', zegt scenarist Anne Barnhoorn, die meeschreef aan de familieserie Vrolijke Kerst. 'Ze gaan nog te vaak over slimme, knappe kinderen die al precies weten hoe het moet en te weinig over twijfelende underdogs.' Dat geeft niet altijd een realistisch beeld, vindt zij, terwijl televisieseries en films kinderen bij uitstek de gelegenheid geven om te reflecteren op hun eigen leven. 'Wat ze zien kan een spiegel zijn of een handvat om zichzelf te leren accepteren.'

Luchtig

Barnhoorn voelt zich verantwoordelijk voor het toevoegen van plezier en een positieve moraal aan een verdrietig verhaal, om het zo luchtiger en behapbaarder te maken. In Vrolijke Kerst is de boodschap dat je zelf wat van het leven moet maken, ook als de rest van de familie het even niet meer ziet zitten. 'Ik wil kinderen iets hoopgevends meegeven, iets dat zegt dat het wel goed komt, zij het soms op een andere manier dan ze misschien hadden gehoopt. En dat dat óók oké is. Ik vind het belangrijk dat kinderen situaties leren accepteren zoals ze zijn. Het is oké zoals het is, hoe het ook is.'

Collega Bos ziet het zo: 'Kinderen moeten opboksen tegen de grotemensenwereld. Ze moeten oppassen bij het oversteken, terwijl het in feite natuurlijk de automobilisten zijn die zich dood moeten schamen. Kinderen worden op alle fronten bedreigd. En wij volwassenen kunnen ze helpen overleven. Als filmmaker wil ik andermans kinderen niet opvoeden, maar wel in aanraking brengen met de dingen die er óók zijn.'

En dus krijgen jonge kijkers tegenwoordig voorgeschoteld dat het leven niet alleen het resultaat is van hoe volwassenen het voor hen realiseren. 'De films en series van de laatste jaren maken kinderen sterker', zegt Naeyé van Cinekid. 'Ze geven een beeld van het kind als wegbereider van het eigen geluk. In Het leven volgens Nino zie je dat een 8-jarige zélf de brug wordt tussen de kinder- en volwassenenwereld.'

Het zegt iets over de tijdgeest, die kinderen hun eigen instrumenten geeft om het leven te beïnvloeden - zij het in de film een beetje meer dan in de werkelijkheid. De fantasieversie van het leven mag mooier zijn, maar niet te veel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden