Volkswoede België herhaalt zich als oude film

De dag na de vondst van de stoffelijke resten van Loubna Benaïssa oogt het Q8-benzinestation aan de Kroonlaan in Elsene als een bedevaartsplaats....

PETER DE GRAAF

Van onze correspondent

Peter de Graaf

BRUSSEL

Drommen mensen staren vanachter de dranghekken naar de plaats waar ruim viereneenhalf jaar geleden het negenjarige Marokkaanse meisje werd misbruikt, vermoord en in een stalen kist opgeborgen in de kelder. De berg witte bloemen voor de ingang wordt elk uur hoger en hoger.

Vooral moeders met kleine kinderen betuigen hun medeleven op de plek des onheils. Maar ook schoolkinderen, onder wie de oude klasgenoten van Loubna, schuifelen onwennig voorbij.

De Brusselaars - jong en oud, islamiet en katholiek - zijn geschokt en woedend. 'Dit is monsterlijk', vindt Hanane Boudanoussi. Ze geeft vooral de overheid de schuld. 'De dader heeft een obsessie voor jonge kinderen. Justitie weet dat, maar laat hem lopen. Het is de staat die dit drama op zijn geweten heeft.'

Jacqueline Fleury loopt geagiteerd rond en doet links en rechts haar verhaal. 'Weerzinwekkend', vindt ze het. Dat slaat zowel op de brute moord als op de falende overheid.

De discussies laaien snel op in de menigte. Rijkswacht, politie en justitie krijgen de volle laag. 'Ze hebben de verdwijning van Loubna nooit serieus genomen', zegt Fatima Gaourat. 'Al in 1992 was de moordenaar verdacht. Hij werd ondervraagd, maar daarna gebeurde er niets meer. Ze hebben de familie Benaïssa viereneenhalf jaar in onzekerheid gehouden.'

Minister De Clercq van Justitie, die poolshoogte komt nemen in de Kroonstraat, erkent dat justitie en politie grove fouten hebben gemaakt. Hij belooft de omstanders beterschap en een grondige hervorming. Het is alsof een oude film opnieuw wordt afgespeeld. België is geschokt over de moord op Loubna en hekelt het falen van het gerecht. Het zijn dezelfde reacties als bij de ontdekking van Julie en Mélissa, en An en Eefje, vorig jaar zomer.

Even lijken er in de oude volksbuurt van Elsene geen verschillen te bestaan tussen Belgen en migranten. 'Loubna is niet het slachtoffer geworden van racisme', meent Hanane Boudanoussi. 'Hier worden Belgische meisjes en Marokkaanse meisjes misbruikt. Het is triest, maar ouders durven hun kinderen nauwelijks meer alleen over straat te laten gaan.'

Sommige omstanders opperen dat racisme wel een rol heeft gespeeld bij het gebrekkige onderzoek naar de verdwijning van Loubna. 'Het is een klotejustitie', schreeuwt een Marokkaanse jongen in de Graystraat, waar de familie Benaïssa woont.

De politie heeft de straat afgesloten, om de getroffen familie enige rust te gunnen. Een oudere man wijst de woedende jongen terecht: 'Dit is niet de plaats en het moment. Dit is een dag van rouw, laten we de gevoelens van de familie respecteren.'

Toen de familie Benaïssa begin augustus 1992 aangifte deed van de verdwijning van hun dochter, stuitte ze op een muur van onwil en botheid. Rijkswacht en politie zeiden dat het negenjarig meisje wel weggelopen zou zijn. Of, schrijnender nog, dat Loubna uitgehuwelijkt was of naar Marokko was gegaan.

Pamfletten met de foto van het vermiste meisje zijn ter nagedachtenis opgehangen bij het Q8-station in de Kroonstraat en bij het ouderlijk huis in de Graystraat, slechtseen paar honderd meter verderop. Ze geven een wrang beeld van de werkelijkheid. Want de Brusselse justitie heeft na de vermissing nauwelijks iets gedaan om het meisje terug te vinden, alle smeekbeden van de familie Benaïssa ten spijt. De procuceur des konings vond het niet eens nodig om een onderzoeksrechter aan te stellen.

Pas vorig jaar, toen de zaak-Dutroux losbarstte, werd de verdwijning van Loubna serieus genomen. Het dossier verhuisde naar justitie in Neufchâteau, waar procureur Bourlet de scepter zwaait. Die wist afgelopen zomer samen met onderzoeksrechter Connerotte twee vermiste meisjes te bevrijden uit de keldercel van Marc Dutroux. Het justitiekoppel vond ook de lijken van vier andere slachtoffers van Dutroux: Julie, Mélissa, An en Eefje.

Connerotte werd vorig najaar geveld door het beruchte spaghetti-arrest, maar Bourlet zette de zoektocht naar andere verdwenen meisjes voort. Samen met een nieuwe onderzoeksrechter stortte hij zich op de verdwijning van Loubna.

Woensdagavond kreeg dat onderzoek zijn gruwelijke ontknoping. In een verroeste stalen kist - te midden van oude autobanden en andere rommel - werden de stoffelijke resten van het meisje gevonden.

De 33-jarige Patrick Derochette, zoon van de pomphouder, is gearresteerd. Hij zou de verkrachting en moord al bekend hebben. In 1992 was Derochette ook al verdacht en ondervraagd. Maar toen kon hij een alibi overleggen. Zijn vader en broer getuigden dat hij op het moment van Loubna's verdwijning zat te lunchen. Het bleek een vals alibi.

Derochette zat begin jaren tachtig ook al enkele malen vast wegens zedenfeiten met minderjarige jongens. In 1984 werd hij door de rechter naar een instituut gestuurd voor behandeling. De als zeer labiel omschreven Derochette kwam echter al na zeven weken vrij. Zijn proefperiode liep in maart 1992 af. Vijf maanden later verkrachtte en vermoordde hij Loubna Benaïssa.

Voor zover bekend bestaat er geen enkele relatie tussen Derochette en Dutroux.

Derochette wordt omschreven als een mentaal zwakke en eenzame pedofiel die zijn lusten niet kon bedwingen. Dutroux daarentegen exploiteerde zijn slachtoffers en was naast seks ook uit op geld. De overeenkomsten tussen beide zaken zijn louter de blunders bij het gerechtelijk onderzoek en de zeer zwakke sociale begeleiding van seksdelinquenten die vervroegd worden vrijgelaten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden