Verliezer Duitse hereniging preekt xenofobie

De Duitse regering stelt 75 miljoen mark extra ter beschikking voor een 'burgerbolwerk tegen rechts-extremisme'. Maar in Magdeburg brengt extra geld geen snelle oplossing....

'Dit is de wijk met de meeste uitkeringstrekkers, de hoogste werkloosheid, de meeste buitenlanders en de meeste jongeren voor wie geen bioscopen of cafés zijn.' Op montere toon beschrijft 'streetworker' Holger Schmidt zijn werkterrein, de Plattenbau-wijk Neustädter Feld in de Oost-Duitse stad Magdeburg.

De flatgebouwen, in 1981 feestelijk opgeleverd voor jonge DDR-gezinnen, zien er vervallen uit. Ze staan halfleeg. 'Iedereen die het enigszins kan, trekt weg', zegt Schmidt, die zelf ook is verhuisd.

De sociaal zwakkeren blijven over. Rond de Imbiss-tentjes hangen dronken mannen en vrouwen van in de veertig met flesjes bier in de hand. 'Het leven is hier hard', zegt een van hen. Hij biedt ter illustratie een onsmakelijke blik op zijn gebit, dat vorige week kapot werd geslagen.

Bijna ontstaat een vechtpartij tussen een boomlange bezitter van een pitbull en een groepje dronkelappen in een bushuisje. Schmidt komt snel en geroutineerd tussenbeide. 'Het is een impulsieve jongen', legt hij uit.

Streetworker Schmidt is een van de mensen die direct met rechts-radicale Oost-Duitse jeugd werken. Hij en vier collega's werden aangesteld toen in Magdeburg zes jaar geleden skinheads de eerste punk doodsloegen. In de DDR was Schmidt roeicoach, nu doet hij met bodywarmer, pet en ringetje in zijn oor dagelijks zijn ronde.

De kaalgeschoren jongens in de probleemwijk begroeten hem vriendschappelijk. Een van hen wil graag advies over de omgang met de politie, die hem vervolgt wegens diefstal. In Neustädter Feld vinden veel vechtpartijen plaats tussen de uit Rusland afkomstige Wolga-Duitse jongeren en skinheads. Daarom zijn er maar liefst drie jeugdclubs. Een voor Duitse kinderen, eentje waar de Wolga-Duitsers en de lokale Duitsers samen spelen, en een club waar jongens met rechtse sympathieën hun eigen plek hebben in de kelder.

Ze draaien er harde muziek en oefenen met een bandje. Schmidt heeft in zijn portemonnee een blaadje met de verboden nazi-symbolen erop. 'Iemand moet af en toe controleren wat ze aan de muur hangen.' Hij laat een antisemitische afbeelding hangen. 'Deze jongens slaan geen buitenlanders in elkaar', verzekert hij. 'Als we alles verbieden en ik me niet met hen bezighoud, leveren we hen zo af in de armen van de NPD.'

De rechts-radicale skinheads zijn volgens hem niet meer te redden, de 14-jarigen tracht hij wel te beïnvloeden. Hij gaat openlijk in discussie over hun racistische denkbeelden. 'Dan horen ze dat er ook een andere mening is.' Hij gaat met ze roeien op de Elbe of hij organiseert een feest op dezelfde tijd dat er een NPD-demonstratie in de stad is.

'De jongens zoeken action, je moet ze een alternatief bieden.' Binnenkort wil hij met een groepje naar Denemarken. 'Dan merken ze eens wat het is om zelf een buitenlander te zijn. En ze zien buitenlanders die niet van een uitkering leven.'

De overheid moet meer mogelijkheden scheppen voor jongeren, denkt Schmidt. 'Maar dat de vijandigheid jegens buitenlanders over is met een verbod op de NPD en twintig miljoen extra, kunnen ze vergeten. Het zit in de hoofden. Er is vooral tijd nodig.' Schmidt wijst op de hoge flats. Daar boven aan de keukentafel prenten de ouders, de verliezers van de Duitse hereniging, hun kinderen in dat de buitenlanders worden voorgetrokken. 'Zelfs 10-jarige kinderen vertellen me dat in de DDR alles beter was.'

Het zijn denkbeelden die ook David Begrich 'nauwelijks uit de hoofden kan praten'. Hij is een van de mensen die na de onverwachte rechts-radicale verkiezingswinst in Saksen-Anhalt in 1998 werden aangesteld om tolerantie te prediken op het platteland van de arme deelstaat.

Hij benadert scholen om projectdagen te organiseren, maar veel leraren willen zich niet bezighouden met thema's die conflicten kunnen opleveren. 'Ze schelden ons uit voor onruststokers en nestbevuilers', vertelt Begrich.

'Het is voor de scholieren de eerste keer dat iemand de algemeen geaccepteerde denkbeelden tegenspreekt. Er wordt op scholen gewoonweg niet over gesproken. Bijna iedereen is onverschillig.'

Ook Begrich waarschuwt geen wonderen te verwachten van een NPD-verbod en meer geld voor dit soort werk. 'In Oost-Duitsland heerst een rechts-radicale culturele hegemonie. Het is een beweging met eigen muziek en kleren, net als de hippies in de jaren zestig. Dat kan je niet verbieden.' Het enige dat helpt is een 'tegenbeweging met aantrekkelijke identificatiepunten', denkt hij, zoals bijvoorbeeld hiphopmuziek. 'Democratie laat zich niet opleggen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden