Vele wegen naar radicalisering

‘Extreem-rechtse jongeren hebben echt het gevoel dat ze zich inzetten voor een betere wereld. Dat is een samenleving zonder buitenlanders en zonder Joden.’ Eigenlijk wel schokkend, vinden Ineke van der Valk en Willem Wagenaar van de Anne Frank Stichting deze bevinding uit hun onderzoek In en uit extreem-rechts....

Opmerkelijk vindt Wagenaar de enorme bereidheid mee te werken. Van der Valk: ‘Ze wilden hun misstap goedmaken. De meesten zaten in een identiteitscrisis en rolden, na hun eerste contact met de beweging, heel makkelijk verder het gedachtengoed binnen. Maar in de beginfase speelt de politieke ideologie nauwelijks een rol.’

Twaalf jongeren (jongens en meisjes) is op zichzelf niet veel. De onderzoekers benadrukken dat deze kwalitatieve studie, die deel uitmaakt van de doorlopende Monitor Racisme & Extremisme, een belangrijke schakel is. Extreem-rechts is een afgeschermde en achterdochtige gemeenschap. Dat milieu was altijd heel moeilijk toegankelijk voor wetenschappelijk onderzoek. Generaliseren willen ze niet. Maar in combinatie met andere onderzoeken zijn er ‘zeker zinvolle uitspraken te doen, waar beleidsmakers iets mee kunnen’.

Gabbers
Ze stellen dat het extreem-rechtse veld in Nederland de afgelopen decennia stevig is veranderd. In de jaren tachtig manifesteerde extreem-rechts zich grotendeels via politieke partijen. De laatste tien jaar is de beweging voornamelijk actief op internet en op straat. In de periode 2002-2007 raakten mogelijk honderdduizend jongeren betrokken bij de gabber-scene (herkenbaar aan hardcoremuziek, uniforme gedragingen, kleding en feestbeleving). Binnen deze jeugdcultuur ontstond een subgroep die er een verscheidenheid aan extreem-rechtse ideeën op nahield.

Van der Valk en Wagenaar zeggen dat er niet één weg is naar extreem-rechtse radicalisering. De een komt de beweging binnen via een vriendschap of liefde, een ander via de muziek of de politiek. Geweld blijkt een belangrijk facet. Van der Valk: ‘De overgrote meerderheid dacht heel negatief over buitenlanders. Sommigen zeiden dat ze een ‘pleurishekel’ hadden aan Marokkanen, of hadden zelf iets vervelends meegemaakt. Die ervaring vertalen ze naar de hele groep. Diezelfde vertaalslag wordt bij een soortgelijk incident met autochtonen niet gemaakt.’

Wagenaar: ‘Sommigen vinden knokken gewoon leuk. Tegengeweld van de anti-fascisten remt niet af, maar versterkt de groep alleen maar.’

Persoonlijk
Een duidelijk recept om de jongeren uit de beweging te trekken, is er niet. De-radicalisering is een persoonlijk proces. De een krijgt genoeg van het zinloze geweld. De ander ergert zich aan de hypocrisie in de groep, die bijvoorbeeld drugs afwijst maar zelf wel gebruikt. Of had een positieve ervaring met allochtonen. Wagenaar: ‘Duidelijk is wel dat de meesten er tijdelijk, tijdens hun adolescentie, bij betrokken zijn. Weinigen gaan er na hun 25ste mee door.’

Van der Valk: ‘Belangrijk is de jongeren niet te isoleren. Zeker in de beginfase, als de ideologie nog niet is verinnerlijkt, kunnen ze worden beïnvloed. Als ze eenmaal geradicaliseerd zijn, laten ze geen tegengeluiden meer toe.’ Maar ook dan heeft het zin naar ze te luisteren en hen voor te houden dat ze hun toekomst vergooien. Wagenaar: ‘Er zitten twijfelaars in de beweging, die niet weten hoe ze eruit moeten stappen.’

De onderzoekers pleiten voor een lokale aanpak. ‘Leerkrachten, jeugdzorg, welzijnswerkers, wijkagenten kennen die jongeren. Zij weten welk vlees ze in de kuip hebben. Je kunt hen trainen om gesprekken te voeren met die jongeren, in de hoop dat de twijfelaars toehappen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden