Van marxist tot hedonist

Generaties groeiden op met zijn Gouden Idee aan de wand. Kunst voor het volk - de wedergeboorte van Engel Verkerke, posterkoning in ruste....

'NA EEN DIKKE veertig jaar zat ik ineens weer in een zaal vol gestaalde kaders. Het was bijna nachtmerrie-achtig. Ik keek naar die gezichten en heel even liepen de rillingen me over de rug. Het was tijdens de onthulling van de Ben Polak-brug, genoemd naar de beroemde Amsterdamse huisdokter bij wie alle communisten patiënt waren, dus ook ik. Aan de deur moest ik de uitnodiging laten zien. Die man vroeg mij: ''In welke hoedanigheid komt u hier?'' Ik zei: In mijn hoedanigheid van anti-communist.

'Gevoel voor humor hebben ze al helemáál niet.

'Ik was nog niet binnen, of er kwam een of andere heks op me af die tegen me zei: ''Nog gefeliciteerd met uw negentigste verjaardag, meneer De Vries''. Ik zei: maar ik bén Theun de Vries niet! Dat wijf luisterde van geen kant. ''Och meneer De Vries, ik ben toch zo'n grote fan van u.'' En maar lullen. Tegen een paar oude bekenden zei ik nog: dat malle wijf ziet mij aan voor Theun de Vries. Ik ben nog niet uitgesproken of dat malle wijf komt weer op me af en roept: ''Hij geeft zich uit voor Theun de Vries.''

Ex-postermagnaat Engel Verkerke als dubbelganger van de communistische schrijver. Hij hoort het vaak.

'Die middag róók ik jaloezie. Schimpscheuten in de trant van ''Als je geen principes hebt, kun je overal je geld verdienen.'' Van de Heilige Leer overgelopen naar het kapitalisme: dat wordt je ingepeperd. Zeker, er waren hier en daar wat vergissingen gemaakt, maar het marxisme was nog steeds een goede zaak, een wetenschap tenslotte! Een wetenschap die zegt: de economische toestand bepaalt het geestelijk niveau - dat soort onzin. Maar daar moet je met zulke lui niet over in discussie gaan. Ik dacht: het enige wat ik kan doen is een neut nemen in het café, stik maar.

'Als redacteur van De Waarheid had ik een boek gelezen dat als dé grote Russische roman gold. De schrijver ben ik vergeten, maar het gaat over jonge mensen die onder barre omstandigheden een kabelverbinding tussen twee plaatsen moeten aanleggen. Er stond: als ze binnen de termijn het karwei niet klaren, worden ze gestraft. Ik dacht: hoe kán dat nou? Als je toch geweldig je best doet om iets voor mekaar te krijgen en je haalt het niet ondanks alle moeite, dan moet je toch juist geprezen worden? Ik kwam Henk Gortzak in de trein tegen en legde het hem voor. Hij kon er geen antwoord op geven.

'Pas later hoorde je van gevangenen die in de Goelag zaten omdat ze de productienorm niet hadden gehaald.'

Engel Verkerke heeft de wereld veranderd, zij het niet via de marxistisch-leninistische dialectiek. Generaties studenten en verpleegsters hebben Verkerke-posters op slaapkamermuren geprikt. Van Che Guevara, Karel Appel en Easy Rider, tot Toulouse Lautrec, Michael Jackson en Madonna. Met wellustig-blond bloot veroverde Verkerke de Arabische emiraten; bij hem thuis kijken zedige Amsterdamse weesmeisjes (van de 19de-eeuwse schilder Nicolaas van der Waay) op ons neer, geassisteerd door een enkele vrouwenbuste van marmer.

Geen poster te vinden in Verkerke's ruim bemeten boudoir aan de gracht. Wel een verzameling zeilschipmodellen. De vloerbedekking heeft een naar zeegroen neigende pasteltint. Of de bezoeker een lekker glas champagne wil - de gastheer veert al op, Mozart fluitend. Van marxist tot hedonist? Met een glimlach zegt Engel Verkerke: 'Ik probeer mijn puriteinse achtergrond te verloochenen - aan het puritanisme van de communisten heb ik altijd de ziekte gehad - maar het lukt me niet altijd. Ik kan wel veel geld uitgeven, maar in wezen ben ik zuunig, als Zeeuw.'

Gefortuneerde 72-jarige die jongensachtig, bijna stralend meedeelt dat hij het 'ontzettend goed' naar zijn zin heeft in het leven. Zegt: 'Na m'n breuk met het communisme ben ik gelukkig geworden. Direct al, toen ik zo arm was als de pest. Toen ben ik opnieuw geboren. En nu ben ik nóg als een kind zo blij om dat gevoel van vrijheid, onbezonnenheid.' Er onsnapt hem een bijpassend jaren zestig-'weetjewel'.

'Ik was vijftien toen de oorlog uitbrak. Op zo'n leeftijd hou je je graag vast aan een idool. Harry Verheij was het idool, de latere CPN-wethouder van Amsterdam. Mijn respect voor hem grensde aan verering. Een held. Een verzetsheld. Heeft me in de illegaliteit begeleid. Was door de partij in Rotterdam geparachuteerd, want het hele communistische verzetsapparaat zat in de bak of was dood. Ik geloof dat er in de illegaliteit geen grotere slachting is aangericht door de Duitsers dan onder de Rotterdamse communisten.

'In de hongerwinter nota bene kwam Verheij's vrouw Lizzy pannenkoeken brengen voor ons, uitgemergelde jongens die de pers van De Waarheid met de hand moesten aandraaien nadat de stroom was uitgevallen. Romantische dingen die je niet vergeet. Ik was nog een kind, uit een boerenfamilie. Mijn vader was arbeider bij Wilton Fijenoord, met hem had ik veel problemen. Vlak na de Slag om Stalingrad in 1943 plakten we leuzen op brievenbussen met 'Weg met de moffen' en zo erop. Kinderachtig gedoe, maar je zat er avonden aan te werken. Toen bleek dat mijn vader de hele zaak in de kachel had opgestookt.

'Wat ben je een laffe zak, dacht ik. Pas later drong het door dat hij gewoon bezorgd was. Natuurlijk heb ik een vaderfiguur gezocht om te bewonderen. De andere vaderfiguur, Herman de Kadt, was al kort na het bombardement van Rotterdam doodgeschoten. Hoogleraar economie met een grote bibliotheek. Halfgod voor een arbeiderskind. Altijd discussiëren over de ingewikkeldste onderwerpen; ik hing aan zijn lippen.

'Ik ben aan het communisme geraakt door een vriend uit de jeugdbeweging, die ook is gefusilleerd. Er gaat bijna geen dag voorbij of ik denk met warmte aan Wim Jorritsma. Maar eigenlijk vond ik hem in zijn politieke gedachten onuitstaanbaar, Wim. Met hem en Marcus Bakker heb ik op mijn dertiende nog in een tentje gitaarspelend Muss i' denn gezongen. Maar ik was altijd al degene die altijd vervelende vragen stelde.

'Dan was het: ja Engel, je hebt gelijk, maar we moeten ons niet laten belazeren. Ik was naïef. Vergeet niet dat het een gesloten gemeenschap was, met alles wat je nodig had. Daarbuiten was het vijandig. Daar zaten ze heus niet op Engel Verkerke te wachten.'

Als redacteur van oud-verzetskrant De Waarheid werd je met egards behandeld. De Koude Oorlog maakte snel een einde aan 'die verblindende glamour'. De partij maakte hem hoofdredacteur van het weekblad Uylenspiegel. Hij interviewde Wim Kan ('die was lichtelijk communistisch angehaucht') en Yves Montand. Hoogtepunten. Verkerke schreef zijn vingers blauw, maar of dat naar wens was, hoorde je nooit. Wel kritiek. Kritiek op elkaar was de goede toon.

'Een driftig mannetje was ik. Snel op de tenen getrapt. Ik stormde eens de lift bij Felix Meritis binnen en daar stond Paul de Groot, de partijpaus. Als HIJ in de lift stond, mocht daar niemand anders komen. Wist ik veel, ik was net nieuw uit Rotterdam. Hij keek me vuil aan en zei iets als: ''Zo vuile rooie, wat doe jij hier'' Nou ben ik altijd erg gepest met m'n rooie haar, dus ik voelde het bloed kolken. Blind van woede riep ik: ''Vuile rotjood, dat gaat je niks aan.'' Hoogst genant van mij. Stomme klootzak die ik was. Hij is er nooit op teruggekomen. Wel kreeg ik later een briefje met ''Bravo Kameraad Verkerke'' over een kerstnummer dat ik had gemaakt.'

Weggepromoveerd naar CPN-boekhandel Pegasus zag hij hoe men elkaar 'op leven en dood' bestreed voor onnozele baantjes 'waar ik m'n neus voor optrok'. 'En omdat ik een ongemakkelijke man was, werd er ook aan mijn stoel gezaagd. Deed me niks. Ik wist zeker dat ik m'n eigen baan zou gaan.

'Mijn gedrag is niet op slag veranderd. In het midden van de jaren zeventig hadden alle directeuren van mijn onderneming eigen huizen, grote auto's. En de pater familias van vijftig man had een huurhuis en een klein rotautootje! Op aandrang van mijn accountant heb ik toen maar een landhuis laten bouwen. Met zwembad.

'Verkerke Posters ging in 1987 over in handen van de toen nog onbekende tycoon Berlusconi, grootaandeelhouder van de Italiaanse uitgeversdynastie Mondadori. Hard onderhandelen met lekker eten, dat sprak me aan. Niet dat strenge protestantse gedoe van Wolters Noordhoff of Bertelsmann. Bij elke gelegenheid huurden de Italianen een restaurant af. Ik dacht: dát zijn ze.'

Berlusconi's voorganger De Formenton was omringd door 'een leger van kontkruipers en ja-knikkers' toen Verkerke aan de beslissende lunch vertelde hoe Marcello Mastroianni een vrouw versierde: je moet haar veel beloven, maar je hoeft die beloften niet na te komen. 'Ze vatten dat blijkbaar persoonlijk op als: jullie kunnen mij van alles toezeggen, ik geloof jullie toch niet. Terwijl ik alleen maar de ijzige onderhandelingssfeer wilde onderbreken met een grap.

'Ik ben een meester in de ruwe grap. Ik heb standaardgrappen die ik tegenover mijn vrienden in het café niet eens meer uitspreek. Onze blikkken kruisen elkaar en we weten dat die grap gemaakt is. Ik heb twee vrienden die ik bijna dagelijks in het café zie. We zijn nooit uitgeluld. Er is altijd wel iets aardigs, een anekdote. Vind je dat niet wonderlijk? Elke dag ben ik weer blij als ik ze zie. Dat is echt vriendschap. Mannenvriendschap. Daar moet je zuinig op zijn. Nieuwe vrienden maak je niet meer op mijn leeftijd.

'Die Italianen wisten niets van posters en prenten. Dus bleef ik nog lang algemeen directeur van de onderneming die ik uit het niets had opgebouwd. Maar een echte harde werker ben ik nooit geweest sinds ik voor een hongerloontje bij De Waarheid werkte.

'Ik ben rusteloos. Ik heb commissariaten, doe wat organisatie. En ik wil tijd overhouden voor uitgaan, voor zeilen, voor het café. Ik vergader het liefst 's morgens in het café. Charmante oberettes om je heen, prettig. Ik heb veel werk gehad aan het reorganiseren van het letterkundig tijdschrift De Revisor. En onlangs heb ik een lijstenfabriek opgezet. Mijn naam staat met reusachtige letters op de gevel. Daar ben ik als een ouwe aap zo trots op. Alles gecomputeriseerd, je weet niet wat je ziet.

'Er is steeds meer vraag naar omlijste spullen. Dat is volstrekt in tegenspraak met mijn credo dat luidt dat het beeld het belangrijkst is; dat je een prent desnoods met punaises of plakband mag ophangen.'

Het woord poster bestond nog niet, toen Engel Verkerke als employé van een leverancier in schoolboeken te Ede het gouden idee kreeg waar zijn baas niets in zag: kunstreproducties. Wie kent niet het Chinese paardje van Hsu Pei Hung dat 'als een krankzinnige' verkocht? En 'aanstootgevend bloot', een sneuvelende Amerikaanse soldaat die in Vietnam zijn handen naar de hemel heft onder de letters Why?: de protestgeneratie van de jaren zestig hing de verbeelding aan de wand. De onderneming groeide Verkerke boven het hoofd.

'Ik weet zeker dat onze prenten voor miljoenen een eerste kennismaking zijn geweest met kunst. Een meisje van Vrij Nederland zat me eens af te zeiken over die posters, maar kwam tot de ontdekking dat ze vroeger bij haar thuis ook hingen. Ik wilde kunst aan het volk. En daarnaast veel geld verdienen natuurlijk, weet je wel. Heel veel geld.

'Madonna heb ik cadeau gekregen. De jongens van Duran Duran, heel pretentieuze mannen, wilden alle zes een aparte poster van zichzelf. Hun agent zei: je kan het contract krijgen, maar dan moet je Madonna, Whitney Houston en George Michael erbij nemen. Niemand had nog ooit gehoord van Madonna. Mijn Engelse zaak smeekte om de Duran Duran- posters, dus vooruit. Nauwelijks had ik het contract getekend, of George Michael maakte een hit. Vervolgens rukte Madonna op, gevolgd door Whitney Houston. Dus mij was gewoon een soort goudschip in de schoot geworpen.

'Marylin Monroe heb ik helaas niet ontmoet. Toen ik voor het eerst naar haar advocaat ging, zag ik vlak bij het kantoor een zwarte dames-lakceintuur liggen te glimmen. Ik word opengedaan door een secretaresse, een Marylin Monroe-look alike in een witte jurk met zwarte noppen. Als een flits schoot het door me heen: die ceintuur is van haar, die heeft ze verloren. Wat ik kwam doen. Ik zeg: ik ben Engel Verkerke uit Holland en ik kom je ceintuur terugbrengen.

'Dat zijn onbenullige dingen, maar die verschaffen wel een entree van heb ik jou daar. Dan kan er eigenlijk al niks meer stuk. Dan heb je al een handvat voor onderhandelingen, waarbij de sfeer doorgaans om te snijden is.'

Na een nacht diep nadenken bood hij trots een voorschot van 250 duizend dollar voor de wereldrechten van Michael Jackson, maar tegen Pepsi Cola kon Verkerke niet op. 'Die kregen alle rechten, tot tassen, sport-artikelen en T-shirts, noem maar op. Maar later wilden ze van de posters en kaarten af. Die hebben we zonder een cent extra kosten van ze gekregen. Nee, Kuifje was niet voor Jan Lul op reis gegaan. Ik heb altijd het gevoel gehad van kleine Zeeuwse boerenjongen in de grote wereld. Dan heb ik het grootste plezier. Mijn leven is veertig jaar een feest geweest.'

Mislukkingen?

Het Straatje van Vermeer. Het Straatje van Vermeer is een vlek op zijn blazoen. 'Het Mauritshuis wilde daar 2500 gulden voor hebben, ik weigerde dat te betalen. Ik zei: u kunt mij dat werk als beheerder van een openbare instelling niet onthouden. Ik heb m'n poot stijf gehouden. En het nooit gekregen. Het lullige was dat de man een paar jaar later werd overgeplaatst naar het Rijksmuseum. Ik had me door m'n eigenwijsheid in de vingers gesneden. Terwijl ik met alle musea van Europa de prachtigste relaties had. Van Wenen tot Parijs werd ik als een vorst ontvangen. Ik kon doen en laten wat ik wilde.

'Ik ben een keer voor Jan Lul naar Tokyo gegaan. Na een tip van een inkoper van De Bijenkorf had ik een afspraak gemaakt met de tekenares Harumi Yamaguci. In mijn hotel bel ik haar op, zegt ze: ''Ik wil u niet ontvangen, you made me lose my face.'' Bleek dat we in onze catalogus een namaakprent van haar hadden staan. Pijnlijk, maar ik had geen idee. Ik kon niet bij dat wijf terecht, ik zou twee weken in Tokyo blijven. Ik had zo de tering in, ik dacht: nu gaan we even laten zien wie de blankste billen heeft.

'In een grote kunstboekhandel heb alle kunstboeken gekocht die ik kon vinden. Die heb ik tot diep in de nacht zitten doorkijken op geschikte prenten. Twaalf heb ik er uitgezocht. Ik heb die kunstenaars bezocht en na twee weken kwam ik thuis met twaalf contracten en een koffer vol diapositieven. Uiteindelijk is de aanvankelijke teleurstelling tot een fantastische missie uitgegroeid, waar we jarenlang plezier van hebben gehad.

'Toen dat achter de rug was, meldde Yamaguci zich aan dat ze ook weer mee wilde doen. Zij is trouwens nog steeds een van de meest talentvolle mensen die er in de hippe scene rondstappen. Kan je nagaan wat ik daar in Japan als Hollandse jongen voor cultuurschok heb teweeggebracht met dat hele programma schitterende prenten. Vind je dit wel interessant genoeg? Wil je niet iets horen van wereldfilosofische betekenis? Een glas champagne misschien?

'Toen ik mijn bedrijf op m'n 33-ste begon, voelde ik me ontzettend jong. Het voelde prettig om jong te zijn, terwijl ik helemaal niet meer zo jong was. Ik realiseerde me dat velen van mijn generatie de jeugdtijd hebben overgeslagen. Na de bevrijding heb ik ook weinig kans gehad jong te zijn. Ik was een vrij ernstig kereltje. Daarom heb ik me in de jaren zestig zo met hart en ziel op Provo gestort en er tientallen posters over gemaakt. Ik wilde erbij horen. Ik had niet eerder moeten beginnen en niet later. Het heeft zo moeten zijn.

'Die veertig feestjaren waren ook van cultuur-historisch belang. In mijn voetsporen is een hele industrie ontstaan.

'Aan de communistische tijd denk ik soms met gêne terug. Ik heb in 1946 Nacht in de middag van Koestler gelezen en je wilde niet geloven wat je las. Dat het valsemunterij was wilde je niet aannemen. Je liet je je ideaal niet afnemen. Dat is ook een beetje een gebrek in mijn karakter: dat ik geneigd ben mensen en toestanden om me heen te idealiseren. Als aan het ideaal dan niet voldaan wordt, ben je in extremis teleurgesteld.'

Sinds 1992 wordt het rijk van posterkoning Verkerke beheerd door het Amerikaanse Hallmark, 's werelds grootste wenskaartenuitgever (omzet: 3,8 miljard dollar, 20 duizend werknemers). 'Ik ben een gelukkig mens', zegt Verkerke, op weg naar zijn favoriete Grand Café. 'Toen mijn vrouw me verliet, dacht ik dat m'n leven voorbij was. Dat ik zou eindigen als een ouwe workaholic die prentjes maakt tot het einde der dagen en dan stiekem sterft. Ik had niet gedacht nog zo'n leuke vrouw te ontmoeten.'

Zijn vrouw doet in serviezen. Met vriendin. In Verkerke's niet verkeerde buitenverblijf aan de Hollandse IJssel. Verkerke fluit Mozart en vraagt zich wanneer hij zijn Zuid-Franse optrekje zal verruilen voor een dito verblijf in het Toscaanse land. 'Ik ben rusteloos, ja. Ik zit tussen de jonge meiden op Latijn te blokken omdat het me irriteerde dat ik Latijnse spreuken niet kon vertalen. Die beker wordt tot het bittere einde leegedronken, dat verzeker ik je.'

In het café spreekt Engel Verkerke zijn tevredenheid uit over een fles Italiaanse rode wijn met zijn voornaam in meervoud op het etiket gedrukt. 'Moet ongezien goed wezen.' De oberettes genoten reeds lang zijn goedkeuring. Zwarte zomerjurkjes trekken op het Spui voorbij, het leven is een feest.

'Soms denk ik aan dat weerzien met die ouwe communisten. Toen ik in die zaal even terugkeek in mijn eigen verleden; mijn breuk met het communisme, toen ik werd uitgemaakt voor klassenverrader en West-Duitse revanchist. Daar zaten ze, die grijsgeworden kankeraars met een verbeten trek om hun bek. Afgunstig op alles en iedereen, weet je wel.

Zo had ik ook kunnen worden. Dat is mij bespaard gebleven. Goddank.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden