Van gidsland naar gistland Vandaag: Geert van Istendael , schrijver, dichter

Vandaag: Geert van Istendael , schrijver, dichter..

Denkend aan Holland‘Zie ik een land dat zo veel moeite heeft om te veranderen. Het gebeurt alleen met grote schokken en veel commotie. Dat was zo in de jaren zestig met provo, dat zag je toen Fortuyn opkwam en dat zie je nu opnieuw bij zijn mutant Wilders. Heel eigenaardig: een land verslaafd aan modes en trends – als je in Nederland niet direct meedoet, ben je ‘achterlijk’ – en toch zo veel moeite zich aan te passen. Een fascinerende paradox.’

En de verklaring?

‘Nederlanders hechten krampachtig aan consensus. Afwijken van de norm, vooral binnen de elites, geldt als een misdaad. Als je eensgezindheid afdwingt, zie je de spanning niet die wordt opgebouwd. Tot het deksel eraf vliegt: boem! Dan barst alles open. Na provo schoot de elite naar links, iedereen was plotsklaps ‘socialisties’. Mocht je daar natuurlijk weer niet van afwijken. Anderen die niet onmiddellijk volgden, zoals wij Belgen, waren niet genoeg voorgelicht. Haha, tot opnieuw bleek dat er helemaal geen consensus was.

‘De Nederlandse elite is haar volk verloren. De econoom John Kenneth Galbraith waarschuwde dat op den duur alleen mensen boven een bepaald inkomen nog stemmen. Die elite organiseert vervolgens de staat in haar eigen belang. Dáár schoppen mensen als Fortuyn en Wilders tegenaan. Daarom weten de Nederlandse elites – in de politiek, het bedrijfsleven, de advocatuur, aan de universiteiten – zich geen raad met mensen als zij. Hoe kun je een proces tegen Wilders aanspannen vanwege een mening die hij heeft geuit? Hoe ergerlijk die mening ook is. Ik kreeg vroeger pamfletten van het Vlaams Blok waarbij je meteen een wasknijper op je neus moest zetten. Zo sterk was de walm die daar vanaf kwam. Het Vlaams Blok was racistisch, Wilders laat zich daar niet op betrappen. Wilders had voor zijn proces achttien getuigen opgeroepen, vijftien zijn er gewraakt. Dat lijkt verdacht veel op een politiek proces. Moet je vooral doen in de aanloop naar verkiezingen. Dat is heel gevaarlijk, spelen met vuur.’

Let wel, het interview is pas een paar minuten aan de gang. De koffie, opgeschonken in een ouderwetse metalen filter, is nog niet eens doorgelopen. En we zouden ‘leuk’ beginnen. Want schrijver, dichter, columnist Geert van Istendael (63), draagt Nederland een warm hart toe. Lees zijn boek Mijn Nederland (2005): allochtonen, Almere, bitterballen en ijsvrij, alles komt aan de orde, zoals een goede vriend je een spiegel voorhoudt.

Niettemin: wat is leuker in Nederland sinds het begin van deze eeuw?

‘Een van de leukste dingen, zonder leedvermaak, is dat Nederlanders minder zelfverzekerd zijn geworden. Vroeger was dat van beton, verschrikkelijk! Nu bestaat er onzekerheid. Eindelijk geven jullie die domme notie van gidsland op. Toen Paul Scheffer in 2000 over het multiculturele drama schreef, werd hij voor fascist uitgemaakt. Tien jaar later klinkt het weifelend: integratie, hoe moet dat?

‘Nog iets: Nederland heeft de beste onderzoeksinstituten van Europa om naar zichzelf te kijken. De WRR bijvoorbeeld, ronduit indrukwekkend. Het nadeel was dat politici zich achter die rapporten verscholen om geen keuzes te hoeven maken. Dieper kan een politicus niet vallen, het is zijn taak om te kiezen. Maar nu duwt de morrende kiezer zijn politici naar voren om kleur te bekennen.’

Waarin blinkt Nederland uit?

‘In schaatsen. En in het uitgeven van boeken. De manier waarop Nederlandse uitgevers boeken op de markt brengen, dat is ongeëvenaard.’

Wat verafschuwt u?

‘De nieuwbouwwijken. Almere is perfect en pervers. Maar de woontevredenheid schijnt er groot te zijn. Wat ik ook verafschuw, en dat staat in schril contrast met de zorgzaamheid en goede smaak van de uitgevers, is de manier waarop jullie mijn taal verachten en mishandelen. Ik zal een u een klein voorbeeld geven. De grote Oostenrijkse schrijver Robert Menasse woont gedeeltelijk in Amsterdam. Hij slaagt er niet in Nederlands te leren. Niet omdat hij minder begaafd is maar omdat hij de Nederlanders er verdomd niet toe krijgt Nederlands met hem te spreken. Die willen Duits praten of een soort Engels waarvan ik de kwaliteit liever niet becommentarieer. Ik ben wel eens kwaad uit café Americain in Amsterdam weggelopen omdat dat wicht van een serveerster mij in het Engels bleef aanspreken. Trots zijn op een soort steenkolenengels en de eigen taal minachten, dat háát ik in Nederlanders.’

Hij was net geboren toen zijn ouders naar Nederland verhuisden. ‘Ik heb daar leren lopen, praten, fietsen. Iedereen heeft zijn jeugdparadijs. Ook al was dit in mijn geval een voorstad van Utrecht.’ Na zes jaar keerde het gezin terug in België. Zes jaar, genoeg om zijn tongval voor altijd te vernederlandsen.

‘Ik bezoek Nederland vaak. Er is herkenning maar ook de blijde verwondering van de antropoloog die de rare gewoonten van een volk bestudeert. Wat me vooral aantrekt is het weergaloze exotisme van Nederland. Jullie willen het niet weten – ‘doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’ – maar Nederland is waanzinnig exotisch. Het wijkt totaal af van alle andere landen. Het is geen continentaal land maar het ligt wel op het continent. Het heeft de tragedie die de 20ste eeuw vormde, de Eerste Wereldoorlog, volkomen gemist.

‘Dan het calvinisme. Het kent geen bisschoppen, geen bindend dogma maar wel eindeloze afsplitsingen. Wat ik zo mooi vind zijn jullie dorpen met vijf kerktorens. Mijn vrouw en ik kwamen eens terug van een bezoek aan het Noorden van Nederland. Iets voor Zwolle zei ik: hier ligt Staphorst, dat moet je gezien hebben. We zijn naar zo’n grote boerenwinkel gegaan, meer een magazijn, en daar heeft mijn vrouw schoenen gekocht. Kreeg ze een kalender mee met alle christelijke feesten. Dat is toch prachtig.’

In die dorpen werd eerst gebeden tegen het wassende water, nu tegen het rijzende aantal moslims.

‘Het gist. De elite staat op losse schroeven omdat ze het probleem van de migranten heeft verwaarloosd. Zij woont immers niet in de probleemwijken. Maar wat je verwaarloost, begint te stinken. Wilders is daarop gesprongen. Hij is een begaafd redenaar. Dat mensen op hem stemmen begrijp ik heel goed. Hij zit in de oppositie en kan er flink tegenaan gaan. Bovendien heeft hij zich laten adviseren door een paar islamkenners. En inderdaad, als je de islam extreem opvat, stuit je op zaken die wij nooit kunnen dulden.’

Politici als Bolkestein riepen dat vijftien jaar vóór Wilders.

‘Dat klopt, heel jammer dat die naar Europa is gegaan. Bolkestein zei het en weigerde hulp of zelfs bijval van extreem rechts. Non tali auxilio nec defensoribus istis: niet met zulke hulp en niet met zulke verdedigers. Maar de rest van de Nederlandse elite beschouwde – én beschouwt – kritiek op religie als racisme. Dat is een zware denkfout. Het katholicisme én de islam willen de wereld bekeren, dan kun je de aanklacht van racisme niet volhouden.’

Waarom staat Nederland toch bekend als tolerant?

‘Omdat jullie dat zeer goed verkocht hebben! Vrije seks, vrije hasj en haar tot op je kont, die karikatuur. Maar ik ben niet geschrokken van de verandering in Nederland. Dat Theo van Gogh op een vuile, smerige manier werd vermoord om ideologische redenen. Dat voormalig minister Zalm vervolgens riep: ‘Het is oorlog’. Voor de Nederlanders was het een totale schok. Ze kregen het gevoel dat Nederland op Sicilië kwam te liggen, of in het vreselijke België, waar politici op straat worden neergeknald. Maar het zat eraan te komen. Omdat de politiek-sociale elite hardnekkig vasthield aan haar consensus. Fortuyn brak daarop in, op zijn onnavolgbare wijze. Fortuyn was ook zo zichtbaar omdat hij in Nederland optrad. In Italië zou niemand naar hem hebben omgekeken. Niemand. Zijn prachtige zijden dassen, zijn dure pakken, zijn theatrale optredens, dat is daar doorsnee. Ze hebben daar veel betere lieden in de aanbieding. Maar in Nederland valt het enorm op.’

Waarom wil de elite consensus?

‘Omdat ze de elite wil blijven, dat is overal zo. Alleen in Vlaanderen weten wij dat er altijd een andere kant is, namelijk een Franstalige, waar je rekening mee moet houden. Nederland was verzuild, een mooie manier van de elites om hun verschillen te organiseren. Maar dat is verwaterd. In plaats daarvan hameren ze nu op consensus. Nederland is een echte natie. Ook als je op de Vaalserberg woont (hoogste natuurlijke punt, MP), denk je nog steeds aan de dijken.’

We zien onszelf als individualisten.

‘Jullie zijn collectivisten: allemaal tegelijkertijd, allemaal hetzelfde. Vrijheid in gelijkheid, vooral gelijkheid. Kijk naar de snelweg naar Lyon aan het begin van de vakantie: allemaal dezelfde Nederlandse caravans op weg naar dezelfde camping waar ze straks allemaal dezelfde pot meegenomen pindakaas opendraaien. Ik liep jaren geleden op de Lijnbaan in Rotterdam: tot zover het oog reikte pastelkleurige trainingspakken. Heel eigenaardig. Ik praat met mensen aan de tapkast. Allemaal bezweren ze: ‘Ik doe mijn ding’. Maar ‘mijn ding’ is het ding van iedereen. Wij Belgen zijn burgerlijke anarchisten. We zeggen het niet luidop maar ondertussen doen we wat we willen.

‘Alleen bij de godsdienst zijn Nederlanders individualisten. Dan willen ze niet in dezelfde kerkbank zitten omdat ergens in de Bijbel een komma verschilt. Sprak de slang of sprak de slang niet: ho!’

We hebben nu ook een historische canon.

‘De canon is een uitvinding van de Inquisitie: lijsten van toegestane en verboden boeken. Dat iedere school min of meer dezelfde leerstof behandelt, spreekt voor zich. Alleen voor jullie niet, omdat Nederlanders zichzelf verachten. In dat verband is het merkwaardig dat Wilders, die zich opwerpt als de kampioen van de nationale identiteit, alle culturele subsidies wil afschaffen. Het Rijksmuseum, Boymans van Beuningen, Bonnefanten, het Mauritshuis, het zijn tempels van de Nederlandse identiteit. Die kunnen niet zonder subsidies. Maar de man die daarvoor op de bres zegt te staan, wil de cultuur wurgen.’

Wat is het typerendst voor de Nederlandse identiteit?

‘Het lawaai. Nederlanders zijn een luidruchtig volkje. Elkaar beledigen. Beledigen mag, maar wat mag moet ook in Nederland. Dat is weer dat collectivisme. Dan wordt het bestaan tamelijk hard. Jullie gebrek aan apothekers, ook zo typerend. Als ik in Brussel van mijn huis in vijf minuten naar de metro loop, passeer ik minstens vijf apotheken. In Amsterdam moet je daarvoor de halve stad afsjokken.

‘De vormloosheid is gelukkig veranderd. Voddenbalen op fietsen, zo zagen Nederlanders er vroeger uit. In de jaren tachtig werd ik – bruine ribbroek, colbert en stropdas – uitgelachen. Maar nu zie ik, zittend op een terrasje, mannen met pakken en dames in prachtige jurken voorbij komen. Wouter Bos is Ien Dales niet. Een goede zaak: een beetje vormelijkheid is nodig om maatschappelijk verkeer te regelen.’

Nog een advies van een vriend?

‘Lieve Nederlanders, veracht jezelf niet. Wees trots op je tradities, jullie onnavolgbare pluralisme, jullie prachtige uitgevers. Er zijn absoluut zaken die gezien mogen worden. Maar sla niet door. Het is een smal pad tussen zelfverachting en zelfoverschatting.’

Op verzoek stuurt Van Istendael een paar dagen later zijn favoriete dichtregels over Nederland. Wederom van Marsman, ditmaal uit Polderland:

O, dertigstromenland,

het volk dat u bewoont

versombert in krakelen

die geld en God verdelen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden