DE GIDSHoe is het daar?

‘Vakantievriendjes? Nee. O kind, ik ben zó degelijk’

Cisca Dresselhuys: ‘Ik reis mijn hele leven al eerste klas’ Beeld Ivo van der Bent

Hoe is het daar? De kunst van het vakantievieren volgens een bekende Nederlander. Journaliste en oud hoofdredactrice van Opzij Cisca Dresselhuys (77). ‘Op vakantie gooien we er geld tegenaan.’

Sinds je pensioen schrijf en interview je als freelancer vrolijk door. Geef je jezelf een vast aantal vakantiedagen per jaar?

‘Welnee zeg. Zo gek ben ik toch niet? Vakantie wordt sowieso anders als je eenmaal met pensioen bent. Ik heb nu voor mijn gevoel nooit vakantie. Ik moet er echt voor waken dat ik niet te veel opdrachten aanneem waardoor ik nooit weg ga. Maar ik ben nooit echt een vakantiemens geweest. Ik heb in mijn leven ook maar één keer gevlogen. Ik heb vliegangst, dus voor mij zijn verre reizen sowieso uitgesloten. Ik ben ook geen mens dat lang aan het strand wil liggen, ik ben meer van de steden.’

Was je vroeger wel iemand die met een vriendin naar Lloret de Mar ging?

‘O nee, zeg hou eens op, Lloret de Mar bestond in mijn jeugd nog helemaal niet. Natuurlijk bestond het wel, maar ik wist niet van het bestaan af. Nadat ik mijn middelbareschooldiploma had gehaald, bood mijn oudere zus mij een busreisje naar Parijs aan. Dat is mijn eerste uitstapje naar het buitenland geweest: met de bus van de Nederlandse Christelijke Reis Vereniging naar Parijs. Nou, dat was genieten geblazen. Er zaten ook SGP-wethouders in de bus. Nadat we een uitje hadden gemaakt naar het uitgaansgebied rondom de Moulin Rouge, waren die wethouders opeens niet op tijd terug in de bus. Zo zie je maar.’

Heb je wel eens een vakantievriendje gehad?

Lange stilte. ‘Vakantievriendjes..., nee. O kind, ik ben zó degelijk. Nou, je hebt gelukkig nog veel anderen die je kunt interviewen.’

Ging je ook nooit naar een disco op vakantie?

‘Nee, ik ben een gereformeerde domineesdochter. Als kind ging ik met mijn vader, die op mijn elfde is overleden, regelmatig achterop de Solex, naar België en Duitsland op vakantie. Als nakomertje mocht ik altijd met hem mee. We logeerden dan bij bevriende dominees, dus het was niet groots en meeslepend woest, maar ik was een vaderskindje, dus ik vond het heerlijk. We stuurden dan een ansichtkaart naar mijn moeder, maar daar mocht je niet veel op schrijven, want dan moest er een duurdere postzegel op. Mijn vader schreef: ‘Heit’, dat is Fries voor vader, ‘zonneschijn’, om aan te geven dat er zon was, en ‘Cisca ijsje’, om aan te geven dat er gesmuld was. Zo konden wij de tekst binnen de postzegel van een paar cent houden.’

Heb je ook wel eens gekampeerd?

‘Dat had mijn familie gelukkig vóór mijn geboorte al gedaan. Vreselijk, gemeenschappelijke douches en op de grond slapen vind ik afschuwwekkend. Als ik op vakantie ga met mijn man, gaan wij eerste klas in de trein, op weg naar een duur hotel, met prachtige grote kamers. Op vakantie gooien we er geld tegenaan.’

Waar krijg je een vakantiegevoel van?

‘Van in de restauratiewagen van een internationale trein zitten naar een stad als Berlijn, Parijs, Wenen of Praag. Rijdend eten geeft mij heel erg een vakantiegevoel. Dat heb ik ook op een cruise, dan vaar je terwijl je eet. Al zou ik nu niet snel meer op een cruise gaan. Er hoeft maar één coronapatiënt aan boord te zijn en je zit met z’n allen op zo’n boot opgesloten. Ik moet sowieso elke dag van zo’n boot af kunnen, anders word ik claustrofobisch.’

Vliegangst, claustrofobie, heb je veel angsten?

‘O kind, ik grossier erin. Nee hoor, maar ik reis wel mijn hele leven al eerste klas. Al vanaf mijn achttiende, toen ik nog een salaris van helemaal niks had, ging ik vanwege die claustrofobie geen volgepakte trein in. Dus eerste klas is voor mij altijd gewoon geweest.’

Heb je meer of minder ruzie met je man als je op vakantie bent?

‘Wij zijn überhaupt helemaal niet meer van de ruzie. Als mijn man op vakantie iets wil wat ik niet zie zitten, spreken wij af waar we elkaar over drie uur zullen ontmoeten. In die tijd heb ik dan zés schoenenzaken gedaan en is hij fijn naar een antiquariaat geweest.’

Bepaalde man-vrouwverschillen blijven wel bestaan.

‘Ja, in Berlijn en Parijs weet ik precies waar de goede schoenenzaken zijn, en dat is iets waar hij vooral erg om moet lachen.’

Lopen jullie hand in hand over straat?

‘Nee! We lopen meestal een end van elkaar af, want ik blijf nogal eens voor een etalage staan en hij is dan alweer verder. Nee zeg. Hand in hand lopen vind ik meer iets voor 17-jarigen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden