Hoe is het daar?

Vakantie op Curaçao voelt voor Milouska Meulens ontspannen en beladen tegelijk

De kunst van het vakantievieren volgens een bekendere Nederlander. Presentator en schrijver Milouska Meulens (49) schrijft aan haar nieuwe boek terwijl haar moeder haar in haar moederland in de watten legt.

Jantine Jongebloed
Milouska Meulens bij haar moeder op bezoek in Curaçao.  Beeld Ivo van der Bent
Milouska Meulens bij haar moeder op bezoek in Curaçao.Beeld Ivo van der Bent

Hoe is het daar?

‘Goed, warm, vertrouwd. Ik ben eergisteren aangekomen op Curaçao en zit nu op mijn moeders balkon en kijk uit op een mangoboom. Ik ben hier zes weken, om mijn boek Mondi af te schrijven en aan mijn nieuwe boek te werken. Dat gaat over familiebanden, de gevolgen van het slavernijverleden en het doorgeven van trauma van generatie op generatie. Het is fijn om op deze plek en in het bijzijn van mijn moeder dat verhaal te schrijven. Ze helpt me met de details, en ik kan de mensen en plekken bezoeken die een rol spelen. Volgende week komen mijn kinderen voor drie weken langs, dan begint het echte vakantievieren.’

Wat was het eerste wat je deed toen je hier aankwam?

‘Mijn moeder bellen, die kwam me ophalen van het vliegveld. En daarna: eten. ’s Avonds praten we over wat we de volgende dag gaan koken, de ochtend erna over wanneer we beginnen met bereiden. Vanochtend hadden we het bij het ontbijt nog over een bepaald soort cake, hoe we die maken, wat de beste ingrediënten zijn. Dat continu over eten praten zit er bij iedereen hier ingebakken.’

Voel je je hier toerist of is het thuiskomen?

‘Geen van beide, of juist van allebei een beetje. Als ik in het vliegtuig zit, heb ik het gevoel dat ik naar huis ga. Bij mijn moeder thuis doe ik niets toeristisch, ik ga niet naar het strand, ik zit lekker op het balkon in een gewone woonwijk van Willemstad. Ik ken de weg, weet wat er te koop is in de buurtwinkels en spreek de taal.

‘Als mijn kinderen komen, verblijven we aan de westkust van het eiland, bij Tera Korá, waar ik een huis heb gehuurd met alles wat kinderen tijdens een vakantie willen. Een zwembad, dat is het belangrijkste. ’s Ochtends schrijf ik, ’s middags gaan we leuke dingen doen. Dan verander ik toch in een toerist, want we bezoeken de hotspots en gaan naar de stranden. Die dubbelrol vind ik na al die tijd nog steeds wel moeilijk, want ik wil toch uitstralen: ik ben niet zomaar een toerist, hier liggen mijn wortels.

‘Toen de kinderen nog klein waren wilde ik met ze naar Mambo Beach, naar een populaire strandtent, en toen we daar aankwamen bleek dat er opeens entreegeld gevraagd werd om op het strand te komen. Dat gebeurt steeds meer, stukken strand komen in handen van buitenlandse uitbaters, die er een slagboom plaatsen en 10 euro per persoon voor een verplichte parasol en een strandbedje vragen. Daardoor zijn de mooiste zandstranden voor het grootste deel van de bevolking onbetaalbaar en onbereikbaar geworden. Dat de overheid dat toestaat, vind ik ingewikkeld. Ze zeggen eigenlijk: toeristen zijn goed voor het land, maar alles wat mooi en fijn is hier, daar mogen jullie niet meer van genieten. Als je mensen buitensluit, ben je bezig met een verkapte vorm van segregatie. Daar zit voor mij persoonlijk de dubbelheid in: als toerist kan ik op die plekken komen, maar voor de Curaçaoënaar in mij voelt die tweedeling natuurlijk helemaal niet lekker. Ik word daar opstandig van.’

Is er door die tweestrijd wel ruimte voor een vakantiegevoel?

‘Jawel, die zorgeloosheid is er in de nabijheid van mijn moeder. Terwijl ik werk, doet zij mijn was, ze kookt en legt me in de watten. Ze heeft vandaag speciaal vegetarische pasteitjes gemaakt, dat vindt ze maar niks, want er hoort eigenlijk vlees in. Dat is liefde. Het zorgzame, dat zij moeder en ik kind kan zijn. Eten en met familie zijn is het allerbelangrijkste, met die filosofie ben ik opgegroeid. Mijn kinderen voelen dat net zo, ze hebben een witte vader en zijn dus dubbelbloed. Die liefde voor samen eten is duidelijk het stukje Curaçao in hen.

‘Hoewel het voor mij op Curaçao altijd dubbel voelt, als ontspannen en beladen tegelijk, zorgt mijn moeder toch juist ook voor het vakantiegevoel, door me het geregel uit handen te nemen. Als zij ’s ochtends roept dat het ontbijt klaarstaat, voel ik me de koning te rijk.’

En buiten je geboortegrond, in welke vakantielanden ben je het liefst?

‘Ik hou van Jamaica en de Portugese eilanden, de Azoren en Madeira, en Terschelling in Nederland. Ik blijf toch een eilandkind. Ik hou van de eindigheid van een eiland, dat het veilig is omdat iedereen elkaar in de gaten houdt, dat typische saamhorigheidsgevoel omdat je het met elkaar moet doen op dat kleine stukje land.’

Volgende week: Deze acteur viert varend vakantie en gooit te pas en te onpas zijn anker uit.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden