'Universiteiten en subsidieverstrekkers moeten fraude aanpakken'

De affaire rond de frauderende hoogleraar Diederik Stapel is in de Nederlandse wetenschap ingeslagen als een bom.

© THINKSTOCK

Van KNAW-president Robbert Dijkgraaf tot Stapels co-auteur Roos Vonk haast men zich te verklaren dat het om een incident gaat en dat dit type fraude in de wetenschap eigenlijk niet voorkomt.

Incident
Het is weliswaar heel erg, maar toch een incident, lijkt de algemene teneur te zijn. Deze reaktie is begrijpelijk, maar voorbarig. Wij weten bijvoorbeeld gewoon niet hoe vaak fraude voorkomt; alleen dat het zelden ontdekt wordt. Moeten wij er nu van uitgaan dat er in Nederland behalve Diederik Stapel helemaal niemand is die weleens met zijn gegevens knoeit? Die er weleens een meting bij verzint, als het zo uitkomt? Of die een proefpersoon uit de analyse laat zonder dat te vermelden, omdat dat mooiere resultaten oplevert? Het lijkt een wel erg optimistische inschatting.

Wij moeten niet vergeten dat de wetenschap sinds een jaar of vijftien volledig is ingericht naar een competitief model, waarin het aantal (top-) publicaties in wezen het succes van de onderzoeker bepaalt. Dat systeem heeft de Nederlandse wetenschap naar ons inzicht veel goeds gebracht, maar het brengt wel risico's met zich mee. De pakkans is voor een beetje handig fraudeur in de huidige wetenschappelijke praktijk vrijwel nul. Dat blijkt wel uit de uiterst succesvolle loopbaan van Stapel, die met wat beter opletten (of met wat minder oplettende AiO's) vast zijn pensioen had kunnen halen. En nét dat beetje betere resultaten kan een toppublicatie opleveren, en dus een subsidie, en dus een baan, en dus een hypotheek, en dus een huis. De kat is in het huidige model behoorlijk stevig op het spek gebonden. Uiteraard geldt dat niet alleen voor de (sociale) psychologie; dit is een probleem dat in de hele wetenschap speelt.

Wij zeggen niet dat wetenschappers vaak en veel frauderen, maar het is natuurlijk oliedom om er voetstoots van uit te gaan dat onderzoekers van een hogere morele orde zijn dan gewone mensen. Het inbouwen van controles op het menselijk tekort is bovendien een essentieel onderdeel van het wetenschappelijk proces; dit principe ligt ook aan de basis van peer review en replicatie-onderzoek. Daarom moeten we ons serieus afvragen of wij al het mogelijke doen om fraude onmogelijk te maken.

Onderzoekers
Dat is niet het geval. Om één voorbeeld te geven: onderzoekers analyseren hun onderzoeksgegevens in de psychologie vaak zelf, op hun eigen computer. Daarover publiceren ze de samenvattende resultaten in een tijdschrift, maar die onderzoeksgegevens archiveren ze vaak slecht of helemaal niet. Voor een onderzoek in 2006 deden enkelen van ons een poging om de onderzoeksgegevens op te vragen van 141 recente studies in toptijdschriften in de psychologie. Ondanks herhaalde verzoeken en ethische richtlijnen die het delen van gegevens verplichten kregen we slechts de beschikking over 27% van de gegevens (American Psychologist, Oktober 2006). De meeste onderzoekers reageerden niet, zeiden de gegevens kwijt te zijn, of weigerden botweg inzage in de basis van hun conclusies. Ook Diederik Stapel, overigens.

We leven niet meer in de 20ste eeuw. Het is een fluitje van een cent om onderzoekers hun data te laten archiveren op een server die voor derden toegankelijk is. Dat maakt het in ieder geval moeilijker om te frauderen, en het dient de wetenschap ook. Zo zijn er natuurlijk nog veel meer denkbare maatregelen. Subsidieverstrekkers als NWO kunnen eisen stellen wat betreft openheid van onderzoeksgegevens die met belastinggeld betaald zijn. In plaats van hun kop in het zand te steken, kunnen universiteiten beter onderzoeken welke maatregelen ze kunnen treffen om fraude tegen te gaan. De enorme reputatieschade die de wetenschap in dit soort gevallen treft rechtvaardigt op zijn minst een serieuze poging.

Denny Borsboom en Eric-Jan Wagenmakers zijn als Universitair Hoofddocent Psychologische Methodenleer verbonden aan de Universiteit van Amsterdam;

Jelte Wicherts is als Universitair Docent Psychologische Methodenleer verbonden aan de Universiteit van Amsterdam;

Rogier Kievit en Ruud Wetzels zijn als AiO verbonden aan de Universiteit van Amsterdam;

Helma van den Berg is als onderzoeker verbonden aan TNO Gedrag en Maatschappij.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.