Tussen tafellaken en servet

Met twaalf jaar moeten kinderen van de naschoolse opvang, maar vaak vinden ze het daar met acht, negen al niet meer leuk....

MARIA HENDRIKS

Omdat zijn moeder dinsdag de hele dag werkt, gaat Jort Fekkes (11) uit Baarn naar naschoolse opvang De Bende van Boven. 'Soms ga ik computeren, soms even in de circuskamer spelen op het klimrek of op de trampoline. Of ik ga naar het atelier met Lotte dingen maken van klei of iets anders.'

Hij gaat graag naar de opvang, want het wordt er steeds leuker. 'We zijn verhuisd en hebben nu vier keer zoveel ruimte en er komen steeds leukere dingen. Eerst een computer en binnenkort grote ballen waarop je kunt lopen en een fietsje met één wiel.'

Nu steeds vaker beide ouders blijven werken als ze kinderen krijgen (in 1980 20 procent; in 1990 60 procent) groeit de behoefte aan opvang voor pubers. Naschoolse opvang (nso) gaat maar tot twaalf jaar.

De andere kinderen zitten na school meestal alleen thuis: ongeveer 15 procent van de oudste basisschoolkinderen en naar schatting 30 procent van de dertien- en veertienjarigen. Het aanbod aan oppassen is schaars, als oudere kinderen al op zich làten passen. Veel moeders van crèchekinderen vrezen dat ze, als hun kind negen of tien jaar wordt, alsnog moeten stoppen met werken of drastisch moeten minderen.

Want vanaf een jaar of acht, negen spreekt de naschoolse opvang kinderen niet meer aan als die te veel voortborduurt op de crèche, met zijn groepsaanpak van hand-in-hand lopen en onder toezicht buiten spelen. Er zijn al flink wat oudere kinderen om die reden van de nso verdwenen, al ging dat steeds om enkelingen. Nu de eerste grote groep kinderen die is opgegroeid met de crèche, de tienerleeftijd nadert, wordt gepoogd de opvang ook voor die leeftijdsgroep interessant te maken.

Komende maandag wordt daarover in Zwolle de conferentie Buitenschoolse opvang in beweging gehouden, georganiseerd door het Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn (NIZW) en de Nederlandse tak van het Europese Netwerk voor Schoolkinderopvang (ENSAC). Doel is ideeën uitwisselen en vaststellen welk soort opvang van scholieren belangrijk is. Het NIZW wil experimenterende nso's gaan volgen en beschrijven, zodat anderen het wiel niet opnieuw hoeven uit te vinden.

Vorig jaar oktober werd tienercentrum Nieuw Amsterdams Peil opgericht met als doelgroep tien- tot vijftienjarigen. Het centrum begon als huiskamerproject voor jongeren van twaalf, dertien en veertien. Toen steeds vaker ook jongere kinderen aan de deur stonden, is in overleg met de naschoolse opvang in de buurt de leeftijd verlaagd tot tien jaar.

Op vrijdagmiddag zitten de jongens er twee aan twee achter de computers. Karim wappert met een floppy en vraagt wanneer hìj nou eens mag. 'Nog vier minuten', meldt groepsleider Aanne. In de pijpenla ernaast wordt getafeltennist en getafelvoetbald. Twee jongens gooien darts. Een puber hangt op de bank en kijkt naar een videofilm die hij met het Peil-pasje heeft gehuurd.

Elke middag van drie tot zes bezoeken zo'n twintig tieners de kleine ruimte in de Amsterdamse binnenstad. Er komen vooral jongens. Meisjes zie je alleen 's woensdags op de meidenclub, en dan nog mondjesmaat. Er is een vast programma met knutselen op maandag, huiswerk en educatieve spelletjes op dinsdag en donderdag, sport en meidenclub op woensdag en vrij spel op vrijdag. De jongeren komen en gaan wanneer ze willen, tenzij met de ouders is afgesproken dat ze er op vaste tijden zijn.

Na augustus is Nieuw Amsterdams Peil niet meer de enige tieneropvang. Dan wordt in het recreatiegebied Spaarnwoude bij Haarlem een oud fort als onderkomen voor tien- tot vijftienjarigen in gebruik genomen. In de Vrijbuiter te Hoogeveen kunnen na de grote vakantie ook de middelbare scholieren nog een jaar op de nso blijven. De Basisbende in Leiden wil zich ook richten op brugklassers, maar de gemeente moet nog worden benaderd voor geld.

In Haarlem kan de tieneropvang van de grond komen omdat de gemeente bijspringt met 4262 gulden per jaar per plaats voor veertig plaatsen. De ouders betalen naar draagkracht. Hoogeveen krijgt een extra leidster uit een werkgelegenheidsproject. De overige 20 procent van de kosten moet van de gemeente komen.

De financiering van tienerclubs is een groot probleem, alleen al doordat bedrijfsplaatsen voor naschoolse opvang, als die al in de cao staan, ophouden bij twaalf jaar. Tenzij er subsidie komt, betalen ouders het volle bedrag, wat kan oplopen tot tienduizend gulden per jaar voor een kind dat elke dag gaat.

Nieuw Amsterdams Peil is gratis toegankelijk omdat het van huis uit een welzijnsinstelling is. Over twee jaar moet het centrum zichzelf bedruipen. Coördinator Greet Kuijt besteedt een dag per week aan fondswerving. Bij grote opvangorganisaties is soms geld voorhanden voor investeringen, maar lang niet overal. Sinds de kinderopvang is gedecentraliseerd, voelt Den Haag zich niet meer aangesproken: de gemeenten moeten maar over de brug komen. Het is nog afwachten of dat gebeurt.

In de opvang van acht- tot twaalfjarigen zit meer beweging. Nso's met meer dan één groep (achttien kinderen) zijn vaak al begonnen met indeling naar leeftijd. De Leidse Basisbende telt vier groepen van deels elkaar overlappende leeftijden: 4-7 jaar, 6-9 jaar, 8-10 jaar, 10-13 jaar. Voor elke groep gelden andere regels en afspraken. Ook dat is een wetmatigheid van meer nso's: hoe ouder kinderen zijn, hoe meer vrijheid en verantwoordelijkheid ze krijgen.

Soms betekent het dat ze zelf van school naar de opvang komen en niet meer met de groep meelopen. Of ze mogen zonder begeleiding buiten spelen, en alleen naar een clubje of vriendje gaan. Een stap verder is zelfstandig een cadeautje kopen in de stad. Verschillende nso's hebben inspraak geregeld via kindervergaderingen of werkgroepjes.

Het vergroten van de vrijheid moet soms door de naschoolse opvang worden afgedwongen, soms door de ouders. Het gaat in overleg, al verloopt dat niet altijd soepel. Nicoline van Prigge, directeur in Hoogeveen: 'Ouders zijn vaak overvoorzichtig omdat ze er niet zelf bij zijn. Omgekeerd voelen leidsters de verantwoordelijkheid voor de kinderen van een ander heel zwaar op hun schouders rusten. Dus als je niet oppast, mogen kinderen niets meer.'

Ook in Schiedam wordt de neiging tot betutteling van kinderen onderkend. Directeur Yvette Vervoort: 'De leidsters zetten 's middags achttien bekers met drinken klaar. Ik heb gezegd: laat de grote kinderen zelf pakken en opruimen. Leidster en ouders vonden dat eng, want wie weet dan of ze genoeg drinken? Maar al drinken ze niet, wat dan nog?'

Voor oudere kinderen is het belangrijk leeftijdsgenoten te treffen en over een eigen ruimte te beschikken. Joppe van Kraaij (12) uit Hoogeveen komt van jongs af aan drie dagen per week naar de Vrijbuiter en heeft het nog steeds naar zijn zin, vooral sinds er van alles is veranderd. 'Vroeger zat je met alle kinderen door elkaar, maar er zijn nieuwe groepen gekomen en nu zijn de meeste kinderen even oud als jij. Dat vind ik fijner want je kunt beter spelen met jongens van je eigen leeftijd.

'De regels zijn ook anders geworden. De kleintjes mogen niet bij ons; daarom kunnen we rustiger spelen of lezen. En de inrichting is gezelliger, heel jungleachtig met grote planten, veel riet en een leuke bank met bijzettafeltjes. Bij de kleintjes is het meer gewoon, met een speelhuisje en een tafel met stoelen.'

Filosofie achter naschoolse opvang is dat kinderen hun vrijetijd zoveel mogelijk zelf invullen. Naarmate ze ouder worden, hebben ze ook meer behoefte aan een gebouw waarin ze verschillende dingen kunnen doen. Veel nso's hebben alleen de groepsruimte, maar weten met kunst- en vliegwerk een knutselhok te bouwen in de berging, of staan de teamruimte af aan de oudsten.

Grote kinderen opvangen heeft ook gevolgen voor de groepsleiding. Een pedagogische achtergrond alleen volstaat vaak niet meer. De Ballon in Sittard wil gespecialiseerde vrijwilligers binnenhalen die met jongens een radio uit elkaar halen of brommers repareren.

De Basisbende in Leiden huurt vakkrachten van het buurthuis voor cursussen techniek, theater of zelfverdeding. In Baarn werken een beeldend kunstenaar en een actrice/regisseuse. Eén leidster volgde een cursus bij kindercircus Elleboog. In Hoogeveen leerde een leidster Internet.

Ofschoon hij naar de middelbare school gaat, kan Joppe uit Hoogeveen nog een jaar op de opvang blijven en daar is hij blij om, want alleen thuis vindt hij maar saai. 'Hier kan je kiezen wat je doet en er zijn ook kinderen van jouw leeftijd. Thuis heb je niet zoveel te doen en kun je geen hutten bouwen, verstoppertje spelen in het donker, of met vriendjes tv kijken. Thuis heb ik wel genoeg vriendjes, maar die op de opvang zijn leuker.'

Ook Jort uit Baarn gaat na de grote vakantie naar de middelbare school; hij kan dan op dinsdag niet meer naar de opvang. Dat vindt hij wel jammer en hij zal vooral zijn vrienden missen. Aan de andere kant heeft hij thuis meer vrienden en kan hij in de tuin ravotten. 'Dat kan hier ook wel, maar thuis mag ik verder, op straat voetballen en slootjes springen. Als ik moet kiezen tussen thuis en de opvang, vind ik het thuis ìetsje leuker, maar ik heb wel altijd zin om hierheen te gaan.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden