Territorium

Hans en Ellen zullen dit jaar niet terugkeren op de camping en dat verbaast me niks. Ze hadden het gehád vorig jaar met hun weekendhuisje....

NELL WESTERLAKEN

Toen buurkinderen vervolgens enkele malen per dag dicht langs het huisje liepen, was het startsein gegeven voor een zomer lang territoriumstrijd, die in grimmige stilte en met veel vernuft werd gevoerd. Allereerst was daar de tuinmeubelstrategie. Door de stoelen en de tafel in een bepaalde hoek te rangschikken kon deels worden voorkomen dat passanten te dicht langs het zijraam kwamen. Deels, want voetgangers mochten dan wel discreet om het meubilair heenlopen, de snellere en dus meer anonieme fietsers trokken zich weinig aan van het tuinplastic. Schaamteloos overschreden ze de onzichtbare grens die mijn vrienden hadden getrokken tussen privé en openbaar terrein. De oplossing leek gevonden door de stoelen verder van de tafel vandaan te plaatsen, en het gat tussen de verste stoel en de eerste boom te dichten door er de eigen fietsen te parkeren.

De andere kant van het zelfbedachte erfje werd afgeperkt met een waslijn waaraan permanent een dweil hing te drogen bij wijze van grensvlag. De afstand tussen het huisje en de dichtstbijzijnde boom noodzaakte een waslijn van zes meter. Na de eerste mooie stranddag bezweek het systeem onder een gezinslading kletsnatte handdoeken.

Natuurlijk konden wind- en andere schermen een oplossing bieden, maar daarmee sloot je jezelf op, meende Hans. Een rondgang over de camping leverde fijnzinniger begrenzingsideeën op. Zo was er de schommelmethode. Enkele weekendkampeerders hadden tussen twee bomen een dik touw gespannen waaraan een schommel werd bevestigd. De doorgang was weliswaar open, maar de meeste passanten bleken gevoelig voor de subtiele psychologie en bleven aan de andere kant van de schommel.

Ook het mattensysteem kwam in aanmerking. Door een arrangement van een aantal plastic buitenmatten op de grond rondom het huisje kon het privé-gebied worden gemarkeerd, waarbij enkele welgepositioneerde geraniumbakken het effect versterkten. Het deed sympathieker aan dan de tuinhekjes die hier en daar stonden, en die weleens op gezag van het campingbeheer moesten worden verwijderd.

Aldus ontstond na drie maanden puzzelen en na aanschaf van een schommel, enkele kamerbrede grondmatten, een stuk tweedehands tapijt, een grotere buitentafel, een paar extra stoelen en enkele bloembakken een verfijnd netwerk rondom het huisje waarin ook de barbecue en de reserve-gasfles een rol was toebedeeld.

De territoriale geborgenheid werd op een mooie zomerdag echter ruw verstoord toen het campingbeheer de informele corridor die was ontstaan tussen het huisje van mijn vrienden en dat van hun buren - die dezelfde tactieken toepasten - groot genoeg vond voor enkele kleine tentjes. Zaten die Duitse jongeren daar opeens vrijwel op jouw erf, in elk geval onder jouw schommel en jouw wasgoed te rotzooien met eten op hun walmpitjes. Ook aan de andere kant werd een gat in de verdediging geslagen. De twee kleuters van de buren trokken zich niets aan van de geraniumbarrière. Dat was tot daar aan toe, maar ze gaven het voorbeeld aan de lummels van verderop die nu zonder gène de kortste route naar de douches kozen. Om maar niet te spreken van dat passerend tuig van wie je helemaal niet wist waar het thuishoorde.

Toen Hans op een avond met rood hoofd het woord prikkeldraad liet vallen, ging Ellen op zoek naar een nieuwe camping. Ze vond er eentje met ligusterheggen van anderhalve meter hoog en een eigen parkeerplaats naast het huisje, zodat de auto in uiterste nood de enige aanwezige doorgang kan afsluiten.

Nell Westerlaken

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden