Surinaamse oud-minister Girjasing liet rechtshulpverdrag voor wat het was 'Probleem drugsmafia is gigantisch'

In de vijf jaar dat hij minister van Justitie was, verdiende S. Girjasing te weinig om een huis te kunnen kopen....

Van onze verslaggever

Jeroen Trommelen

PARAMARIBO

'Nederland wilde maar één ding, en ik was niet bereid me daarvoor het vuur uit de sloffen te lopen', vat de Surinaamse oud-minister van Justitie mr. S. Girjasing de zaak samen. Girjasing, ambteloos burger sinds zijn partij VHP buiten het nieuwe Surinaamse kabinet werd gehouden, is opmerkelijk open over de reden waarom het de afgelopen jaren verkeerd liep met het rechtshulpverdrag tussen Nederland en Suriname. Het komt volgens hem doordat Nederland niet bereid was over zijn belangrijkste wensen te onderhandelen.

Het 'ene ding' dat Nederland graag wilde, betrof de verzoeken om rechtshulp ten behoeve van justitie-onderzoeken tegen onder meer verondersteld drugshandelaar Desi Bouterse. Dit dossier hangt al jaren als een schaduw boven de Nederlands-Surinaamse relatie. Nederland eist een onvoorwaardelijke uitvoering van het rechtshulpverdrag. Minister Van Mierlo noemde het onlangs nog een ijkpunt voor een volwaardige relatie tussen de landen.

Maar Suriname ziet de zaak graag wat breder. Girjasing, die net zijn dagelijkse zwemuurtje achter de rug heeft, doet er in elk geval luchtig over: 'De afgelopen twee jaar zijn de relaties tussen mijn ministerie en Justitie in Nederland enigszins bekoeld, en dat kwam door dit punt. Het rechtshulpverdrag vonden wij onderdeel van een bredere samenwerking. Ik heb bijvoorbeeld een lijst ingediend met 24 nieuwe projecten, waaronder de bouw van een jeugdopvanggesticht en een beroepsopleiding voor advocaten en het notariaat. Met die verzoeken is eigenlijk niets gebeurd.'

Het was een simpele kwestie van 'voor wat, hoort wat', vindt hij. 'Want op dat principe is de politiek nu eenmaal gebaseerd.'

Maar er was meer. Dat de rechtshulpverzoeken in de week vóór de Surinaamse verkiezingen arriveerden, beschouwt de oud-minister nog steeds als een diplomatieke blunder van Nederland, als het tenminste geen kwade opzet was. 'Elke reactie die je op dat moment geeft, zal politiek worden vertaald en dat had men kunnen weten.' Los daarvan verliep het persoonlijk contact tussen de twee ministers volgens Girjasing stroef.

'Over het eerste rechtshulpverzoek heb ik minister Sorgdrager gebeld en gezegd dat het oké was. Dat betrof de betekening aan de heer Bouterse dat in Nederland een gerechtelijk vooronderzoek tegen hem was geopend. De tweede zaak betrof het horen van een anonieme getuige in de drugszaak van Kobus L., tevens gericht op Bouterse. Daar heb ik met de Nederlandse minister contact over gezocht. Omdat ze in het buitenland was, is dat niet gelukt. Maar we zijn later niet eens teruggebeld. Ik ben niet iemand die het maar blijft proberen.'

Het horen van de anonieme getuige zou, veronderstelt Girjasing, volgens wens van Nederland hebben moeten plaatsvinden door een Nederlandse justitiële commissie. 'Wanneer de verhoudingen nog even koel geweest zouden zijn, zou ik daarop gezegd hebben dat we dit met ons zojuist opgebouwde justitiële apparaat ook zelf kunnen.'

Ten slotte bleven ook nieuwe rechtshulpverzoeken - allemaal uitleveringsverzoeken van Nederlanders die in Suriname zijn veroordeeld en daar hun straf uitzitten - tot dusver in een Surinaamse bureaula steken.

Dat justitiële onderhandelingen over onder meer het Bouterse-dossier door Nederland kunnen worden opgevat als zwichten voor 'binnenlandse' druk in Suriname, zal Girjasing een zorg zijn. 'Die indruk kan ontstaan, maar het is niet zo. Ik heb me in de afgelopen vijf jaar nooit onder druk gezet of geïntimideerd gevoeld. Ik heb nooit een bodyguard genomen. Na mijn zwemuurtje stond alleen de chauffeur te wachten.'

Bovendien bevatten de rechtshulpverzoeken geen enkel bewijsstuk tegen Bouterse, herhaalt Girjasing zijn eerdere standpunt hierover. 'Ik heb vanaf het begin gezegd: als je bewijs hebt, geef het me. Dan kunnen we het natrekken. Een goede relatie vereist dat. Maar die informatie is nooit gekomen.'

Terugkijkend op vijf jaar ministerschap zegt Girjasing dat de omvang en ernst van de Surinaamse drugsmafia hem zijn tegengevallen. 'Dat het zó groot zou zijn, had ik niet verwacht. Terwijl ik bij mijn aantreden, tot verbazing van velen hier, al waarschuwde tegen de infiltratie van de mafia in het overheidsapparaat. Het probleem is gigantisch. Als je nagaat dat ik in vijf jaar geen huis heb kunnen kopen omdat een ministerssalaris dat niet toestaat, en sommige mensen hier zomaar een kapitale villa aanschaffen, dan is het duidelijk dat er veel fout zit.'

Wetgeving om dubieus verkregen vermogen aan te pakken was er niet in Suriname. Inmiddels is een gemoderniseerde drugswetgeving gemaakt, waardoor het bijvoorbeeld mogelijk wordt kapitaal te confisqueren dat niet kan worden verantwoord. Ook een meldingsplicht ongebruikelijke transacties is erin opgenomen.

Maar het parlement heeft de wet nog niet goedgekeurd en wat zijn opvolger P. Sjak Shie (die door de partij NDP van Bouterse op de post Justitie is geplaatst) ermee gaat doen, weet Girjasing niet. Zelfs wanneer de wet in volle omvang wordt toegepast zijn de problemen niet voorbij. 'Juist dan wordt het voor de drugsmafia nog belangrijker om infiltranten te hebben en om intimidatie te plegen.'

Is hij op het gebied van rechtshandhaving wel ergens in geslaagd? 'Ik dacht het wel. Ik denk dat niemand gedacht zou hebben dat we Ronnie Brunswijk voor het gerecht zouden brengen, maar dat is gebeurd. Die zogeheten 'blinde muur' van criminelen die zich, om welke reden dan ook, onaantastbaar voelen in Suriname is gedeeltelijk geslecht.'

De vraag is ook of drugscriminelen juist bij Bouterse bescherming vinden. Girjasing glimlacht. 'Geen idee, dat zal binnen een half jaar wel blijken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden