Op de zeepkist Jeroen Zwaal

‘Stop met streven naar genezing. Mensen zoals ik maak je niet beter en moet je niet willen redden’

Jeroen Zwaal: 'Ik heb een netwerk om me heen nodig, zodat ik stevig op eigen benen sta.' Beeld Rebecca Fertinel

Wie: Jeroen Zwaal (44) uit Arnhem.

Het probleem: Hulpverlenende instanties kunnen het aantal verwarde personen niet aan.

De oplossing: Investeer ook buiten de ggz in het ondersteunen van psychiatrische patiënten vóór ze echt ziek worden.

‘Ik was 18 jaar oud toen ik mijn eerste psychose kreeg. De dag dat het misging,  veroorzaakte ik overdag op straat al veel gedoe. Nadat ik een politiepaard had staan aaien en het dier vervolgens op mijn voet ging staan, was ik door de pijn heel even helder. Ik haalde het net naar huis, maar daar werd ik woedend.

‘In een soort ontlading ben ik gaan rennen. Bij een boerderij, waar ik na 15 kilometer drijfnat probeerde te schuilen, hebben ze de politie gebeld. ‘We brengen je naar de paaz’, zei een van de agenten. Dat bleek de psychiatrische afdeling van het ziekenhuis te zijn. Ik heb er vier maanden doorgebracht.

‘Ik weet dat het nooit meer overgaat, maar inmiddels weet ik ook dat ik na een psychose – ik heb er nu vijf gehad – weer herstel. Ook met mijn psychosegevoeligheid heb ik beter leren omgaan. Ik kan een psychose nu voelen aankomen, ik ken mijn valkuilen en dan trek ik op tijd aan de bel.

‘Maar ik kan dat niet alleen. Ik heb mijn omgeving en hulpverlening nodig om de psychoses af te wenden. Wat mij helpt tijdens een crisis, is betekenisvol menselijk contact. De verpleegkundige die me vlak na mijn eerste opname midden in de nacht vroeg of ik soms een gebakken eitje wilde. De politieagent die me serieus nam en ervoor zorgde dat een familielid bij mij uit de buurt bleef, toen ik aangaf dat hij wel eens een nieuwe psychose zou kunnen uitlokken. Met zo’n actie bespaar je de samenleving ruim een halve ton, want dat is wat een psychose kost.

‘Ik organiseer mijn vangnet, vraag zelf om hulp, maar het systeem is niet ingericht op preventie. De nadruk ligt op psychische zorg als het leed al geleden is. Een voorbeeld: je komt pas voor vergoeding in aanmerking als je een diagnose hebt. Verzekeraars willen bovendien dat alles meetbaar is. Maar een psychiatrische aandoening is een puzzel die is opgebouwd uit geestelijke en lichamelijke stukjes die ook nog eens beïnvloed worden door ontelbare omgevingsfactoren. Dat giet je niet in een suf vragenlijstje, toch heb ik er tientallen ingevuld. En hoe meet je wat preventieve zorg voorkomt?

‘Om dat te veranderen moet je radicaal anders gaan denken over psychiatrie en samenleving. Nu komt alles op het bord van de ggz. Maar iedereen, van buur tot wijkagent, kan helpen door nabij te zijn. Stop met streven naar genezing. Mensen zoals ik maak je niet beter en moet je niet willen redden. Ik heb een netwerk om me heen nodig, zodat ik stevig op eigen benen sta. Ik leef een goed leven met weinig zorg. Maar als ik even veel professionele zorg nodig heb, moet het ook toegankelijk en laagdrempelig zijn. Voorkomen is beter dan genezen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden