Beschouwing Art Rooijakkers

Stine Jensen over ‘the art of being Art Rooijakkers’

Beeld Helen Green

Innemend, niet erg opvallend: dat is ­presentator Art Rooijakkers (42). Nu hij de nieuwe talkshow Zomer met Art zal gaan presenteren, vraagt filosoof en voor­malig Wie is de mol?-deelnemer Stine  ­Jensen (47) zich af: wat is de kracht van de man met de opgetrokken wenkbrauw?

En toen was er Art.

Het moment van zijn verschijning staat me nog goed bij. Met mede-Wie is de mol?-kandidaat Emilio Guzman liep ik een hotelkamer binnen in Baku, de hoofdstad van Azerbeidzjan. Op de tv sneeuwde het zwart-witte ruis. Ineens hoorden we zijn stem, uit ruis ontstond een gezicht. Emilio brak in een vreugdedansje uit. ‘Art, het is Art!’ Tot die tijd had Emilio het niet voor onmogelijk gehouden dat zijn kandidatuur een kostbare grap was van zijn comedy-collega Peter Pannekoek.

We probeerden ons te concentreren op de boodschap van Art. Iets over codes die we moesten kraken. Binnen twee uur. Anders zouden we een rood scherm te zien krijgen. Een rood scherm betekent dat je het programma moet verlaten. Emilio en ik lachten. Leuk hoor, Art gezien. Toen drong de ernst van Arts boodschap tot ons door. Emilio trok zijn linkerwenkbrauw omhoog: ‘Het kan dus zo zijn dat je meedoet aan Wie is de mol? en Art nooit te zien krijgt?’

Art Rooijakkers presenteerde ­zeven jaar lang met groot succes het populaire programma, nadat hij het eerder zelf had gewonnen. Het is lastig precies de vinger te leggen op zijn succes als presentator, want in feite deed hij geen uitzonderlijke dingen. Hij had geen opvallende eigenaardigheden (een gek hoedje, snel praten, een hondje, een kuif). ‘Ik trek af en toe een wenkbrauw op’, zei hij desgevraagd in een interview. Daarin liet hij ook iets van zijn ­onvrede doorschemeren met zijn paspopachtige imago. Als een Mann ohne Eigenschaften bleef hij leeg, in de eerste plaats een doorgeefluik van de teksten van anderen. Paradoxaal genoeg ­bestond daaruit misschien wel zijn kracht. Art was een ­in­wisselbare allemansvriend.

Stine Jensen

Stine Jensen (47) is filosoof, publicist en programmamaker. Voor Human maakt ze sinds 2010 het programma Dus ik ben, over filosofie, en in 2018 de interviewserie Stine boekt sterren. Ze is nu te zien met YES ik ben!, een filosofisch reisprogramma over de kracht en keerzijde van positief denken. Met haar kinderboekendebuut Lieve Stine, weet jij het? won Jensen in 2015 een Zilveren Griffel. Ook schreef ze boeken over het leven in Scandinavië, liegen, en interculturele relaties. In 2019 schreef ze het essay voor de Maand van de Spiritualiteit, over eerste liefdes. In 2018 nam ze deel aan Wie is de mol?.

Stine Jensen Beeld Frank Ruiter

Op een dag hoorde ik hem ineens bij Radio 1 journalistiek werk verrichten. Het schuurde: ik bleef voortdurend Wie is de mol?-Art voor me zien. Je kunt als nieuws­presentator aan Wie is de mol? meedoen, onder de douche in je onderbroek gefilmd worden en dan de overstap maken naar Wie is de mol?-­presentator, ­zoals Rik van de Westelaken. Andersom blijkt het een stuk lastiger om uit de mond van een entertainment­presentator ineens ernstig nieuws te ­vernemen. De rode schermen in het ware leven laten zich lastiger vergezellen door die iconische opgetrokken wenkbrauw.

Art op RTL 4

Vanaf maandagavond is Art Rooijakkers (42) vijf keer in de week te zien met zijn zomerse talkshow Zomer met Art, uitgezonden op de late avond bij RTL 4, op het tijdslot van RTL Late Night. Elke week van de in totaal tien weken is er een andere gastpresentator, zoals Ellie Lust, Gert Verhulst (van Samson en Studio 100) en Merel Westrik. De andere namen zijn nog niet bekend. Het programma met ‘bijzondere gasten, zomerse reportages en live muziek’ wordt uitgezonden vanuit Artis in Amsterdam. Rooijakkers mag het proberen op het tijdslot van Twan Huys, die met RTL Late Night te weinig kijkers trok. Dat programma werd in maart stopgezet.

In zijn boek The Second Mountain (2019) zet de cultuurcriticus en schrijver David Brooks helder het tragische zwoegen van de moderne mens uiteen, immer laverend tussen entertainment en betekenis. Brooks deelt het leven op in twee bergen. De eerste berg bestaat uit het streven van de mens om zichzelf te manifesteren. De ambitieuze mens droomt van een bepaalde opleiding, geld, status, succes, en wil zichzelf in alle vrijheid ontwikkelen. De ideale maatschappij levert daartoe geen belemmeringen: het autonome individu kan zijn eigen keuzes maken. Brooks ziet twee types op die eerste berg. Ten eerste het instagrammende, ervaringen-verzamelende individu; ten tweede het hardwerkende type dat het leven als een voortdurende voortzetting van school beschouwt, waar je steeds maar goede cijfers moet blijven halen. Bij beide types kan het gebeuren dat ze, door leeftijd of door een crisis op een dag wakker schrikken en denken: was dit het? Gaat hier het leven over? Je Instagramfoto’s blijken leeg, je bent in feite niets meer dan een permanente consument. Op zoek naar je unieke zelf bleek het antwoord the empty box of authenticity. En dacht je als harde werker voor een baas hard je best te doen, blijkt dat je vooral jezelf hebt geëxploiteerd. 

Met een beetje geluk beklim je na dit besef de tweede berg: die van betekenis, verbinding, intimiteit en betrokkenheid bij anderen. Morele ecologie, noemt Brooks dat. Niet het ego wordt gediend, maar de behoeften van de ander staan voorop. Brooks illustreert het aan de hand van zijn eigen leven. Als succesvol een veelgevraagd journalist en schrijver was hij altijd aan het werk, en verlangde hij ­altijd naar meer erkenning. Toen zijn huwelijk na zevenentwintig jaar ten einde kwam, donderde hij met volle vaart van de eerste berg af, en belandde hij in ‘the valley’. Zo’n valpartij kán tot nieuwe inzichten leiden, mits je niet zo snel mogelijk die eerste berg weer op klautert. Op de tweede berg telt de levensmissie, en speelt moraliteit een belangrijke rol. Niet jouw prestaties staan centraal, maar de toewijding aan een missie waarbij je geeft in plaats van ontvangt. Je hoort het verworven inzicht wel eens in toespraken van succesvolle mensen. ‘Colleges generally ask a person distinguished by fantastic career success to give a speech in which they claim that career success is not that important’, formuleert Brooks het fraai. Jonge mensen ­leren zo, aldus Brooks, dat falen niet erg is. ‘If you happen to be J.K. Rowling, Denzel Washington or Steve Jobs’, voegt hij er met milde ironie aan toe.

Iets dergelijks heb ik Art ook horen zeggen. In de vele voorbeschouwingen van zijn zomerse RTL-talkshow Zomer met Art, wordt hij voortdurend gevraagd of hij niet bang is voor slechte kritieken. Nee, laat Art weten. Tv is niet de zin van het leven. Maar hij wil het wel goed doen. Een beetje de beste zijn, hij is ambitieus genoeg. Art staat met zijn ene voet op de ene berg, met zijn andere voet op de andere. 

Art Rooijakkers.

In televisieland worden de twee bergen vertegenwoordigd door de publieke omroep en de commerciële televisie. NPO heeft als taak die tweede berg beklimmen, voor de commerciële omroepen telt in de eerste plaats status en commercie. Met zijn Radio 1-optredens en het programma Helden van de wildernis deed Art een poging om aan zijn vermeende oppervlakkigheid te ontsnappen. Hoe teleurstellend was dan ook de terugval naar de eerste berg, toen hij zijn overstap aankondigde naar RTL. Hechtte hij dan toch meer aan geld dan aan het presenteren van de 5 mei-viering? Hij beweerde van niet, want hij zou bij RTL meer tot zijn recht gaan komen. Dat bleek een fabeltje: Holland-België en Praat Nederlands met me deden een beetje pijn aan het hart: als een Mann ohne Eigenschaften was teruggeglipt in de rol van entertainer die zich laat souffleren – beminnelijk in dito kleding bovenop de eerste berg.

Art Rooijakkers tijdens de finale van Wie is de Mol? Beeld ANP

Nu, met zijn zomerse talkshow, krijg hij een grote kans, namelijk om weer naar die andere berg te reiken, mits hij enige eigen kleuring gaat geven aan de keuze van de ­gasten. Spring, Art, spring!

Tot slot: ik heb Art niet goed leren kennen bij Wie is de mol? – de presentator verblijft op afstand van de kandidaten, zodat hij het spel niet kan beïnvloeden. Na de uitzendingen heb ik hem een paar keer kort gesproken. Ik vond hem meteen aardig, ook dat is zijn kracht.

Een maand nadat ik had meegedaan aan Wie is de Mol? – ik moest mijn deelname nog een half jaar strikt geheimhouden – at ik met mijn dochter en een goede vriend pizza in een restaurantje in Amsterdam. Mijn dochter fluisterde op­gewonden dat ik me niet meteen moest omdraaien, maar dat ART ROOIJAKKERS DAAR PIZZA ZAT TE ETEN. Mijn vriend, die de populaire cultuur al jaren soepeltjes langs zich heen laat glijden, had het ook gehoord. ‘WHO THE FUCK IS ART?’, brulde hij door het restaurant. Een meesterlijke vraag, al geneerde ik me voor het ­volume waarmee hij gesteld werd. Voorzichtig keek ik ­achterom, bereid me te gaan verontschuldigen. Art keek niet op of om.

Zag ik het goed, speelde daar een glimlachje op zijn ­lippen? Die lichte ironie, hou dat vast, Art. Af en toe een wenkbrauw de lucht in. Voeg er, voor zover mogelijk op een commerciële zender, een stukje ‘tweede berg’ aan toe. Aardige betrokkenheid bij de wereld, in tijden waarin de ­authentieke persoonlijkheid toch al wordt overgewaardeerd. Dat is de kunst van Art zijn.

Lees verder

Lees hier ons interview met programmamaker Stine Jensen: ‘Over de kwestie Emma Wortelboer had ik wel een cultuurfilosofische analyse van vier pagina’s willen schrijven.’

Gijs Groenteman gaat in onze illustere archiefkast in gesprek met mensen die hem hebben verwonderd. Rapper Pepijn Lanen, schrijver Paulien Cornelisse en kunsthandelaar Jan Six passeerden al de revue.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden